Wat vindt u van de plannen van de commissie-Veerman?

veermanEr moet fors geïnvesteerd worden in het hoger onderwijs, anders verliest de Nederlandse kenniseconomie de aansluiting  met de wereldtop. Ook moet het hogeronderwijsbestel worden hervormd. Dat schrijft een commissie onder voorzitterschap van CDA-prominent Cees Veerman in een vanmiddag gepresenteerd rapport. (Lees hier het volledige nieuwsbericht over het rapport).

De belangrijkste punten van de commissie op een rijtje:

- Het niveau op hbo en universiteit moet omhoog. Hogescholen moeten daarom, net als universiteiten, masteropleidingen kunnen aanbieden.

- Het verschil in titulatuur tussen hbo en universiteit kan verdwijnen.

- Het systeem dat instellingen voor hoger onderwijs worden bekostigd op basis van het aantal studenten dat ze opleiden moet op de helling.

- Universiteiten moeten worden gestimuleerd zich te profileren op een bepaald wetenschapsgebied.

- Algemeen vormende bacheloropleidingen, zoals die nu verzorgd worden door  de exclusieve university colleges, zouden universiteitsbreed moeten worden ingevoerd.

Wat vindt u van de plannen van de commissie-Veerman? En denkt u dat de plannen haalbaar zijn?


Dit bericht heeft 45 reacties op “Wat vindt u van de plannen van de commissie-Veerman?”

  1. Elmer Hartkamp zegt:

    De conclusies van Veerman, hoewel de details natuurlijk belangrijk zijn en we daar op dit moment geen inzicht in hebben, klinken verstandig. Ik ben niet zo zeker dat het opheffen van titulatuurverschillen tussen HBO en WO een goed plan is, maar daar zal de Commissie wel zo haar redenen voor hebben.

    De invoering van algemeen vormende bachelor opleidingen is een goede aanbeveling. Ik heb het altijd jammer gevonden dat wij in Nederland niet de ‘liberal arts’ opleidingen hadden die in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten wel bestaan. Ik denk dat zo’n brede vorming op academisch gebied de tunnelvisie van later gespecialiseerde academici kan tegengaan, hetgeen de wetenschap ten goede komt.

    Wat me vooral aanspreekt aan de conclusies is de roep om hogere kwaliteit van onderwijs én studenten. Dat is nog eens wat anders dan de reguliere PvdA-lijn in de trant van “het moet makkelijker, anders komen sommige sukkels niet mee en dat is niet eerlijk”.

  2. Bastiaan de Goei zegt:

    Ik ben hoogst verbaasd. Dit is een van de beste plannen die ik uit de onderwijs-koker heb horen komen de afgelopen jaren. Het sloopt elk heilig huisje dat het Nederlands hoger onderwijs momenteel in zijn greep houdt. Onvermijdelijk zal een klein groepje van luidruchtige studenten en professoren nu gaan roepen dat “selectie” slecht is en dat “we het in Nederland nog niet zo slecht doen”, en menen dat zij voor iedereen spreken. De realiteit is, zoals uitermate goed beschreven door de commissie Veerman, dat vernieuwingen hard noodzakelijk zijn om een ‘prikkel’ terug te brengen in het onderwijs, investeringen beter tot zijn recht te laten komen, en onderwijs meer maatschappelijk relevant te maken door de band tussen bedrijfsleven en het hoger onderwijs te versterken. Op een nationaal niveau is daar ongelofelijk veel behoefte aan ondanks de binnen kleine kringen gekoesterde heimwee naar de jaren 60. Uninversiteiten en studenten, kruip uit uw schulp!

  3. Bram Masselink - Lyceo Examentraining zegt:

    Op welke manier loopt Nederland de achterstand op de wereldtop in, wanneer het verschil in titulatuur verdwijnt?

  4. J.C. Peregrinus zegt:

    Dit alles is niet meer dan zuiver gezond verstand. Iedereen die naar het Nederlandse hoger onderwijsbestel kijkt, kan hetzelfde concluderen. Met name waar het gaat om het eerste en het vierde punt. Aanbevelingen van het rapport dus integraal overnemen en doorvoeren !

  5. Tomas de Jager zegt:

    Het directe gevolg van het gelijk trekken van titelatuur lijkt me niet zo zeer dat de kwaliteit van het onderwijs daarmee hoger wordt, maar meer dat daarmee de kansen op een internationale carriere voor HBO afgestudeerden wordt vergroot. Op dit moment wordt een internaionaal niet bestaande titel gebruikt, Bachelor zonder toevoeging, dit kan beter vervangen worden door een titel die wel bekend voorkomt.

    Zogenaamde liberal arts studies (graag met een goede Nederlandse naam) lijken mij een heel goed idee, zeker als je in de nrc next leest, dat veel afgestudeerden in een heel ander veld dan hun oorspronkelijke studie werkzaam zijn.

  6. H. Manders zegt:

    Reagerend per aanbeveling:

    1) Ook HBO moet master aan gaan geven: Een heel slecht idee (zeker voorlopig althans), aangezien een goede Master opleiding hele andere vaardigheden vereist. Inhoudelijk zijn er véél te veel verschillen. Want alhoewel een HBO en Universitaire BA gelijkwaardig zijn, zijn ze vakinhoudelijk gewoon heel verschillend – gevolg nu al is dat een universitaire BA een probleem heeft op de arbeidsmarkt, want potentiele werkgevers hebben geen idee wat een universitaire BA kan, en zijn bovendien op zoek naar iemand met andere kwaliteiten. Het verschil moet juist gehandhaafd blijven. De kracht van het oude systeem (voor de vernietiging van de afgelopen 15 jaar) was juist dit verschil – practische inslag vs theoretische inslag. Beiden heb je namelijk nodig. Bovendien kan iedereen dan op zijn klompen aanvoelen hoe de gelijkschakeling zal plaatsvinden. Universitair niveau zal zakken, HBO zal niet stijgen – want iets anders is niet mogelijk gezien de normaalverdeling van intelligentie (IQ-versie) en het streven om zoveel mogelijk mensen een hogere opleiding te doen geven.

    Dat het algemeen niveau omhoog moet, daar kan ik alleen maar blij mee zijn. Consequentie is dan wel dat men van de idioterie van alle diploma’s en ‘hoger opgeleid moeten zijn’ af moet stappen. Dat laatste zie ik niet gebeuren, dus zal het niveau niet stijgen.

    3) Ander financieringssysteem: Per gisteren invoeren. Want het enige wat dit financieringssysteem oplevert is de ene perverse prikkel na de andere. Massa-colleges, ineenstorting van niveau, verschraling van het college-aanbod, en een veel te belangrijke rol voor de gelikte jongens binnen de universiteit (zowel de PR-afdeling als bepaalde vakgebieden).

    4) Universiteiten moeten zich profileren: Daar kan ik het wel mee eens zijn. Alleen dan zal er wel een oplossing gevonden moeten worden voor de ‘vooroordelen’ jegens bepaalde vakgebieden. Omdat je zal zien dat niemand bepaalde vakgebieden niet zal willen hebben (want niet sexy, of niets toevoegend aan de maatschappij (aldus nergens op gebaseerd geloof)) terwijl men zich voor sommige anderen de tent uit zal vechten, ook al is de hoeveelheid nut van die studies alles behalve aangetoond (onderwijskunde, bestuurskunde en economie, om maar wat voorbeelden te noemen).

    5) Brede bachelor. Dat is alleen acceptabel op een heel hoog niveau, anders niet. Want het wordt al snel ‘van alles een beetje, en dus eigenlijk niets’ kunnen. Ervaring uit midden jaren ’90: een leerling die net Nederlands VWO had afgerond met goede cijfers kon zonder problemen instromen bij 3e en 4e jaars vakken (BA duurt in de VS 4 jaar) op sub-top/top colleges in de VS. De kracht van het Nederlands universitair onderwijs, met name op de kleinere vakgebieden, was juist dat je vanaf het begin op het vak gefocused was. Om een voorbeeld te noemen: een Nederlandse talenstudent had aan het einde van zijn studie van 4 jaar een hoger nivea dan een Amerikaanse MA student die er 6 jaar (4 jaar BA, 2 jaar MA)over had gedaan. Dat was wat Nederlands universitair onderwijs zo aantrekkelijk maakte, als men het taalprobleem kon overwinnen/omzeilen: minder tijd, minder geld, en hoger niveau dan meestal het geval in de VS en Engeland.

    Helaas zijn deze kwaliteiten al kapot gemaakt door universitair wanbeleid. Nu moet iedereen inmiddels waardeloze en niet inspirerende massa-colleges volgen (want dat is financieel efficient).

  7. T.H. Bakker zegt:

    Ik zou graag een wat gedetailleerder verslag willen zien op de NRC website, en een kritisch commentaar of kader van een van de redacteuren. De aanbevelingen van Veerman zijn reeds eerder gemaakt, maar altijd met dezelfde vage argumenten als we missen de aansluiting met de wereldtop en de kenniseconomie moet groeien en efficiënter. De wereldtop is natuurlijk niets anders dan het Anglo-Saksische model, waar Amerikanen en Engelsen jaar op jaar beslissen dat hun universiteiten de beste ter wereld zijn. Nederlandse universiteiten mogen zich ook best bezinnen op alternatieve modellen en zich niet blindstaren op schijnsucces.
    Als het onderscheid tussen HBO en Universiteit gaat verdwijnen juich ik het van harte toe dat er ook meer geld vrijkomt voor praktijkgerichte promotie-onderzoeken en een versteviging van de humanitaire wetenschappen en fundamenteel wetenschappelijk onderzoek. De dialoog met de Anglo-Saksische academische wereld en Engelstalige publicaties in internationale vaktijdschriften blijven belangrijk, maar de andere kant op kijken en samenwerken met onderwijsinstituten in Z-O Azië, Afrika, en Latijns-Amerika kan ook geen kwaad.

    Meer promotieplaatsen voor de alfa-wetenschappen in Nederland!

    De kenniseconomie is er voor de neoliberalen die alles in monetaire waarde en economisch rendement vertalen; overal de prijs van weten en van niets de waarde.

  8. Michiel Smit, LAS student zegt:

    Er zitten goede elementen in het plan, maar ook een aantal slechte. Dat het niveau van zowel hbo als wo omhoog moet lijkt me evident, maar door het verschil in titulatuur te laten verdwijnen word een extra stimulans weggenomen. Op deze manier kunnen we nooit aanschuiven bij de wereldtop.

