Mussen van het dak
Met enige regelmaat hoor of lees je dat de uitdrukking de mussen vallen (dood) van het dak (van de hitte) op een misverstand zou berusten. Het gaat hier niet om mussen die van het dak vallen, zo luidt de boodschap, maar om mossen.
Op het eerste gezicht lijkt dat logisch. Er zijn niet meer zoveel mussen in Nederland, maar ook in de tijd dat ze nog wel zeer gangbaar waren, zag je ze op hete dagen niet bij bosjes van het dak donderen. Vallend mos klinkt veel aannemelijker, zeker bij daken van stro of leisteen. Daar kan veel mos op groeien, mos dat in tijden van extreme hitte uitdroogt, loslaat en dus van het dak kan vallen.
Maar klopt deze verklaring? Aanhangers van de mus-is-eigenlijk-mos-theorie verwijzen soms naar een zin uit de Camera Obscura. In 1837 of 1838 schreef Nicolaas Beets onder het pseudoniem Hildebrand een verhaal getiteld ‘Hoe warm het was en hoe ver’, dat begint met de zin: ,,Het was een brandendheete vrijdagachtermiddag in zekere Hollandsche stad: zoo heet en zoo brandend, dat de mosschen op het dak gaapten, ’t welk, op gezag der Hollandsche manier van spreken, de grootste hitte is, die men zich voor kan stellen.’’
Zo heet dus dat de mossen op het dak gaapten, zegt Beets, en hij wekt de indruk dat dit indertijd een bekende uitdrukking was. Nou is gapen nog niet hetzelfde als vallen, maar Beets schrijft van meet af aan mosschen, niet musschen.
Dit lijkt een sterk punt voor diegenen die menen dat er in deze zegswijze helemaal geen mussen thuishoren, maar er is een complicerende factor: eeuwenlang is mos een zeer gangbare spellingvariant geweest voor mus. Dat was tot ver in de 19de eeuw het geval.
De vraag is dus: had Beets (en na hem onder meer Kneppelhout) het nou over vogeltjes of over mossen? Hij had het over mussen. Eigenlijk volgt dat al uit het feit dat hij die beestjes laat gapen. Je kunt je goed voorstellen dat mussen gapen; bij gapend mos wordt dat al een stuk moeilijker, tenzij je wilt beweren dat van droogte kromgetrokken mos iets weg heeft van een gapende mond, maar dat lijkt mij nogal gezocht.
We weten ook uit een 19de-eeuwse bron dat Beets het over dakvogeltjes had. In 1890 schreef A.S. Kok in het onderwijzerstijdschrift Noord en Zuid een lang essay over clichés in de literatuur. Om te laten zien hoe het wél moest citeerde hij de hierboven aangehaalde zin van Beets, met als commentaar: ,,En om het nuchtere van zoo’n zekere Hollandsche stad met al het drukkende in zoo’n hitte daaraan verbonden nog sterker te doen uitkomen, zal tegelijkertijd dat echt Hollandsche beeld van de mosschen, die op het dak zitten te gapen, den schrijver hulp verleenen; zoo zal hij ons voorgoed in de stemming brengen, berekend voor den afloop van het verhaal. Zelfs dat mosschen voor het meer deftige musschen is welsprekend.’’
Hier lezen we dus dat musschen indertijd als een deftiger variant werd ervaren van het meer spreektalige mosschen – beide voor het vogeltje.
Ik heb niet precies kunnen achterhalen wanneer de variant de mossen vallen (dood) van het dak (van de hitte) is ontstaan. De uitdrukking ontbreekt in het bekende spreekwoordenboek van P.J. Harrebomée uit 1858-1870, waarin vrijwel de complete spreekwoordenliteratuur van voor die tijd is samengevat. En ook Stoett vermeldt haar niet in zijn standaardwerk uit 1925. De uitdrukking, die pas in 1976 voor het eerst in Van Dale voorkomt, lijkt dus in de loop van de 20ste eeuw te zijn ontstaan. Sámen met het misverstand dat die mussen in deze zegswijze eigenlijk niks te zoeken hebben.
