Archief voor: augustus 2011


Siberië (5) Tomsk – Ex oriente lux

Mocht ik de kans krijgen om opnieuw te worden geboren, laat het dan in Tomsk zijn. Niet eerder heb ik in Rusland zo’n mooie en leuke stad gezien. Het is er ordelijk op zijn Duits en gezellig op zijn Russisch. Een betere combinatie kun je in de Slavische wereld niet hebben.

De schone hoofdstraten staan vol schitterende gebouwen uit de achttiende en negentiende eeuw. Vijftig meter daarachter loop je ineens door het Rusland van Tsjechov, die hier op weg naar Sachalin een tijdje heeft gelogeerd en het vreselijk vond. Het spottende standbeeld van hem op de kade aan de Tom is zijn straf voor zijn hatelijke opmerkingen in zijn brieven en dagboeken.

Het vierhonderd jaar oude Tomsk is niet alleen nu een mooie stad, maar was dat altijd al. In de Sovjet-Unie stond alles er even mooi en goed onderhouden bij. Niet voor niets gaven de vrouwen van de buitenlandse kolonisten in Kemorovo er de voorkeur aan om hier te wonen in plaats van op Krasnaja Gorka.

Volgens eigen zeggen heeft die ordelijkheid van de Siberiërs te maken met het grote aantal etnische Duitsers, dat hier onder Stalin naartoe werd verbannen. Maar ook komt die houding volgens hen voort uit de Siberische mentaliteit, die weer met die ballingschap samenhangt, want Siberiërs helpen elkaar en hebben een soort gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de samenleving waarin ze wonen.

Dat gedeelde verleden zorgt er volgens mij ook voor dat de inwoners van Tomsk onafhankelijker denken dan in Europees Rusland en zich niet zo snel iets laten wijsmaken door de overheid, die in de loop der eeuwen op een bepaalde manier hun natuurlijke vijand is geworden. Dat was onder de tsaren zo, maar ook onder het Sovjet-bewind en de daarna volgende heersers.

Tomsk is door die kritische houding een liberale stad geworden, waar iedereen een beetje neerkijkt op de verticale macht uit Moskou. Zo leverde een rondvraag op het centrale plein op dat vrijwel iedereen hier vindt dat de in ongenade gevallen oligarch Michail Chodorkovski, die in Tomsk de technische wetenschappen, de ziekenhuizen en de crèches royaal heeft gesubsidieerd, alleen maar onschuldig vast zit, omdat hij een opponent van het regime is. In geen stad in Rusland kan hij op zoveel steun rekenen als hier, vooral onder de hoger opgeleiden en dat zijn er in Tomsk nogal wat.

De Staatsuniversiteit van Tomsk, die uit het einde van de achttiende eeuw stamt, is schitterend en geldt als een van de beste van heel Rusland. Niet voor niets wordt Tomsk het Oxford van Siberië genoemd. De universiteitsgebouwen liggen in een mooi park, waar in de jaren van de Sovjet-Unie door studenten in de bosjes werd gevreeën, zo vertelde fotograaf Oleg Klimov me tijdens een wandeling over het terrein.

Klimov heeft hier astrofysica gestudeerd en wist ons het hoofdgebouw binnen te kletsen, dat wegens de zondag officieel gesloten was. Maar anders dan in Moskou liet het hoofd van de beveiliging ons gewoon binnen en zo doolden we een hele tijd door de verlaten gangen om even stil te houden bij de trap naar oude observatorium, waar de jonge Klimov het heelal bestudeerde.

Daarna gingen we naar de Sovjetskaja-straat, die voor auto’s gesloten is, en waar een van de drie tramlijnen van de stad doorheen loopt. De trams hobbelen er vriendelijk door een grasveldje, met aan weerszijden vervallen houten huizen, die geen stromend water hebben. De waterpomp staat op straat.

Voor huisnummer 31 hielden we even stil, omdat mijn vriendin, de Dagestaanse schrijfster Marina Achmedova er geboren is. Haar vader was docent wiskunde aan de universiteit.

Niet alleen telt de stad Dagestanen, maar ook wemelt het er van de Tataren en Tsjetsjenen, die in alle harmonie elkaar samenwonen. Etnische spanningen zijn er niet tussen de verschillende groepen en zo hoort het ook.

