Gangbare regels werken niet bij teruggave roofkunst
De teruggave van kunstwerken met een omstreden herkomst stuit vaak af op verjaring. Maar het klimaat voor restitutie verandert. Waar liggen de nieuwe grenzen?
‘De kunstwereld zal nooit meer hetzelfde zijn”, zei de Amerikaanse speciale afgezant Stuart Eizenstat tien jaar geleden over de zogeheten Washington Principles. Deze vormen een mijlpaal in de verlate vereffening van de plundering van kunstbezit tijdens de Tweede Wereldoorlog en de aanloop daartoe. Bindende internationale afspraken bleken niet mogelijk, maar de deelnemende staten beloofden wél billijke alternatieven voor de oorlogsclaims, die juridisch gezien vaak verjaard zijn.
In Nederland leidde dat in 2001 tot instelling van een restitutiecommissie. Deze adviseert de regering over teruggave van kunstwerken die na de oorlog door de Staat in bezit zijn genomen. Klapstuk tot dusver: de teruggave van de Goudstikker-collectie in 2007. Dat ging niet zonder slag of stoot. Uiteindelijk gaven ‘morele’ overwegingen voor de regering de doorslag – een hachelijke leidraad voor het beheer van openbaar kunstbezit, die in sommige landen zelfs bij de wet is verboden. Lees verder »