    Dan het punt om universiteiten te laten specialliseren in een bepaald wetenschapsgebied. Dit lijkt me in tegenspraak met het laatste punt; namelijk het aanbieden van een algemeen vormende bacheloropleiding. Hoe kan een universiteit die gespecialiseerd is in bijvoorbeeld economie, op dat zelfde niveau een algemene bachelor aanbieden? Zelf studeer ik Liberal Arts & Sciences aan de universiteit van Utrecht (voor meneer Elmer Hartkamp: een opleiding die reeds vijf jaar bestaat). Deze studie is zo’n algemeen vormende bacheloropleiding. Het is dus niet de bedoeling dat (in dit voorbeeld) economie extra aandacht krijgt omdat de universiteit toevallig daarin is gespecialiseerd. Het is wel de bedoeling dat alle vakken en faculteiten op een hoog niveau kenbaar worden gemaakt aan de studenten. De universiteit moet niet zijn pijlen richten op slechts een dicipline, maar juist kiezen voor de algemene ontwikkeling van de student tot intellectueel. En bij die ontwikkeling spelen juist de klassieke diciplines (lees: wiskunde, natuurkunde, filosofie enz.) de hoofdrol.

  9. Lia Lacht zegt:

    Hoeveel bonus krijgt een (bestuurs)top in het onderwijs? Het zou raar zijn als er steeds minder geld beschikbaar is voor de onderwijsvloer terwijl er aan de bovenkant niet minder uitgegeven wordt. De situatie is dan zo, dat de bestuurslaag met het geld naar huis gaat, en er voor leraren geen geld meer is.

  10. Theo Korthals Altes zegt:

    De lijn van het rapport en de tien hoofdaanbevelingen lijken mij – heel algemeen bezien – niet verkeerd. Ik ben er echter niet helemaal gerust op dat de werkelijke knelpunten tussen hbo en wo hiermee voldoende grondig worden aangesproken.

    Aanleiding voor dat vraagteken zie ik onder meer in een tamelijk verscholen observatie in het rapport, namelijk de verkokering in het voortgezet onderwijs, zijnde een belangrijke hinderpaal in de effectieve doorstroming naar en in het hoger onderwijs.

    Ik vind het jammer dat die observatie niet is vertaald naar een stevige aanbeveling in de “tien punten”.

    M.i. zullen wij voortgezet en hoger onderwijs integraal moeten stroomlijnen, door het terugdringen van de verkokering, meer universaliteit in de algemene vorming en een logisch opleidingspad met volwaardige eindtermen voor het pure vakonderwijs.

    Een andere reden om een vraagteken te zetten is de wel erg makkelijke aanbeveling in de richting van “instellingsprofilering”. Ik ben er niet van overtuigd dat hiermee echt een probleem wordt opgelost en ik ben geen voorstander van sterke monopolies per vakgebied. Duidelijke opleidingsprofielen lijken mij wel gewenst, en deze zouden ook het onderscheid tussen hbo en wo in het onderwijs langzaam moeten terugdringen ten gunste van een onderscheid naar “opleidingenmarkten”.

  11. natascha adama zegt:

    Samen met tig andere Nederlanders ben ik uitgeweken naar een universiteit inde VS, omdat er in Nederland geen geld is maar ook omdat het geld dat er is door een speficifieke groep mensen wordt beheerd. Ook geld dat zg via het NWO verkregen kan worden. Geld is niet het probleem, wel de onwil om het curriculum te vernieuwen, te innoveren en divergerende opinies in de academia toe te laten. HBO dat is een lachertje waarbij allerlei MBA jongens ergens in een mooi kantoor zitten en spreken over contacturen, en pas op het laatste moment roosters online publiceren voor dezelfde middag. Of er nu bakken met geld zullen bijkomen, of twee euro, mentaliteitsverandering is niet te koop. Mensen zullen blijven vertrekken en hun krachten geven in een land dat het in feite niet nodig heeft.

  12. E. Son zegt:

    Waar helaas met geen woord over wordt gerept in de media en in de politiek is de voorgenomen wijzigingen t.a.v. de bekostiging van het hoger onderwijs. Een van de gevolgen van de plannen is dat het volgen van een tweede opleiding HBO of universitair niet meer wordt bekostigd. Gevolg zal zijn dat HO-instellingen collegegelden naar eigen inzicht mogen verhogen. De plannen zijn nu in de maak. Wat zullen de gevolgen zijn van het opwerpen van een dergelijke financiele drempel? Mij lijkt het in ieder geval in tegenspraak met de roep om ‘lifelong learning’.

  13. Leonard Otto zegt:

    Twee belangrijke punten:
    I-a) “Instellingen voor hoger onderwijs worden nu nog bekostigd op basis van het aantal studenten dat ze opleiden. Dat systeem moet op de helling, vindt Veerman.

    I-b) Universiteiten moeten het recht krijgen studenten voor aanvang van de studie aan selectie te onderwerpen en desgewenst de toegang tot een opleiding te ontzeggen.

    I-b hangt van I-a af: de onzalige outputfinanciering heeft de teloorgang van ons onderwijs alleen versneld. Selectie aan de poort móet, willen we ons onderwijs ooit weer op de rails krijgen. Slapende rijk kunnen allen financiële toezichthouders worden. Laat die maar pitten, heb je er nog de minste last van.

    Allerbelangrijkste: zorg dat al die gebakken-lucht-onderwijsmanagers, inclusief universitaire CvB’s, niet meer worden aangesteld en dat de zittende snotterbellen zo snel mogelijk verdwijnen: “curettage”(sit venia verbo) is eigenlijk noodzakelijk. Maar gevestigde (politieke) belangen zullen dit vermoedelijk onmogelijk maken.
    Mensen met hart voor kennis en cultuur, die moeten we daar hebben. Nu worden er al jaren miljoenen verkwist door Wichtigmacher die geen grein toegevoegde waarde genereren. Liever wat financieel onhandige wetenschappelijk-didactische kanjers, dan die lamlendige lege figuranten en naargeestige narcisten.

    II) “De tijd dat in bijna iedere Nederlandse universiteitsstad rechten of economie kan worden gestudeerd, is wat Veerman betreft voorbij.”

    Maak of van rechten en economie eindelijk de hbo-opleidingen die ze altijd al waren, evenals geneeskunde, of upgrade ze tot echte academische studies. Veerman is zelf meen ik Wageninger, maar zal gezien zijn leeftijd nog een brede basisopleiding genoten hebben. Dus zal hij wellicht het belang van ‘Bildung’ / een degelijke academische vorming, nog kunnen inzien.
    Zorg er vooral voor dat er op elke universiteit goed filosofie- en literatuuronderwijs wordt aangeboden en liefst ook over enkele universitaire centra verspreid culturele antropologie in de brede zin des woords. De wereld wordt kleiner, maar daarom niet minder divers: integendeel. Dus empatisch vermogen t.a.v. ‘vreemde’ culturen (denk bijvoorbeeld aan China, India, Zuid- Amerika!) moet hoognodig worden ontwikkeld en vergroot.

    Leren hoe je een jaarrekening of balans in elkaar steekt op een manier om de kluit te bedotten en bedriegen (Business-masters, brrr …. ) werkt alleen contraproductief. Geef de snuiters een gezonde brede en wat diepere kijk op de samenhangen in deze wereld.

    Laten we hopen dat er tenminste 20% van lukt. Stel niet te hoge aanvangsverwachtingen, want foute belangen (baantjes en statusposten) zullen hardnekkig verdedigd worden, maar laat wel degelijk zien dat het dit keer ERNST is met onderwijsverbetering! Nederland loopt al – onnodig! –jáááren achter vanwege (partij-)politiek geklungel en gekluns.

  14. p.c.van den noort zegt:

    Ik ben verbaasd,omdat ik sinds ik met welke vorm van onderwijs ook te maken kreeg men het nodig wilde hervormen en een paar keer is dat in die 65 jaar waarover ik feitelijk spreek nog gebeurd ook.Het onderwijs is zelfs zo veranderd dat ik er de weg niet in weet,en grote moeite zou hebben een onderwijsgevende of een student te zijn.Nu weer?

    Voor de meeste beroepen wordt er wel een goede opleiding gegeven,maar men moet wel bezig blijven met de studie een wetenschapper moet bijv. promoveren anders leert hij meestal zijn vak niet en loopt hij inderdaad achter bij een Amerikaanse collega,voorwie een PhD minimum eis om aan werk te komen.
    Wat er wel ontbreekt is vrijheid bij het onderzoek en het presenteren van afwijkende visies ,ook het speculatief onderzoek wordt onderdrukt,daar kan men in de fase die Kuhn de normale wetenschap noemde best uit de voeten,maar men men moet geen doorbraken verwachten,of omgooien van een paradigma.
    Hierdoor onstaan nu ook geen doorbraak-innovaties,waar de economie naar snakt.

    Wil men zo iets bereiken dan hoeft men niet het hele onderwijs aan te pakken,maar ergens in Nederland een topopleiding voor wetenschap op te richten of uit te breiden,Voor de 90% overige studenten uit HBO en Universiteit is het nu wel goed,wat zouden de advocaten,notarissen,huisartsen enz nog meer moeten leren en op welke andere wijze?Mijn lezers kunnen zelf wel zoiets invullen voor een menigte van respectabele en vaak ook moeilijke beroepen.

    Mijn opinie is dus geen radicale veranderingen over de hele linie,wel een vernieuwde topinstelling met veel middelen en vrijheden voor de wetenschappelijke onderzoekers,speciaal scientists.

  15. Els Schröder zegt:

    Ik ben niet verbaasd bij de conclusies van het Rapport Veerman. Wat mij wél verbaasd, is dat het Angelsaksische systeem zonder kanttekeningen aangeprezen wordt en als een ideaalbeeld aan ons voorgeschoteld wordt. Als ‘uitvaller’ van het Nederlandse systeem (geen geld voor een AiO-plek, wel talent, dus op naar de UK voor die PhD) denk ik een redelijk beeld te hebben van zowel het Nederlandse, als het Engelse systeem.

    Ik verzorg onderwijs op een zeer competitieve en goed aangeschreven universiteit in de UK. Mijn studenten zijn crème de la crème en ja, dit maakt een verschil voor het niveau in discussies. Selectie aan de poort kan dus het gewenste effect hebben, maar plaats een universiteit ook voor problemen. Niet al onze universiteiten zouden een topuniversiteit kunnen zijn, want ook de studenten met een eindexamencijfer lager dan een 8 zouden ergens terecht moeten kunnen. Dit zie ik niet terug in het rapport.

    Daarnaast ben ik zeer sceptisch over het idee de Hogescholen te promoten tot universiteit (want dat is hetgeen wat voorgesteld wordt met de invoering van masters aan de Hogeschool). In de UK is hetzelfde gedaan met de oude Polytechnics, die zich nu allemaal universiteit mogen noemen. Dit heeft niet zozeer tot een grotere kenniseconomie geleid, maar eerder tot een grotere nivellering van het onderwijs en het onstaan van ‘tweederangs’ diploma’s van ‘tweederangs’ universiteiten. Niets mis met een goed College naar Amerikaans voorbeeld daarentegen.