Daarna slenterden we naar het Huis van de Geleerden voor het diner. Het restaurant is er gevestigd in een bibliotheek vol mooie boeken uit de Sovjet-Unie. Voor oudere geleerden als Klimov en Krielaars kon de avond niet op een betere manier worden afgesloten.

 

 

 

 

Siberië (4) Nederlanders in Kemerovo

Mijn buurman Sergej Michajlovitsj heeft veertig jaar geleden een fabriek gebouwd in Kemerovo. Toen ik hem vertelde dat die stad een van mijn reisdoelen van mijn reis door Siberië was, zei hij: ,,Wat vreselijk, waarom ga je daar in godsnaam heen.”

Ik heb straks bij terugkeer goed nieuws voor hem. In de jaren van zijn afwezigheid is Kemerovo namelijk een erg mooie stad geworden. Het is er buitengewoon schoon en ordelijk, de huizen zijn overal goed onderhouden en het kleine centrum is, samen met dat van Jaroslavl, ronduit een van de mooiste die ik tot nog toe in Rusland heb gezien. Vooral het Poesjkinplein en de kade aan de rivier de Tom kan ik Sergej aanbevelen.

Dat centrum werd in de jaren na 1945 door een Moskouse architect ontworpen, in Moskouse stijl, maar dan met wat kleinere afmetingen. De neoclassicistische Stalin-architectuur is evenwichtig en mooi in zijn eenvoud en variatie. Net als in Jaroslavl wordt hier bewezen dat de minder hoge gebouwen in die stijl eigenlijk veel mooier zijn dan de macht uitstralende kolossen uit Moskou.

Veel van de huidige welvaart van Kemerovo is te danken aan de populaire gouverneur Aman Toelejev, een voormalige spoorwegfunctionaris die al sinds 1990 aan de macht is en veel voor zijn provincie doet. Toelejev trad in 2003 als een van de laatste gouverneurs toe tot Verenigd Rusland en was tot die tijd een conservatieve communist,  die de coup van augustus 1991 steunde en zich in 1993 tegen Jeltsin keerde toen die het parlement ontbond.

Sinds hij aan de macht is heeft hij een behoorlijk vermogen vergaard, maar anders dan veel van zijn collega’s doet hij veel goede werken met die miljoenen. Zo steunt hij, als voormalige wees, weeshuizen en is hij de oprichter van de vier kilometer lange kinderspoorlijn, waar jongens en meisjes in spooruniform een echte (mini)trein kunnen leren besturen, een station mogen leiden en er de verantwoordelijk voor krijgen. Ineens sta je er als volwassene in kinderland. En alles loopt er gesmeerd. Wat is mooier!

De reden van onze komst is Krasnaja Gorka, de heuvel aan de Tom, waar in 1922 de Nederlandse communist  Sebald Rutgers met toestemming van Lenin de Autonome Industriële Kolonie stichtte. De AIK was een chemie- en cokesfabriek, die werd gevoed met de kolen die van Krasnaja Gorka via een kabelbaan over de Tom naar de lagere oever werd getransporteerd.

In de kolonie woonden zo’n 500 buitenlandse idealisten, onder wie 25 Nederlanders en veel Amerikanen. De communistische idealen werden er op industrieel gebied aanvankelijk ingeruild voor een kapitalistische productiemethodes van produceren, wat de AIK ondanks de vele tegenslagen en dankzij het harde werken van Rutgers tot een groot succes maakte. Toen in 1926 Russische bedrijfsleiders het van de westerlingen overnamen ging het mis.

Historicus Hans Olink heeft het prachtige boek  De vermoorde droom over onder meer Rutgers’ avonturen in Rusland geschreven. Daarin wordt beschreven hoe Rutgers gek werd van het gebrek aan discipline en de laconieke en apathische stemming  onder de Russische ingenieurs. ‘,,Zij”, mopperde hij, ,,staren zich blind op boeken en formules, zijn daarin de Amerikanen de baas, maar geven zeer weinig om de praktische uitvoering. Een deel is zeker ook toe te schrijven aan specifiek Russische karaktertrekken. Dit niet tot daden kunnen komen, piekeren filosoferen enz. vindt men immers overvloedig in de Russische literatuur.” ’

De arbeidsdiscipline was ook slecht. Maar door westerlingen aan het hoofd van de verschillende afdelingen te zetten, lukte het Rutgers toch om de mijn winstgevend te maken.