Ewoud Sanders



maandag 24 juli 2006, 14:59 uur
Ik vind de referentie naar de Camera Obscura nogal ver gezocht, zeker als de uitdrukking waarschijnlijk pas ergens in de tweede helft van de 20e eeuw moet zijn onstaan. Trouwens, heeft u ooit een mus van een dak zien vallen? Mossen, daarentegen, vallen bij deze hitte, wel degelijk van het dak.
maandag 24 juli 2006, 15:31 uur
Is er ook iemand die deze theorie vanuit een biologische in plaats van een taalkundige achtergrond kan beoordelen. Ik dacht ooit geleerd te hebben dat het metabolisme van mussen bij een bepaalde temperatuur ophield, waardoor ze inderdaad dood van de dakrand vallen. Heb net gezocht op internet, maar vind vooral links naar de ‘domino-mus’ en naar sites waar mensen zeggen dat ze het warm hebben. Er zal toch wel eens iemand een wetenschappelijke studie van gemaakt hebben? Iemand een idee?
maandag 24 juli 2006, 17:13 uur
De verwijzing naar mos lijkt me onzin. Ik ken de uitdrukking toch wel al zo’n 50 jaar – uit de tijd dat mussen de meestvoorkomende volgelsoort was in ons dorpje – als: ‘zo heet dat de mussen dood van het dak vallen.’
maandag 24 juli 2006, 17:53 uur
Toen ik (voor de oorlog) in 1930 op de lagere school zat in Breda was dit al een gangbare uitdrukking . Wij spraken wel over *mussen” die dood van het dak vielen.
maandag 24 juli 2006, 17:54 uur
“Sakreenom,” kraste het diakenhuismannetje toen het gevederde lijkje van het dak dwerrelde – “We eten duif vanavond.” Helaas, de arme kerel maakte zich blij met een dode mus. Gelukkig voor hem wankelde juist een zweterig heer voorbij. “Hoe ver is ‘t nog naar Nijmegen, vrind? Hoe warm het is, weet ik zelf wel.” Hij wiste zich het aangezicht af en schikte zijn jabot. “Met de omnibus van Stastok, mijnheer,” antwoordde de oude, “is het, met alle bochten, zo de mosch vliegt, drie uren ver. De trekschuit? Neen, meneer, die gaat niet meer. De vaart staat droog en het jagertje is opgegeten. Ginderwijd, bij de herberg Het Zwaard van Damocles, vindt u de omnibus. Ik wens u goede reis.” Hij zeverde. Dankzij het halfje dat de heer hem toestopte werd het eenfeestmaal. Mus au chaud cola!
maandag 24 juli 2006, 18:25 uur
“Zo heet dus dat de mossen op het dak gaapten, zegt Beets”. Is hier een verband met de uitdrukking op apegapen liggen? Kan iemand mij dat uitleggen of verklaren waar op apegapen vandaan komt.
maandag 24 juli 2006, 22:14 uur
Kan Mattheus 10:29 van invloed zijn geweest op de verandering in de beeldspraak? In de Statenvertalıng: “Worden niet twee musjes om een penningsken verkocht? En niet één van deze zal op de aarde vallen zonder uw Vader.”
dinsdag 25 juli 2006, 09:00 uur
Er mogen weinig mussen zijn ,maar bij in tuin zitten in de haag langs het kippenhok van de buren een hele swerm
donderdag 27 juli 2006, 10:42 uur
Lees ook:
http://www.ad.nl/rotterdam/voorneputten/article497146.ece
donderdag 27 juli 2006, 11:56 uur
@Eric Neyndorff: volgens het WNT heeft “apegapen” waarschijnlijk niets met apen te maken, maar is het een soort rijmende woordvorming als “hassebassen, hinkepinken, harrewarren”. Het zou dan oorspronkelijk “hapegapen” moeten zijn geweest, misschien “happegapen” (van “happen” en “gapen”), net als “schokschouderen”, “trekkebenen” enzovoorts. Vroeger bestond ook het woord “geeuwegapen”.
donderdag 27 juli 2006, 12:59 uur
Harrebomée geeft wel een variant op het gezegde van Hildebrand namelijk Het is zo heet dat de kraaien gapen
donderdag 27 juli 2006, 14:22 uur
Gapende vogels zijn heel gewoon bij grote hitte. Zij zitten dan met wijdopen bek en vaak gespreide vleugels om zoveel mogelijk lichaamswarmte af te voeren.