    Uitval in Nederland is te hoog. Maar de wijze waarop uitval tegengegaan wordt op Britse universiteiten is tenenkrommend. Niets van ‘een vak overdoen, indien onder de maat’, want overdoen=niet slagen=uitvallen. Gevolg: ondermaats werk wordt geaccepteerd om een student binnenboord van het systeem te houden. Met andere woorden: wees voorzichtig.

    Niet alles is mis in Nederland. Ik heb tijdens mijn jaren op een Nederlandse universiteit veel meer kennis tot me kunnen nemen dan ik aangeboden zie op Britse universiteiten. Door het Angelsaksische model klakkeloos te accepteren en aan te prijzen, zou Nederland het kind wel eens met het badwater kunnen weggooien. Nederland heeft geen investeringsklimaat voorhanden, zoals sommige Amerikaanse en sommige Britse universiteiten kunnen aanboren voor hun fondsen. Om die reden alleen al zijn sommige aspecten van het Angelsaksische model ongeschikt voor ons kikkerland. Oriënteer en sluit aan, maar wees realistisch.

  16. Hans Schervers zegt:

    Nederlandse universiteiten zijn een regelrechte ramp. Toen ik vanuit de VS naar Nederland kwam, is mij van hogerhand te kennen gegeven dat ik niet zo veel moest publiceren. Zoiets kan alleen in Nederland. De plannen van de commissie-Veerman gaan mij dan ook nog lang niet ver genoeg in het koesteren van talent. Want daar gaat het tenslotte om. Je moet bereid zijn om vreemde mensen van allerlei pluimage in een relatieve rust te laten werken aan dingen die maar weinigen begrijpen. Dus er moeten veel meer leerstoelen komen, vooral leerstoelen waarbij zoiets vreselijks als management geminimaliseerd is. Ik bedoel, ik haal massa’s geld binnen en ik wil het graag uitgeven aan goed onderzoek, maar het beheren van een budget is iets waar ik absoluut niet op zit te wachten. En alleen in Nederland is een hoogleraar tijd kwijt aan budgetbeheer en trivialiteiten die anderen veel beter kunnen. Just daarin zit ‘m het gebrek aan kwaliteit: al die hoogleraren met schaal 14+ die zich moeten bezig houden administratieve taken op salarisniveau 10-. Maar dat krijg je dus als je de structurele financiering van leerstoelen gaat afknijpen. man, man, wat een kapitaalvernietiging is dat!

  17. wim fred zegt:

    Hopelijk gaat men zich ook realiseren dat het vergemakkelijken van het ontslagrecht voor ambtenaren (leerkrachten) al een hele verbetering zal zijn. Eindelijk de mindere leerkrachten er wat goedkoper uit!

  18. B. Wijntuin zegt:

    Hebben ‘investeringen’ in onderwijs altijd ‘het meeste’ rendement? Ha, ha, ha. Heeft u het nieuws gevolgd, de afgelopen veertig jaar, mijnheer Veerman? Altijd rendement? Heeft u wel eens gehoord over bureaucraten, machtsverhoudingen, aan touwtjes trekken etc. etc.?
    Wie garandeert dat uw geld niet gewoon ergens in een politiek-correcte bureaucratische put terechtkomt?
    Stop er maar geld in (geeft niet waar, als het maar over de schutting is, de sterkste gaat er wel mee vandoor), dan komt alles goed. Het recept van de ontwikkelingshulp, eigenlijk.
    Het gelijkschakelen van HBO en universiteit komt volgens mij gewoon neer op het afschaffen van de universiteiten. Dat zal niet tot gevolg hebben dat het niveau van het HBO omhoog gaat. Titelinflatie (iedereen professor vanaf zijn geboorte) heeft nog nooit iets zinnigs opgeleverd. Binnen de kortste keren heeft de buitenwereld het in de gaten. De ‘masters’ (meester in wat, eigenlijk) in spe zullen zich ook niet laten bedotten en naar het buitenland gaan als ze een werkelijk goede opleiding willen.

  19. stefan kole zegt:

    Ik heb het rapport nog niet helemaal tot en detail gelezen. Maar wat ik een verstandige keuze vind is dat er ook aandacht wordt besteed aan deeltijdonderwijs, Long Life Learning.

    Dat HBO en Universiteit dezelfde titulatuur gaan krijgen zie ik persoonlijk niet zitten. Het is niet verkeerd om de verschillen tussen HBO en WO d.m.v. titulatuur te onderscheiden. Een HBO opleiding vervult een ander maatschappelijk belang dan een WO opleiding. Wel vind ik het belangrijk om de doorstroom van HBO naar WO te bestendigen. Bijvoorbeeld via een werk-leer combinatie.
    Ik hoop dat het deeltijdonderwijs blijft bestaan en dat volwassenen de kans krijgen om op latere leeftijd (alsnog) een WO opleiding te voltooien.
    Dit rapport is een stap in de goede richting. Nu moeten we aan de uitvoering ervan beginnen. Op de kwaliteit van het onderwijs kunnen we nu niet bezuinigen.
    Bezuinigen op het onderwijs kunnen we ons financieel niet veroorloven.

  20. D.F.M. Dieleman zegt:

    Net als # 16 Hans Schervers ( “Dus er moeten veel meer leerstoelen komen, vooral leerstoelen waarbij zoiets vreselijks als management geminimaliseerd is. Ik bedoel, ik haal massa’s geld binnen en ik wil het graag uitgeven aan goed onderzoek, maar het beheren van een budget is iets waar ik absoluut niet op zit te wachten. En alleen in Nederland is een hoogleraar tijd kwijt aan budgetbeheer en trivialiteiten die anderen veel beter kunnen. Just daarin zit ‘m het gebrek aan kwaliteit: al die hoogleraren met schaal 14+ die zich moeten bezig houden administratieve taken op salarisniveau 10-. Maar dat krijg je dus als je de structurele financiering van leerstoelen gaat afknijpen. man, man, wat een kapitaalvernietiging is dat! “)
    kwam ik uit de USA naar Nederland terug, gedwongen door familieomstandigheden. Node, want ik kende de omstandigheden in het Nederlandse onderwijs inclusief de Nederlandse universiteiten: rampzalig, vooral door onbekwaam management dat op geen enkele manier op falen kan worden aangesproken en afgerekend.
    Voor mijzelf en mijn vrouw heb ik puike voorwaarden kunnen bedingen bij de universiteitsmanagers, want die zien de bui toch ook hangen en beseffen dat ze zich eindelijk iets gelegen moeten laten liggen aan de kwaliteit van onderwijs en onderzoek. Van harte en met overtuiging gaat het bij hen allemaal echter niet!
    Nu kan ik het wel goed hebben geregeld, maar indien mijn medewerkers en staf daarbij vergeleken onder abominabele condities werken, gaat het onvermijdelijk mede ten koste van mijn werkomgevingkwaliteit.
    Ook de universitaire geneeskundige diensten laten zich volledig door het College van Bestuur gezeggen en intimideren medewerkers of keuren ze af, al naar gelang het CvB dat beveelt. Ongelooflijk slecht voor het werkklimaat.

    # 13 Leonard Otto, spreekt woorden naar mijn hart: weg met de minkukelmanagers, liever een persoon met hart voor de academische zaak die op de keper beschouwd financieel en organisatorisch helemaal niet handiger of onhandiger is dan de zogenaamde ijdeltuit-managers. De uitzondering daargelaten.

    Zo gauw het enigszins mogelijk is, vertrekken we dan ook weer uit Nederland. Voor onze kinderen vinden we het onderwijs hier niet best en van het Nederlandse politiek-bestuurlijke establishment hebben we bepaald geen hoge dunk: dat is minstens zo zelfingenomen en gespeend van enige zelfreflectie als de onderwijsmanagers.

  21. Fatih Erdurcan zegt:

    Als docent in HBO techniek (HTO) concludeer ik het volgende:

    Het niveau van HBO Nederland wordt collectief omlaag geschroefd omdat de regering nastreeft dat 70% van de nederlanders een HBO diploma heeft. Dat kan alleen door een MBO van het HBO te maken.(60-70% VMBO-ers in NL)

    Dit gaat zo in zijn werk: Steeds minder tijd in theorie en harde techniek en steeds meer tijd naar algemene vaardigheden, zogenaamde competenties, waardoor halve ingenieurs worden afgeleverd, die goed kunnen vergaderen, presenteren, babbelen en googlen, maar weinig weten. Verder worden docenten geforceerd 70% slagingspercentage te realiseren.

    Doordat scholen worden bekostigd op basis van het aantal studenten dat ze opleiden, krijg je steeds grotere scholen met procentueel veel meer overhead en managementlagen die zelf idiote bedragen verdienen. Deze overbodige mensen creeeren onder elkaar weer allerlei onnodige baantjes en functies. Extra geld in het HBO wordt ook hierdoor opgeslokt en gaat ECHT niet naar goede docenten, deze zijn namelijk veel minder nodig door bovengenoemde kwaliteitsverlagingen.

    Een voorbeeld: Het oude en kleine TH Rijswijk leidde minder studenten op, maar deze HBO’ers hadden een hoog theoretisch niveau naar volle tevredenheid van bedrijven. Vrijwel al het geld ging naar de werkvloer en overhead was zeer gering. Elders in het land hadden HBO’ers de helft van de theoretische kennis van eerdergenoemden. TH Rijswijk heeft het echter niet overleefd en is door een grote HBO overgekocht.

    Verder trekt “verschil in titulatuur laten verdwijnen” alleen maar het niveau van Universiteiten naar HBO niveau. Ook is het bij TU’s al zo dat universiteiten zich profileren op een bepaald wetenschapsgebied.

    Met algemeen vormende bacheloropleidingen krijg je mensen die een beetje weten van alles, mensen zonder specialisme die nooit hebben durven kiezen voor een richting. Wat hebben we aan deze mensen als ze klaar zijn ? Dit worden Job hoppers. Kies dan een brede opleiding als bijv. MER.

  22. jetje van der hoek zegt:

    Ok, begin dan eerst met het verbieden van eigen teelt benoemen in vaste aanstellingen – zoals al jaren lang mores is in de VS -, verder tenure track voor iedereen, niet zoals nu de beste mensen die NWO geld binnehalen zo’n 10 jaar lang zoethouden met tijdelijke arrangementen, en dan niemand meer dan 6 uur per week college laten geven – zelfs niet in de letteren faculteit.Studenten twee keer zoveel werk geven en AIOs inzetten bij het onderwijs in de bachelors fase.
    Zo kom je al een heel eind richting vernieuwing en verbetering….

  23. Karel Fries zegt:

    Selectie aan de poort? Als het goed is, dan is een VWO-diploma voldoende om een universitaire studie intellectueel aan te kunnen. Vroeger vormde zo’n diploma nog een bewijs van de capaciteiten van de aankomende student. Tegenwoordig kun je daar minder sterk van op aan.

