<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Vertalie</title>
	<atom:link href="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie</link>
	<description>Briefkaart uit Vertalië - Robbert-Jan Henkes en Erik Bindervoet bespreken vertaalkwesties. Iedere week in het CS en op nrc.nl/vertalie.</description>
	<lastBuildDate>Fri, 13 Jul 2007 13:43:12 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.8.4</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>Groeten uit</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/07/13/groeten-uit/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/07/13/groeten-uit/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 13 Jul 2007 13:43:12 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/07/13/groeten-uit/</guid>
		<description><![CDATA[De nachten beginnen weer te lengen. Het regent zomerrecessen. Het vakantieseizoen breekt aan. Iedereen pakt zijn koffers en zijn biezen en vertrekt naar zonniger oorden om eens lekker uit te blazen. Behalve de inwoners van Vertalië. Die gebruiken de vakantie om hun vertaalachterstanden weg te werken. Vertalië. U kent dat land inmiddels. Het land waar [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>De nachten beginnen weer te lengen. Het regent zomerrecessen. Het vakantieseizoen breekt aan. Iedereen pakt zijn koffers en zijn biezen en vertrekt naar zonniger oorden om eens lekker uit te blazen. Behalve de inwoners van Vertalië. Die gebruiken de vakantie om hun vertaalachterstanden weg te werken. Vertalië. U kent dat land inmiddels. Het land waar de zomerkoninkjes verpieteren. Het land waar de mensen nog goed en lekker zijn. Het land waaruit wij embedded in modieuze plusfours een half jaar lang hebben mogen berichten met ansichten en inzichten, uitzichten en opzichten. <span id="more-32"></span>Wij dachten oorspronkelijk dat we erheen gingen voor een vechtmissie, maar het is van begin af aan een echte opbouwmissie gebleken. De gevreesde aanvallen van de Vertaliban zijn beperkt gebleven tot enige te verwaarlozen speldeprikjes. Van bermbommen en zelfmoordaanslagen hebben we nauwelijks last gehad. Vele scholen hebben we neergezet, voorbereidend wetenschappelijk, middelbaar beroeps en bijzonder neutraal. Vele wegen hebben wij aangelegd, van zijpaadjes tot middenwegen. Vele reacties hebben we ontlokt op de weblog. We hebben het gevoel dat we Vertalië figuurlijk, maar vooral letterlijk op de kaart hebben gezet. Een olievlekje in een enorme oceaan van taligheid. We hebben de Vertalianen een hart onder de tongriem proberen te steken en ze aangemoedigd uit hun betonnen schulp te kruipen. Laat je niet koeioneren, laat je niet verleiden tot gladstrijken en platslaan, kom uit je konijnehol! Jullie zijn iemand! Is daarmee onze missie ten einde? Wij hopen, en vrezen, van niet. Er zijn nog vele inzichten te verwerven en briefkaarten te versturen. Er zijn nog vele onontgonnen, ongerepte gebieden in Vertalië die nog niet zijn betreden, laat staan platgetreden, door toeristen. Vele no go areas die nog zuchten onder het juk van de godsdienst van de god Hoethoort. Het schijnt bijvoorbeeld te horen dat boeken in het Nederlands altijd in het Noord-Nederlands zijn gesteld. Vlaams is uit den boze. Waarom eigenlijk? Stelling: als Willy Vandersteen na de Tweede Wereldoorlog had geweigerd om zijn Suske en Wiskes in het Noord-Nederlands te laten vertalen, spraken we nu allemaal Vlaams en dan wisten we wat spreekdraad was en doddelen, een kemel, ribbediebie, truut en een gekalibreerde kwibus. En dan hoefden we niet zo schaapachtig stom te lachen als het woord goesting, plezant of amaai valt. En is er al eens door middel van een vergelijkend warenonderzoek uitgezocht hoe Nooit meer slapen is vertaald in het Engels, Duits en Frans? Hoe vertaal je eigenlijk dingen die een auteur expres fout doet en hoe weet je of het expres is als de auteur al lang en breed in zijn graf ligt te rusten en niet meer met een e-mailtje te bereiken is? Er zijn ook nog vele vertaalwebsites te bezoeken, zoals het zeer praktijkgerichte www.boekvertalers.nl. En hoe zit het met het vertalen van grappen? Mag je leuker willen zijn dan de auteur en wat is in dit verband de compensatieclausule van Posthuma precies? En wat is eigenlijk het verschil tussen schrijven en vertalen? Moet je treurig worden van rechtstreeks uit Engels overgenomen uitdrukkingen als ‘soort van’ of ‘brekend nieuws’, of moet je ze zien als een verrijking van het Nederlands waar je als vertaler en schrijver zo snel mogelijk je hand op moet leggen? Het is een mooi land, Vertalië, en het groeit met de dag. Wish you were here. Tabé en vertaal ze!</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/07/13/groeten-uit/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>6</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Struwwelpeter</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/07/09/struwwelpeter/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/07/09/struwwelpeter/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 09 Jul 2007 02:04:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/07/09/struwwelpeter/</guid>
