To be or not to be
Toneel: de bibliotheek van het Deense kasteel Elseneur in een Efteling-achtig pretpark in Vertalië, met trompe-l’oeil pilaren, geschilderde vensters en Lundia-boekenkasten met nepboeken en streekromans. Sombere akoestiek. Hamlet, Prins van Denemarken, lezend in het boek van zichzelf, getiteld Schenden en volgen, Theaterhervertaling als een strategie van artistieke onderscheiding, met speciale aandacht voor hervertalingen van Shakespeares Hamlet (1777-2001) door Jan Willem Mathijsen.
Hamlet 1 (gespeeld door de eerste met naam vermelde Hamlet-vertaler, mevrouw M.G. de Cambon-Van der Wercken uit het vertaaljaar 1779, met kopstem op 78 toeren): Te zijn, of niet te zijn, dat is ‘t …
Hamlet 2 (op van links, letterlijk gespeeld door P.P. Roorda van Eijsinga, 1836): Te zijn, of niet te zijn, dat is de vraag …
Hamlet 3 (breekt door het geschilderde venster, gespeeld door A.S. Kok, 1860): Te zijn of niet te zijn, ziedaar de vraag!
Hamlet 4 (komt op door het valluik, archaïserend gespeeld door L.A.J. Burgersdijk, 1882): Helemaal mee eens! Te zijn of niet te zijn, ziedaar de vraag …
Hamlet 5 (komt op het toneel geklommen vanuit de zaal, gespeeld door Jacob van Looy, 1904): Hou toch op! Zijn of niet zijn, daar komt het hier op neêr!
Hamlet 6 (daalt neer als deus ex machina in lotuszit, gespeeld door Nico van Suchtelen, 1947): Bestaan of niet bestaan, dat is de vraag.
Hamlet 7 (komt vanuit de coulissen, moderniserend gespeeld door Bert Voeten met een Eisenhowermasker op, 1958): Sterker nog. Bestaan of niet bestaan, dáár gaat het om!
Hamlet 8 (op een plaatje uit een Illustrated Classic die met kracht door iemand uit het publiek op het toneel geworpen wordt, 1974): Laten we er toch geen doekjes om winden: Leven of sterven, dat is de vraag!
Hamlet 9 (op in tutu, zichtbaar vertaald en poëtisch gespeeld door Gerrit Komrij, 1986): Wat drommel! Wie heeft het over leven of sterven? Er zijn – of er niet zijn, is het probleem!
Hamlet 10 (met glycerinetranen in de ogen, gespeeld door Johan Boonen, 1991): Ik weet het niet hoor. Ik denk toch: De vraag is: wil ik dood of wil ik leven.
Hamlet 11 (spuit elf, gedeeltelijk maar smakelijk gespeeld door Frank Albers, 1998): Dat waag ik te betwijfelen, watje. De kwestie is natuurlijk: zijn of niet zijn.
Hamlet 12 (als menselijke kanonskogel op het toneel geschoten, bewerkend gespeeld door Jan Decorte, 2000): Is dadan zo natuurlijk, menneke? Tis óf tis nie, daddist.
Hamlet 13 (vanuit het achterdeel van een circuspaardenpak, dienstbaar gespeeld door Jan Jonk, 2005): Klinkt logisch, maar is onzin. Zijn of niet zijn, dat is eigenlijk de kwestie.
Hamlet 14 (een opwaarts compatibel vertaalduo, apetrots lezend uit hun kladversie uit 1999): Hoezo ‘eigenlijk’? Zijn of niet zijn, dat is het dilemma!
Hamlet Zelf (meer dan levensgroot, met een trechter op zijn hoofd, gespeeld door hemzelf, van alle tijden): Ach ach ach. En dat allemaal om te zeggen: Zijn of niet zijn, dat is de vraag. Wat is daar nou zo moeilijk aan? Wat een schandalige verspilling van lucht, van woorden, van lettergrepen, van… eczeem! (Hamlet huppelend af.)
Ofelia (op, gespeeld door Sara de Bosschere in Wiske-kostuum, met strikje op het eierhoofd): O welk een nobele geest gaat hier teloor! …
Doek.
Erik Bindervoet & Robbert-Jan Henkes



dinsdag 5 juni 2007, 13:49 uur
Deze Hamletiade was naar aanleiding van het proefschrift van Jan Willem Mathijssen, dat hij uitgerekend deze vrijdag verdedigde in Utrecht ten overstaan van deze 14 Hamlets. Het boek is in het Engels en heet eigenlijk: The Breach and the Observance, Theatre retranslation as a strategy of artistic differentiation, with special reference to retranslations of Shakespeare’s Hamlet (1777-2001). Kijk, dat zijn pas titels! Compulsief lezen! Voor bestellers, het isbn-nummer is 978 90 393 4550 4.
maandag 11 juni 2007, 11:07 uur
is dit een voorproefje of een uitdaging?? Ik hoop een voorproefje…
woensdag 13 juni 2007, 6:30 uur
Mathijsen vergelijkt ook onze vertaling van Hamlet uit 2000 (uitgegeven bij De Harmonie in de reeks Klassiek Geïllustreerd), die er goed uitkomt want hij wordt subservient, upward compatible en full genoemd. En in een noot op bladzijde 116 vermoedt Mathijsen dat ‘onze’ Hamlet de eerste nieuwe Hamlet sinds die van Komrij voor een nieuwe generatie is, omdat waar andere vertalingen slechts gespeeld zijn door het opdrachtgevende gezelschap, onze vertaling al is uitgevoerd door drie verschillende groepen, ‘t Barre Land, De Nomade en De Geest (de laatste als cd). Die konden we in onze zak steken! Overigens is “Zijn of niet zijn, dat is het dilemma” inderdaad een kladversie van ons, uit een proeve die we indertijd maakten voor Jan Ritsema, de regisseur van Hamlet voor ‘t Barre Land. We hebben er na veel wikken en wegen het ultrasimpele “Zijn of niet zijn, dat is de vraag” van gemaakt, wel wetende natuurlijk dat die regel geen tien lettergrepen telt, maar dat was er volgens ons ook zo vaak mis met andere vertalingen: het lijkt die vertalers er eigenlijk alleen maar om te gaan altijd op tien uit te komen. Wij stelden daar natuurlijk ook wel eer in, maar ons ging het ook om de kracht van de zin, en in dit sepciale geval moest het juiste aantal lettergrepen daarvoor wijken. Dan is het maar een soort onvoltooide regel zoals je die in de Aeneis tegenkomt en die er altijd flink inhakken omdat ze daarmee zoveel nadruk krijgen. Gevleugeld immers onvoltooid. (Weet iemand trouwens hoe die regels heten, à la ‘Italiam non sponte sequor’? Ik had kunnen zweren dat ze een mooie eigen naam hadden in het Latijn, maar waar ik ook zoek heten ze alleen maar ‘half lines’.)
vrijdag 6 juli 2007, 23:45 uur
To be or not to be that is the question.
Dit zijn elf lettergrepen, Robbert-Jan. Om een of andere reden wordt in Nederland ‘that is’ ALTIJD uitgesproken als ‘that’s', maar dat staat er niet.
zaterdag 16 oktober 2010, 0:58 uur
Elke pentameter met een vrouwelijk of slepend rijm komt uit op 11 1ettergrepen!