*

Opklaringen » Tijd voor time out voor de dolle, dwaze verkoop van Essent :: nrc.nl

Tijd voor time out voor de dolle, dwaze verkoop van Essent

zwartgat.jpgZal er genoeg energie zijn tegen een redelijke prijs? Zal die stroom duurzaam zijn? Met wie werken onze leveranciers samen? Wie investeert in Nederlands energietoekomst? Dat lijken vragen van enig nationaal belang. Nu de werkelijkheid.

Over de toekomstige energievoorziening van Nederland wordt in een paar provinciehuizen druk gedelibereerd. Nuon wil graag door het Deense Vattenfall worden overgenomen. Grootaandeelhouder Gelderland is akkoord. Essent is bijna verkocht aan het Duitse RWE. Volgende week hakken de Gedeputeerden van Noord-Brabant de knoop door. Den Haag is op vakantie of stuurt sms’jes. (Correctie: Vattenfall is Zweeds.)

In Overijssel trokken de PvdA Statenleden zich deze week niets aan van de adviezen van de PvdA-top (RWE is een vuil bedrijf, niet verkopen!) en stemden op twee na vóór verkopen. Overijssel is met 18,7% de tweede aandeelhouder Essent. Groningen (6%) en Limburg (16%) kozen eerder al voor verkoop.

Met provinciale autonomie is niets mis. De verwachte miljardenopbrengst vertroebelt alleen de blik. In sommige provincie- en gemeentehuizen en bij de directie van Essent heerst een dolle dwaze dagenkolder. Alles moet weg, pak dat voordeel. Dat is niet verstandig. Het moment om een koele doek op het voorhoofd te leggen is nu. Een parlementaire enquête kan altijd nog.

Een begin van terugkeer naar de rede was zichtbaar in de Provinciale Staten van Noord-Brabant twee weken geleden. De Staten wezen het verkoopplan met 28 tegen 26 stemmen af. Brabant heeft met 30,8% van de aandelen de sleutel in handen: RWE doet zijn bod van 9,3 miljard euro gestand als tenminste 80% van de aandelen wordt aangeboden. Volgens de Provinciewet mogen GS hun wil doordrukken. De Zeeuws-Brabantse werkgevers roepen GS van Brabant dinsdag niet tot verkoop te besluiten.

In de Brabantse Staten werd een serieus debat gevoerd. De verkooplogica is als volgt. Zeker na de door politiek Den Haag opgelegde splitsing van netwerken en productie/leveringsbedrijven is Essent te klein om zelfstandig verder te kunnen. De aandelen zijn te risicovol voor een provincie. In Europa delen grote spelers de lakens uit. RWE is zo’n grote partner en de Duitsers zijn dol op onze groene plannen.

Wat ertegen pleit is dat Nederlandse burgers en bedrijven hebben geïnvesteerd in hun gemeentelijke en provinciale energiebedrijven als vitaal onderdeel van hun verlangen naar bestaanszekerheid. Dat element van zelfbeschikking wordt zonder afdoend bewijs uit handen gegeven. Essent praat alsof het een fijne partner heeft gevonden, maar de beslissingen worden voortaan in Essen genomen – een cruciaal verschil van één T.

Na de afwijzing van de Brabantse Staten heeft Essent hard gewaarschuwd. Er is geen andere partner in Europa, banen zullen verdwijnen, het dividend gaat omlaag en geld voor groene investeringen ontbreekt. Essent-directeur Rinse de Jong was zelfs zo brutaal de Provinciale Staten met hun vragen over RWE (groot in bruinkool en kernenergie) te verwijten ‘over hun graf te willen regeren’.

Intussen proberen RWE en Essent toch nog een groene geloofsbelijdenis in elkaar te flansen. Er is vast wel een advocaat die dat juridisch klinkend wil opschrijven. Zoals er ook gerenommeerde advocaten waren die de vorige duurzaamheidsprevelementen, waar gedeputeerden in Groningen en Limburg mee zwaaiden, als boterzacht ontmaskerden.