		<description><![CDATA[Zelfs aan de slechtste vertaling van Dostojevski kun je nog zien hoe goed het is, zei Hermans ooit tegen Cees Nooteboom toen die hem had medegedeeld dat Mary McCarthy niet door de vertaling van Nooit meer slapen heen kwam. Sindsdien noemde Hermans Mary McCarthy ‘een twaalfderangs Courts-Mahler,’ maar daar gaat het nu even niet om. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Zelfs aan de slechtste vertaling van Dostojevski kun je nog zien hoe goed het is, zei Hermans ooit tegen Cees Nooteboom toen die hem had medegedeeld dat Mary McCarthy niet door de vertaling van Nooit meer slapen heen kwam. Sindsdien noemde Hermans Mary McCarthy ‘een twaalfderangs Courts-Mahler,’ maar daar gaat het nu even niet om. Waar het om gaat is: wat voor Dostojevski geldt, geldt ook voor Piet de Smeerpoets. Dat wil zeggen Der Struwwelpeter uit 1845 van de Frankfurter huisarts en gekkendokter Heinrich Hoffmann, stad- en tijdgenoot van die andere grote leer-om-leermeester, Arthur Schopenhauer. <span id="more-31"></span><br />
Generaties kinderen zijn met Hoffmanns prentenboek opgevoed c.q. bang gemaakt (wat vroeger hetzelfde was). Het zijn heel grappige en soms heel wrede verhalen, met gruwelijk plastische plaatjes: een ‘kleedermaker’ die de duimen van een onverbeterlijke duimzuiger afknipt, Soep-Hein die blijft weigeren zijn soep te eten totdat hij zo mager wordt dat er niks van hem overblijft, waarna er op zijn graf een soepterrien wordt gezet. Ook de Nederlandse jeugd mocht griezelen bij de verhalen over ondeugende kindertjes met wie het slecht afliep. Er zijn minstens vier vertalingen in het Nederlands verschenen en er zijn rare dingen mee aan de hand. De ene verzint er van alles bij: het verhaal van een jongetje dat wipt op zijn stoel, omvalt en het hele tafellaken met maaltijd en al in zijn val meeneemt, eindigt er in het Duits mee dat de ouders boos zijn omdat ze niks meer te eten hebben. Maar de Nederlandse vertaler W.P. Razoux doet er nog een schepje bovenop en verzint er een hele strofe bij, waarin Philip den Schommelaar zijn been verbrandt aan de hete soep en vaderlief hem als volgt opbeurt: ‘Wees voortaan dus niet meer stout! Maar, opdat gij ’t wel onthoudt, Neem ik u nog, tot uw straf, al uw mooije speelgoed af!’ De andere vertaler laat juist weer van alles weg als te kwetsend voor de tere kinderziel: bij J. Riemers-Reurslag zijn de laatste regels van Soep-Hein gesneuveld en ook het plaatje met het graf met de soepterrien is weggeretoucheerd.  De derde, Lidi Luursema, kalefatert de oudere vertalingen hier en daar wat op. Zo wordt Philip den Schommelaar Flip de Stoelewip. De laatste ons bekende vertaling is uit 2000, van Jan Kuijper, en hij gaat terug ad fontes, naar de bron van de oorspronkelijke tekst. Hij verzint er niks bij, laat niks weg en de vader van Wip-Flip neemt niet als toppunt van onrechtvaardigheid al zijn mooije speelgoed meer af. Ook de ‘moriaan zo zwart als roet’ sneuvelt, want in het Duits stond er ‘ein kohlpechrabeschwarzer Mohr’: ‘een koolpikravenzwarte neger’ maakt Kuijper ervan, wars van alle negentiende-eeuwse moderniseringen. Aldus hebben we vier verschillende Vertaliaanse strategieën gehad, maar het raarste is nog wel dat de titel al die jaren hetzelfde is gebleven, Piet de Smeerpoets. Terwijl Peter in het Duits helemaal niet zo’n smeerpoets was. Het is meer een gymnosofist die uit pure wereldverzaking zijn nagels en zijn haren niet meer knipt. Piet de Ragebol is het meer of Rasta Pietje. Of weet iemand een betere vertaling voor de volgende ronde van de Struwwelpeter in de Vertaliaanse carroussel?</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/07/09/struwwelpeter/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>6</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Kutjefuckneuk nogantoe!</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/29/kutjefuckneuk-nogantoe/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/29/kutjefuckneuk-nogantoe/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 29 Jun 2007 08:38:07 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/06/29/kutjefuckneuk-nogantoe/</guid>
		<description><![CDATA[Vergissen wij ons of wordt het scheldrepertoire in Nederland onder invloed van het Engels steeds eenvormiger en kaler? Het is een en al fuck en shit wat de klok slaat, in eindeloze nonvariatie van nog meer van hetzelfde. Inderdaad zijn de Engelsen wat schuttingtaal betreft heel wat slechter bedeeld dan wij. In Trainspotting van Irvine [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Vergissen wij ons of wordt het scheldrepertoire in Nederland onder invloed van het Engels steeds eenvormiger en kaler? Het is een en al fuck en shit wat de klok slaat, in eindeloze nonvariatie van nog meer van hetzelfde. <span id="more-30"></span>Inderdaad zijn de Engelsen wat schuttingtaal betreft heel wat slechter bedeeld dan wij. In Trainspotting van Irvine Welsh komt er tien keer fucking voor in evenzoveel Schots-Engelse zinnen, en in Superchick van Stephen Martin blijken Ierse jongeren ook al geen erg uitgebreide scheldwoordenschat te hebben. Om over Amerikaanse films maar te zwijgen. In Casino van Martin Scorsese wordt zo vaak fuck gezegd, dat het net zo goed smurf had kunnen zijn, met Joe Pesci in de rol van opgefokte Boze Smurf. „Als jij met mij smurft, dan smurf ik met jou, smurfsmoel! Ga je smurfmoeder smurfen, smurfend stuk smurfsmurf. Opgesmurft! En als ik je nog één keer smurf, dan laat ik je je smurf smurfen dat je smurf er smurf van smurft!