Kwade droes

Jan Egter van Wissekerke – Van kwade droes tot erger. Gebruik en veterinaire verzorging van paarden in het leger (1762-1874) – Erasmus Publishing, Rotterdam, 400 blz. Promotoren: Prof.dr. P.A. Koolmees, Prof.dr. W. Klinkert

Geen promotiedatum bij dit proefschrift. Niet omdat het proefschrift op het laatste moment toch nog werd afgewezen, maar omdat de promovendus nauwelijks een week voor zijn promotie overleed. Hij was al langere tijd ernstig ziek, maar heeft het proefschrift nog wel zelf kunnen voltooien. Op 15 november, ruim twee maanden na zijn dood, kende de Universiteit Utrecht Jan Egter van Wissekerke postuum de doctorstitel toe.

Lees verder »

Barbaren aan de poort?

De barbaren slaan zich letterlijk met sloophamers door de muren heen. Althans, in het toneelstuk Kinderen van de zon van de Russische schrijver Maxim Gorki, dat nu door de gezelschappen Toneelgroep Amsterdam en NTGent wordt gespeeld in een aangrijpende enscenering van regisseur Ivo van Hove. Binnen bevindt zich een klein gezelschap intellectuelen: een wereldvreemde wetenschapper, een idealistische kunstenaar, een tobberige veearts. Zij discussiëren over de grote thema’s van de wereld: de ontrafeling van de geheimen van de natuur, de vrijheid en ongebondenheid van de kunst, de nuances van het leven en de liefde. Maar bij alle verwikkelingen zijn zij zich nauwelijks bewust van de opstekende storm buiten, waar mensen creperen aan cholera en armoede. Totdat het te laat is en de buitenwereld letterlijk binnenstormt.

Lees verder »

Wie betaalt, bepaalt

Wie medisch onderzoek betaalt, bepaalt wat er onderzocht wordt en, als je niet oppast, soms ook wat er uit het onderzoek komt. Over dit brisante onderwerp heeft de Gezondheidsraad vorig jaar een rapport uitgebracht, dat weinig aandacht heeft getrokken. Wie betaalt, bepaalt? (met beleefd vraagteken!) is ook zo oerevenwichtig en saai geschreven dat ik moeite had om er door te komen. Dat krijg je als je te veel hoogleraren ethiek bij elkaar zet. Nu heeft de Gezondheidsraad zich echter gerevancheerd met de publicatie van een pittig debat, waarin de standpunten minder omfloerst worden geformuleerd (‘Knottnerus, Kennis en Commercie’, een speciale editie van het blad Graadmeter bij het afscheid van André Knottnerus als voorzitter van de Gezondheidsraad). Dit debat is een goede reden om op die onderzoeksfinanciering terug te komen, te meer nu op medisch onderzoek verder bezuinigd wordt.

Lees verder »

Harry en de botheid van media

Ergens in mei van dit jaar kreeg ik een telefoontje van een Belgische journalist. Of hij me wat vragen over Harry Mulisch mocht stellen. Toen ik navroeg wat de aanleiding was bleef hij vaag, maar uiteindelijk gaf hij toe dat het was om een herdenkingsartikel klaar te hebben voor ‘als het zover mocht zijn’. Ik hielp de man, hoewel hij de vragen die hij stelde makkelijk zelf had kunnen oplossen, na enig bibliotheekwerk. Met de meester zelf had ik kort daarvoor nog een glas witte wijn op een terras in de P.C. Hooftstraat gedronken. Twee weken later belde dezelfde man nogmaals, weer met vragen die een leerlingjournalist via Google had kunnen beantwoorden. De gemakzucht ergerde me, maar ik bleef hem beleefd van dienst. Ik lachte wat om die journalisten die al jaren voordat het zover is een necrologie moeten klaarmaken. Ik herinnerde me dat Mulisch al in 2009 doodverklaard was door een sufferd die voorbarig het bericht over Mulisch op Teletekst gezet had. Mulisch had daarover smakelijk kunnen lachen bij De wereld draait door.

Lees verder »

De commissie doorgelicht

Martin Schulz – De commissie. Over de politiek-bestuurlijke logica van een publiek geheim – Boom/Lemma , 389 blz., Universiteit van Tilburg, 15 september 2010. Promotores: Prof.dr.M.J.W. van Twist, prof.dr. P.H.A.Frissen, prof.dr.K. Putters

In de tien jaar tussen 1998 en 2007 zijn er door de ministers van de verschillende kabinetten in totaal 308 commissies ingesteld. Gemiddeld dus ruim dertig per jaar. De meeste zijn voor het grote publiek nooit erg zichtbaar geworden, maar sommige hebben – omvangrijke – rapporten opgeleverd die tot veel discussie aanleiding hebben gegeven. Het rapport van de commissie-Davids begin dit jaar over de Nederlandse betrokkenheid bij de oorlog in Irak leidde met enige vertraging uiteindelijk zelfs tot de val van het kabinet Balkenende IV. De televisieserie over Joop den Uyl bracht onlangs weer het rapport in herinnering van de commissie Donner, die zich 35 jaar geleden boog over de contacten van Prins Bernhard met Lockheed. Het kan ook leuker, zoals de commissie-Van Oostrom die de canon van de Nederlandse geschiedenis schreef.