De bangmakerij van Essent is daarom zo verrassend omdat de directie eind 2007, na het afketsen van de fusie met Nuon, een ‘strategienotitie 2008-2012’ schreef waarin een andere blik op de toekomst werd gegund. Daarin staat dat verkoop aan een groot buitenlands/Europees bedrijf „de publieke en regionale belangen van de huidige Essent-aandeelhouders slechts zeer beperkt en tijdelijk [zal] dienen”. Lees even mee.

Aandeelhouders moeten (na overname) rekening houden „met een nadelig effect op de beschikbaarheid, betaalbaarheid en duurzaamheid van de energievoorziening in Nederland. De kopende partij zal namelijk de overnamepremie op de acquisitie van Essent (naar schatting enkele miljarden euro’s) snel willen terugverdienen”.

Te verwachten is verder: een koude sanering van het hoofdkantoor (verlies van ca. 4.000 banen), de Nederlandse duurzaamheidsambities niet gerealiseerd, een (groot) deel van de investeringen onmogelijk, met alle gevolgen voor de voorzieningszekerheid, de eindverbruikers zijn duurder uit.

Kortom, deze interne strategienotitie van Essent zag meer in een zelfstandige toekomst. Wat is er veranderd in minder dan een jaar? Toen werd de aandeelhouders meer dan de huidige 50 procent van het resultaat als jaarlijks dividend en een eenmalig superdividend van 1 à 2 miljard euro in het vooruitzicht gesteld. En nu leidt níet-verkopen tot een dividendval. Nu is het steeds meer gediskrediteerde managementmantra ‘Gross Über Alles’ troef.

Voor de goede orde: Essent en de andere energiebedrijven wilden geen splitsing. Het idee op Economische Zaken was dat de netwerken nationaal geborgd moesten worden en de handel vrij zou zijn. Maar het Europese ‘gelijke speelveld’ is er niet gekomen. Frankrijk en Duitsland hebben de verplichte splitsing van energiebedrijven tegengehouden.

Sommigen hebben mij de laatste maanden verweten te pleiten voor zoiets verwerpelijks als een nationale energiekampioen. Gezien de omvang van de buitenlandse energiereuzen lijkt me dat inderdaad te overwegen. Het feit dat een paar heren bij Nuon en Essent het niet eens konden worden, is nationaal gezien een voetnoot. Misschien is het verstandig ook die Splitsingswet te heroverwegen.

In ieder geval moet dringend worden nagedacht over wat publieke en nationale belangen zijn. De automatische marktpiloot is gecrasht. Bij de presentatie van Menno Tamminga’s ‘De Uitverkoop van Nederland’ zei de grootste pensioendirecteur van Nederland, Dick Sluimers, dat ABP/APG tegen een redelijk dividend best lange termijn wil investeren in energie en infrastructuur. De provincies kunnen hun aandelen ook verantwoord kwijt.

Update. De Zeeuwse energieproducent Delta is inmiddels naar de rechter gestapt om een dam op te werpen tegen de juridische constructie die RWE en Essent hebben bedacht om RWE toch mede-eigenaar van de kerncentrale Borssele te laten worden.


Dit bericht heeft 10 reacties op “Tijd voor time out voor de dolle, dwaze verkoop van Essent”