    In de loop der jaren is er is er bijvoorbeeld zoveel weggehaald en verdwenen uit de lesstof voor wiskunde A en B dat men op veel universiteiten eerst nog bijspijkercurssusen moet geven aan de eerstejaars studenten. Ook de taalbeheersing laat steeds meer te wensen over. Het niveau van de spelling is soms bedroevend slecht te noemen.

    Maar………. onze regering heeft het zich tot doel gesteld om in de toekomst, vanaf 2020, de helft van de Nederlandse bevolking hoger opgeleid te laten zijn. Als men nu opeens een strengere selectie aan de poort gaat hanteren, dan wordt die doelstelling al bij voorbaat niet gehaald. {Wat mij betreft is dit sowieso een irreeël plan – onze bevolking is de laatste twintig jaar echt niet significant slimmer geworden.}

    Als je dan toch zo nodig letterlijk half Nederland met een diploma van een HBO of universiteit wilt zien afkomen, dan bestaan er grofweg twee routes:
    of je verlaagt de examinerings-eisen die je aan je studenten stelt (diploma-inflatie) of je zorgt er voor dat meer studenten hun opleiding ook daadwerkelijk afmaken. Dat laatste zou je kunnen bevorderen door in een betrekkelijk vroeg stadium studenten die met hun studie(voortgang) worstelen te ondersteunen, d.w.z. na te gaan waar hun studieprobleem hem in zit. Is het een motivatieprobleem, kan men zijn tijd niet goed managen, is de materie te moeilijk, deugt het onderwijs niet, etc.? Daar kan dan vervolgens gericht actie op ondernemen worden. Nu laten universiteiten studenten soms jarenlang zwemmen, voordat men hierover contact opneemt.

  24. augusta hermans zegt:

    zeer recent had ik een discussie met studenten en afgestudeerden, juist over dit onderwerp.Men vond mijn idee wel om over na te denken, maar echt van harte was de toezegging niet.In feite was mijn inbreng gebaseerd op de standpunten die Veerman nu ook etaleert.
    Het nederlandse hoger/universitair onderwijs heeft een reshuffle ahrd nodig.Veermans’ voorstellen stemmen mij positief.

  25. Jitso Keizer zegt:

    Dat het nivo van het onderwijs omhoog moet is een soort dooddoener en de achterliggende gedachte is bij vele docenten dat ze meer salaris willen omdat ze zichzelf hoger aanslaan dan de rest van de gemeenschap doet.
    Er is al lange tijd teveel dwang jegens studerenden. Om dat te verminderen zou het goed zijn titelatuur af te schaffen en slechts aan te geven welke kwantiteit en kwaliteit er behaald werd door degenen klaar met hun studie. Hiertoe is het nodig om goed de diverse opleidingen te onderscheiden. Promoties zijn ondingen, want het accent ligt op het verkrijgen van status, vaak door jeugdigen die nog niet rijp zijn om maximaal te presteren.
    Permanente educatie hoort hoog in het vaandel te staan. Dat evenwel wordt zwaar gehinderd door practijken zoals op de VU en UvA om de bibliotheek gedeeltelijk af te sluiten voor anderen dan eigen volk. Dit gebeurt heel listig met argumentatie zoals reservering van plek voor studenten. Die hun eigen boeken meebrengen en net zo goed in het paleis op de Dam kunnen zitten, maar vooral door de toegang tot het Internet in de bieb te bemoeilijken. Zo sluit je potentiele concurrenten mooi buiten.
    De professoren zijn merendeels gemeen volkje, dat de vrijheid tot het geven van onderwijs door buitenstaanders bemoeilijkt teneinde voor zichzelf een mooi baantje te behouden. In strijd met art 3 der Grondwet, dat niet alleen eerlijke, open sollicitatieprocedures inhoudt maar ook regelmatige toetsing op geschiktheid worden hoogleraren tegen overmatig salaris voor het leven benoemd. Pure discriminatie van gewone mensen en illustratief voor de triade maatschappij in NL, waar politici vette baantjes zoals burgemeester mogen inpikken -onder de facto buitensluiting van 95% der bevolking, geen lid van een partij- en de business boys profiteren van allerlei belastingfaciliteiten. Deze drie categorieen houden elkaar in evenwicht met de verdeling van begunstigingen, doch belemmeren gezonde ontplooiing van de samenleving met gelijke kansen voor iedereen.
    Het onderwijs hoort primair op bevordering van dit laatste gericht te zijn en niet op bijvoorbeeld zoveel mogelijk publiceren in het engels.
    Hoe fnuikend is het lesgeven in de vreemde taal engels, zodat je de moedertaal niet meer voldoende kent en erin gaat stuntelen, niet meer op nivo daarin kunt communiceren.
    Nederland heeft geen vliegtuigindustrie, er worden geen zelf ontworpen autos gebouwd, spoorwagons zijn in het buitenland goedkoper als je de afdracht loonbelasting en sociale premies niet rekent en de verwerpelijke bio-industrie floreert volop. Zelfs het meest op de Veluwe, waar ze niet willen weten van de Tien Geboden die ook aan het vee sabbath toekennen, ontspannen rondscharrelen in een natuurlijke omgeving. Wat wil je dan in zulke context verbeteren aan het onderwijs? Geef daar eens een duidelijk antwoord op.

  26. Bas Aghina zegt:

    De Commissie Veerman heeft een uitgebalanceerd rapport afgeleverd dat door de inzet op dynamiek vergroting i.p.v. structuurwijziging, laat zien hoe op relatief korte termijn Nederland met het Hoger Onderwijs internationaal weer hoger op kan komen.
    Het pleidooi voor LevenLang Leren en het onderzoek naar mogelijkheden voor Leerrechten voor 30+, is volgens mij daarin met name belangrijk om het hoger onderwijs voor de ouder wordende beroepsbevolking serieus toegankelijk en inspirerend te maken.
    Daarnaast kan het advies om als ‘Follow up’ voor het rapport een breed Maatschappelijk Convenant Hoger Onderwijs (met o.a. ook bedrijven, jongerenorganisaties) af te sluiten, er voor zorgen dat persoonlijke achtergronden, leerstijlen, levensfases en belangen van studenten veel meer sturing gaan geven aan het aanbod van het hoger en met name universitair onderwijs.
    Naast wellicht onvermijdelijke nodige specialisaties bij Universiteiten, waarbij algemene ‘Bildung’ vakken, filosofie, cultuur, economie en communicatie aan de Universiteit nodig blijven, kan juist ook het handhaven van het onderscheid tussen Universiteit en HBO een sterk profileringsmiddel zijn. Het zijn juist de potentiële 30+ studenten die relatief in aantal toenemen, die langer door moeten werken, gemotiveerder en gefortuneerder zijn, die met werk- en levenservaring zich willen bij- of zelfs omscholen. Een inspirerende Universitaire omgeving waarin kennisverdieping én -verbreding en ‘Bildung’ worden aangeboden, is hiervoor de ideale plaats. Gelet op de sociaal-demografische ontwikkeling, is dit dé niche markt in de kenniseconomie die Universiteiten (en deels ook Hogescholen) nog veel beter kunnen gaan bedienen. Het bij wet instellen van leerrechten kan hieraan natuurlijk een enorme impuls geven, mits het systeem goed georganiseerd wordt (in Frankrijk waar men dit systeem al langer kent, loopt het nog niet optimaal).

    In de verkiezingsprogramma’s staan geen bezuinigingen op hoger onderwijs opgenomen. Dit schenkt hoop om uit de crisis te komen. Het wordt een interessant nieuw collegejaar in september.

  27. J.P. Jansen zegt:

    Algemene bachelors breed invoeren kan een zinvolle weg zijn. De meeste studenten zullen echt geen baan vinden in een specialisme, als wetenschappelijk onderzoek. Je kunt bij wijze van spreken 100 wiskundigen opleiden, allen bekwaam tot onderzoek. Bij vervanging in 30-35 jaar heb je een jaarlijks aantal vacatures dat 3% bedraagt van de hele beroepsgroep. Een handjevol vindt dus werk in zijn vak, want 3000 wiskundig onderzoekers zijn er echt niet in ons land. De meerderheid, misschien wel 95%, zal met enige frustratie genoegen moeten nemen met werk onder haar niveau. Haar jeugdig elan, besteed aan een zware studie, blijkt over de balk gegooid. Zo vergaat het velen. Een algemene bachelor voor de meerderheid van de studenten is dus een goed idee.

    Denk echter niet dat de universiteiten die zonder slag of stoot zullen accepteren. Toen de bachelor/master structuur werd ingevoerd, wisten de technische universiteiten een langere studieduur te versieren, heel goed wetend dat er voor de meerderheid geen baan zou zijn op dat niveau. Reken dus maar op obstructie als je die bachelors wilt opleiden. Het kan verstandig zijn de bekostiging naar aantallen af te schaffen. Breng eerst in kaart hoe veel afgestudeerden er in een vak nodig zijn en stel de aantallen eerstejaars daarop in, bijvoorbeeld door een selectie van de besten bij de poort. Dan kun je onderzoekers opleiden van topklasse, zonder dat er een menigte gefrustreerden ontstaat, die wel de moeite hebben gedaan maar geen werk vonden. Je kunt topkwaliteit krijgen en toch bezuinigen in de aantallen.

    Allicht gaat het argument komen dat werkgevers geen breed opgeleide bachelors willen hebben. Natuurlijk willen ze dat niet. Ze zoeken binnen het aanbod naar de besten. Maar geen werkgever zal hardop uitspreken dat hij alleen maar simpele bezigheden in de aanbieding heeft. Kijk dus niet naar wat werkgevers vragen, maar zoek eens uit wat die afgestudeerden werkelijk doen met hun vak. Menig ‘topspecialist’ in een bedrijf mag van geluk spreken als hij ooit eens een tweedejaars vak mag toepassen.

    Tenslotte een waarschuwing. Al enkele decennia wordt er links en recht gepleit voor meer convergentie tussen HBO en WO. In de praktijk betekent zoiets wel dat de HAVO leerling zijn stempel zal gaan drukken op het hoger onderwijs. Een cultuurtje van gemakzucht en lijntrekken houd je niet meer buiten als je het HBO met dezelfde toeters en bellen tooit als de universiteit.

  28. p.c.van den noort zegt:

    Er zijn hierboven nogal wat belanghebbenden aan het woord,dat is prachtig lobby-werk,maar geen opinievorming vanuit algemeen belang.De een ziet meer geld komen, anderen verhoging van de status van hun instelling,de derde groep verheugt zich op het pakken van hoogleraren of juist studenten aan de poort enz.

