*

Wereld » Leidt internet tot narcisme en oppervlakkigheid? :: nrc.nl

Leidt internet tot narcisme en oppervlakkigheid?

thenWie een portret van een hele generatie wil schetsen, gebruikt onvermijdelijk een grove penseel. Dat wil niet zeggen dat daar toch niet een herkenbaar beeld uit kan komen, of op z’n minst aanzet kan geven tot discussie.

Dat is wat Jeremy Rifkin probeert met zijn vraag of  de ‘Millennial Generation’, zeg maar iedereen die is opgegroeid met internet, ‘vervloekt’ is – Rifkin heeft grote woorden nooit geschuwd. Internet is daarbij de bepalende factor. Rifkin, geboren in 1945, ziet twee grote problemen: narcisme en oppervlakkigheid.

Ondanks alle sociale netwerken bestaat het gevaar, zegt Rifkin, dat mensen erg op zichzelf gericht raken.

The Internet has the power to inflate and amplify each person’s desire for recognition. For the narcissistically predisposed, the opportunity to exhibit themselves is as seductive as is the inclination of the voyeuristic to watch. In a commercial world that increasingly plays off both narcissistic and voyeuristic tendencies, the Internet becomes an unmatched medium to commodify (and then market) every aspect and stage of life.

The rap on today’s Millennial Generation (everyone born after the mid-1970s) is that they are coddled, overexposed and overindulged. They are told they are special and believe that to be the case. Reality TV shows capture the deep yearning among the younger generation to be “discovered” and become famous, hopefully overnight. Even if they are denied a “role” on reality TV, there are countless other more easily accessible media outlets on the Internet, like YouTube, MySpace, Facebook and Flickr. [...]  The problem is that if people are led to believe they are special and more important than other people, they become less tolerant of others, less willing to brook criticism, less able to manage failures and less able to express empathy to others.

Rifkin constateert wel dat het dan paradoxaal is dat diezelfde generatie, in zijn beeld, meer aandacht heeft voor het milieu en kiest voor duurzaamheid.

Zijn andere waarschuwing geldt de manier waarop mensen met elkaar praten. Internet maakt wereldwijde contacten mogelijk, erkent hij. Maar tegelijkertijd wordt de taal die mensen gebruiken, simpeler. Wetenschappers constateren dat er minder verschillende woorden worden gebruikt. Daarmee wordt het gesprek onherroepelijk opppervlakkiger.

In every previous communication revolution in history, from oral to script to print, vocabulary increased, giving people a richer reservoir of metaphors and language constructions to build on. More extensive vocabulary allows people to create more complex thoughts and, by so doing, expand the empathic domain, for the obvious reason that people can better express their innermost feelings, intentions and expectations to one another.

Rifkins artikel is gebaseerd op zijn onlangs verschenen boek The Empathic Civilization: The Race to Global Consciousness in a World of Crisis. Een ander artikel dat op dit boek is gebaseerd, is hier te vinden.


Dit bericht heeft 3 reacties op “Leidt internet tot narcisme en oppervlakkigheid?”

  1. Johan Blauwgeers zegt:

    Als je de laptop en de mobiles in de cartoon vervangt
    door boeken krijg je hetzelde effect.
    Ik zie geen groot verschil tussen de uitvinding van de
    telefoon en het internet.
    Misschien dat Jeremy Rifkin terug wil naar de jaren 50.
    In de jaren 50 had je de verzuilde samenleving met slechts
    1 of 2 televisie kanalen.

    Het lijkt inderdaad vreemd als twee kinderen met elkaar
    internetten in plaats van te voetballen.
    Misschien dat het aantal auto’s in de straat hier een
    evengrote invloed op heeft.
    Daar bovenop heb ik het idee dat mensen die veel
    boeken lezen en ingewikkelde taal gebruiken evengoed
    in de catagorie narcist kunnen worden ingedeeld.

  2. A. Veilbrief zegt:

    Zo simpel gesteld: nee. Alhoewel internet wel het ideale instrument is voor mensen die – om wat voor reden dan ook – geen toegang hebben tot de massamedia. Een van die redenen kan de kwaliteit zijn van wat ze te bieden hebben. Maar er kunnen meer redenen zijn. Rifkin merkt overigens terecht op dat de realityshows vooral op tv te zien zijn, een traditioneel massamedium.

    Dat internet tot oppervlakkigheid leidt, in ieder geval tot vluchtigheid, lijkt me daarentegen een feit. Voor mensen die niet goed om kunnen gaan met de mogelijkheid tot instant bevrediging van impulsen die internet biedt, is het een permanente ondermijning van hun dagstructuur en concentratievermogen. Zie het artikel ‘Is Google making us stupid?’ op de website van The Atlantic.

  3. Chris Peeters zegt:

    ‘Het’ internet is een onbruikbare term.
    Neem bijv. de website van Prospect. Een groot aantal vooraanstaande denkers geeft iedere maand een statement over een belangwekkend onderwerp. Aan te vullen met vele andere voorbeelden: je kunt op het net diepgang of oppervlakkigheid vinden. Ik durf rustig te stellen dat met het internet een groter deel van de mensheid diepgang vindt dan ooit in de menselijke geschiedenis.
    De groei van het internet roept bij mij het beeld op van de groei van de hersenen: steeds weer worden nieuwe verbindingen aangelegd, die sterker worden door gebruik, of afsterven.
    Op naar het ‘global brain’!
    Chris Peeters

Reageren op dit bericht is niet meer mogelijk.