Ariebombarix
Vertalië is een land dat erg aan traditie is gehecht. Dat merk je aan het brommen en fronsen als er een nieuwe vertaling van een oud meesterwerk verschijnt. Het is alsof je straat plotseling een andere naam krijgt. Alsof je geliefde plotseling met een gekleurde pruik op loopt. Het is altijd even wennen.
Maar waarom zou je moeten wennen, zeggen tegenstanders: wat zich bewezen heeft moet je met rust laten, en je moet de mensen niet iets afpakken waaraan ze gehecht zijn. Dat is wreed. Maar elke nieuwe vertaling is een restauratie die ons dichter bij het origineel kan brengen.
Zes jaar geleden werd de stripwereld opgeschrikt door een nieuwe vertaling van het Franse nationale volksepos Astérix, getekend door de twaalfvingerige Albert Uderzo en geschreven door René Goscinny, de duizendpotige scenarist van Pools-Oekraïense origine. Er zijn twee dingen die Astérix lastig maken om te vertalen: het wemelt van de woordspelingen, visuele en verbale; en iedereen kent de strip, en dan ben je als vertaler net als de bondscoach: je hebt vijftien miljoen collega’s, vijftien miljoen mensen die het beter weten. Heel Nederland en Vlaanderen kijken je op de vingers.
De meeste aandacht ging uit naar de veranderde namen. Vertrouwde figuren, familievrienden bijna, bleken veertig jaar lang hun ware identiteit verborgen te hebben gehouden. Het stamhoofd en de bard van het Gallische dorpje werden hernoemd, omdat hun oorspronkelijke Franse namen altijd waren blijven staan.
De eerste vertaler had de woordspeligheid van die namen niet omgezet, zodat de lezer zich al veertig jaar aan onbegrijpelijke of onbegrepen namen was gaan hechten. Assurancetourix en Abraracourcix: je wist dat het wat moest betekenen, maar je wist niet wat. Het gekke was: dat vond je niet erg. Die mensen heten nu eenmaal zo. Sommige mensen heten Blotebil, Balkenende of Bot, daar kunnen ze ook niks aan doen. En zo leerde je nog eens wat. Maar als ze vertaald kunnen worden, graag. À bras raccourcis betekent ‘met verkorte armen’, uit alle macht iets doen, met name op de vuist gaan. In de nieuwe vertaling is het Heroïx geworden, een vlag die de lading van het origineel niet helemaal dekt. Elke andere dappere Galliër had ook zo kunnen heten. Waarom niet gekozen voor een buitenissiger naam die de woestheid of het chefzijn eruitlicht? Bijvoorbeeld Colerix, Onstuimix of Izengrimmix? Doemenix (‘wie doet me wat?’), Heldhaftix, Geenschrix? Of Fanatix, Ariebombarix? Lelix, Qualix, Metvasteblix, Doordunnendix? Of beter nog: Dikkepix. Of, nog net iets langer dan het origineel en met behoud van uitdrukking: Nietgoedschixdankwaadschix. Leuk voor de letteraar! Of: stamhoofd Basilix.
De bard Assurancetourix, van assurance tous risques, heet nu Kakofonix, alsof zijn ouders bij zijn geboorte al wisten dat hij na afloop van elk verhaal in een boom werd gehangen om te voorkomen dat hij zou gaan zingen. Waarom niet iets gedaan met het verzekeringswezen waar de Franse naam naar verwijst? Allrix, Norix, Interpolix bijvoorbeeld.
Opnieuw vertalen, daar is nix mis mee, maar het moet wel goed gebeuren, vinden wij met z’n vijftien miljoenen. En de hervertaler moet zich ervan bewust zijn dat hij een precedent schept: na mij tien anderen.
ROBBERT-JAN HENKES
ERIK BINDERVOET



zaterdag 6 januari 2007, 1:31 uur
Wat was er moeilijker dan als kind de naam Abraracourcix uit je hoofd leren? Oefenen en nog eens oefenen, tot ik het zonder haperen uit kon spreken. Ik heb alle (oude) delen van Asterix, inmiddels geheel losbladig. Mijn zoon van 9 heeft de naam ook onder de knie. Ik heb de nieuwe vertalng niet gelezen. Waarom een schisma creëren? Er is al zoveel onbegrip tussen de generaties! Abraracourcix en Assurancetourix hebben hun eigen connotaties verworven in de Nederlandse taal. Ooit wilde ik aan het Instituut voor Vertaalkunde in Amsterdam afstuderen op een vergelijkend onderzoek tussen vertalingen van Asterix in het Engels en het Nederlands. Ik liep er in vast, helaas. Ik vertaal al lang niet meer. Maar als ik jullie stukje lees, gaat mijn vertalershart weer open. Ik neem een Asterix mee naar bed vannacht.