    Het is helemaal niet zo dat er veel mis is met het huidige onderwijs en de studenten-dat ze niet allemaal kunnen concurreren met Oxford is wel waar,maar ook niet nodig . Het afhaken bijv is helemaal niet zo’n ramp,ze gaan op jeugdige leeftijd iets anders doen of studeren en dat is beter dan bij de mid-life-crisis.

    Men kan wel willen en decreteren dat het volk moet bestaaan uit een zeer hoog % hoger opgeleiden (75 ?),maar kan dat ook,is het zelfs maar wenselijk?In de jaren 1950-60 was men in de psychologie van mening dat ongeveer 6 % kon studeren,terwijl maar 3% het deed Dat is aanleidibng geweest tot een beleid met beurzen.Dat heeft samen met de gestegen welvaart inderdaad succes gehad,maar of er nu i.p.v. 6% wel 60 of meer procent van het volk kan studeren (op hetzelfde peil wel te verstaan) kan men toch wel betwijfeen..Of de samenlevng erop zit te wachten is tevens een onbeantwoorde vraag.Ook is het zeer te betwijfelen of de betrokken studenten uit de arbeidersklasse er wel zogoed (gelukkig in de zin van Layard en Femke Halsema) mee af zullen zijn .

    Een grote hervorming is kostbaar en levert pas laat zichtbare resultaten,die lang niet altijd positief zijn.Daarom is het af te raden over de hele linie weer eens en hervoming los te laten.Men zou zich kunnen beperken tot scientists met hoge cijfers en ambities.Zou het daarbij niet lukken dan heeft men toch een aantal verder geschoold of laten promoveren,goed om toch nog met Oxford te kunnen verkeren.

  29. Jan Muters zegt:

    Ik denk dat meer investeren geen zin heeft. Dijstelbloem gaf al aan dat er meer naar de docenten zou moeten gaan. Onze Calvinistische Regentjes hebben toen besloten dat alles toch maar weer via de “parasitaire managerskaste” moest gaan lopen.
    Ik denk dus dat meer investeren toch weer aan de stropdassen blijft hangen alvorens het wisselgeld in het onderwijs terecht komt.
    Als er tenminste iets overblijft. Want na de verkiezingen zal niemand meer praten over bezuinigingen op ambtenaren. Er zullen ambtenaren bij moeten komen om de onderwijshervormingen in geode banen te leiden.
    En over een jaartje of 15 komt een andere Dijstelbloem vertellen dat er meer geld moet naar het onderwijs….waarna 80% wordt opgesoupeerd door het management…..en 15 jaar later….affijn
    Ik geloof in deze dingen helemaal niemand meer.
    Had Veerman overigens ook niet een of ander louche zaakje in Frankrijk. Kweenie of ik zo’n persoon nog geloven kan!

  30. Peter De Reijke zegt:

    HOGER ONDERWIJS MOET BETER, MAAR PAK HET DAN WEL SLIM AAN

    De lobby van het hoger onderwijs om aan bezuinigingen te ontsnappen is dezer dagen niet van de lucht. Sterker, er moet nog veel meer geld bij, vinden Veerman, Rüpp, Wintels, Bormans en waarschijnlijk alle andere bestuurders in deze sector. Toch denk ik dat het goed is als de politiek niet aan deze druk toegeeft. Alleen maar het hoger onderwijs ontzien en er zelfs nog meer geld inpompen levert echt geen beter onderwijs op, en al helemaal geen aansluiting bij de wereldtop. De onderwijsbestuurders preken vooral voor eigen parochie, en vinden regeringsadviseur Veerman blijkbaar aan hun zijde. Een kritische analyse van de aangevoerde argumenten is op zijn plaats. Daartoe lever ik de volgende bijdrage.

    SELECTIE AAN DE POORT HARD NODIG

    Laten we beginnen met vast te stellen dat grofweg 50 % van de studenten die de propedeuses van wo en hbo binnenstromen de eindstreep niet haalt. En van de 50 % die dat wel doet, slaagt slechts een kleine minderheid daarin binnen de normtijd van 4 jaar. Het rendement van het hoger onderwijs is dus bedroevend. Bestuurders, zoals Rüpp van Avans, kunnen dat harde feit ook niet ontkennen. En intakegesprekken en studieadviezen zijn er overal, maar leveren niets op. Veel onderwijsbestuurders en managers hopen dat de zg. studieloopbaanbegeleiding (slb) het wonder gaat verrichten, maar ook daar blijkt al jaren niets van. Slb is vooral een door onderwijskundigen en onderwijsideologen aangezette hype waar heel veel geld in is gaan zitten, maar hard onderzoek naar het effect van slb is er tot nog toe niet gedaan. Praktijkervaringen met slb geven weinig hoop. Geconfronteerd met de feiten over het miserabele rendement blijven onderwijsbestuurders vooral bezweringsformules uitspreken.

    Hoe krijgen we het rendement dan wel omhoog ? Ik zie maar één oplossing, en heel voorzichtig denkt ook Veerman in die richting: selectie aan de poort. Dat daar wetswijziging voor nodig is is duidelijk. Dat moet dan maar. Evenzeer is duidelijk dat je de instellingen de selectie niet zelf moet laten doen, want dan laat zich het zg. prisoners’ dilemma gelden. Hogeschool x denkt dan, “als wij streng in de leer zijn en veel aspirant-studenten weigeren, zetten onze concurrenten de poort juist open en is onze concurrentiepositie vernield”. En omgekeerd: “Als onze concurrenten streng selecteren doen wij dat juist niet, want dan worden wij extra aantrekkelijk en groeit dus ons marktaandeel.” Het resultaat is dat echte selectie aan geen enkele toegangspoort plaatsvindt. Selecteer dus wel aan de poort, maar alleen onder controle van de overheid. Dat betekent een forse inperking van het speelveld en daarmee van de macht van onderwijsbestuurders. En dus een hervorming van de bestuurlijke structuren in het hoger onderwijs.

    HERVORMING VAN BESTUURSSTRUCTUREN IS EEN VOORWAARDE VOOR KWALITEITSVERBETERING

    En daarmee raken we de problematiek van het hoger onderwijs in dit land in de kern. Sinds de dagen van onderwijsminister Deetman (jaren 80) is vooral het hbo samengeklonterd tot een klein aantal enorm grote instellingen, die in hun resp. regio’s vrijwel een monopoliepositie hebben. Tegelijkertijd is de beleidsvrijheid van bestuurders vrijwel onbegrensd geworden, door de invoering van de lumpsumbekostiging. Simpel gezegd komt het erop neer dat de bestuurders een zak geld uit Den Haag krijgen waar ze naar eigen goeddunken mee om mogen gaan. Dat heeft geleid tot ware piramides van managementstructuren, en enorm uitgebouwde stafapparaten. De afstand tussen de hoogste bestuurders en de uitvoerende docenten is astronomisch groot geworden. De bestuurders leggen het erop aan om eindeloos door te blijven groeien, want hoe groter het marktaandeel, hoe meer macht. Het bekostigingssysteem stimuleert ongebreidelde groeidrang, omdat de regel geldt dat de hoeveelheid geld in de lumpsum evenredig groeit met het aantal ingeschreven studenten. Ook is er voor bestuurders een bonussysteem dat aan de banken doet denken. Hoe meer studenten, hoe groter de bonus. Er worden dan ook de gekste dingen verzonnen om studenten te lokken, hetgeen op zich al een bron van verspilling is: enorme budgetten voor PR en reclame, en de uitvinding van steeds weer nieuwe studierichtingen met meestal Engelstalige fantasienamen. Groeizieke bestuurders hebben dus helemaal geen zin in echte (dwz onder overheidscontrole staande) selectie aan de poort. Wil je selecteren, hervorm de bestuursstructuren dan, hetgeen betekent: minder bestuurdersmacht en meer overheidstoezicht op de besteding van belastinggeld. En pak uiteraard ook het bonussysteem aan, dat in het hoger onderwijs even pervers werkt als in de financiële sector.

    DRING DE VERSPILLING IN HET HOGER ONDERWIJS TERUG

    Als 50 % van de instroom niet in het hoger onderwijs thuishoort, dan betekent dat dat er enorm veel geld wordt verspild als die 50 % toch wordt toegelaten. In een tijd waarin aan miljardenbezuinigingen en -besparingen niet te ontkomen valt, mogen we niet toestaan dat het hoger onderwijs een rendement haalt van minder dan 50 %. Als groeimanie en machtsbegeerte van hogeronderwijsbestuurders de grote blokkade vormen die het terugdringen van verspilling in de weg zit, dan moeten we die bestuurders hun positie ontnemen. Dat is waartoe ik de politiek zou willen oproepen: pak structuren en bestuurders in het hoger onderwijs aan en dring daardoor megaverspilling terug, en dan zou wel eens kunnen blijken dat je helemaal niet nog meer geld in dat hoger onderwijs hoeft te stoppen. Een prachtige combinatie: én beter rendement, betere kwaliteit ook, en nog een stuk goedkoper ook. Meer geld erin pompen onder handhaving van de bestaande structuren garandeert alleen maar: nog meer verspilling. Dat moeten we niet willen. Door het simpele lineaire verhaal van de onderwijsbestuurders, “meer geld, dus meer kwaliteit” moeten we durven heenprikken.

    EN WAT DOEN WE MET DE JONGEREN DIE NIET DOOR DE SELECTIE KOMEN ?

    Volgens de wetten van de erfelijkheidsleer is intelligentie, net als de meeste andere menselijke eigenschappen, over de bevolking verdeeld volgens de zg. normale verdeling, ofwel een Gausscurve. Dat betekent: zeer onintelligente en zeer intelligente mensen zitten in de staarten links en rechts, de middelmaat vormt de grote bobbel in het midden. En dan zal het zo zijn dat ca. 25 % van de bevolking geschikt is voor hoger onderwijs. Dat staat in schril contrast met het beleid van de overheid, dat mikt op 50 % met een diploma van hoger onderwijs. Dat bestaat niet, dat kun je alleen krijgen als je het niveau van het hoger onderwijs enorm laat dalen. Je noemt dan hbo wat in feit niet veel meer is dan mbo, etc.. De tendens van niveaudaling is al jaren zichtbaar, en wordt door onderwijsbestuurders en -managers ook expliciet afgedwongen. Een docent die zijn studenten strikt op prestaties afrekent wordt snel duidelijk gemaakt dat dat met het oog op het rendement niet de bedoeling is. Bovendien daalt, in ieder geval in het hbo, het niveau van de docenten zelf al vele jaren. De modale hbo-docent is tegenwoordig zelf een hbo’er; de academici vloeien geleidelijk af, vooral door natuurlijk verloop. Dat wordt nog versterkt doordat onderwijsgevenden sluipenderwijs van de hogere salarisschalen worden uitgesloten. Voorbeeld: een oudere docent kan nog in schaal 12 van de hbo-CAO zitten; na zijn pensionering wordt hij opgevolgd door iemand voor wie schaal 10 of hooguit 11 het eindperspectief is. In de lerarenopleidingen is het zelfs zo erg dat iemand die in schaal 12 jarenlang als eerstegraadsdocent in het voortgezet onderwijs optrad, vervolgens alleen als hbo-docent lerarenopleider kan worden als hij bereid is met schaal 11 genoegen te nemen; een stap omhoog qua functieniveau in combinatie met een stap omlaag in salaris ! (Dit voorbeeld speelt actueel o.m. bij Fontys.) Geen wonder dat de lerarenopleidingen kwalitatief door de bodem zakken, en dito de vruchten van deze opleidingen, de leraren van de jongste generatie. Het personeelsbeleid in het hbo is dus ook een grote factor in de verloedering van het hbo.

