‘Vrije toegang tot wetenschap levert Nederland miljoenen op’

Als alle open.jpgwetenschappelijke artikelen openbaar beschikbaar zouden zijn, zou dat de Nederlandse samenleving een voordeel op kunnen leveren van 37 tot 133 miljoen euro per jaar. Dit heeft de Australische econoom John Houghton, hoogleraar aan het Centre for Strategic Economic Studies van Victoria University in Melbourne, becijferd in de studie over open access-publiceren ‘Costs and Benefits of Research Communication: The Dutch Situation’. De studie is uitgevoerd in opdracht van SURFfoundation en maakt onderdeel uit van een serie vergelijkbare studies die worden uitgevoerd in Groot-Brittannië, Denemarken en Duitsland.

In het onderzoek zijn drie publicatiemodellen vergeleken. Het grootste voordeel biedt het open access-model waarbij de onderzoeksfinancier of -instelling betaalt voor publicatie en het artikel vervolgens vrij toegankelijk is. Dit kan leiden tot een jaarlijks voordeel van 133 miljoen euro. Zelfs in het geval dat Nederland als enige land kiest voor dit publicatiemodel en daarnaast de licenties voor tijdschriften aanhoudt, wordt nog altijd een voordeel van 37 miljoen behaald.

(Foto van Justin Marty)

Australië wil ook open access

De Australische openaccess.jpgminister voor Innovatie en Wetenschap, Kim Carr, wil dat wetenschappelijke publicaties open access worden. Carr heeft voorgesteld dat publicaties die voortkomen uit wetenschappelijk onderzoek dat betaald is met belastinggeld voor iedereen toegankelijk worden. Een garantie op open access publicatie zou zelfs een voorwaarde kunnen worden voor het toekennen van onderzoekssubsidies en beurzen. In de Verenigde Staten en Groot-Brittannië stelt de overheid open access publicatie in sommige gevallen al als voorwaarde. Open access publiceren betekent dat een artikel of een boek voor iedereen gratis digitaal toegankelijk is. De gebruikelijke gang van zaken bij wetenschappelijke publicaties was dat onderzoekers hun auteursrecht afstonden aan grote uitgevers die veel geld vroegen voor tijdschriftabonnementen en losse artikelen. Ook in Nederland zijn veel open access-initiatieven.

De complexiteit van wetenschappelijk delen

Je eigen sciencecc.jpgwerk (foto’s, teksten, muziek) kun je van een creative commons-licentie voorzien. Dat is relatief simpel. Je bedenkt onder welke voorwaarden je je werk wilt delen en op welke manier het door anderen gebruikt mag worden en dan kies je de juiste licentie. Met wetenschappelijke publicaties en onderzoeksresultaten ligt het minder simpel. Dat is de conclusie van auteursrechtenjurist Melanie Dulong de Rosnay van het Berkman Center for Internet & Society aan Harvard University. Zij doet onderzoek naar het delen van wetenschappelijke data in databanken. De wetenschapsvariant op de Creative Commons, Science Commons, werkt volgens haar niet goed. Van de 200 belangrijke wetenschappelijke databanken die Dulong de Rosnay onderzocht, bleken er maar zeven te voldoen aan de criteria voor open access. De organisatie van Science Commons pleit er nu voor om wetenschappelijke publicaties aan het publieke domein te schenken om uitwisseling van informatie te vereenvoudigen. Ingewikkelde licentieovereenkomsten remt wetenschappelijke vooruitgang, zegt Dulong de Rosnay, omdat onderzoekers ervan af zien om tools te ontwikkelen die gegevens uit verschillende databases te combineren. Ze zijn bang later problemen te krijgen vanwege auteursrechteninbreuken.

(Via Ethan Zuckerman; foto van Steve Jurvetson)

Biomedisch onderzoek VS nu gratis

In de ziekenhuis02.jpgVerenigde Staten is afgelopen maandag een wet van kracht geworden die bepaalt dat al het biomedische onderzoek dat met belastinggeld is betaald gratis toegankelijk is voor iedereen. Volgens de Consolidated Appropriations Act of 2007 moeten alle artikelen en onderzoeksresultaten die gefinancierd zijn door de National Institutes of Health een jaar na publicatie worden overgedragen aan PubMed, de gratis toegankelijke database voor de gezondheidszorg. Veel biomedisch wetenschappelijk werk blijft overigens alleen tegen betaling toegankelijk. De wet geldt namelijk alleen voor nieuw onderzoek.

Beetje extra open access bij MIT

Het Massachusetts mitbookstorecampus.jpgInstitute of Technology (MIT) zet al enige tijd colleges online onder de noemer OpenCourseWare. De administratie rond het publiceren was omslachtig omdat docenten en professoren vaak het auteursrecht op hun eigen artikelen en boeken niet meer bezitten. Als ze iets publiceren in een tijdschrift of een boek uitgeven bij een wetenschappelijke uitgever dragen ze hun auteursrecht over. MIT en Elsevier, een van de grootste wetenschappelijke uitgevers ter wereld, hebben nu een overeenkomst gesloten over het gebruik van auteursrechtelijk beschermd werk binnen OpenCourseWare. Elsevier geeft MIT-personeel toestemming om van elk artikel dat bij Elsevier is uitgegeven 100 woorden en 3 afbeeldingen te gebruiken voor online cursussen. Volgens MIT bespaart deze afspraak docenten en andere medewerkers veel tijd en is nu de drempel verlaagd om reeds gepubliceerd werk op te nemen in OpenCourseWare-colleges omdat niet telkens toestemming gevraagd hoeft te worden.