Lees verder »

Kille visolie-experimenten

Eet gevarieerd en matig, dan krijg je van alles genoeg. Dat was het adagium van de klassieke voedingsleer. Intussen puilt het internet uit van voedingssupplementen die alle ziekten zouden genezen, van depressie tot kanker. Hebben we meer nodig dan gevarieerd eten?

Gevarieerd eten dient ter voorkoming van gebreksziekten zoals scheurbuik en rachitis (‘Engelse ziekte’). Vanaf het eind van de negentiende eeuw werd ontdekt dat die ziektes werden veroorzaakt door tekorten aan vitamines; elke gebreksziekte had zijn eigen vitamine. Verschillende voedingsmiddelen leveren verschillende vitamines: vitamine B12 zit in vlees en melk, vitamine C in sinaasappels en vitamine E in plantaardige olie. Voedsel bleek behalve vitamines nog andere onmisbare stofjes te bevatten, zoals het essentiële vetzuur linolzuur dat huidafwijkingen voorkomt. De mens kon dus niet leven van scheepsbeschuit maar had een variatie aan voedsel nodig.

Lees verder »

Iedereen lijsttrekker

Een van de jaarlijkse rituelen in de academische wereld is het verschijnen van ranglijsten van universiteiten. De gevoelens waarmee deze ordening wordt bezien, zijn het best beschreven door Jorge Luis Borges in zijn essay De analytische taal van John Wilkins (1952): ‘Dergelijke dubbelzinnigheden, overbodigheden en onvolkomenheden doen denken aan die welke Dr. Franz Kuhn toeschrijft aan een bepaalde Chinese encyclopedie, getiteld Hemels emporium van welwillende kennis. Op die pagina’s uit een grijs verleden staat geschreven dat de dieren zijn te onderscheiden in a) toebehorend aan de Keizer, b) gebalsemd, c) getemd, d) speenvarkens, e) zeemeerminnen, f) fabeldieren, g) zwerfhonden, h) die welke in deze classificatie zijn opgenomen, i) die welke tekeergaan als dwazen, j) ontelbare, k) die welke zijn getekend met een heel fijn kameelharen penseel, l) enz., m) die welke net een vaas hebben gebroken, n) die welke in de verte op vliegen lijken.’

Lees verder »

De kakofonie der criteria

Mogen ziektekostenverzekeraars het stuur overnemen van de Nederlandse ziekenwagen? Die vraag werd acuut toen ziektekostenverzekeraar CZ besloot ziekenhuizen uit te sluiten bij borstkanker behandeling. Ik kreeg die vraag toegeschoven in een TV-uitzending van Buitenhof en vond van niet. Zeker niet als die verzekeraar eigen maatstaven bedenkt om de kankerzorg te beoordelen. En helemaal niet als zo’n verzekeraar op eigen houtje ook nog gaat beslissen wie ondermaats is, wie ‘matig’, wie ‘goed’ en wie in de eredivisie van de borstkankerbehandelaars mag spelen.

Lees verder »

De troost van kunst

Mijn hondje is dood. Ik weet wel dat de wetenschapscolumnist niet geacht wordt over zijn hondje te beginnen, maar toch, het beestje is zo vaak opgetreden in mijn stukken dat ik vind dat u het moet weten. Zijn hartje werkte niet meer goed, hij leed aan artrose, hij was doof en blind.

Ik kon de laatste maanden niet naar hem kijken zonder aan de literatuur te denken.

Er is nog nooit een proefschrift geschreven over de troostende werking van literatuur, maar iedereen kent die wel. Ik kan iedereen die zijn moeder verloren heeft aanraden Nicolaas Matsier (Gesloten huis) en Leo Pleysier (Wit is altijd schoon) te lezen.

Lees verder »

Het recht op een misser

Ik heb het niet vaak mis gehad als wetenschapper, het meeste wat ik heb gepubliceerd staat nog recht overeind. Ik ben daar niet trots op, want zo’n foutloze staat van dienst wijst op gebrek aan durf. Een groot wetenschapper steekt zijn nek uit en volgt zijn opwellingen, zelfs als die onwaarschijnlijk lijken en niemand ze gelooft. Daarom zitten grote wetenschappers er zo nu en dan flink naast. Het schoolvoorbeeld daarvan is Linus Pauling, de enige geleerde die in zijn eentje twee Nobelprijzen heeft gewonnen. In 1954 kreeg hij de prijs voor scheikunde voor zijn ontdekking hoe koolstofatomen in complexe moleculen aan elkaar vast zitten, en in 1962 ontving hij de Vredesprijs voor zijn strijd tegen het testen van kernwapens. Destijds deden namelijk de atoommogendheden regelmatig tests van hun nieuwste atoombommen, waarna het overal radioactiviteit regende. Mede dankzij Pauling en zijn collega’s werden die tests in 1963 gestopt. Pauling had nóg wel een Nobelprijs kunnen winnen, bijvoorbeeld voor zijn ontdekking van het mechanisme van sikkelcelanemie, de eerste erfelijke ziekte die op moleculair niveau kon worden verklaard.

Lees verder »