&#8221; Dat kan niet zonder gevolgen blijven voor de schuttingen van Vertalië. Want hoe vertaal je ‘fuck&#8217;? Je kan het als calque overnemen, dat wil zeggen fuck als fuck vertalen, waarmee je heel dicht in de buurt van het origineel blijft en waarschijnlijk ook dicht in de buurt komt van hoe het spraakgebruik zich in Nederland gaat ontwikkelen. Daarmee geef je toe dat fuck inmiddels een ingeburgerd woord is, dat de boodschap net zo goed overbrengt als authentieke Nederlandse zuurmuilerijen als tyfus, kanker, kut, klere, klote, tering, godverdomme en dergelijke beproefde krachttermen meer. Takke en klere danken we aan het Frans, via attaque en colère. Het zou interessant zijn om te weten wat er op den duur met fuck en fucking zal gebeuren, want het is nu al aan het degenereren tot fok en fokking. Vooralsnog echter is fuck, net als shit, in het Nederlands nog steeds, hoe vreemd het ook mag klinken, een eufemisme met „een lagere taboewaarde&#8221;, zoals vloekspecialist P.G.J. van Sterkenburg het formuleerde. En daarom wordt het ook zo vaak gebruikt: niet om stoer te zijn, maar juist om netjes te zijn, uit een soort misplaatst en vaag gevoeld fatsoen. Dodelijk voor een vertaling. Je zegt wel iets ergs, maar verbergt dat achter een vreemd woord. We kunnen fuck best beschouwen als Nederlands woord, maar dan moet het zijn eigen, bescheiden plaats innemen in het scala aan andere vuilbekkerijen. Fuck is best met fuck te vertalen, maar niet aanhoudend. Zoek de hele breedte van de Vertaliaanse schutting, zouden wij willen aanraden, en schuw de ziektes niet, want er worden in geen andere taal zo vaak ziektes toegewenst als in het Nederlands. Het is helemaal niet erg als je bargoens en straattaal gebruikt die niet meer tot de hedendaagse parate woordenschat behoren. Je mag immers best wat van een boek opsteken en de inherente kracht van de krachtterm geeft de vertaler vanzelf al een behoorlijke speelruimte. Geef ons woorden waarvan je met je oren staat te klapperen en die je onmiddellijk op straat zou willen toepassen of naar je hoofd geslingerd zou willen krijgen: potkruiper, spleetsnapper, baarlijke raaskeel, broodjager, rijstwafelrukker, fuck toch een end op, kutjefuckneuk nogantoe!</p>
<p>Robbert-Jan henkes &amp; Erik bindervoet</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/29/kutjefuckneuk-nogantoe/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>15</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Een hoestbal van lachen</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/22/een-hoestbal-van-lachen/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/22/een-hoestbal-van-lachen/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 22 Jun 2007 14:25:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/06/22/een-hoestbal-van-lachen/</guid>
		<description><![CDATA[We waren in Dublin voor een experimentele linguïstische transformatie in een contemporaine setting. Ter gelegenheid van Bloomsday 2007 lazen we voor uit Ulysses, in gezelschap van een polyglot corps diplomatique aan ambassadeurs, een frêle zangeresje (de Ierse inzending voor het Eurovisiesongfestival), vele professionele impersonaties van Leopold Bloom, allemaal op overdonderende wijze ingeleid door senator en [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>We waren in Dublin voor een experimentele linguïstische transformatie in een contemporaine setting. Ter gelegenheid van Bloomsday 2007 lazen we voor uit <em>Ulysses</em>, in gezelschap van een polyglot corps diplomatique aan ambassadeurs, een frêle zangeresje (de Ierse inzending voor het Eurovisiesongfestival), vele professionele impersonaties van Leopold Bloom, allemaal op overdonderende wijze ingeleid door senator en Joyce-kenner, de ‘Gay Liberator&#8217; David Norris. <span id="more-29"></span>In Nederland zijn we gezegend met twee vertalingen van het meesterwerk van Joyce, terwijl de Engelssprekende volkeren zich voor altijd met dat ene origineel zullen moeten blijven behelpen. We hadden met ze te doen. Toen we dit bij wijze van inleiding opmerkten, steeg er een instemmend gemompel en begrijpend gelach op uit het massaal in de North Great George&#8217;s Street samengedromde publiek. En terwijl het Engels-Ierse origineel ons van alle kanten en in vele accenten van over de hele wereld om de oren vloog, doorspekt en doorregen met de Japanse, Chinese, Spaanse en Letse varianten, wisselden wij de twee Nederlandse vertalingen met elkaar af om erachter te komen hoe het zou klinken op authentiek Ierse bodem, in het decor van het boek zelf, uit authentiek Nederlandse monden. Nou, het kan aan ons hebben gelegen, maar het klonk vrij beroerd. Of liever gezegd, het leek niet, zoals portretten van Joyce ook vaak net de plank misslaan. Er staan een paar beelden van Joyce in Dublin: het ene beeld wordt liefkozend ‘the prick with the stick&#8217; genoemd, en het andere is een kopstudie van een gepijnigd kijkend mannetje dat zichzelf lijkt te wurgen met een ontvelde hand.<br />
Eerst denk je: ‘Hé, dat is Joyce&#8217;, maar als je dichterbij komt, denk je: Nee, toch niet. Maar dan kijk je op de verklarende inscriptie en dan is het hem toch!<br />
 Het strompelende Engels van de Noorse ambassadeur kwam dichter in de buurt van het zinnelijke proza van Joyce dan ons houtenklazennederlands, leek het wel. Maar was het ook zo? Misschien heeft elke vertaling dat wel, dat je schrikt omdat het niet lijkt, dat het een beetje onderdonderend is naast het geliefde en bekende origineel, dat ook nog zo vol verve en Guinness wordt voorgedragen. ‘A coughball of laughter leaped from his throat dragging after it a rattling chain of phlegm&#8217; moesten wij voorlezen als: ‘Een verstikkende hoestlach ontsprong aan zijn keel, een rochelende sliert van fluimen los werkend&#8217; c.q. ‘Uit zijn keel sprong een prop hoestgelach die een rochelende fluimsliert meesleepte&#8217;. Als we het in Amsterdam of in Groningen hadden voorgelezen, was er misschien niks aan de hand geweest. Misschien moet je, om van een boek in vertaling te kunnen genieten, het origineel niet kennen of helemaal zijn vergeten.<br />
