Lustobject
Sinds wanneer kennen wij het woord lustobject? En werd het eerder gebruikt door feministen of door dominees?
Zoals bekend was er deze week een kleine aanvaring tussen de ChristenUnie en een lingerieketen. Aanleiding: de lingerieketen had aangekondigd een kolossale poster van ,,een dame in een gouden bikini” te gaan ophangen aan een winkelpand in Utrecht (inmiddels hangt die poster).
De ChristenUnie vond dit geen goed idee. In de woorden van Mirjam Bikker, fractievoorzitter van de ChristenUnie in Utrecht: ,,We zijn jaren bezig geweest met de emancipatie van vrouwen. Zij moeten niet worden beschouwd als lustobject.”
De lingerieketen zag dit anders. ,,Het is geen blote dame. We zien haar niet als lustobject. Het is gewoon een mooie dame die geniet van een zonnige dag”, aldus een woordvoerster.
Ik voorspel u: nu de ChristenUnie in de regering zit, gaan we meer horen over de vrouw als lustobject op televisie en in de openbare ruimte. Daarom lijkt het mij zinnig om even bij dit woord stil te staan. Hoe lang kennen we lustobject al?
Even in het algemeen: dat de man lust naar de vrouw en andersom, is natuurlijk de redding van de mensheid. Als mannen en vrouwen niet seksueel naar elkaar zouden verlangen, zouden er geen kinderen meer worden verwekt – en dan is het binnen een paar generaties gedaan met de mensheid. Als je hier een godheid bij wilt halen, moet je concluderen dat – oneerbiedig geformuleerd – God de mensen geil heeft gemaakt; dat het lustobject in de Schepping zit ingebakken.
Maar dat wil natuurlijk nog niet zeggen dat je de mens als lustobject hoeft af te beelden, laat staan in een gouden bikini.
Terug naar de vraag hoe oud het begrip lustobject is. Op basis van algemene ontwikkeling zou je schatten: ergens tussen 1965 en 1975, wanneer de tweede golf van het feminisme goed op stoom begint te komen. Het tweede deel van het woord – object – getuigt van een sociologische benadering (de vrouw als object) en dat lijkt ook goed bij die periode te passen.
En inderdaad, vanaf de tweede helft van de jaren zestig duikt het woord lustobject in allerlei bronnen op. Zo lezen we in 1966 in De Gids: ,,Zo protesteerden de socialistische vrouwen tegen de anticonceptie omdat deze de vrouw geheel tot lustobject van de man verlaagde, die nu eerst recht zijn gang kon gaan daar de vrouw zich niet meer kon verweren met het dreigement van zwangerschap.”
Ook in de jaren daarna komen we de vrouw veelvuldig als lustobject tegen, vooral in afwijzingen hiervan. Zo schreef een columniste in 1970 in De Telegraaf: ,,Ook anno 1970 is voor miljoenen mannen een vrouw niets anders dan een lustobject.”
Toch is het woord lustobject niet pas in de jaren zestig ontstaan. De Grote van Dale kent het sinds 1984 (‘gezegd van de vrouw als ze uitsluitend gezien wordt als middel tot seksuele lustbevrediging’) en Koenen sinds 1992 (‘wie of wat dient tot bevrediging van seksuele verlangens’). Maar de vroegste vindplaats is vooralsnog een rede van dominee Joh. van der Spek uit 1936, getiteld ‘Onze houding als zielzorgers tegenover de sexueele vragen van dezen tijd.’ Daarin schrijft Van der Spek: ,,Het moeilijke bij het sexueel-erotische vraagstuk is, dat de man dikwijls in de vrouw iets anders ziet dan de vrouw in den man. Het lichaam is symbool én object. De vrouw wil meer zijn dan een lustobject, maar ook in haar man de geestelijke persoonlijkheid kennen.”
Het waren dus zielzorgers die de vrouw als lustobject ter sprake brachten.
Net als nu, eigenlijk.
Ewoud Sanders



woensdag 11 april 2007, 23:47 uur
Het vermoeiendste vind ik dat er na 40 jaar helemaal niets veranderd blijkt te zijn. We kunnen weer opnieuw dezelfde seksuele revolutie beginnen. Kennelijk heeft de gristelijke goegemeente er altijd het meeste moeite mee. Maar er moeten wel kindertjes komen, nietwaar mijnheer pastoor?
Overigens is tegenwoordig ook de man tot lustobject gemaakt door de commercie (Coca Cola Lightbreak?).