Architect Han van Loghem bouwde in Kemerovo huizen en een school voor de kolonisten, in een typisch Hollandse stijl die hij ook in het Amsterdamse Betondorp realiseerde.  Wie Betondorp kent, snapt wat ik bedoel.

Die school wordt nu met hulp van de Nederlandse overheid en de TU Delft gerestaureerd. Het zal nog een hele operatie worden, want de gebouwen zijn ernstig verwaarloosd en op de school na, vraag ik me af of de ‘kolbassy’, de rijtjeshuizen, waar nu zigeuners en werklozen wonen, niet beter afgebroken en door kopieën vervangen moeten worden.

Toch heeft het gemeentebestuur grootste plannen met de Hollandse architectuur en het hele terrein waar de buitenlanderskolonie was gevestigd, alleen is er geen geld. En van de huidige Nederlandse regering is ook niet veel steun te verwachten, want anders dan in Rusland, zijn de heer Rutten en zijn kameraden absoluut niet in cultuur geïnteresseerd. Op naar de vertegenwoordigers van het Nederlandse bedrijfsleven in Moskou dus, die ongetwijfeld goede sier willen maken in het Culturele Jaar 2013 tussen Nederland en Rusland. Want, landgenoten in zaken, zonder cultuur geen business. Maak dus voor die ene keer eens een royaal gebaar, zou ik zeggen.

 

 

Siberië (3) Het Zwanenmeer – augustus 1991

Vandaag is het twintig jaar geleden dat in de Sovjet-Unie een groepje conservatieve ministers en KGB’ers president Gorbatsjov probeerde af te zetten en diens hervormingspolitiek de nek om wilde draaien. De staatsgreep was slecht voorbereid en eindigde drie dagen later in een mislukking. In de daarop volgende maanden kwam een einde aan de almacht van de Communistische Partij en viel het Sovjet-imperium uiteen.

In het Rusland van nu is weinig aandacht voor  die gebeurtenissen. Enkele deelnemers  aan het verzet tegen de putschisten organiseerden vanochtend weliswaar een kleine herdenkingsceremonie voor het Witte Huis. En vanavond werden op de Mussenheuvels de drie jongens herdacht, die bij de verdediging van hun idealen om het leven kwamen, maar dat is het zo ongeveer wel.

De Russische autoriteiten besteden geen aandacht aan de 19de augustus. Waarom zouden ze ook? Tenslotte  zijn de huidige machthebbers de erfgenamen van de conservatieve KGB’ers van toen. Democratie en parlementaire oppositie zijn dankzij hun ingrijpen alsnog begrippen uit het verleden geworden. De  meeste gewone Russen, die 1991 bewust hebben meegemaakt, vinden het prima zo. Ze zijn onverschillig en passief geworden als gevolg van de politieke en economische chaos van de  volgende tien jaar.

Toch merk je niet bij iedereen die onverschilligheid. Zojuist zat ik in Kemerovo nog in een restaurant met twee voormalige overheidsdienaren, die sinds een paar jaar voor zichzelf zijn begonnen. Twintig jaar geleden – ze waren toen nog studenten – stonden ze pal achter Gorbatsjov en nog altijd hangen ze diens idealen aan.

In geuren en kleuren vertelden ze  vervolgens hoe ze in hun tijd als ambtenaar de afgelopen jaren  de verkiezingsuitslagen op het gemeentehuis moesten vervalsen en  hun ondergeschikten moesten dwingen op VR te stemmen. ,,Het was een dienstbevel”, zei Aleksej. ,,Als we het niet deden werden we ontslagen.”

Een korte steekproef onder tientallen jonge Russen die elkaar vanavond op de bankjes op de Sovjet-boulevard in Kemerovo zaten te liefkozen, leverde even later op dat geen van  hen van plan is op Verenigd Rusland te stemmen. ,,Een partij van dieven”, zeiden ze allen, zodra ik de regeringspartij noemde. Grote vraag is nu of die jongeren naar de stembus gaan, want dat wisten ze nog niet.