 Een vertaling creëert zijn eigen publiek en gelukkig stelt de Nederlandse literatuur zo weinig voor, mondiaal en kwalitatief gezien, dat we nog jaren voortkunnen met vertalingen om van nieuwe originelen te genieten. Vertalianen, hier ligt een schone taak! Misschien wordt <em>Ulysses</em> nog wel voor een derde keer vertaald, en een vierde. Als je het maar uit je hoofd laat om het in Dublin voor te lezen.<br />
Robert-Jan Henkes &amp; Erik Bindervoet</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/22/een-hoestbal-van-lachen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De Sapir-Whorfhypothese</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/18/de-sapir-whorfhypothese/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/18/de-sapir-whorfhypothese/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 18 Jun 2007 17:38:57 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/06/18/de-sapir-whorfhypothese/</guid>
		<description><![CDATA[Waarom is vertalen nou zo moeilijk? Misschien komt het wel omdat je altijd vertaalt uit een andere taal. En dat is niet zomaar een kwestie van woorden in het woordenboek opzoeken en die in de plaats zetten van wat er stond. Talen verschillen namelijk ook van structuur. Elke taal is een heel andere manier van [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Waarom is vertalen nou zo moeilijk? Misschien komt het wel omdat je altijd vertaalt uit een andere taal. En dat is niet zomaar een kwestie van woorden in het woordenboek opzoeken en die in de plaats zetten van wat er stond. Talen verschillen namelijk ook van structuur. Elke taal is een heel andere manier van kijken, een heel andere <em>Weltanschauung as such</em>.<span id="more-28"></span> Duitsers blijken bijvoorbeeld heel anders naar de wereld te kijken dan Engelsen, heeft taalkundige Marianne Starren onlangs ontdekt. Als je Duitsers een filmpje van een rijdende trein laat zien, dan kijken ze meteen waar het station is. En als je ze vraagt om te beschrijven wat ze gezien hebben, verzinnen ze er een station bij: de trein rijdt naar het station. Terwijl de Engelsen rustig naar de trein blijven kijken en desgevraagd kunnen zeggen dat de trein aan het rijden is. Met hun -ingvorm, de zogeheten ‘progressive’, hebben zij een makkelijke manier om aan te geven dat iets nu gebeurt, terwijl dat in het Duits veel moeilijker makkelijk gaat en veel lastiger grammaticaal is rond te breien. In elke taal worden dus dingen gezegd die worden veroorzaakt door de specifieke structuur van de taal en niet door wat er gezegd wil worden. Dit ondersteunt de ideeën van de Amerikanen Sapir en Whorf die in 1956 tot de zogenaamde Sapir-Whorfhypothese kwamen: ‘Waarneming en voorstelling van de werkelijkheid hangen sterk af van de taal die iemand tot zijn beschikking heeft’, waardoor, om maar een voorbeeld te noemen, het tijdsbesef van de Maleissprekenden veel vlakker of platter is dan dat van ons omdat het Maleis geen verschil maakt tussen verleden tijd en tegenwoordige tijd. De vorige week overleden Richard Rorty zag ook de vreugde en de gevaren van de scheppende kracht van de taal. Volgens hem was taal geen afspiegeling van de werkelijkheid, zoals vaak gedacht wordt, ook door schrijvers en vertalers, maar iets dat zelf tot die realiteit behoort. Onlangs is ook nog aan het licht gekomen, dankzij onderzoek van musicologe Makiko Sadakata, dat elke taal zijn eigen onvervreemdbare ritme en ritmische variatie heeft, waardoor bijvoorbeeld Engels gezongen liedjes in Japan toch altijd Japans zullen blijven klinken. Ga dus maar aanstaan, als vertaler. Je moet een hele wereld omzetten. Je moet de huid van een tekst stropen en die op de botten van het Nederlands draperen als ware het een goed zittend, op maat gesneden gewaad. Op elk moment moet je je niet alleen afvragen: zeg je het wel zo in het Nederlands, maar ook: kijk je wel zo in het Nederlands en klinkt het wel zo in het Nederlands? Is dat station iets typisch Duits dat we in een vertaling beter kunnen weglaten, omdat wij ook een progressive hebben in de vorm van ‘is aan het wegrijden’? Of doen we dan geweld aan ‘wat er staat’, aan de letter en de geest van de brontekst? En als het woord een ding is en als zodanig de realiteit mede bepaalt, wat dan? Hoe moet je dan te werk gaan als vertaler? Kunnen we sowieso wel iets vertalen alsof het oorspronkelijk in het Nederlands geschreven is? En zo ja, is dat eigenlijk wel wenselijk? Of zou je dan juist spreken van een bewerking, een omzetting naar Nederlandse toestanden en manieren van kijken? Of moet je het hele taaleigen, de hele structuur, het hele ritme van de brontekst juist intact te laten, zodat je in de vertaling echt op vakantie kan naar een ander land? Als we niet oppassen, krijgen we hier een <em>translator’s block</em> van hier tot Tokio van.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/18/de-sapir-whorfhypothese/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Molly screws</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/11/molly-screws/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/11/molly-screws/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 11 Jun 2007 11:18:31 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/06/11/molly-screws/</guid>
		<description><![CDATA[- Vergeet ook de technische kant van het vertalen niet.
- Je bedoelt dat je er wat voor geleerd moet hebben, dat je het een en ander moet weten? Het liefst zowel het een als het ander? En dat het niet alleen een kunst is, maar ook een kunde, niet louter roeping maar ook ambacht? 