  1. P lamers zegt:

    ‘Al is de leugen nog zo snel de waarheid achterhaalt haar wel’
    Hier wordt wederom aangetoond dat de inhoud van dat wat er over ons uit wordt gekotst er niet werkelijk toe doet, men is met zichzelf in tegenspraak zoals blijkt.
    De energieboeren lijken wel moderne politici die kijken tegenwoordig eerst wat ‘het volk’ wil horen en flansen daar vervolgens een verhaaltje om heen.
    Het zou toch prachtig zijn als de door ons gekozen politici dat doen waar het democratisch systeem zijn superioriteit aan ontleent.
    Namelijk het volk vertegenwoordigen en onze belangen behartigen.
    Het zou nooit zo mogen zijn dat ‘het bezit’ van het Nederlandse volk zonder dat aan haar voor te leggen wordt verkocht.
    Energie voorziening is publiek en nationaal belang, terecht dat in bovenstaand stuk wordt gepleit voor herziening van de splitsingswet.
    Goed bedoeld maar niet goed uitgepakt zo zou je de splitsingswet kunnen omschrijven, minder nette omschrijvingen zijn ook toegestaan.
    Zaak is de verantwoordelijkheden te nemen die bij de parlementaire functies horen en dat is: fouten toegeven en schade herstellen, dat geeft kiezers weer vertrouwen in de politiek, mensen maken fouten, maar zolang ze bereid zijn die fout te herstellen is daar niets mis mee, dus niet met de staart tussen de benen aftreden of wegsturen maar poten in de modder en de discussie aan gaan hoe de schade te herstellen.
    Helaas gebeurt dat niet, erger nog er zijn ‘volksvertegenwoordigers’ die niet alleen de verkoop in overweging durfden te nemen maar er zelf lippendienst aan hebben bewezen en als apotheose voor verkwanseling van Nationaal bezit hebben gestemd.
    Democratie als superior systeem lijkt haar langste tijd te hebben gehad en dat is misschien nog wel erger dan de voetnoot die de verkoop van Essent uiteindelijk is, het vertrouwen van de burger in de politiek is weer verder uitgehold, men heeft wederom aangetoond de affiniteit met de basis te zijn verloren, in Brabant durfde men nog de inhoudelijke discussie aan in Overijssel liet men zelfs dit na.

  2. Wim Roffel zegt:

    Ik weet nog wel dat we hier in Leiden het kabelbedrijf “moesten” verkopen omdat alleen een groter bedrijf de investeringen in de glanzende toekomst van de kabel konden doen. Nu – vele jaren later – is er van die investeringen nog steeds niets te zien. Wel worden de prijzen verdubbeld (marktconform heet dat dan) en is het aantal kanalen licht verminderd.

    Ik ben dan ook heel sceptisch over die “noodzakelijke” schaalgrootte voor Essent. Wat is er nu zo anders aan de electriciteitsopwekking dan enkele decennia geleden toen we nog veel kleinschaligere energie-maatschappijen hadden? Er wordt geschermd met de suggestie dat een groter bedrijf betere inkoopprijzen kan bedingen. Maar energie is een bulk-markt waar ook een heel groot bedrijf maar minimale voordelen kan bedingen. En met inkoopcombinaties kun je hetzelfde bereiken.

    Gezien de felle reactie van de Essent directeur verbaast het mij dat nog geen één journalist de vraag heeft gesteld wat hij eraan overhoudt als Essent wordt overgenomen. Het zou mij niet verbazen als hij meer dan een millioen rijker werd.

  3. M. Groenendijk zegt:

    De zorg van Peter Swinkels, voorzitter van de Brabants Zeeuwse Werkgeversorganaisatie (BZW), is volkomen terecht. De marktwerking in de energiesector komt helemaal niet van de grond en het is onverstandig om als overheden alle zeggenschap via het eigendom op te geven.
    In “The Economist” van 23 april 2009 staat een lezenswaardig artikel met als titel: “Power to the people. Change is slowly coming to Germany’s dysfunctional electricity market.”

    Samenvatting van het artikel, en vertaalt in het Nederlands:

    “Duitse energiemarkt functioneert slecht

    De energieprijzen in Duitsland blijven een stuk hoger dan elders in Europa. Soms stijgen de prijzen zelfs nog. De mededingingsautoriteit onderzoekt waarom de Duitse markt zulke kartelachtige kenmerken vertoont, terwijl elders marktwerking zijn intrede heeft gedaan. De liberalisatie van de Duitse energiemarkt is in feite mislukt. Een bewijs hiervoor zijn de hoge prijzen, in weerwil van de ruime aanwezigheid van goedkope kolen. Ondanks de recessie daalt de vraag naar energie niet, terwijl het aanbod niet toeneemt.