Maar wat ze ook doen, toch wil  ik met fellowtravelers en Poetinbewonderaars als Joera Mulders en Nils van der Vegte beweren dat Verenigd Rusland  in december een overtuigende verkiezingsoverwinning behaalt. Ook omdat voetbalsupporters de plaats van de OVSE als verkiezingswaarnemers zullen innemen, zoals premier Poetin zelf onlangs nog verkondigde. En daarna nog eens twaalf jaar Poetin als president, om de cirkel rond te maken.

Maar in 1991 lagen alle wegen nog open. Fotograaf Oleg Klimov, met wie ik deze reis maak, heeft daarom op internetsite Lenta.ru een prachtig project opgezet over die hoopvolle dagen, toen duizenden Russen de straat opgingen om te getuigen van hun verlangen naar een ander leven dan wat hun onder de communistische dictatuur werd opgelegd. Het begint op de 19de augustus en geeft vervolgens een kroniek van de gebeurtenissen van dag tot dag. Vanaf 12 december zijn zelfs actuele foto- en videoreportages te zien uit de vroegere deelrepublieken van de Sovjet-Unie, voorzien van begeleidende artikelen. Kijk en huiver op: Het Zwanenmeer.

 

Siberië (2) Aankomst in Kemerovo

 

Kemerovo oogt bij aankomst per auto uit Novosibirsk nog altijd als het uitgestrekte dorp, dat het in 1922 was, toen de Nederlandse communist, ingenieur Sebald Rutgers er aankwam om er de AIK-kolonie te stichten.

Maar als je eenmaal in het centrum bent , word je omgeven door hoogtepunten uit de architectuur uit de Stalintijd. De centrale straat is de Sovjet-boulevard, die volstaat met mooie huizen, gebouwd voor de communistische elite. Ook hier zijn de appartementen tegenwoordig niet meer te betalen voor iemand met een modaal salaris.

En dat ook de Koezbass een rijk literair leven heeft gekend in de jaren van de goede oude Sovjet-Unie, blijkt uit het Huis van de Literatoren, waar vroeger schrijvers en journalisten bijeenkwamen om over hun werk te praten.

Morgen trekken we de stad verder in. Maar eerst gaan we op zoek naar een hotel en een restaurant, want de autoreis van zes uur over hobbelige wegen door een eindeloos Siberisch Veluwe-landschap heeft ons behoorlijk  vermoeid.

 

Siberië (1) Novosibirsk

Sinds gisteravond zijn we in Novosibirsk, de hoofdstad van West-Siberië, aan de rivier de Ob. Het is op het eerste gezicht een vreemd oord, met brede ongezellige straten, maar erg aardige mensen. Dat eerste komt doordat alles  in het centrum er vrij nieuw is. Dat laatste doordat  Russen in de provinciesteden bijna altijd erg aardig en beleefd  zijn.

De stad, in 1893 gebouwd als belangrijke halte van de Trans-Siberische Spoorlijn, was tot de Tweede Wereldoorlog eigenlijk niet meer dan een uigestrekt dorp met veel houten en bakstenen huizen, zoals enkele oudere inwoners me vertelden. Tijdens de oorlogsjaren liep de stad, zoals veel steden ten oosten van de Volga, vol met geëvacueerden uit Moskou en Leningrad, vaak hoogopgeleiden, die er een ‘finishing ‘touch’ van beschaving aan gaven.

Lees verder »

De Grote Duiker

Vloog Vladimir Poetin in de zomer van 2010 nog in een blusvliegtuig over brandende bossen om de natuur te redden, vorige week hees hij zich in een duikerspak om het erfgoed van de Klassieke Oudheid te dienen. Tijdens een bezoek aan een voormalige Oud-Griekse nederzetting aan de Zee van Azov dook hij voor de gelegenheid twee amfora’s op, waarvan meteen werd bekendgemaakt dat ze maar liefst vijftienhonderd jaar oud waren.

Russische archeologen die hun vak serieus nemen, zeiden meteen dat het gebied – waar de zee maar twee meter diep is –  de afgelopen vijfenzeventig jaar zo is uitgekamd dat het vrijwel onmogelijk is om er  nog iets van waarde te vinden. De ontdekking werd door hen meteen tot onzin verklaard.

Maar de pr-afdeling van Poetin dacht er anders over. In het verkiezingsjaar moet blijkbaar de indruk moet worden gewekt dat de Grote Roerganger ook over bovennatuurlijke speurderseigenschappen beschikt.