    Uiteraard hoeft niet-toelating van een mbo- of havo-gediplomeerde tot het hbo, en van een vwo-gediplomeerde tot de universiteit, niet te betekenen dat zo’n jongere dan niets meer mag leren na zijn (meestal kwalitatief ook magere) vooropleiding. Er is grote behoefte aan een onderwijsniveau boven mbo, havo resp. vwo, maar beneden hbo en wo. Of je dat “associate degree” moet gaan noemen weet ik helemaal niet. Wat ik wel weet is, dat je dat tussenniveau zo moet inrichten dat het: (1) direct voorbereidt op de arbeidsmarkt, en dan ook wordt geprogrammeerd in intensieve dialoog met de arbeidsmarkt; (2) rijk gedifferentieerd is, zelfs maatwerk levert op wens en capaciteiten van de instromende studenten. Het liefst zou ik zien dat voor dat tussenniveau afzonderlijke instellingen worden gecreëerd, die dus niet onder de vleugels hangen van de bestaande machtsconcentraties in het mbo, het voortgezet onderwijs, het hbo en het wo.

    Als we het zo kunnen organiseren boeken we enorme winst op vele fronten tegelijk. We lokken geen 50 % meer naar hogere opleidingen die voor de betrokkenen toch niet haalbaar zijn, dus we vermijden talentverspilling en frustratie; de rendementen van hbo en wo gaan met sprongen omhoog, zeker als we ervoor zorgen dat er weer hooggekwalificeerde professionals als onderwijsgevenden worden ingezet; en aan de enorme geldverspilling en kapitaalvernietiging in het huidige hoger onderwijs komt een eind. Ook de aan de liberale tijdgeest van de afgelopen decennia ontsproten machtsconcentraties behoren tot het verleden. Wat een weelde. Laten we dus de crisis aangrijpen als kans voor echte hervormingen van het hoger onderwijs.

    Peter De Reijke (60) werkt sinds 36 jaar als hogeschoolhoofddocent bedrijfskunde in het hbo, in de sectoren sociaal-agogisch, economie en techniek. Daarnaast is hij organisatieadviseur.

    (14 april 2010)

  31. P. Nooters zegt:

    Sjonge sjonge, wat zijn ze in het veld toch blij met dit rapport. De loftuitingen buitelen over elkaar heen. De meeste kraaiers menen er geen snars van en bewijzen slechts lippendienst, om straks, na de verkiezingen, gewoon door te gaan met het leegzuigen van ons onderwijs via hun managersposities.

    De ceo van de VNSU, S. Noorda, noemt Veermans rapport zelfs de eerste samenhangende visie in tien jaar op ons hoger onderwijs. Hoe waar dit is, beseft Noorda zelf natuurlijk niet: hij had immers zelf nimmer een visie, nergens op. Naderhand wil hij kunnen bewijzen dat hij het heeft gezegd. Tijdens de commissie Dijsselbloem heeft hij zitten tukken; dat ging niet over zijn ding. Deze meneer beweerde nog niet zo lang geleden olijk dat zijn VSNU het lager en middelbaar onderwijs ging “helpen moed te vatten.” Wat moet je nou met zulke pipo’s? Ze zitten er nog een flinke tijd.

    En Doekele Terpstra, die denkt dat een vakbond runnen of een drogisterij uitbaten, of een groentenwinkel, allemaal een pot nat is. Voor hem wel, ja. Van filosoof Sjoerd Slagter heb ik nog niets vernomen, maar dat komt zeker nog.
    Wat moeten Noorda en al die anderen straks van de minister hebben? Een baan waarin ze nóg meer geld voor nog minder inhoudelijke bijdragen vangen? Iets in die richting zal het ongetwijfeld wezen, want hart voor de zaak hebben ze nooit gehad.
    Laten we dus geen hosanna roepen voordat we minstens een jaar verder zijn. Ik wed dat er van dit fake-enthousiasme dan weinig meer rest.

  32. Luite E. Brouwer zegt:

    Ik ben het er volledig mee eens dat de kwaliteit van het hoger- en universitair onderwijs fors omhoog moet. Er is wel een probleempje: de nog goed opgeleide docent gaat met pensioen of houdt het om andere redenen voor gezien. De nieuwe lichtingen docenten-in-opleiding moeten hun kennis en inzicht zien op te doen met als basis wat ze op de basisschool, de havo en het vwo hebben opgedaan en daar zijn werkelijk vraagtekens bij te zetten. Het onderwijs is sinds de mammoetwet in de zestiger jaren achteruit gehold en wat in al die jaren is misgegaan in wisselwerking met de trends in en de verlokkingen van de maatschappij, is niet zo maar goed te maken. Het is niet alleen een kwestie van veel geld, van een andere, minder perverse bekostigingsstructuur van de instellingen, maar ook van mentaliteit. Hoe breng je een ieder die met het onderwijsproces te maken heeft weer op het juiste spoor: het goed geven van goed doordacht onderwijs, flinke eisen stellen aan de leerlingen en studenten, eerlijk toetsen op niveau, ach ja ga zo maar door.
    Me moeten beginnen te erkennen dat lang niet iedereen de kwaliteiten bezit om te studeren. Wel moeten we iedereen de kans geven, dat wel, maar ook al snel selecteren zodat de getalenteerden het uiterste uit zichzelf kunnen halen. Daar hebben we allemaal wat aan. Wat Veerman schetst zijn de contouren van een onderwijs-deltaplan. Ik hoop dat het gerealiseerd wordt.

    Luite E. Brouwer,
    voorheen docent natuur- en scheikunde.

  33. S.Kool zegt:

    Dit lijkt een mooi voorstel, maar schijn bedriegt. Ikzelf zal in nederland studeren, juist omdat het een tolerant en alsnog zeer goed systeem is, niet omdat mijn rapportcijfer slecht is (integendeel…)
    ik vergelijk het gaag met Frankrijk, waar met 3 soorten vervolopleidingen heeft: hbo, universiteiten en elitescholen. het complete geld gaat naar de enitescholen, die niemand anders nemen dan BacS 18/20 (vwo 9,0 gemiddeld). elke andere school is zo goed als waardeloos in Frankrijk, en op internationaal niveau kan men niet zeggen dat Frankrijk er zo goed voor staat qua educatie. Die scholen worden slechter gewaardeerd dan bijna elke universiteit in nederland.
    je verbeterd onderwijs niet door de ‘slechte’ eruit te halen, je maakt het jezelf dann alleen makkerlijker. dat noem ik geen kwaliteit!

    ikzelf ben scholier op een duits-frans gymnasium in Parijs en zou op een ‘elite’school kunnen gaan, maar ik zie er het nut niet van in. Wees toch eens blij dat wij in nederland iets unieks hebben!

  34. Hugo Freutel zegt:

    Elke hervorming kost geld, dat naar organisatie en nieuw onroerend goed in plaats van onderwijs gaat.

    Investeer eens een keer in ondernemerschap en creativiteit, dan ontstaat de vraag naar kennis en innovatie vanzelf.
    De maatschappelijke waardering voor ondernemers,toegepaste creatieven en ambachtslieden is nog steeds bedroevend laag.

    Specialistische onderzoek en onderwijs intstituten kunnen ook door het bedrijfleven bekostigd worden.

  35. wim raven zegt:

    Universiteiten opkrikken heeft pas zin wanneer eerst het lager en middelbaar onderwijs verbeterd worden.

  36. H.Bruins zegt:

    Waarom al die lof? Onbegrijpelijk.
    Het HBO is in handen van managers geraakt, afkomstig uit de energiewereld, het vastgoed, maar niet uit het onderwijs. Men blijft maar bouwen,geld genoeg, vaak wanstaltige gedrochten, waarin diploma’s zonder waarde worden uitgereikt, waarin studenten maar logboeken blijven volpennen, opschrijven waar ze goed en slecht in zijn, en na vier jaar vrijwel met lege handen staan. Nou ja, tenminste met een diploma erin. Want die moeten wel worden uitgereikt, anders geen bekostiging. Maar is er iets gedaan aan hun zwakheden, hun gebrek aan kennis? Neen, dat moeten ze zelf doe, zelfmanagement heet dat met een mooi excuus.
    Hoe komt het toch dat zoveel laaggeschoolde krachten begeleiden, tutoren? Eenvoudig, omdat die lager ingeschaald worden dan echte professionals.
    Natuurlijk is de HBO raad blij met dit rapport, want eindelijk mogen ze misschien universiteitje spelen, iets waar ze jaren voor hebben gedramd.En echt onderzoek doen! Wie moeten dat doen? Studenten en docenten van MBO nivo?!

  37. Jerry Mager zegt:

    # 5 Thomas de Jager, u stipt 2 belangrijke punten aan waarop ik graag door ga:
    1) “Het directe gevolg van het gelijk trekken van titelatuur lijkt me niet zo zeer dat de kwaliteit van het onderwijs daarmee hoger wordt, maar meer dat daarmee de kansen op een internationale carriere voor HBO afgestudeerden wordt vergroot.”

    Klopt helemaal!!! De vlag moet de lading natuurlijk wel dekken! Dus degelijke inhoudelijke kwaliteit voorop! Anders werkt het precies averechts. Stel je voor: er komt een in Nederland gecertificeerde gup op de internationale markt, met een certificaat dat qua terminologie en kwalificaties (het vakkenpakket) aansluit bij het internationaal gangbare jargon en paradigma, maar …….. al spoedig blijkt dat die Nederlander er weinig van bakt. Oei! Dat moet maar een paar keer worden herhaald en alle Nederlanders worden met argusogen bekeken, en dat wil je toch zeker niet! Want een reputatie kómt langzaam en schoorvoetend, maar gáát spoorslags! We zijn trouwens al op de weg naar beneden.