    Er bestaat in Duitsland nauwelijks concurrentie. De vier grootste nutsbedrijven genereren meer dan 80% van de elektriciteit. De nummers 1 en 2, E.ON en RWE, hebben ruim 60% in handen. De liberalisatiepogingen hebben deze situatie eerder erger dan beter gemaakt. In 1997 telde Duitsland nog acht grote elektriciteitsproducenten; dat zijn er na een aantal fusies en overnames nu nog maar de helft.

    Een tweede probleem is dat de grootste elektriciteitsproducenten ook de distributie in handen hebben. Hiervan hebben zij zoveel voordeel, dat concurrentie van onafhankelijke partijen nagenoeg onmogelijk is. Zij krijgen eenvoudigweg geen toegang tot de distributienetwerken. Er is momenteel wel enige verbetering te zien, nu de Duitse mededingingsautoriteit de energiemarkt aanpakt en de Europese Commissie op ontvlechting van de aanbieders en distributeurs aandringt.”

    Wat is hiervan de betekenis?
    Twee weken geleden heeft de EU besloten om een ontvlechting van de aanbieders en distributeurs niet langer meer te eisen. Een gedwongen splitsing tussen eletriciteitsproductie en de netwerken is niet langer meer vereist. Dit onder druk van met name Duitsland en Frankrijk.

    Het is voor Den Haag niet overdreven de fout van de Splitsingswet te heroverwegen en om nog eens na te denken over de toekomst van de elektriciteitsector. De decentrale overheden moeten zich afvragen of de publieke grip op zo’n eminent belang als leveringszekerheid en duurzaamheid van elektriciteit wel uit handen moet worden gegeven. In de energiesector zijn er nog net geen voldongen feiten. Dit is nog steeds actueel.

    Het valt te betreuren dat in de aandeelhoudersvergadering van Essent a.s. maandag vooral gesproken gaat worden over garanties in investeringen in duurzame energie en hoe dat dan kan worden afgedwongen. Maar daar gaat het natuurlijk helemaal niet om. Het gaat in eerste instantie vooral over de (on)wenselijkheid van het volledig opgeven van zeggenschap en invloed op de energievoorziening en tariefstelling. Een aantal gekozen bestuurders negeren deze vraag en spreken vooral over de besteding van de opbrengst, in het bijzonder dat er dan garanties zouden moeten zijn op investeringen in duurzame energie. Nogmaals, dat is niet de vraag die primair beantwoord moet worden.

  4. M. Groenendijk zegt:

    Een van de argumenten voor de decentrale overheden om de aandelen te verkopen is dat de opbrengsten mogelijk sterk zullen gaan kelderen. Maar is dit wel juist?

    De cijfers geven een ander beeld. In het Brabants Dagblad van 6 maart 2009 staat het duidelijk beschreven: “Crisis heeft geen vat op Essent.”
    Het boekjaar 2008 werd afgesloten met een recordwinst van 887 miljoen euro. Onvoorziene omstandigheden voorbehouden verwacht Essent over 2009 een nog hoger resultaat. Zouden klanten failliet gaan of grootverbruikers hun energieverbruik temperen, dan zal dat weinig invloed hebben, “want we hebben onze maatregelen, zoals een kredietverzekering, genomen om de effecten te minimaliseren”, aldus financieel bestuurder Rinse de Jong in dit artikel op 6 maart 2009.

    Rekent u even met mij mee.
    RWE neemt de aandelen van het productiebedrijf van Essent over voor een bedrag van 9 miljard. Maar met de huidige winstcijfers hebben de decentrale overheden deze som binnen 10 jaar bij elkaar verdient, én hebben ze de zeggenschap over tariefstelling en bedrijfsvoering niet verloren.
    Conclusie: op basis van een eenvoudige rendementsberekening is het zeer onverstandig om de aandelen Essent voor deze prijs te verkopen.