Jammer alleen dat de amfora’s er splinternieuw uitzagen, alsof ze net in een toeristenwinkeltje waren gekocht en voor de gelegenheid in scherven waren gebroken en in zee gegooid. Een regiefoutje, zullen we maar zeggen!

Romance van een politieagent

De Russische minister van Binnenlandse Zaken Rasjid Noergalijev, tevens de hoogste baas van de politie en een trouwe bondgenoot van Vladimir Poetin, wil censuur gaan invoeren op internet. Op die manier moet volgens hem de jeugd worden beschermd tegen extremistische websites, waarvan Rusland er zo’n 7500 telt.

Op zich is die maatregel niet zo vreemd. Het extremisme is de afgelopen jaren in Rusland in omvang behoorlijk toegenomen, als gevolg van een jarenlange populistische politiek van het Kremlin, waarin veel is beloofd, maar weinig gerealiseerd. De onvrede onder een deel van de – vooral laagopgeleide – Russische jongeren is dan ook groot. Denk alleen maar aan de vijfduizend rechts-radicalen die afgelopen december voor de Kremlinmuren demonstreerden en in botsing kwamen met de politie. Die betoging was niet alleen een protest tegen het doodslaan van een voetbalsupporter door een groepje migranten uit de Noord-Kaukasus, maar eerder een uiting van grote maatschappelijke onvrede.

Noergalijev zei tijdens zijn toespraak ook nog iets dat veel verontrustender klonk: ,,De tijd is rijp om toezicht te gaan uitoefenen op dat waar jongeren naar luisteren, wat ze lezen en waar ze naar kijken.”

Onder bloggers, journalisten en mensenrechtenactivisten hebben die woorden enige paniek gezaaid. De term ‘gedachtenpolitie’ viel al gauw in sommige commentaren.

Maatschappelijke blogs behoren in Rusland tot de weinige mogelijkheden om je mening te uiten en vrij over politiek te discussiëren, zonder dat de overheid zich ermee bemoeit. Tenslotte heeft parlementsvoorzitter Boris Gryzlov een tijdje geleden nog gezegd dat de Doema geen plek voor discussie is.

De critici van Noergalijev vrezen dan ook dat zijn woorden een aankondiging zijn van een censuur op hun activiteiten, in een tijd dat er nieuwe parlementsverkiezingen aankomen. Zijn plannen druisen overigens in tegen die van de bloggende president Medvedev, die zich keer op keer als  voorstander van een vrij internet manifesteert. Maar Medvedev staat erom bekend dat hij geen vriend van Noergalijev is, die als bondgenoot van Poetin veel machtiger is dan hij.

Ook heeft Noergalijev gezegd dat de jongeren niet meer naar rockmuziek zouden moeten luisteren, maar naar de smartlappen uit  de Sovjet-dagen. Rockmuziek is in Rusland tenslotte al sinds de dagen van diezelfde Sovjet-Unie  een proteststem – een zanger als Joeri Sjevtsjoek weet bijvoorbeeld hele stadions tegen de regering op te zwepen.

Op Radio Echo Moskvy is aan de muziekvoorkeur van de minister  de wekelijkse column ‘Grazjdanin Poet’ (Burger Dichter) gewijd, van schrijver, dichter, journalist Dmitri Bykov en acteur Michail Jefremov. Een schitterende parodie , die ik u niet wil onthouden, al moet u er wel een beetje Russisch voor kennen.

Filmpje van Echo Moskvy

 

Perm (2) In het kamp

De laatste drie dagen van juli bracht ik door in Perm-36, een berucht concentratiekamp uit de Sovjet-Unie, waar in de laatste decennia van de Sovjet-Unie duizenden dissidenten zaten opgesloten. In dat kamp werd vorige week voor de zevende keer het Pilorama Burgerforum georganiseerd, waar discussies werden gevoerd over de situatie in het Rusland van toen en dat van nu. Er was geen aandacht voor in de landelijke media, omdat de regering liever niet heeft dat er openlijk over de minder leuke kanten van het communisme wordt gesproken. ,,Dat komt doordat Vladimir Poetin een homo sovieticus is”, zei Robert Latypov, de 37-jarige directeur van de afdeling-Perm van historische vereniging Memorial. ,,Dankzij  zijn opvoeding beseft hij namelijk niet dat de Sovjet-Unie werd geleid door een misdadig regime.”