    Dit geldt ook voor manipuleren met studieduur! Met dit element is de afgelopen decennia roofbouw gepleegd louter vanuit marketingtechnische motieven.
    Je kúnt bepaalde soorten kennis gewoon onmogelijk binnen een standaardtijd opdoen! Dat is puur fysiek onmogelijk. Niet iedere vorm van kennis is namelijk hetzelfde. Per levensfase doe je andere kennis anders op.
    Neem mijn hoofdstudie: Culturele Antropologie. Wil je een enigszins redelijke antropoloog worden, dan moet je studie afwisselen met veldwerk, met reflectie daarop en liefst zou ik er ook een leer-psychotherapie aan verbonden zien, want die is eigenlijk onmisbaar (Nota Bene: schaffen de zorgmanagers net Freud af! Rampzalig natuurlijk). Dan duurt zo’n opleiding waarschijnlijk 8 jaar op z’n vlugst – als je het intensief aanpakt, maar dan kun je tenminste ergens mee beginnen.
    Ik herinner me dat in mijn tijd (begin zeventiger jaren) veel studenten culturele antropologie gingen doen nádat ze al het nodige aan levenservaring achter de kiezen hadden. ‘Oudere’ studenten dus. Kijk, die kunnen dan weer wel verantwoord afstuderen in vijf of zes jaar. Ik weet nog goed dat de eerste ex-schoonvader van wijlen Hans van Mierlo, ir. K.L., als zeventigjarige eerstejaars in mijn mentorgroepje zat. Maar dat is het andere uiterste. De man deed het uit belangstelling.
    [Terzijde en aansluitend bij het laatste hierboven: die holle reclameslogan van permanent leren, is zo hol omdat een normaal mens altijd permanent leert. Dus dat is van alle tijden en helemaal niet iets wat nu pas moet. Maar de marktkooplui, marskramers en minkukelmanagers moeten hun ‘cursussen’ en ‘opleidingen’ slijten, daarom dat ze dit soort loze prietpraat uitslaan … en menigeen papegaait hen domweg na]

    Ook voor de rechten- en geneeskundeopleiding geldt wat mij betreft een dergelijke redenering. Kijk maar naar onze magistratuur; je bent nog lang geen competente bekwame rechter of officier als je een diploma hebt.

    Tegenwoordig wordt over alles de staf van ‘efficiency’ gebroken, maar dat is onverantwoordelijke lariekoek en per saldo penny wise – pound foolish, het kán gewoon fysiek lang niet niet altijd. Dan verkeert efficiency juist in hoogste ón-doelmatigheid.

    2) “ ‘ … liberal arts’ ….. zeker als je in de nrc next leest, dat veel afgestudeerden in een heel ander veld dan hun oorspronkelijke studie werkzaam zijn. “ ( > > # 13 Leonard Otto) .

    Zo zag het gemiddelde / mijn, ‘oude’ curriculum er in feite uit: een degelijke lagere school (eigenlijk al: een prima kleuterschool in het Indonesië van vlak na de oorlog, lagere school idem dito), daarna een solide vijfjarige HBS (inclusief schiftend toelatings- en eindexamen, die géén eigenschool-onderzoeken waren, maar rijks- en centraal!!), daarna 2 jaar militaire dienstplicht (zeer vormend en erg profijtelijk – uitstekende didactische kaderleden – om te leren met andersoortige mensen om te gaan en samen te werken; dit instituut missen we nu node!), daarna een jaar zwervend werken overal en nergens, vervolgens aan de NEH (nu Erasmus) beginnen (vanwege Jan Tinbergen) om te ontdekken dat dat niet was wat ik wilde > shoppen langs de universiteiten en tenslotte in Leiden met wijsbegeerte beginnen, daarna culturele antropologie als hoofdrichting, maar talloze bijvakken en colleges bij andere faculteiten gevolgd (kunstgeschiedenis, literatuurwetenschap, tropische geneeskunde en landbouw, Indonesische taal en cultuur, en ga nog even door … puur genieten!) > zwerven, reizen en werken in buitenlanden > tweede academische studie erna: Sociale- & Organisatiepsychologie. Kortom: liberal arts in de ruimste zin des woords. Het nadeel is wel dat ik allergisch ben geworden voor leuterpraat en zwatelaars; I cannot suffer them easily …. en dat is niet handig, vooral omdat dit slag steeds meer de dienst in is gaan uitmaken. Ook in Nederland

    Het laten vervagen van onderscheiden die Veerman c.s. voorstellen, vind ik een slecht idee (# 6 H. Manders; # 15 Els Schröder; # 19 Stefan Kole). Laat de luitjes weer – net als vroeger – desnoods stapelen (ulo > mulo> gymnasium, hbs, mms, lyceum …..), maar bied wel duidelijke structuren. En vooral: examineer deugdelijk en objectief.
    Nu worden er vaak gewoon, ordinair, diploma’s verkocht, of – zoals ik met universitaire studenten in mijn extracurriculaire groepjes meemaak – men wordt aan het lijntje gehouden door bijvoorbeeld een scriptiebegleider (die zelf vaak abominabel opgeleid blijkt!), louter om nog een jaar collegegeld te scoren, want de universiteit zit voortdurend op zwart zaad.

    Dit brengt me bij het punt: geldverlies vanwege mismanagement door incapabele bestuurders (# 18 B. Wijntuin). Hier sijpelt heel veel geld weg, zonder dat er een haan naar kraait (# 11 Natascha Adama, ik vind geld wel degelijk een probleem; vooral door managers vergooid geld!). Maar deze misstand aanpakken gaat niet makkelijk (ik heb bijv. ook in de universiteitsraad gezeten). De betreffende managers zitten er veelal vanwege een politieke benoeming en beschouwen zo’n toko als hun privé-wingewest waar ze naar believen mee kunnen uitspoken wat ze willen. Niemand die hen op prestaties afrekent, laat staan de wacht aanzegt.

    Tot slot: # 16 Hans Schervers en # 20 D.F.M. Dieleman schrijven over dingen die ik hetzij aan den lijve hetzij van zeer nabij via vrienden heb meegemaakt: briljante wetenschappers die vertrokken, vanwege ergerlijk management met voortdurende zinloze reorganisaties, zinloze administratieve extra taken en wilde bezuinigingen. Onprofessioneel en demoraliserend optreden van de BGD (geneeskundige dienst) en PZ deed meestal voor hen de deur dicht.

    De grootste ellende echter die ons bnnenkort staat te wachten, is, dat straks de oude hap leraren met poensioen gaat en daarmee hun kennis uit het onderwijsveld verdwijnt. Natuurlijk moet je hen proberen te houden, maar dan zul je toch eerst al die demotivo-managers moeten wegsaneren en dan torn je weer aan machtsposities. En dat gaat natuurlijk niet gebeuren.

    Dus meneer Veerman en kompanen kunnen nu wel een enthousiast ontvangen rapport afscheiden ( bedenk dat we voor verkiezingen staan, dus de grootste boeven huilen het hardst mee met de wolven in schaapskleren …) of er ook maar iets mee wordt gedaan, is voor mij een grote vraag. Dijsselbloem is ook voor de kat heur viool geweest.
    Intussen blijven mijn vrienden, kennissen en ikzelf er ieder geval voor waken en zorgen dat ‘onze’ kinderen zo min mogelijk te kort komen. Dat is een forse opgave. Tja, het is tegenwoordig ieder voor zich. Helaas.

  38. Jerry Mager zegt:

    Yes, You’re right. Thought that the machine was playing tricks on me. Awfully sorry.

  39. Marlie Rikken zegt:

    Helemaal akkoord met dhr. Wim Raven: het heeft geen enkele zin om alleen in het HBO en universitair onderwijs te investeren. Uiteraard moet er een heleboel geïnvesteerd worden, maar dan wel tegelijkertijd zowel in het BO, het VO en in het Hoger onderwijs. Indien men nu m.n. in het hoger onderwijs investeert, zal men de komende 15 jaren steeds een grote groep leerlingen krijgen die niet voldoende uitgerust is om op een “hoger” niveau een studie te kunnen afronden. Althans het gewenste “hoge” niveau zal nimmer gehaald worden, omdat het vereiste en gewenste niveau op Havo, VWO, Basisonderwijs etc. momenteel ook niet meer verkregen wordt. Er gaat een hele generatie “verloren” als we niet op alle niveaus tegelijkertijd heel veel geld gaan investeren.

    Verder ben ik het gezeur omtrent titulatuur helemaal zat.
    Een hbo opleiding en een universitaire opleiding zijn verschillend en moeten dat vooral ook blijven! Ook is er een duidelijk verschil tussen hbo studenten en universitaire studenten: hun vooropleidingen Havo en VWO zijn absoluut niet vergelijkbaar; beide groepen hebben andere interesses, een andere instelling en werkhouding en een heel ander intelligentie-niveau. Ook dat moet blijven en daar is helemaal niets mis mee!
    Die verschillen zijn gewoon een menselijk gegeven en laten we er dan gebruik van maken. Alle mensen, ongeacht de hoogte van hun opleiding zijn nodig om het land draaiende te houden zal ik maar zeggen. En niemand is minderwaardig in hetgeen hij doet.

    Het is dan ook absolute nonsense te stellen dat het verschil in titulatuur tussen HBO en universitair afgestudeerden moet verdwijnen. Dit verschil is net nodig om aan te geven wat iemand heeft gedaan en wat iemand in zijn mars heeft en dit dient tot uitdrukking te komen in het hanteren van een verschillende titel.

    We geven een leerling die met succes zijn Havo-opleiding afrondt toch ook geen VWO-diploma.