zaterdag 6 januari 2007, 12:05 uur
Zo worstelde Barber van de Pol met Don Quijote (Don Quixote? Don Quichote? Don Quichot: wat het uiteindelijk in de vertaling werd) als “Ridder van de Droevige Figuur” voor “Caballero de la Figura Triste”. Vanuit eerdere vertalingen bleek men de ridder nauwelijks anders meer te kunnen zien als die “van de droevige figuur”. Toch kan het Spaanse “figura” evengoed “gelaat” betekenen. In “Cervantes & co”, een boekje dat uit is gekomen bij haar vertaling van de Quijote legt ze uit waarom het bij haar toch “Ridder van het Droevige Gelaat” is geworden (de “droevige figuur” noemt ze, ondanks dat men aan deze betiteling gehecht is geraakt, een “knots van een romanisme en knap vaag”, bovendien had Sancho Panza het volgens haar ook eerder over het gelaat van Don Quichot toen hij benaming voor zijn baas bedacht). Lastig om ingesleten vertalingen van uitdrukkingen of namen los te laten. Ik vind dat Barber van de Pol dat op een overtuigende wijze doet.
Zij zegt verder in “Cervantes & co”; “Vertalen is verraden: als het dat niet is, is het niet goed. Dan schemert de constructie van het oorspronkelijke werk door het resultaat heen, dan ontbreekt de literaire kracht…”. Lijkt me eveneens een goed uitgangspunt, maar het verraad vereist literaire kwaliteiten. Geen goede vertaling zonder literaire kwaliteiten van de vertaler! Barber van de Pol heeft die zeker en laat in “Cervantes & co” zien dat een goede vertaling bovendien heel veel onderzoek vereist.
PS “Cervantes & co”, met als ondertitel “In plaats van voetnoten essays” kwam uit bij Querido (2000), evenals haar vertaling van de Don Quichot (1997).
maandag 8 januari 2007, 15:38 uur
Kijk eens naar de nieuwe – inmiddels al weer enkele tientallen jaren oude – Kuifje-vertalingen. Ze hebben werkelijk kraak nog smaak.
maandag 8 januari 2007, 23:04 uur
Het kan geen toeval zijn dat ik me gisteren ergerde over de vlakke vertalingen van het tweede Asterix-boek dat ik in de ‘nieuwe spelling’ heb gekocht, nota bene in het stripmuseum in Brussel (belangrijker, in België, de bakermat van het stripwezen) en dat ik vandaag op zoek naar iets heel anders op dit artikel stuit. Ik werd gisteren, en ook vanochtend, door mijn eigen ergernis heen en weer geslingerd tussen twee gedachten; wat ben je toch een man op leeftijd aan het worden dat je je hier aan ergert en wat is er mis mee dat een nieuwe generatie opgroeit met andere namen, en een heel ander gevoel, dat hier nog nauwelijks aan de orde is geweest, nl. waarom moet het de laatste jaren altijd eenvoudiger? We kunnen toch niet gezamenlijk klagen over de vervlakking in het leesgedrag van jonge mensen en tegelijkertijd steeds ‘hapklaarder’ brokken aanbieden? Houd de fascinatie van het onbekende in stand!
dinsdag 9 januari 2007, 19:50 uur
Ana, in Spanje zeggen we ‘El caballero de la triste figura’.
woensdag 10 januari 2007, 8:57 uur
Ja, Andrés, klinkt beter. “Foutje” van Barber van de Pol?
woensdag 10 januari 2007, 11:05 uur
Henkes en Bindervoet stellen de hervertaling van Asterix aan de orde. Hoewel, het gaat ze meer om twee woorden uit die hervertaling. Twee namen. Toegegeven, belangrijke namen, want Asterix is waarschijnlijk de bekendste strip in Nederland. En het is zeker waar dat het veranderen van de namen van twee personages bij velen een schokeffect teweeg heeft gebracht. Maar ik vond het belangrijk dat voor de komende generaties er onder meer een consequente aanpak van de namen moest komen: alle onvertaalde, Franse namen aanpassen en de ooit wegvertaalde namen terughalen.
Henkes en Bindervoet vinden de vertaling van die twee namen niet leuk. Ik, op mijn beurt, vind hun suggesties nogal melig. En geen haar op m’n hoofd die eraan zou denken om in deze tijd reclame te gaan maken voor een verzekeringsmaatschappij.
De enige aardige suggestie (Nietgoedschixdankwaadschix) is in feite al gebruikt. De personages Goedschix en Kwaadschix bestaan al.
De eerste tien hervertaalde albums tellen zo’n 60.000 woorden. Henkes en Bindervoet zijn niet verder gekomen dan twee en vonden het kennelijk niet nodig om voor hun bijdrage over de hervertaling van Asterix kennis te nemen van de overgebleven 59.998 woorden. Jammer. Dan waren we er allemáál wat wijzer van geworden.