    En er is nog een belangrijk argument waarom de decentrale overheden thans niet zouden moeten verkopen. Het splitsingsplan voor Essent moet nog worden goedgekeurd. De aandeelhouders weten dus niet eens wat er nu daadwerkelijk wordt verkocht. Dat is natuurlijk een heel opmerkelijk. Hoe kunnen de decentrale overheden nu de aandelen van een onderneming verkopen, terwijl zij niet eens weet welke onderdelen er bij horen? De minister van EZ moet het splitsingsplan nog goedkeuren.
    Gevreesd mag worden dat het resterende netwerkbedrijf wordt volgehangen met schulden. De recente ervaringen met de NRE waarbij de gemeente Eindhoven 100 miljoen euro mag bijleggen, spreken boekdelen.
    Ook dit pleit om de verkoop van de aandelen uit te stellen. Eerst zou de discussie gevoerd moeten worden of de overheden alle invloed op iets cruciaals als de energieproductie en -voorziening willen verliezen. En kijk dan ook eens naar hoe dat in landen als Duitsland en Frankrijk gaat.

    Ook het argument dat de werkgelegenheid in gevaar komt als de overname van Essent door RWE zal stranden, is op drijfzand gebaseerd. Wederom een citaat uit het krantenartikel van 6 maart 2009: “Essent zit door de afsplitsing van netwerkbedrijf Enexis en de aanstaande verkoop van Essent Milieu in een te ruim jasje. Dat heeft tot gevolg dat enkele honderden flexwerkers en vaste krachten dit en volgend jaar hun baan verliezen. Gedwongen ontslagen zijn niet aan de orde.”
    Conclusie: juist de splitsing en de verkoop aan RWE dragen bij aan banenverlies, maar nu al is zeker dat bij verkoop een belangrijk deel van de expertise van elektriciteitsopwekking uiteindelijk verloren zal gaan. En daarom heeft Hans Wiegel volkomen gelijk: niet verkopen!

  5. Bart Borrias zegt:

    Ik sta versteld, dat dit soort voorstellen niet door onze volksvertegenwoordigers worden tegengehouden.
    Nederlandse energiebedrijven zijn een publiekelijk bezit, dus van ons Nederlanders. Door onze ouders en voorvaderen met wijsheid opgebouwd om onze toekomst zeker te stellen met en voor betaalbare energiebehoefte.
    Indien dit soort bedrijven nu of later verkocht worden zullen de prijzen van energie in de toekomst uit de hand lopen zoals nu plaats vind met onze auto brandstoffen. In het buitenland kostte een paar maanden geleden met de hoge brandstofprijzen een liter benzine 1.40 Euro nu inmiddels 0.80 Eurocent en in Nederland……..
    Indien wij ons bezit verkopen zullen wij straks jaarlijks 10% meer voor onze energie dienen te betalen, want investeringen zullen altijd door de eindgebruiker dienen te worden betaald.Zie de huidige energiepolitiek die mede de oorzaak is van de huidige ellende in Europa.
    Er dient nu bij wet te worden geregeld dat publiekelijk bezit niet verkwanselt mag worden.
    De belangen van ons Nederlanders, de eindgebruiker, is de belangrijke factor in deze zeer belangrijke economische ontwikkeling en die is reeds eigenaar!!!!
    Dus in wie zijn belang?
    Regering ga als het u blieft (werken) regeren.