- [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>- Vergeet ook de technische kant van het vertalen niet.</p>
<p>- Je bedoelt dat je er wat voor geleerd moet hebben, dat je het een en ander moet weten? Het liefst zowel het een als het ander? En dat het niet alleen een kunst is, maar ook een kunde, niet lo<a href="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/keus1molly.jpeg" />uter roeping maar ook ambacht? <span id="more-27"></span></p>
<p>- Nee, ik bedoel de technische vakterminologie. Al die nippeltjes en frutseltjes en dingetjes en onderdeeltjes die allemaal een eigen naam hebben. En o wee, als je je daarin vergist. Want vergissen doet pijn.<br />
- O, je bedoelt die handleidingen die door de computer worden vertaald en waar geen hout van klopt. Daar kan ik altijd smakelijk om lachen. Zelfs als ze wel klopten, begreep je er nog geen moer van! Ik heb altijd assistentie nodig bij de constructie!<br />
- Nee, dat bedoel ik ook niet. Ik bedoel de specifieke vaktermen die je wel eens tegenkomt, al vertalend, en die je met de beste wil van de wereld en Google nergens kan vinden. Meestal vind je wel een foto of een plaatje van het ding of het beest, maar hoe het in het Nederlands heet, ho maar. In een verhaal van de toch al niet woordkarige of onbloemrijke Woody Allen gaat het over een gruwelijke verbouwing waarbij de hoofdpersoon diverse poten worden uitgedraaid door een louche aannemer, ene Brillo Arbogast, die hem allerlei cheques laat tekenen voor de aanschaf van bouwmaterialen. En dan zegt de ongelukkige, in wie wij een kalende New Yorkse neuroot herkennen, mekkerend en blatend: ‘Sixty thousand dollars for molly screws seems high.&#8217;<br />
- Wat zijn molly screws?<br />
- Precies! Dat bedoel ik! Wat zijn molly screws? Nergens in het hele wijde woordenboek te vinden en ook niet op internet als je uitsluitend zoekt naar ‘molly screws&#8217; op pagina&#8217;s in het Nederlands, wat ook nog wel eens wil helpen.<br />
- Maakt het dan wat uit? Dan maak je er toch gewoon wat van, vleugelmoeren of zo.<br />
- Dat is mijn eer te na. Denk aan de zee van boze ingezonden brieven die ongetwijfeld op de mat van de uitgever zullen vallen. Erger nog, misschien schuilen er hele betekenislagen achter dat begrip, en is het een verwijzing naar de Molly Bloom uit Ulysses die wordt gescrewd. Weet jij veel.<br />
- Des te meer reden om er dan iets leuks van te maken. De mollybout bijvoorbeeld.<br />
- En dan zeker op mijn geweten hebben dat niet alleen dat muurtje waar die screws in moeten instort, maar daarmee ook de hele vertaling.<br />
- De vertaler van Ian McEwan heeft een heel legioen aan specialisten op allerlei vakgebieden die hij kan raadplegen wanneer de nood aan de man is. Daar zitten zelfs hersenchirurgen bij! En jij? Of was je oplossing het aloude tapijt en heb je er gewoon en neutraal ‘schroeven&#8217;van gemaakt en elders naar compensatie gezocht voor een eventuele verwijzing naar Ulysses?<br />
- Dat had je gedroomd! Ik ben naar Meijer D.H.Z. IJzerwaren op de Rozengracht gegaan met een plaatje van het dingetje.<br />
- En? En?<br />
- De jonge Meijer zelf pakte een doosje uit de kast en haalde er precies zo&#8217;n dingetje uit tevoorschijn als wat ik hem liet zien op het plaatje.<br />
- Ga weg! Wat was het?<br />
- O, zei die, dat zijn gewoon hollewandankers. Holle-wand-ankers.<br />
- O, zeg dat dan meteen. En wat kun je ermee?<br />
- Weet ik veel. Maar het is nu tenminste wel goed vertaald.<br />
Robbert-Jan Henkes &amp; Erik Bindervoet</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/11/molly-screws/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>9</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>To be or not to be</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/04/to-be-or-not-to-be/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/04/to-be-or-not-to-be/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 04 Jun 2007 11:16:48 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/06/04/to-be-or-not-to-be/</guid>
		<description><![CDATA[Toneel: de bibliotheek van het Deense kasteel Elseneur in een Efteling-achtig pretpark in Vertalië, met trompe-l&#8217;oeil pilaren, geschilderde vensters en Lundia-boekenkasten met nepboeken en streekromans. Sombere akoestiek. Hamlet, Prins van Denemarken, lezend in het boek van zichzelf, getiteld Schenden en volgen, Theaterhervertaling als een strategie van artistieke onderscheiding, met speciale aandacht voor hervertalingen van Shakespeares [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Toneel: de bibliotheek van het Deense kasteel Elseneur in een Efteling-achtig pretpark in Vertalië, met trompe-l&#8217;oeil pilaren, geschilderde vensters en Lundia-boekenkasten met nepboeken en streekromans. Sombere akoestiek. Hamlet, Prins van Denemarken, lezend in het boek van zichzelf, getiteld <em>Schenden en volgen, Theaterhervertaling als een strategie van artistieke onderscheiding, met speciale aandacht voor hervertalingen van Shakespeares Hamlet (1777-2001)</em> door Jan Willem Mathijsen.<span id="more-26"></span><br />
Hamlet 1 (gespeeld door de eerste met naam vermelde Hamlet-vertaler, mevrouw M.G. de Cambon-Van der Wercken uit het vertaaljaar 1779, met kopstem op 78 toeren): Te zijn, of niet te zijn, dat is &#8216;t &#8230;<br />
Hamlet 2 (op van links, letterlijk gespeeld door P.P. Roorda van Eijsinga, 1836): Te zijn, of niet te zijn, dat is de vraag &#8230;<br />
