Berichten door Marita Mathijsen

Dode Schrijvers-boekenbal

Geplaatst op 13-03-2010.

Zou er eens een Boekenweek ingesteld kunnen worden voor dode schrijvers? De CPNB is in 2006 begonnen met dat aardige initiatief van gratis boeken in oktober, te verkrijgen bij de Openbare Leeszalen. Van de vier boeken die tot nu toe aangeboden zijn, was er één van een dode schrijver. De andere titels hadden wel een klassieke status. Voor het komend jaar is de keuze heel verrassend op De grote zaal van Jacoba van Velde gevallen. Het moet een poging zijn om haar postuum nog in de canon te krijgen.

Lees verder »

Batava Drooglip

Geplaatst op 06-02-2010.

Worden ze nog gemaakt, de Droogstoppels? Ik dacht het wel, maar tegenwoordig zijn het vooral vrouwen die op Batavus Droogstoppel lijken. Ze zouden een andere naam moeten krijgen, maar er is voor zover ik weet in de Nederlandse literatuur geen vrouwelijke pendant met een karakteristieke naam te vinden. De moeder van Frits van Egters heeft wel wat droogstoppeligs, evenals de tante bij wie Saartje Burgerhart inwoont, en ook de zus van Eline Vere is zo’n bekrompen vrouw voor wie elke fantasie een aantasting van haar wereldbeeld is, maar een echte keiharde Batava Drooglip hebben we niet.

Lees verder »

Een keten van menselijkheid

Geplaatst op 02-01-2010.

Maar een paar keer per dag gaat het fout. Dan word je gesneden door een auto, kruipt er iemand voor bij de bakker of trap je in een ranzige hondendrol midden op de stoep. Je concept van het beschavingsniveau van Nederland daalt enige decimeters, tot je weer de tram in geholpen wordt met je koffer, iemand je narent met je vergeten paraplu en je een student een omgevallen fiets ziet rechtzetten. Hoe is het in godsnaam mogelijk dat er zoveel mensen zo dicht bij elkaar kunnen wonen zonder dat er voortdurend afbekkerij, terrein veroveren, geduw, gescheld, geweld aan de hand is? Aan de godsdienst kan het niet meer liggen. Dat was een mooie tijd, toen die heel duidelijk de regels aangaf waaraan je je diende te houden: hulpvaardigheid, liefdadigheid, medemenselijkheid, barmhartigheid. Al die deugden die maken dat mismaakten niet in kooien opgesloten worden en als kermisattracties tentoongesteld, dat misdeelden een uitkering kunnen krijgen, dat dementen een menswaardige oude dag kunnen houden. Niet dat de godsdienst in dat opzicht altijd een mooie rol gespeeld heeft. De slavernij bijvoorbeeld, die op initiatief van christenen is afgeschaft, bloeide in een tijd dat heel Europa door en door christelijk was. Maar goed: toen de mensheid nog geloofde, kon je met de bijbel of een ander heilig boek in de hand de regels voor de samenleving vaststellen. De tien geboden en het eigen geweten maakten dat er een consensus was over de moraal.

Lees verder »

Emerita

Geplaatst op 28-11-2009.

Emeriti hoogleraren, dat waren voor mij grijze of kale mannen die in laag tempo aan kwamen schrijden door het middenpad van de aula, struikelend over hun toga omdat die nog uit hun kaarsrechte periode stamde en de heren inmiddels wat gekrompen waren. Dat waren babbelkousen die bij de receptie extra lang de hand van de erepromovendus vasthielden, alsof ze iets van de glorie van die persoon in zich wilden laten vloeien. Mannen, allemaal mannen die je aan de praat hielden met hun eigen opvattingen over die of die richting, waarover ze allang achterhaalde inzichten ventileerden.

Lees verder »

De bevrijding van de albatros

Geplaatst op 31-10-2009.

Een albatros glijdt door de lucht. Zeelieden lokken hem met wat etensafval naar beneden. In een wijde boog landt hij op het dek. Dan vangen ze hem, binden hem vast aan een touw. De ongelukkige vogel probeert op te vliegen, zet enkele wankele stappen, en klapwiekt. Zijn enorme vleugels zitten hem in de weg. De zeelieden lachen om de koning van de hemel, die nu zo log en traag over het dek schuift. Eén loopt naar hem toe en drukt een sigaret uit op zijn snavel, een ander bootst zijn gammele passen na.

Lees verder »

De Hollandsche natie

Geplaatst op 19-09-2009.

De eerstejaars hadden opgekregen om De Hollandsche natie van J.F. Helmers te lezen, een lofzang op het verleden van Holland in 3545 dichtregels. Ik weet niet of ik er goed aan gedaan heb. Van de 130 eerstejaars bleken er maar vijf plezier aan de tekst te hebben beleefd. De rest was er niet doorgekomen, had zich er plichtmatig doorheen geworsteld, of had er niets van begrepen. De week daarvoor hadden ze een dichtverhaal van Nicolaas Beets moeten lezen, Guy de Vlaming. Dat is een van die woeste middeleeuwse vertellingen van Beets die literairhistorici vroeger namaakromantiek noemden. Tegenwoordig hebben jonge onderzoekers er wel gevoel voor en slaan ze het even hoog aan als de Camera Obscura. Het verhaal gaat over een middeleeuwse ridder die zonder het te weten met zijn zuster getrouwd is en in een vlaag van godsdienstwaanzin haar vermoordt. De waanzinscène kan op tegen die van een Italiaanse opera. De eerstejaars hadden er ook plezier in: het verhaal loopt snel, de stemmingswisselingen zijn adembenemend, er zit een heel verstilde natuurscène in, en de tragiek maakt, hoe bizar ook, toch indruk. Maar De Hollandsche natie krijg ik niet verkocht. Het is zo’n opeenstapeling van loftuitingen over het geweldige Holland dat we eens waren, zo’n megavolume aan nationalisme, dat de toehoorder er op den duur ongevoelig voor wordt. Wellicht moet ik besluiten dat het echt een draak is die niet meer in onze tijd in te passen is. De toon van Helmers doet me af en toe denken aan die van de voetbalverslaggever die keihard en razendsnel alles als spannend, fataal, heldhaftig voorstelt, het voortdurend over ‘ons’ en ‘onze jongens’ heeft en die het erop doet lijken dat hijzelf aan de overwinning heeft bijgedragen als hij uitschreeuwt: ‘we hebben gescoord!’

Lees verder »