Lees verder »

De schuldigen gaan vrijuit

De Raad voor de Mensenrechten van president Medvedev is woedend over de heropening van de strafzaak tegen Sergej Magnitski, de 37-jarige jurist die eind 2009 in de gevangenis stierf als gevolg van medische verwaarlozing. Magnitski zat toen al bijna een jaar in voorarrest op beschuldiging van verduistering van 230 miljoen dollar aan terug te betalen belastinggeld van zijn werkgever Hermitage Capital. Nadat hij de autoriteiten had gewaarschuwd dat een groep politieofficieren bezig was dat geld te stelen, werd hij zelf gearresteerd. Het onderzoek tegen hem werd geleid door de politieambtenaren die de fraude hadden gepleegd.

De heropening van het onderzoek geschiedt na een uitspraak van het Constitutionele Hof, waarin is bepaald dat een strafzaak na de dood van een verdachte niet gesloten mag worden, als diens nabestaanden dat niet willen. Opvallend is dat nabestaanden niet zijn geraadpleegd. Volgens Tamara Morsjtsjakova, oud-rechter van het Constitutionele Hof en tegenwoordig  lid van de Raad voor de Mensenrechten, is de heropening van de zaak daardoor onconstitutioneel.

Begin juli kwam de Raad met een vernietigend rapport, waarin Magnitski onschuldig werd verklaard. Ook zou de jurist voor zijn dood zijn gemarteld. De ware criminelen werden met naam genoemd. Tien dagen later noemde een hoge vertegenwoordiger van de politie de conclusies van de Raad ,,ontoelaatbaar”. Er zou geen enkele reden bestaan om een strafrechtelijk onderzoek te beginnen tegen de betrokken politieofficieren. Vorige week stelden de Verenigde Staten een visumverbod in tegen hen en tientallen andere ambtenaren, die bij de vervolging en dood van Magnitski waren betrokken.

Sommige aanhangers van  Magnitski hopen nu dat in het nieuwe onderzoek diens naam zal worden gezuiverd. Maar Magnitski’s voormalige werkgever  William Browder vreest dat slechts geprobeerd zal worden de onschuld van de politieofficieren nogmaals aan te tonen en Magnitski posthuum opnieuw te beschuldigen. ,,Zolang er geen gezamenlijke wereldwijde actie wordt ondernomen, is er voor Magnitski binnen Rusland geen gerechtigheid te verwachten”, aldus een woordvoerder van Browder.

Browder zegt ook dat bij de fraude enkele ministers zijn betrokken, zonder hun naam te noemen. Maar vanochtend had Joelia Latynina in haar column in The Moscow Times een vermoeden. Een van de betrokkenen bij de fraude, Olga Stepanova, directeur van het belastingkantoor  waaronder  Hermitage Capital viel en  sinds een jaar  multimiljonair met kapitale villa’s en appartementen in Moskou en Dubai en Zwitserse bankrekeningen, was in het verleden namelijk medewerker van het  toenmalige hoofd van de Federale Belastingdienst, de huidige minister van Defensie Serdjoekov.   Inmiddels is ze ontslagen, volgens de belastingdienst niet wegens de Magnitski-affaire, en heeft ze een nieuwe prestigieuze baan: als adviseur van het hoofd van de Federale Dienst voor de Wapenaankoop, die aan Serdjoekov rapporteert. De wereld is klein, zullen we maar zeggen.

 

 

 

 

 

 

Perm (1) Stad der kunsten

Eind vorige week bezocht ik Perm, op doorreis naar het beruchte concentratiekamp Perm-36, waar het zevende Pilorama Burgerforum werd gehouden.  Ik was er heengegaan om de onderminister van Cultuur te interviewen, bij gebrek aan de minister en de gouverneur, die beiden met vakantie waren. Met zijn drieën hebben zij hun stad veranderd in een hip centrum voor moderne kunst, waar historische gebouwen uit de tsaren- en de Sovjettijd en hele straten als tentoonstellingsruimtes zijn gebruikt. Van het regionale budget wordt in Perm 3 procent aan cultuur uitgegeven. Waarom, vraag je je af? Ga er maar kijken, dan snap je het.  Of lees volgende week NRC Handelsblad, waarin het interview met de onderminister staat.

Lees verder »