Hamlet 3 (breekt door het geschilderde venster, gespeeld door A.S. Kok, 1860): Te zijn of niet te zijn, ziedaar de vraag!<br />
Hamlet 4 (komt op door het valluik, archaïserend gespeeld door L.A.J. Burgersdijk, 1882): Helemaal mee eens! Te zijn of niet te zijn, ziedaar de vraag &#8230;<br />
Hamlet 5 (komt op het toneel geklommen vanuit de zaal, gespeeld door Jacob van Looy, 1904): Hou toch op! Zijn of niet zijn, daar komt het hier op neêr!<br />
Hamlet 6 (daalt neer als <em>deus ex machina </em>in lotuszit, gespeeld door Nico van Suchtelen, 1947): Bestaan of niet bestaan, dat is de vraag.<br />
Hamlet 7 (komt vanuit de coulissen, moderniserend gespeeld door Bert Voeten met een Eisenhowermasker op, 1958): Sterker nog. Bestaan of niet bestaan, dáár gaat het om!<br />
Hamlet 8 (op een plaatje uit een <em>Illustrated Classic</em> die met kracht door iemand uit het publiek op het toneel geworpen wordt, 1974): Laten we er toch geen doekjes om winden: Leven of sterven, dat is de vraag!<br />
Hamlet 9 (op in tutu, zichtbaar vertaald en poëtisch gespeeld door Gerrit Komrij, 1986): Wat drommel! Wie heeft het over leven of sterven? Er zijn &#8211; of er niet zijn, is het probleem!<br />
Hamlet 10 (met glycerinetranen in de ogen, gespeeld door Johan Boonen, 1991): Ik weet het niet hoor. Ik denk toch: De vraag is: wil ik dood of wil ik leven.<br />
Hamlet 11 (spuit elf, gedeeltelijk maar smakelijk gespeeld door Frank Albers, 1998): Dat waag ik te betwijfelen, watje. De kwestie is natuurlijk: zijn of niet zijn.<br />
Hamlet 12 (als menselijke kanonskogel op het toneel geschoten, bewerkend gespeeld door Jan Decorte, 2000): Is dadan zo natuurlijk, menneke? Tis óf tis nie, daddist.<br />
Hamlet 13 (vanuit het achterdeel van een circuspaardenpak, dienstbaar gespeeld door Jan Jonk, 2005): Klinkt logisch, maar is onzin. Zijn of niet zijn, dat is eigenlijk de kwestie.<br />
Hamlet 14 (een opwaarts compatibel vertaalduo, apetrots lezend uit hun kladversie uit 1999): Hoezo ‘eigenlijk&#8217;? Zijn of niet zijn, dat is het dilemma!<br />
Hamlet Zelf (meer dan levensgroot, met een trechter op zijn hoofd, gespeeld door hemzelf, van alle tijden): Ach ach ach. En dat allemaal om te zeggen: Zijn of niet zijn, dat is de vraag. Wat is daar nou zo moeilijk aan? Wat een schandalige verspilling van lucht, van woorden, van lettergrepen, van&#8230; eczeem! (Hamlet huppelend af.)<br />
Ofelia (op, gespeeld door Sara de Bosschere in Wiske-kostuum, met strikje op het eierhoofd): O welk een nobele geest gaat hier teloor! &#8230;<br />
Doek.<br />
Erik Bindervoet &amp; Robbert-Jan Henkes</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/06/04/to-be-or-not-to-be/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Klunk</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/25/klunk/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/25/klunk/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 25 May 2007 09:13:09 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zonder categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/05/25/klunk/</guid>
		<description><![CDATA[K. Schippers zei dat als je goed keek, alles gekleurd was. Maar als je goed luistert, hoor je ook dat alles geluid geeft. Alles spreekt zijn eigen taal, om met Leopold Bloom te spreken als hij in Ulysses hoort hoe het krantenpapier door de drukpers gaat (sllt). Als mensen geluid maken en dat geluid komt [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/"><img src="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/" align="left" /></a><img height="10" src="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/" width="10" align="left" />K. Schippers zei dat als je goed keek, alles gekleurd was. Maar als je goed luistert, hoor je ook dat alles geluid geeft. Alles spreekt zijn eigen taal, om met Leopold Bloom te spreken als hij in Ulysses hoort hoe het krantenpapier door de drukpers gaat (sllt). Als mensen geluid maken en dat geluid komt uit hun mond en ze proberen er intelligent bij te kijken, dan is er sprake van een taal en spreken we van spreken.</p>
<p><span id="more-25"></span>Maar mensen kunnen ook andere geluiden maken die niet tot de taal behoren, en erger misschien, niet in het woordenboek te vinden zijn. De onsmakelijkste geluiden zijn het bekendst (burp! prutprut! pwèèp! smaksmak! splettâh! prwoâârt!) Maar mensen kunnen zich ook op hun hoofd of achter de oren krabben, zeker een betekenisvol geluid, maar hoe schrijf je het op? Hoe vertaal je het naar de wereld van de woorden en de letters? In de literatuur zoek je daar vergeefs naar, maar striptekenaars hebben van de nood een deugd gemaakt en een heel scala aan verletterde geluiden ontwikkeld. Soms zijn ze vrij simpel, krabkrab voor het krabben, plons voor een onvrijwillig bad en pufpuf voor het gepuf en gehijg van joggers op het strand. Als een telefoon overgaat, is het doorgaans met een trriing triing, al moet je voor dat ouderwetse geluid tegenwoordig een speciale ringtone downloaden. Deze stripconventie is allerminst internationaal. In 1995 bracht de Poolse kunstenares Agata Zwierzyñska haar <em>Ten Language Sound Dictionary</em> uit, een cultboek dat inmiddels is uitgegroeid tot het standaardwerk op het gebied van de onomatopeegrafie. Daar vinden we bijvoorbeeld dat plons in het Duits plop is, in het Engels plonch, in het Russisch pljoech, in het Sanskriet tap, in het Iraans sjelep en in het Pools plum. Ieder eendje plonst dus zoals het gebekt is, in iedere taal klinkt het kennelijk weer anders. Een Franse