“It’s déjà vu all over again”, zei honkbalcoach/orakel Yogi Berra ooit. Ook in voetbal is veel al eerder gebeurd, of doet ergens aan denken. Vandaag: de ‘pre-assist’ van Wesley Sneijder.

Wesley Sneijder (beeld NOS)
Willem van Hanegem zei wel eens dat je niet met beide benen even begaafd hoeft te zijn, als je je maar bekwaamt in het gebruik van de buitenkant voet van je goede been. Maar het was Wesley Sneijder, volmaakt tweebenig, die gisteren zijn absolute klasse demonstreerde met een sublieme pass, buitenkantje rechts, op Arjen Robben (minuut 00:30). Mooiste moment van de wedstrijd, en van Oranje tot op heden.
Voormalig FC Twente-speler ‘Spitz’ Kohn constateerde vorig jaar in de Volkskrant dat je tegenwoordig “toch niemand meer ziet die de bal met zoveel gevoel verstuurt als Van Hanegem dat vroeger deed.” Misschien moet de huidige Heerenveen-scout wat vaker in Portugal kijken. Recentelijk deed Nani (Manchester United) het nog tegen AC Milaan (minuut 1:10), en Ricardo Quaresma tartte alle wetten van bewegingsmechanica met zijn bananenschot tegen België in de kwalificatie voor het EK 2008. Dat deed weer sterk denken aan de Braziliaan Nelinho op het WK in 1978.
Maar de absolute meester van de buitenkant voet is, zo wil de overlevering, Abe Lenstra. Als een kunstbiljarter draaide hij ballen langs de zijlijn (helaas geen beelden). Maar eerlijk gezegd hebben alle grote der aarden wel een fraai buitenkantje in huis. Johan Cruijff natuurlijk (minuut 2:10 en 3:20), maar ook Maradona, die overigens daags voor Robben en Sneijder het tegendeel bewezen nog zei dat aan de veelbekritiseerde WK-bal ‘Jubalani’ geen effect mee te geven is. Zelf leek hij daar overigens weinig moeite mee te hebben.