  6. Bauke Speerstra zegt:

    Essent ontleedt

    Hoe “erg” is het dat Essent (en Nuon) gesplitst en verkocht worden? In de publieke discussies zie ik veel emoties, zoals in het Brabants dagblad stukken van oud werknemers, die op mij de indruk maken van dat de betrokkenen weinig op feiten sturen.
    Laten we Essent in dit geval eens bekijken vanuit organigram (activiteiten zie http://www.Essent.nl) en geldstromen. Het netwerk, nu Enexis, wordt gescheiden en blijft in handen van de aandeelhouders. Opwek – de grote centrales – , verkoop en handel in gas, kolen en elektriciteit staan in de verkoop. Handel in energie, de EMG tak van Essent zit in het buitenland en werk al wereldwijd. Deze tak koopt ook de energie in voor de productie faciliteiten en de TWD divisie van Essent. De centrales zelf zijn minimaal 30 jaar oud. Natuurlijk wordt daar het één en ander aan gemoderniseerd maar het blijven oude centrales.
    De winst van Essent komt voor 40% uit het netwerk en de rest uit “wat in de verkoop staat. De inkomsten voor de aandeelhouders blijven dus ca 40% van wat ze waren! Door deze keuze blijft de infrastructuur voor meer open gebieden dus in de lokale en politieke beïnvloedingsfeer. Het commerciële bedrijf staat te koop. De klanten kunnen alleen maar weglopen: van monopolist naar een meer klantgedreven organisatie. Zoals recent bleek hebben de grote drie de afgelopen jaren meer dan 20% van hun klanten moeten inleveren aan “low cost” collega’s. De handelstak zal altijd een risicofactor blijven: dat was het en dat zal het altijd blijven! Tot slot de productie. Zoals al aangegeven zijn de bezittingen van Essent minimaal 30 jaar oud. Daarbij komt ook nog dat de elektriciteitsopwek van geheel Nederland al voor ca 30% uit het buitenland komen en diverse centrales in Nederland al van ‘buitenlanders” zijn. Conclusies? De opsplitsing en verkoop van de oude centrales en hoog risicodelen van Essent – en Nuon – is naar min mening niet echt een slechte keus.

    En het argument van de werkgelegenheid? Volgens deze krant zouden er 4000 banen verdwijnen. En wel binnen de Essent-organisatie zelf. Wel, Essent heeft al jaren een flexibele schil van enige duizenden medewerkers om de ”sanering” op te vangen. Recent is er een project geweest om de overtollige overhead in kaart te brengen (het OVA project) de doelstelling is om de overhead met 40% terug te dringen. Dat er vele “oudere” werknemers uit gaan is duidelijk. Kijk naar de oude PTT nu KPN. Gouden arbeidsvoorwaarden waren het. Juist die oude nutsvoorwaarden geven de nieuwkomers op de markt de kans om toe te slaan: de overhead/ productiekosten liggen gewoon te hoog. Dat vraagt tijd, geld en incasseringsvermogen maar is onontkoombaar. Of dat er echt vierduizend zijn hangt af van welk rekenmodel je gebruikt. Zou Essent zelf 4000 ontslaan dan blijft er geen commercieel bedrijf over…..

    Recht van spreken? Een beetje denk ik wel. Ik zit ruim 20 jaar als financieel-bedrijfskundige in de energiebranche en heb ook bij Essent de nodige ervaring opgedaan.

  7. Frank Bos zegt:

    Essent is geen koekjesfabriek.

    De redenering van de heer Bouke Speerstra kan mogelijk opgaan voor een koekjesfabriek die op elk moment kan worden gereproduceerd en geen strategische maatschappelijke betekenis heeft voor de Nederlandse economie.
    Bij Essent ligt dat geheel anders en is de onderneming als nutsvoorziening gecreeerd met het exclusieve doel in NL in leveringszekerheid te voorzien van een essentieel product voor de gehele economie namelijk elektrische stroom. De investering in een elektriciteitscentrale is groot en geldt voor de duur van 25 jaar. Dat is niet even weer te creeren als het gedrag van RWE ertoe leidt dat er gaten optreden in de stroomvoorziening en het af en toe letterlijk donker wordt en bedrijven tot stilstand komen. Waren de bestuurders die vanaf 1906 in Nederland ervoor hebben gekozen die energieopwekking in eigen invloedsfeer te houden dan gewoon gek en hebben de bestuurders van nu opeens het licht gezien?
    Bovendien: De waarde van die nuts-onderneming is opgebouwd uit de bijdragen van de gebruikers en het is op zich al vreemd dat de besteding van de opbrengst van de verkoop van die nutsvoorziening alleen wordt bepaald door enkele tijdelijk aangestelde vertegenwoordigers van de bevolking van betrokken provincies. Die vertegenwoordigers handelen politiek en zeker niet in het economisch belang van Nederland als geheel en zij kunnen later evenmin op hun daden worden aangesproken. Maar bovendien vergissen die bestuurders zich in het feit dat de verkoop opbrengst per saldo minder is (zij moeten ook nog het netwerkbedrijf gaan financieren) dan wanneer zij aandeelhouder zouden blijven, waarbij zij hun mooie plannetjes wat met de opbrengst te doen zelfs beter op termijn kunnen realiseren uit de dividenden. Het ook aangevoerde argument van de goedkopere inkoop van grondstof (lees gas, olie of kolen) is fictie. Op die inkoop prijzen hebben de heren van RWE geen invloed en dat ligt meer in de macht van de Rijksoverheid en de internationale politiek. Bovendien helpen die provinciebestuurders er met verkoop van Essent er juist mee een groter oligopolie in de energievoorziening te creeren, juist daar zij steeds het tegenovergestelde met de mond belijden.
    Ook heb ik tot nu toe het feit gemist dat RWE juist Essent alleen wil kopen om in 2012 op een goedkopere wijze aan de Europese CO2 verplichtingen te kunnen voldoen. Met de aankoop van Essent door RWE is zij dan in staat een aanzienlijke reductie op die afdracht te realiseren. Zo betaalt Essent zich dubbel uit voor RWE.
    Het wordt dus tijd dat de landelijke politiek time out instelt op deze voorgenomen verkoop en dat alle argumenten van dolgedraaide politieke bestuurders en de directie van Essent eens goed tegen het licht worden gehouden en internationaal en europees worden getoetst.