zondag 30 juli 2006, 11:08 uur
Ik geloof niet dat de mus een bedreigde diersoort is. In mijn tuin zijn ze geregeld prominent aanwezig. In de steden komen ze niet veel meer voor, maar in tuinen met heesters wel. Waarschijnlijk hebben ze hun redenen om onze hectische steden te ontvluchten en naar de buiten te migreren…
zondag 30 juli 2006, 21:35 uur
zestig jaar geleden werd mos zeker wel vaker gebruikt voor mus getuige de uitdrukking die ik toen weleens hoorde: die man heeft een mos op zijn heining, waarmee bedoeld werd dat hij een vlinderdas droeg. mos is hier dus mus en heining is schutting. van langer geleden heb ik geen weet.
woensdag 9 augustus 2006, 09:20 uur
In Fabel van den bespringer, een satirisch pamflet uit 1756, gedrukt door Daniel Monnier te den Haag komt het woord mossen (‘mussen’) voor:
‘Buurtje ik had geen Quaad beslooten; want ik wilde om tydverdryf ginder na de Mossen schieten. Zulks heeft immers niet om’t lyf”
Een exemplaar bevindt zich in het Haags gemeentearchief (Hgst 748).
donderdag 10 augustus 2006, 15:30 uur
Als kind mocht ik alleen na het avondeten buiten spelen als ‘de mussen dood van het dak vielen’. Dus ik heb hele discussies gehad met mijn moeder bij welke temperatuur de mussen dood van het dak vielen. Ik meen me te herinneren dat ik bijna nooit na het avondeten heb buiten gespeeld, dus de temperatuur waarbij mussen dood van het dak vallen zal vrij hoog zijn.
woensdag 16 augustus 2006, 12:33 uur
Wat nog ontbreekt is het levende (oké, dode) bewijs van de uitdrukking.
Bij ontstentenis van mussen zijn het merels, en ook daken waren in geen velden of wegen te bekennen, maar feit blijft dat beide slachtoffers door mij op dezelfde dag, eind juli, zijn gefotografeerd. En ik kan u verzekeren dat het snik- en snikheet was. De merels vielen bij bakken uit de hemel.
Klik voor de afbeelding op mijn naam.
woensdag 16 augustus 2006, 12:36 uur
Ging niet helemaal zoals gepland met de afbeelding, hier nieuwe poging:
http://claars-notes.nl/van%20alles/2006,%20augustus%20-%20wat%20was%20het%20heet.jpg
maandag 6 augustus 2007, 09:17 uur
[...] Terwijl de mussen of mossen van het spreekwoordelijke dak vielen (32 graden) was Vijftigers actief in Zutphen. De plaats is al meer dan 1700 jaar continu bewoond en is een van de oudste steden van Nederland. Al in 1190 kreeg Zutphen stadsrechten toegewezen. De naam Zutphen is ontstaan uit Zuid venne, een rivierduinencomplex tussen drassige weidegrond. Door zijn centrale locatie groeide Zutphen snel en werd een van de Hanzesteden. [...]
vrijdag 10 juli 2009, 03:43 uur
De mossen vallen van het dak. De wortels drogen uit en het hele zaakje schuift van het dak af. Dieren weten wel beter; graven bij de grond een koel-kuilte en zo ze voor de regen en koude kunnen schuilen zo ook voor de hitte. Staat in “kwispelen met taal ” rotterdam 1993. Kun je nagaan hoe wreed hardnekkig ook de menselijke fantasie kan zijn. Doch ik schrijf geen boeken meer. heeft weinig zin als toch niemand ze leest. heb ook mijn OVJ tramkaart terug gebracht. Heeft weinig zin als toch niemand op staat. Wij hebben het verleden, de jeugd neemt de toekomst en het heden. Ben bezig met dit hele digitale werk te bewerken…zie het absoluut als toegevoegde waarde, Als U het belieft.
zondag 16 augustus 2009, 18:21 uur
Ik heb een vraagje, het is nu al de derde mus die ik dood vind in mijn tuin zonder enige oorzaak waarvan ze zouden kunnen gesorven zijn maar het is nu wel echt héét. Is dit een confirmatie van het feit dat mussen doodvallen als het warm is? Ik wist niet dat vogels dat kunnen,..