coq zegt cocorico, een Nederlandse haan kukeleku, een Spaanse gallo kikirikiii, terwijl de Engelse cock het heel bekakt houdt op cock-a-doodle-doo. Wie zou ooit kunnen bedenken dat Duitsers niet snurken met een behaaglijk zzzzzz, met daarbij eventueel een verhelderend plaatje van een blok hout dat wordt doorgezaagd, maar met een onwaarschijnlijk en niet te tekenen püüüscht püüüü püüü? Helaas is Zwierzyñska&#8217;s woordenboek met 64 bladzijden lang niet volledig. Hoe klinkt bijvoorbeeld een kat die tegen een lantaarnpaal aan loopt? Dankzij stripkat Heinz weten we dat het klunk is. En dankzij Heinz weten we ook hoe een met roet gevulde blaasbalg klinkt die, door een brievenbus gestoken, wordt leeggeblazen in het gelaat van Oom Wim: doef! Dankzij Asterix weten we dat een aanstormende meute Galliërs moet hebben geklonken als: braoeoeem. En dankzij Robbedoes weten we dat een opstijgend schip klinkt als: ffsjjjiiii.<br />
Toch blijven er vragen: hoe klinkt dat in het Italiaans, Chinees of Spaans? Hoe klinkt een Nederlandse drukpers als de Engelse sllt zegt? En hoe klinkt bijvoorbeeld, in alle talen, een koude stethoscoop die op de borst van een patiënt wordt gezet? Hoe klinkt het zomerse ruisen van een knotwilg? Hoe klinkt het scheuren van papier? Het ratelende toetsenbord van een oude laptop? Hoe klinkt het water dat je in de mond loopt? Hoe klinkt zwijgen? We zijn echt hard toe aan een nieuwe en uitgebreide editie van Zwierzyñska&#8217;s geluidenwoordenboek.<br />
Erik Bindervoet &amp; Robbert-Jan Henkes</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/25/klunk/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Verhongerd Vlees</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/18/verhongerd-vlees/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/18/verhongerd-vlees/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 18 May 2007 13:18:55 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
		
		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/05/18/verhongerd-vlees/</guid>
		<description><![CDATA[Op een koude en winderige Bahnhofstraße in Zürich kwam de schilder Frank Budgen zijn vriend James Joyce tegen en hij vroeg hem:
- Goed gewerkt, Joyce?
- Heel goed, Budgen. De hele dag me uit de naad gewerkt.

Joyce was aan Ulysses bezig.
- Veel geschreven?
- Twee zinnen, Budgen.
- Twee hele zinnen? Je bedoelt één en toen nog één? [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/joycebudgen.jpg" rel="lightbox"><img alt="joycebudgen.jpg" hspace="10" src="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/.thumbs/.joycebudgen.jpg" align="left" vspace="10" /></a>Op een koude en winderige Bahnhofstraße in Zürich kwam de schilder Frank Budgen zijn vriend James Joyce tegen en hij vroeg hem:<br />
- Goed gewerkt, Joyce?<br />
- Heel goed, Budgen. De hele dag me uit de naad gewerkt.</p>
<p><span id="more-24"></span><br />
Joyce was aan <em>Ulysses</em> bezig.<br />
- Veel geschreven?<br />
- Twee zinnen, Budgen.<br />
- Twee hele zinnen? Je bedoelt één en toen nog één? Op zoek naar <em>le mot juste</em> zeker?<br />
- Welnee, de woorden had ik al. Het ging om de juiste volgorde.<br />
- En heb je die gevonden?<br />
- En of. Mijn Leopold Bloom krijgt het te kwaad als hij in zijn onderbuik wordt overmand door geuren en honger op het moment dat hij in de etalage van een luxe lingerieshop kijkt en dan komt het: ‘Perfume of embraces all him assailed. With hungered flesh obscurely, he mutely craved to adore.&#8217;<br />
- Dat moeten we vieren. Ganeme naar de Pfauen, er eentje op drinken! Naar de Pfauen ganeme, drinkeme er eentje op!<br />
Het toeval wil dat wij in Nederland gezegend zijn met twee vertalingen van <em>Ulysses</em>, twee Ulyssessen als het ware, een oude en een nieuwe, een vroege en een nog vroegere. De ene is gemaakt door de Hollander John Vandenbergh in 1969. Hij vertaalde de twee vreemdvolgordige zinnen zo: ‘Geur van omhelzingen bestormde hem geheel. Met hongerig vlees verborgen, hunkerde hij stom ernaar te kunnen aanbidden.&#8217; De andere vertaling, uit 1994, is van Paul Claes en Mon Nys en die deden het zo: ‘Geur van omhelzingen overweldigde hem geheel. Vaag hunkerde zijn hongerig vlees woordenloos naar een voorwerp van verering.&#8217; Het ging Joyce, zoals uit de anekdote blijkt, met name om de volgorde van die woorden, waar hij een hele dag aan had zitten ploeteren en ploegen, worstelen en zwoegen, zagen en puzzelen. Hij wilde dat de zin deed wat hij zei om hem te kunnen laten zeggen wat hij deed: het gevoel in de onderbuik geven dat je hebt als je iets te hard over een verkeersdrempel rijdt. De ongrammaticaliteit wordt fysiek gemaakt, en dat in woorden uitgedrukt.<br />
Helaas is juist dat niet meer af te zien aan beide vertalingen, want die doen alsof het volslagen normaal Engels is. Misschien een beetje geëxalteerd taalgebruik van Joyce, maar <em>soit</em>, dat krijgen we met de Nederlandse strijkbout er wel uit. Waarmee we dus de hobbel in de onder- en bovenbuik zijn kwijtgeraakt. Terwijl er hier juist geklutst moet worden in de woordvolgorde. En zeker als de schrijver er zelf de nadruk op heeft gelegd dat hij zo&#8217;n bijzondere woordvolgorde heeft gevonden, een bijzondere volgorde die nota bene de enige juiste is, volgens hem, een geheel verfomfaaide volgorde.<br />
