
De banken redden jullie, van de armen stelen jullie
Het duurde even, maar de maatschappelijke onvrede over de crisis in Spanje heeft de straat bereikt. Zondag gingen in verscheidene steden duizenden mensen de straat op. Ze protesteerden tegen de dure huizenprijzen. Tegen de hoge (jeugd)werkloosheid. Tegen de politiek en de vakbonden die hen niet zouden vertegenwoordigen. Tegen korten op zorg, onderwijs en sociale voorzieningen terwijl banken met staatssteun overeind worden gehouden. Tegen alles.
De opkomst was niet uitzonderlijk hoog. In buurland Portugal gingen 12 maart honderdduizenden de straat op met soortgelijke klachten. En ook in Spanje zelf werd eerder veel massaler gedemonstreerd. Tegen de inval in Irak en tegen terreur. Ook een algemene staking van de vakbonden trok eind september meer betogers.
Het protest krijgt nu echter alsnog een nieuwe dynamiek. Zondag bleef een clubje van tientallen antisistemas (autonome beroepsdemonstranten) hangen op Puerta del Sol, het centrale plein van Madrid. Dinsdagochtend werden ze met het nodige politiegeweld weggeveegd. Gisterenavond werd via Facebook en andere websites opgeroepen het plein te heroveren. De opkomst van circa 15.000 personen moet ook de initiatiefnemers verbaasd hebben. Sinds vannacht is ‘Sol’ in handen van de betogers. Ze hebben kamp opgeslagen en zijn niet van plan weg te gaan. In een dozijn andere steden zijn vergelijkbare sit-ins begonnen.
Het is niet vreemd dat dit protest uitbarst – het is eerder verwonderlijk dat het zo lang duurde. Na drie jaar diepe crisis is 21 procent van de Spaanse beroepsbevolking werkloos (officieel tenminste: velen klussen zwart bij). Jongeren zijn hoger opgeleid dan ooit , maar 43 procent van hen zit zonder baan (opnieuw: officieel). Van de hoger opgeleiden met werk, doet bijna de helft bovendien werk onder zijn niveau. In 1,4 miljoen huishoudens zitten beide partners zonder werk. Hypotheeklasten hangen veel gezinnen reeds als een molensteen om de nek, maar zullen door de stijgende rente alleen maar zwaarder gaan wegen.

Als jullie ons niet laten dromen, laten we jullie niet slapen
Het tijdstip van het protest is niettemin pikant. Zondag zijn lokale en regionale verkiezingen in grote delen van Spanje. De regerende socialistische arbeiderspartij (PSOE) van premier Zapatero zal een pak slaag krijgen. Weinig Spanjaarden steunen zijn regering nog. Vooral linkse kiezers zullen zondag niet op de socialisten stemmen, of thuisblijven. De oppositionele centrumrechtse Volkspartij (PP) zal in veel regio’s en gemeentes de macht krijgen.
De demonstranten op Sol roepen op geen van beide partijen te steunen. Er is veel polarisatie tussen PP en PSOE, maar de demonstranten noemen die kunstmatig. Uiteindelijk dienen de politieke partijen alleen hun eigen belangen en die van bedrijfsleven en de financiële sector, zeggen ze. Zij raadden aan te stemmen op kleinere partijen en zo de kliek van ‘PPSOE’ een signaal af te geven. Niet toevallig bevinden veel van die partijen zich ter linkerzijde van het politieke spectrum.
Vooral voor de PSOE is het protest daarom slecht nieuws. Weinig mensen die nu op Sol demonstreren, zouden sowieso ooit rechts stemmen. Maar het protest kan wel traditionele PSOE-kiezers motiveren eens een andere (linkse) stem te overwegen. Kandidaten van de PSOE spreken inmiddels omstandig hun sympathie uit voor de protestbeweging, maar op Sol werd daar vanochtend lacherig op gereageerd.

Het ontbreekt ons niet aan geld, we hebben te veel dieven
De eisen van de demonstranten, die zeggen zeker tot zondag te blijven, zijn diffuus. Ze lopen uiteen van ‘betaalbare woningen’ en ‘waardig werk’ tot ‘legaliseer drugs’ en ‘meer dierenasielen’. Dat er door de crisis nu even geen geld is voor sociale politiek bestrijden ze. Politici moeten minder verbrassen aan dienstwagens en andere luxe. Niet corrupt zijn. Er zou directe democratie moeten komen. Niet stemmen op een lijst, maar op de persoon. Meer referenda.
Deze eis (‘echte democratie, nu’) is echter maar een kant van het verhaal. En ander belangrijk deel van de woede richt zich op de financiële sector. Tien, vijftien jaar lang was de bouwsector de motor van de economie. Veel burgers gokten mee (en wonnen) in het piramidespel dat de huizenmarkt in feite was. Dat nu banken gered moeten worden, omdat anders de hele economie zou instorten, gaat er bij veel Spanjaarden echter niet in. Dat mensen hun huis uitgezet worden door dezelfde banken die miljardeninjecties kregen (en nog nodig zullen hebben), vinden ze niet te verdedigen. Het is, vinden ze, vooral de corrupte elite in zakenwereld en politiek die het meest van de bouwzeepbel profiteerde. Die zou nu ook de hoogste prijs moeten betalen.