  40. Gerdien de Jong zegt:

    In een brief aan de tweede kamer op 1 september 2009 heeft de Landelijke Bèta-Actie gewaarschuwd voor de teloorgang van het wetenschappelijk onderzoek aan Nederlandse Universiteiten. De onderfinanciering van het wetenschappelijk onderzoek in Nederland leidt bij alle faculteiten tot zware bezuinigingen. Zowel de alfa, als de bèta en gammafaculteiten worden zwaar getroffen. De onderfinanciering is voor een groot deel te wijten aan het regeringsbeleid. Ondanks mooie woorden over een ‘kenniseconomie’ is er geen investering in kennis. R&D investering door de overheid staat op 0.7% van het BBP, terwijl het officiële regeringsvoornemen een investering van 1% van het BBP per jaar is. Het verschil beloopt 1.5 MILJARD euro structureel per jaar. Voor informatie zie ook: http://landelijke-beta-actie.blogspot.com/.
    Het rapport van de commissie Veerman is wat dat betreft een zeer belangrijke stap in de goede richting. Investeren in onderzoek staat voorop en is precies wat de landelijke beta-actie bepleitte. Om verder afkalving te voorkomen is een structurele investering absoluut op zijn plaats. Echter om de concurrentiepositie van Wetenschappelijk Nederland veilig te stellen zullen er ook structurele en incidentele investeringen nodig zijn om op de juiste plaatsen de prikkels te kunnen geven voor opbouw en herstel.
    Het op die wijze veiligstellen van de Nederlandse concurrentiepositie is een duidelijke boodschap van een commissie met veel gezond verstand.
    Los van alle andere aanbevelingen in het rapport is dit de meest belangrijke boodschap die op de agenda dient te komen van het binnenkort te vormen Nederlandse kabinet. Dit aspect zal in de komende verkiezingsstrijd een belangrijke plaats moeten krijgen. Investeer nu in Wetenschappelijk Nederland om de kenniseconomie te laten bloeien. Daar wordt Nederland zeker veel gezonder van.
    Landelijk comité Bèta-Actie
    Prof.dr. Pieter Baas Universiteit Leiden,
    Prof.dr. Evert Jan Baerends Vrije Universiteit
    Dr. Hans de Cock Universiteit Utrecht
    Prof.dr. Jan van Groenendael Radboud Universiteit Nijmegen
    Prof.dr.ir. Frans Kok Wageningen Universiteit en Research Centrum
    Prof.dr. Steph Menken Universiteit van Amsterdam
    Prof.dr. Franjo Weissing Rijksuniversiteit Groningen
    Dr. Gerdien de Jong Universiteit Utrecht (penvoerder)

  41. Jerry Mager zegt:

    # 40 Gerdien de Jong,
    ………. natuurlijk ben ik het met u eens wat betreft de strekking van uw betoog; zelfs uw veelvuldig gebruik van mennudjursspiek (invesetering, prikkels, concurrentiepositie e.d.) kan het doel dienen. Dat doel is: de normalisering van ons onderwijs. Wie kan daar tegen zijn?!
    Ik bedoel, dat je net als vroeger je kind weer gewoon “op school” kunt doen. In de buurt en verder geen gezwatel, want het onderwijs is standaard: GOED.
    Dan komt het op den duur met de universiteiten ook weer goed. Op den duur, want we moeten echt eerst door de zure appel van de nefaste gevolgen van de dertig jaar kaalslag heenbijten. Daar helpt geen lieve moeder aan.

    De generatie semi-geletterden die inmiddels uit de onderwijsfabrieken is gestroomd en nu, op dit moment zelfs, nog steeds wordt geproduceerd moet een “natuurlijke dood” zijn gestorven (niet akelig of naar bedoeld, maar alleen om de grondigheid aan te geven die noodzakelijk is) alvorens een volgende generatie, die eergisteren al degelijk onderwijs had moeten ontvangen, eindelijk de plaatsen kan innemen.
    “Investeringen” zonder meer en sec, verdwijnen in het moeras van allerlei geldverslindende hobby’s van minkukelmennudjurs en vanwege hun mismanagement – ze kunnen het doodgewoon niet. Alleen, ze zijn niet van hun plekken weg te branden, dat is de rauwe realiteit, hoe veel eufemiserend jargon je er ook tegenaan gooit: het werkt gewoon niet. De kleilaag houdt iedere amelioratie tegen!
    Maar okay, misschien heb ik ongelijk – hetgeen ik niet geloof. Ik hoop het van ganser harte, want ik geef honderd keer mijn gelijk voor ware en werkelijke verbetering van ons onderwijs. We kunnen het onze kinderen simpelweg niet aandoen, twee of drie generaties zijn onherroepelijk al de dupe.

    Let wel: degenen die toch altijd al boven komen drijven – ongeacht het onderwijssyteem – doen dat ook nu. Dat zijn de geluksvogels en bofkonten die van huis uit bergen sociaal kapitaal meekrijgen, maar de grote massa voor wie onderwijs eigenlijk is bedoeld, die vist groots, grandioos en rampzalig achter het net.

    Politici dienen hun aandacht op ons onderwijs te focussen; de rest is bijzaak en alleen reclamematig van belang. Snelle en zichtbare resultaten zijn er met onderwijsverbetering niet te halen en … nogmaals: we moeten eerst door de zure appel heen en liefst met open vizier en erkenning van de trieste toestand.

  42. Hendrik Marsilje zegt:

    Het lijkt net of de constatering en aanbevelingen van de commissie Veerman aangaande ons hoger onderwijs nieuw zijn. Grosso modo gaat het om oude wijn in niet eens geheel nieuwe zakken. Dat financiering op basis van studentaantallen en versterkte einddiploma’s funest is, wisten we al bij de invoering van dit vermaledijde principe. De dood in de pot was het.
    Ik weet nog steeds niet of de politici die ons onderwijsdrama op hun geweten hebben nu werkelijk dom en kortzichtig waren of gewoon kwaadaardig – tot en met de huidige bewindslieden in onafgebroken lijn. Vaak gaan domheid en boosaardigheid samen.
    Het kan zijn dat de quasi kijk-eens-wat-een-originele-visie van deze Veermanexercitie vooral als gezichtreddertje bedoeld is voor de hoofdschuldigen en hun vele meelopers: nou zeg! hier kùn je toch nooit zelf opkomen! In die trant.

    Inmiddels kijk ik er al flink wat jaren van buitenaf – vanuit diverse buitenlanden – tegenaan met groeiende verbazing in het begin, die overging in berusting: de wal zal het schip eerst moeten keren, alvorens er heel misschien noodzakelijkerwijze iets wordt ondernomen.
    Het circus Dijsselbloem ging ook voorbij zonder consequenties, dus waarom zou deze kleine kermis van Veerman wel iets ten goede bewerkstelligen? De usual suspects hebben hun usual reacties (opgetogen positief!) reeds vertoond. Die zullen geen duimbreed wijken en niets van hun privileges voetstoots af willen staan.

    Wanneer de huidige (macht-)structuren in stand blijven, weet ik zeker dat er niets zal veranderen. Het moeilijkste zal blijken de intussen gemeengoed geworden mentaliteit te veranderen. Vele ‘wetenschappers’ hebben zich ongemerkt, voetje voor voetje, noodgedwongen of spontaan, gevoegd naar het mallotige concurrentie-principe, terwijl de universiteitsmanagers (steeds vaker waren dat gesjeesde ‘wetenschappers’ dan wel geparachuteerde politieke cliënten) toekeken hoe men elkaar op de werkvloer naar het leven stond.

    Twee van mijn zussen hebben als hoogleraar aan een Nederlandse universiteit gewerkt. Ze vertelden onder andere dat je niet meer wist wie er welke agenda’s op nahielden, want iedereen zorgde voor haar of zijn eigen hachje. Dat heette dan ‘concurrentie & competitie’ die het totale wetenschappelijke niveau ten goede moest komen. Klinkklare kletskoek!
    Enfin, de tijd zal het moeten leren. Maar het wordt steeds moeilijker om het hoge oude onderwijsniveau terug te krijgen, omdat de huidige cohorten al door het steeds slechter geworden onderwijssysteem gingen. Bootstrappen gaat met computers nog wel, maar met menselijke samenlevingen lijkt me dat moeilijker te verwezenlijken.
    In ieder geval luidt de kop boven het NRC-commentaar vandaag: “In crisis is het onderwijs fundament voor bloei.” Zullen we het daar voorlopig dan maar op houden?

  43. Frits Dröge zegt:

    De heer Veerman heeft zeer gedegen werk geleverd en ik hoop dat zijn aanbevelingen onverkort doorgevoerd worden. Hopelijk weet de politiek de middelen te vinden.
    Het verbaast mij hoeveel mensen ogenschijnlijk reageren op de door de NRC gemaakte selectie van aanbevelingen, zonder eerst de moeite te nemen het rapport (of tenminste de samenvatting) te lezen. Mijn aanbeveling: het niveau van de reacties moet omhoog!

  44. W.P.S. Bakkenes zegt:

    Platform Bèta Techniek succes! Hoera! Graag, ik gun onze kinderen van harte succes; alle succes van de wereld.

    Maar (# 42 Hendrik Marsilje, ook ik ben ervaringsdeskundige): machtsverhoudingen en ons-kent-ons – politieke parkeerplaatsen, ook aan onderwijsinstellingen, overal zijn politieke parkeerplaatsen ingericht om leden van het establishment aan een gegarandeerde hoogbetaalde baan te helpen; op kosten van ons allemaal, want betaald worden ze vanzelfsprekend uit de publieke middelen. En dat terwijl ze ons gezamenlijke publieke goed juist aantasten en in waarde doen afnemen.

    Wel ja, natuurlijk:
    “Het rapport van de commissie Veerman is wat dat betreft een zeer belangrijke stap in de goede richting. “ # 40 Gerdien de Jong.

    Zucht.
    Vervolgens komen er teksten die ik de afgelopen 20 – 30 jaar vaker heb gehoord en gelezen dan me intussen lief is. Met name het woordje ‘investeren’ kan blijkbaar niet vaak genoeg worden gebruikt. Vraag even verder en niemand kan je precies vertellen wat dat investeren eigenlijk betekent en bij wie al de ‘investeringen’ terechtkomen. Het geld gaat in ieder geval bijna nooit (helemaal) in het werkelijke onderwijzen, kennis bijbrengen en opvoeden zitten. Indien we, als samenleving, geluk hebben komt een klein beetje geld toch op de juiste plekken terecht, maar meestal zakt het ondertussen weg in het mistige moeras, het grote zwarte gat.

    Ik ben inmiddels opgehouden met turven welke woorden in het gangbare managersjargon het meest worden gebruikt, maar: structureel, prikkels en concurrentiepositie scoren onveranderd hoog.

    Vanmorgen (di. 20 april) las ik een ochtendkrant dat leerlingen – vooral meisjes – vaker bèta kiezen; het Platform Bèta Techniek van mw. Gerdien de Jong c.s. heeft succes geboekt, staat er positief. Vooral positief zijn en succes scoren, dat is wat telt!
    Ik gun het die kinderen van harte en het platform van mw. De Jong natuurlijk ook, maar wat weten we nu per saldo? Wat behelst “bèta” tegenwoordig precies? Door welke leraren en docenten wordt er zoal bèta toegediend? Hoe wordt de opgedane kennis getoest? Mógen onze kinderen eigenlijk alweer kennis opdoen? En meer van dit soort vragen.
    Reclame maken kan iedereen intussen, maar dingen doen die hout snijden en werkelijke toegevoegde waarden generen, dat zijn vele ‘men’ intussen al lang vergeten.

    Juichen over wervend gebrachte successen geeft vrolijkheid en van vrolijkheid kun je bijna nooit genoeg hebben, maar die zure appel (# 41 Jerry Mager) is allengs een fors stuk fruit geworden en heel erg ‘fris’ van smaak! Laat dus maar zien dat het allemaal menens is. Juichen kunnen we dan altijd nog.

  45. Onderwijsblog » Slimmer werken om lerarentekort te bestrijden zegt:

    [...] rapporten geen gebrek in de wereld van onderwijs en onderzoek.  Twee weken geleden presenteerde de commissie Veerman haar rapport over het hoger onderwijs, vorige week scheidde het Innovatieplatform zijn laatste [...]

Reageren op dit bericht is niet meer mogelijk.