Als Joyce toen al het finneganswakes op z&#8217;n palet gehad had, had hij kunnen schrijven: ‘Omhelzinggeur omlaagde hem in finsternis, in stille honkering.&#8217; En dat tot in het oneindige verbasterd en uitgebreid. Maar in een tekst- en sfeergetrouwe vertaling van <em>Ulysses</em> had er kunnen moeten willen staan, iets als: ‘Geur van omhelzingen geheel hem belaagde. Met verhongerd vlees in duisternis, hunkerde hij in stilte te aanbidden.&#8217; Behoorlijk extreem maar wel goedgeklutst. En Joyce zei al over het schrijven: een redelijk mens bereikt niets. Dat geldt ook voor vertalen.<br />
Robbert-Jan Henkes &amp; Erik Bindervoet<br />
N.B. De tekening bij de aflevering van vorige week was niet van Erik Bindervoet, maar van Aart Clerkx.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/18/verhongerd-vlees/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>6</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Extra-edietsiiiie!</title>
		<link>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/11/extra-edietsiiiie/</link>
		<comments>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/11/extra-edietsiiiie/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 11 May 2007 10:09:19 +0000</pubDate>
		<dc:creator>redactie cs</dc:creator>
		
		<guid isPermaLink="false">http://weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie/2007/05/11/extra-edietsiiiie/</guid>
		<description><![CDATA[Extraausgabee &#8211; ! Neue Freie Presse! Die Pluttat von Serajevo! Da Täta ein Serbee!  Die letzten Tage der Menschheit is een toneelstuk van 229 scènes en een epiloog dat Karl Kraus voor een theater op de planeet Mars had toegedacht. Het was hier op aarde met ons armzalige tijdsbesef onmogelijk op te voeren. Tien avonden [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/extraeditie.jpg" rel="lightbox"><img alt="extraeditie.jpg" hspace="10" src="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/.thumbs/.extraeditie.jpg" align="left" vspace="10" /></a>Extraausgabee &#8211; ! Neue Freie Presse! Die Pluttat von Serajevo! Da Täta ein Serbee!  <em>Die letzten Tage der Menschheit </em>is een toneelstuk van 229 scènes en een epiloog dat Karl Kraus voor een theater op de planeet Mars had toegedacht. Het was hier op aarde met ons armzalige tijdsbesef onmogelijk op te voeren. Tien avonden moest je ervoor uittrekken, had hij uitgerekend. Toch is dat nog maar een van de minste van de problemen die dit grote anti-oorlogsdrama aankleven. <span id="more-23"></span><img height="10" alt="extraeditie.jpg" src="http://weblogs.nrc.nl/vertalie/files/extraeditie.jpg" width="10" align="left" />Er wordt weliswaar geen Martiaans in gesproken, maar wel alle mogelijke Duitse en Oostenrijkse dialecten uit het multiculturele veelvolkerenrijk Oostenrijk-Hongarije. Het speelt zich grotendeels af in Wenen in de jaren 1914-1918, en het karakteristieke taaleigen is in alle fonetische finesses en onorthodoxe orthografie weergegeven. Want Kraus behoorde tot het ras van schrijvers die de taal uiterst serieus namen en ‘schreven met hun oren&#8217; zoals Anthony Burgess grote schrijvers karakteriseerde. Niet alleen het Weens van de straat klinkt erin op, ook het Jiddische Weens, de taal van Galicische vluchtelingen en ook het gesproken Berlijns zoals we dat kennen uit <em>Berlin Alexanderplatz </em>(‘Na jut, Franz!&#8217;). Zelfs een journalist uit Hannover laat Kraus in z&#8217;n eigen dialect aan het woord. De vraag is: wat moet je daarmee aan als vertaler? Immers: in de echte wereld worden vele dialecten gesproken en geschreven, maar in Vertalië komen ze er vaak nogal bekaaid af. Een dialect in Vertalië is een dood paard waar de vertaler het liefst zo snel mogelijk overheen springt. Je kunt er als vertaler grofweg drie dingen mee doen. a) Niks. Dit komt de leesbaarheid zeer ten goede. In de Franse vertaling van het stuk staat: ‘Édition spéciale -! La Neue Freie Presse! Attentat sangant à Sarajevo! Le meurtrier, un Serbe!&#8217; Wat zelfs al voor mensen met zes jaar middelbareschoolfrans bijna te begrijpen is. Maar in vergelijking met het origineel verlies je iets, vooral aan sfeer, wat niet gecompenseerd wordt. Mogelijkheid b) Je vertaalt het met een bestaand Nederlands dialect, of een ander soort Nederlands. Het nadeel is dat het al snel te geografisch determinant wordt en je gaat denken dat het verhaal zich op de Veluwe of in de Antwerpse Seefhoek afspeelt. Een recente vertaling van <em>Huckleberry Finn </em>heeft bijvoorbeeld het Mississippiaans van Nigger Jim omgezet in een soort Zuid-Afrikaans: ‘Nou dan! Verduveld nog an toe, waarom praat ie dan nie as een mens nie?&#8217; Wat beduidend gedistingeerder klinkt dan het origineel: ‘<em>Well</em>, den! Dad blame him, why doan he <em>talk </em>like a man?&#8217; En passant krijgt het volwassen Zuid-Afrikaans het stigma van een brabbeltaaltje, wat toch ook niet de bedoeling kan zijn. Zoals vertaler Jan Mysjkin het ooit zei: ‘Je moet slechts de suggestie van een dialect wekken.&#8217; En dat brengt ons bij optie c) Een kunstdialect scheppen. In dit geval moeten we zoeken naar een Weens soort Nederlands, een Berlijns soort Nederlands. Het Nederlands dat een Wener of een Berlijner hier zou spreken. Met andere woorden: een dialect vertalen alsof het een accent was. De vreemde schrijfwijze komt dan de instant leesbaarheid misschien niet ten goede, maar de sfeer wel. En daarmee benader je het oorspronkelijke werk toch wel het dichtst.</p>
<p>Robbert-Jan Henkes &amp; Erik Bindervoet</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://weblogs.nrc.nl/vertalie/2007/05/11/extra-edietsiiiie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