  8. P lamers zegt:

    Beste Bauke Speerstra, ‘recht van spreken’ of ‘eigenbelang’?
    De emoties waar u van rept wil ik wel duiden.
    Essent en anderen zijn collectief bezit, opgebouwd en opgebracht door de gebruikers.
    Het is net zo als bezit, als men dat van je afhandig probeert te maken, diefstal of een juridisch slimmigheidje, de reactie is boosheid en woede.
    En verder heeft Frank Bos meer dan gelijk, Essent is geen koekjesfabriek.

  9. L.Elburg zegt:

    Hartelijk dank voor uw helder verhaal.

    Verbazingwekkend hoe de energieleverantie in Nederland in de uitverkoop wordt gedaan. Misschien kunnen de Provinciale Staten het artikel ‘Koortsachtig verkopen’ (Roel Jansen, NRC-Economie katern, 9 &10 mei jl) eens lezen waarin de verkoop van goud door De Nederlandsche Bank wordt beschreven en daaruit hun conclusies trekken hoe voorbarig deze energie-uitverkoop zal blijken te zijn.

    Kunnen we als consument hier nog tegen in gaan, of is dat een reeds gepasseerd station?

  10. Simone Kamp zegt:

    Geachte meneer Chavannes;

    Ik vind het altijd erg interessant om uw toelichting op actuele zaken in het nieuws te vernemen.
    Over die stroom en energiebedrijven, wat mij vanmiddag te binnen schoot, zou het niet zeer ironisch zijn als de verkoop van Essent, hand in hand ging met het stimuleren van een massale aanschaf van zonnecollectoren en windmolens. Om tot een maatschappij te komen die zowel een groter aandeel schone stroom gebruikt, als ook voor veel geld een dode mus verkocht heeft (een energiebedrijf zonder klanten).
    Want dat zou de financiële pijn met name op het particuliere vlak kunnen verzachten. Het zelf opwekken van je stroom, de emancipatie van de consument.
    Ook veel beter voor de bewustwording van de individuele gebruiker van zijn energieverbruik dan de verplichte slimme energiemeter -zoals voorgesteld door Maria van der Hoeven- die onlangs door de eerste kamer van tafel werd geveegd.

    Zelf kopen wij onze stroom bij de Windunie (www.windunie.nl) bij gebrek aan geld en ruimte voor een eigen windmolen (normaal gesproken zou ik u natuurlijk niet lastigvallen met deze overbodige prive-informatie maar gezien de strekking van deze mail leek het mij een toepasselijke voetnoot (ik vind het persoonlijk ook een heel leuk bedrijf)).

    Maar goed het is maar een gedachte, met vriendelijke groeten;

    Simone Kamp

Reageren op dit bericht is niet meer mogelijk.