“Zuid-Afrikanen zijn late gelovers”, zei WK-organisator Danny Jordaan een jaar geleden. Er waren grote zorgen over de kaartverkoop en met het nationale team van Zuid-Afrika, ‘Bafana Bafana’, wilde niemand vanwege de slechte prestaties geassocieerd worden. “Maar als ze er eenmaal in geloven, dan gaan ze er ook voor”, beloofde Jordaan de sceptici.
Hij heeft gelijk gekregen. Zuid-Afrika is in een jaar tijd compleet voetbalgek geworden. President Jacob Zuma sprak zondagochtend van een “explosie van nationale trots” zoals die volgens hem voor het laatst gezien is bij de vrijlating van Nelson Mandela.
Niet alleen zwarte Zuid-Afrikanen, voor wie voetbal al langer de meest populaire sport is, maar ook witte Zuid-Afrikanen, die meer van rugby en cricket weten, lopen al weken rond in Bafana-shirtjes. Ambtenaren, bankmedewerkers en zelfs de stewardessen van de nationale luchtvaartmaatschappij South African Airways hebben hun dagelijkse werkkloffie ingeruild voor de officiële Adidas-teamshirts. Wie er in de grote steden bij wil horen heeft bovendien ‘spiegel-sokken’: Zuid-Afrikaanse vlaggetjes rond de buitenspiegels van je auto.
Ook met de kaartverkoop is het op het laatste moment goed gekomen. Veel Zuid-Afrikanen hebben geen toegang tot internet of de beschikking over een creditcard, dus kaarverkoop kwam pas echt op gang toen de wereldvoetbaldfederatie kantoortjes opende waar tickets gewoon aan de balie aangeschaft konden worden. Terwijl haast alle wedstrijden inmiddels zijn uitverkocht, staan bij de ticketbureaus nog steeds lange rijen wachtenden.
En dan Bafana Bafana. Het onder coach Joel Santana kwakkelende nationale elftal heeft onder diens eind vorig jaar aangestelde opvolger Carlos Parreira een ware wederopstanding doorgemaakt. Door wanbeleid bij de Zuid-Afrikaanse bond moest op het laatste moment nog een reeks oefenwedstrijden geregeld worden. Thailand (4-0), Bulgarije (1-1), Colombia (2-1) en Guatemala (5-0) werden speciaal ingevlogen en goed betaald om de vele internationaal onervaren spelers van Zuid-Afrika wat speelminuten te geven. “Die teams werden ingehuurd om te verliezen”, zei een cynische voetbaljournalist vorige week nog.
Maar de wedstrijd tegen Denemarken, zaterdagmiddag in Pretoria, was van een andere orde. Voor de ploeg van coach Morten Olsen, de eerste tegenstander van Nederland tijdens het WK, was het partijtje tegen Zuid-Afrika een serieuze test. In een wedstrijd waarin Zuid-Afrika van begin tot eind dominant en agressief was, werd Denemarken met 1-0 verslagen. Zuid-Afrika staat nummer 83 op de laatste FIFA-ranglijst, Denemarken 36.
Wie een jaar geleden aan Zuid-Afrikanen vroeg welk team ze tijdens het WK zouden steunen, kreeg meestal Brazilië of Argentinië te horen. Na de zware loting in een groep met Frankrijk, Mexico en Uruguay waren voor de fans de kansen van Bafana bekeken. Na de zorgvuldig gecreëerde hype en het sterk verbeterde team is er nu geen Zuid-Afrikaan die er nog aan twijfelt of het land de tweede ronde haalt. “We zijn er klaar voor”, zei een opgeluchte Parreira na de wedstrijd tegen Denemarken.