(Foto van Tjeerd Wiersma)

Information Liberation

Amerikaanse belastingbetalers ziekenhuis.jpgbetalen jaarlijks 27 miljard euro voor medisch onderzoek. Toegang tot onderzoeksresultaten is vaak peperduur. Een abonnement op een wetenschappelijk tijdschrift kost vaak enkele honderden tot enkele duizenden dollars per jaar. In feite kopen abonnees via wetenschappelijke uitgevers het door hen zelf betaalde onderzoek terug. Ze betalen dus dubbel. Dat moet anders, vindt het Amerikaanse congres. Onderzoek dat gefinancierd is met belastinggeld moet vanaf 7 april as. gratis beschikbaar worden gemaakt via de medische databank PubMed. Dat meldt de Wall Street Journal in een artikel met de fraaie kop ‘Information Liberation’. Het gaat om omgeveer 80.000 publicaties per jaar. Een nadeel is wel dat de artikelen en onderzoeksresultaten pas 12 maanden na verschijnen in PubMed worden opgenomen.

(Via Smart Mobs)

Europese uitgevers willen open access bieb

De Europese bibliotheek.jpgCommissie heeft het voorstel Open Access Publishing in European Networks (OAPEN) van de Amsterdam University Press en vijf andere Europese uitgevers geselecteerd voor onderhandelingen over financiering. OAPEN beoogt de ontwikkeling en implementatie van een open access-publicatiemodel voor peer-reviewed monografieën in de sociale en geesteswetenschappen. Daarnaast biedt het de mogelijkheid om nieuwe publicaties te creëren door het ontwikkelen van op de toekomst gerichte publicatiemogelijkheden, waaronder een online bibliotheek. De onderhandelingen met de EC beginnen in maart.

Dilemma voor tijdschrift over webcultuur

Wetenschappelijke publicaties neon.jpgzijn vaak alleen na betaling van veel geld te lezen. Ze worden doorgaans voor een kleine doelgroep geschreven en uitgevers buiten dit uit. Mediawetenschapper Mark Deuze snijdt dit probleem aan op zijn weblog. Hij introduceert een nieuw nummer van het tijdschrift Convergence. Convergentie staat voor het naar elkaar toegroeien van verschillende technologieën en marktpartijen. Een erg interessant onderwerp in onze Web 2.0-wereld. Toch is het tijdschrift, waarvan Deuze mederedacteur is, niet zomaar te lezen. Deuzes toon is licht verontschuldigend. Hij schrijft dat een van de auteurs, Danah Boyd, opgeroepen heeft tot een boycot van alle wetenschappelijke tijdschriften die hun inhoud niet willen delen. Boyd, een voorstander van open access-publishing, heeft een artikel over het privacyschandaal van Facebook geschreven. (Ik zou het graag willen lezen, maar ik heb geen 15 dollar voor het lezen van een pdf’je over. Voor die 15 dollar krijg je slechts toegang tot één artikel uit het tijdschrift gedurende 24 uur vanaf de pc die je gebruikt om te betalen.) Een andere wetenschapper, Christy Dena, heeft een site opgezet over het thema van haar artikel, alternate reality games. Op die site is ook een versie van haar artikel te lezen. Deuze probeert het gebrek aan openheid goed te maken door op zijn blog de introductie van het nummer over convergence culture te plaatsen. Jammer dat de traditionele wetenschappelijke uitgeefpraktijk niet wat dichter naar de openheid van de webcultuur is gegroeid.

(Foto van Robyn Gallagher)

Wetenschappelijke publicaties beter vindbaar

Repositories leiden science_1.jpgtot een betere verspreiding van wetenschappelijke publicaties. Dit blijkt uit de studie “The European Repository Landscape” van Maurits van der Graaf en Kwame van Eijndhoven, één van de drie studies die SURFfoundation op 16 januari jl. gezamenlijk met Amsterdam University Press publiceerde. Kennisproducten als wetenschappelijke publicaties, leermiddelen en scripties zijn steeds beter vindbaar via zoekmachines dankzij ontsluiting via repositories, speciaal ingerichte databases. Een voorbeeld van een repository is DAREnet. DARE staat voor Digital Academic Repositories en bevat bijna 150.000 wetenschappelijke publicaties en onderzoeksresultaten van alle Nederlandse universiteiten en onderzoeksinstellingen. De studie van Van der Graaf en Van Eijndhoven bevat een inventarisatie van de ontwikkelingen van repositories in alle 27 landen van de Europese Unie. De auteurs doen zeven aanbevelingen om de toegankelijkheid van publicaties via repositories verder te vergroten. The European Repository Landscape is hier (pdf) gratis te downloaden.

(Foto van Gaetan Lee)

Justitie publiceert data via DANS

Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum wodc.jpg(WODC) van het ministerie van Justitie maakt voortaan zijn onderzoeksgegevens beschikbaar via het nationale data-instituut DANS (Data Archiving and Networked Services).  De gegevens worden als open access-bestanden gepubliceerd. DANS is een instituut van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW), dat mede wordt ondersteund door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).  Open access publicaties vinden steeds meer opgang in wetenschappelijke kringen. Door deze manier van publiceren krijgen andere wetenschappers en het publiek gratis toegang tot onderzoek dat met belastinggeld is betaald. Het Centraal Bureau voor de Statistiek, het Sociaal-Cultureel Planbureau en het ministerie van VROM zullen hun gegevens binnenkort ook via DANS beschikbaar maken.