Frits van der Heide
Vertaler Asterix
vrijdag 12 januari 2007, 22:42 uur
Overigens zijn de namen Kakofonix en Heroïx simpelweg overgenomen uit de al tientallen jaren verschijnende Engelse Asterix vertalingen.
zaterdag 13 januari 2007, 14:30 uur
Barber van de Pol heeft ‘figura’ nu juist niet met ‘figuur’ vertaald, maar met ‘gelaat’. Dat is ook wat Ana op de weblog met instemming opmerkt, maar de weergave van haar reactie in de krant is zo slordig, dat het lijkt alsof ‘de ridder van de droevige figuur’ haar vertaling is.
Even rectificeren, lijkt me. P.M.
maandag 15 januari 2007, 15:05 uur
We hebben inderdaad de hervertaling van Asterix niet aande orde gesteld: als het beter kan, dan graag. En we hebben al zeer veel verbeteringen opgemerkt in de nieuwe vertaling. waarvoor hulde. Het is niet zo dat we tegen hervertalen an sich zijn, integendeel. Maar een hervertaler van Asterix moet beseffen dat er een zware verantwoordelijkheid op zijn schouders rust. Wij hebben wat betreft twee namen wat suggesties op tafel gegooid. Aan de hervertaler was de taak om uit te leggen wat er zo goed is aan Heroïx en Kakofonix, in plaats van onze suggesties weg te honen. Dat een van de namen (Nietgoedschixdankwaadschix) al ten dele in gebruik was als Goedschix en Kwaadschix, kan geen reden zijn: dan verander je die twee toch weer in iets anders? (Je bent hervertaler of niet.) En grappen uitsluiten omdat ze enig verband met de realiteit hebben of zogenaamd ‘reclame’ zouden maken (Interpolix) kan ook geen reden zijn: dat getuigt van een kortzichtigheid waar Goscinny geen last van had. En bovendien: Allrix is gewoon de ‘goeie’ vertaling van Assurancetourix. Vergelijk ook de sk/ks omwisseling waarmee de namen van Asterix en Obelix zelf zijn gevormd. Kakofonix is ook niet slecht, maar vertel nou eens waarom die goed is, en waar hij vandaan komt, en waarom Goscinny hem niet zelf heeft bedacht bijvoorbeeld.
vrijdag 19 januari 2007, 14:41 uur
Iemand (Darick) die zo’n knaller van een taalfout produceert, heeft misschien wat minder recht om kritiek te uiten op een vertaling..
{Het is ‘kraak noch smaak’….]
vrijdag 19 januari 2007, 17:43 uur
En nu maar wachten tot de uitgever komt met luxe, ‘vintage’ edities met de originele vertalingen, voor al die wat oudere, inmiddels koopkrachtige Asterixliefhebbers. Dubbel kassa!
zaterdag 20 januari 2007, 9:25 uur
Ik heb de verschillende commentaren met plezier gelezen. Het is sowieso erg prettig dat er eens over vertalingen wordt gediscussieerd. Maar zoals dat vaak gaat: de beste stuurlui staan aan wal. Velen hebben er een mening over maar vaak worden zij niet gehinderd door enige kennis van zaken. Dat Bindervoet & Henkes beweren dat Allrix “gewoon de ‘goeie’ vertaling van Assurancetourix” is, is bijvoorbeeld niet waar: in Vlaanderen is de uitdrukking “all risk” allerminst gangbaar en veel Vlamingen zouden de woordspeling dus niet begrijpen.
zaterdag 14 juli 2007, 10:45 uur
In de reacties op de hervertaling mis ik het aspect dat namen iets anders zijn dan tekst.
Niemand leest alleen de ‘oude’ vertalingen of de ‘nieuwe’, de delen van deze strip worden in de praktijk door elkaar heen gelezen. Dan heb je met een veranderde naam hetzelfde effect als bij een tv-serie waarin een vast personage opeens door een andere acteur gespeeld wordt. Los van de kwaliteit van de vertolking irriteert het dat een gegeven dat in het normale leven tot de vaste herkenningspunten behoort (naam, uiterlijk, karakter van een mens) dat in de serie opeens niet meer is.
Ik ben van mening dat de hervertaler zich net zomin als de oorspronkelijke auteur kan permitteren een naam midden in een serie te veranderen. Dat is dan jammer van de misser van de eerste vertaler, maar minder erg dan de vervreemding die de nieuwe naam oplevert.
Wat zou de hervertaler er zelf van vinden als Goscinny en Uderzo in deel x opeens een andere naam voor Abraracourcix en Assurancetourix hadden geintroduceerd?
woensdag 10 maart 2010, 14:44 uur
Typisch Nederlands – het veranderen omwille van het veranderen. Een veertigjarige traditie overhoop gooien, verwarring stichten, omwille van wat? Een meesterwerk als “Asterix” wordt door niet-creatieve en talentloze nitwits bevlekt – triest!