Daar zat ik dan, in Amsterdam, bij een avond over de toekomst van het papieren boek. Het kon nooit een lange avond worden, want zeg nou eerlijk; hoe lang kan een stapeltje dode boom nog mee?
Mannen met witte, lange baarden, vrouwen met brede paarse broeken, ze waren er. Een man stond op en sprak wijs uit dat hij het belangrijk vond dat volgende generaties op dezelfde wijze van papieren boeken moesten gaan genieten als hij. De pret, de geur, het doorgeven van het boek … Ik moet er niet aan denken. En achteraf bleek hij historicus.
Terwijl uitgeverijen zich afvragen hoe ze met de tijd mee moeten gaan en hoe ze de ontlezing moeten aanpakken, gebruiken 14-jarige kids de nieuwe iBook Author van Apple om hun wiskundeboeken over te nemen op hun iPad, want die gaat mee naar school. Hoezo sjouwen?
Uitgeverijen staan stil en lopen dus daardoor geld mis. Ik zou best willen betalen voor een Nederlands boek op m’n iPad, maar dat kán niet. Simpelweg omdat die er amper zijn.
In mijn hele leven kocht ik één echt analoog boek. Dat van James Worthy. Op Facebook las ik er goede verhalen over, op Twitter vond ik hem enorm grappig en volgens m’n vrienden was zijn boek precies zo leuk. Daarom kocht ik het.
Maar alle boeken digitaal? Dat kan niet, werd me verteld op diezelfde avond. Uitgeverijen maken een selectie en vervolgens zijn boekhandels nodig om die selectie mooi te presenteren. Onzin. In de nabije toekomst staan boeken net als apps in een store, koop je een boek aan de hand van een rating en gaat het huidige verdienmodel van uitgeverijen absoluut op de schop. Als de uitgeverijen hier niet snel op inspelen, zal er, net als in Amerika, een partij als Amazon opstaan die het wel doet.
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 29 reacties
Sinds ik op de middelbare school zit, werk ik met een laptop omdat met de hand schrijven mij veel moeite kost. Aantekeningen, opdrachten, toetsen, iedere docent wist er van en het was geen enkel probleem. Totdat men opeens besloot dat er een ‘laptopprotocol’ moest komen.
Dat laptopprotocol is samen te vatten als: leerlingen zijn altijd kwaadaardig en we moeten hen beschermen van alles, want ze zullen er alleen misbruik van maken. Zo werd bedacht dat er altijd een leraar moet meelopen als ik ga uitprinten in de mediatheek, want stel dat ik toch antwoorden ging veranderen (onmogelijk, er zitten mensen te controleren wat ik doe) of dat ik de toets na het printen bewaarde en er misbruik van ging maken (bij herkansingen worden altijd nieuwe toetsen gemaakt, dus dan heb ik vrij weinig aan een toets zonder vragen).
Logisch dat de school fraude wil tegengaan, maar aangezien het praktisch onmogelijk is om te frauderen vind ik het eerder een aanslag op mijn vrijheid. Wat levert het op als ik vijftig minuten moet wachten tot iedere leerling klaar is om dan vervolgens een docent bij me te hebben die toch niet oplet? Wie zegt dat ik het personeel van de mediatheek niet omkoop?
Ik vind dat er een goed en werkend nationaal protocol moet worden opgesteld wat wél ergens toe doet. Dat zou ook wenselijk zijn voor mijn wekelijkse frustraties.
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 19 reacties
Daar zat-ie dan, mijn norse televisieheld met een ander brilletje dan normaal. Mart Smeets werd zondag in een tv-interview het hemd van het lijf gevraagd door Rick Nieman. In Kwestie van Kiezen liet De Mart weten dat hij het zich zou kunnen voorstellen dat we hem wel eens willen uitzetten.
Mart liet een kant van zichzelf zien die ik nooit eerder zag. Ik zag een filosofische Mart die eerlijk was over zijn leven en werk. Hij blikte samen met Rick Nieman terug op de tijd dat hij koste wat kost knokte tegen de bobo’s, de autoriteiten, de (net)bazen. Een gevalletje ruwe bolster, blanke pit.
Mart Smeets is de oppergod van de televisie. Hij heeft een kopgroep aan fans en een peloton Mart Smeets-haters. Veel landgenoten vinden hem maar een bozige brompot en naar Marts zeggen wordt dit versterkt door zijn columns.
Laat ik nu eens lekker het tegenovergestelde doen. Ik, als jongere ben fan van Mart. Of ik me hiervoor moet schamen? Nee. Mart is uniek, ik vind dat we zo’n journalistiek meesterwerk op handen moeten dragen. Zijn manier van verslag geven is mooi, uniek, geweldig en diepgaand zelfs. De finesse waarmee hij speelt met woorden en beelden vind ik bewonderenswaardig.
Eerder heb ik mij afgevraagd of Mart op televisie wel zichzelf is, maar na dit tv-interview ben ik er van overtuigd dat Mart is wie hij is. What you see is what you get. En later als we allemaal groot en oud zijn, zullen we het hebben over De Mart en zijn werk in de media. Zo van: wat een voorbeeld was hij en wat was-ie goed hè.
Mag ik het zeggen? Ja, ik mag het zeggen: zo’n Mart Smeets moeten we koesteren. I love you De Mart, I do!
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 7 reacties
Wikipedia is niet alleen een bron van kennis, maar ook een ongelooflijk leuk tijdverdrijf voor verloren uurtjes. Ik kan het iedereen aanraden om op een lome zondagmiddag een willekeurige Wikipediapagina te bezoeken. Eenmaal aangekomen op een pagina over de scheepsarts van de Titanic, de Rode Zee of een bepaald soort vleermuis is het de kunst door te gaan klikken op de verwijzingen die in zo’n artikel staan.
Dit levert een soort knapzakachtige speurtocht door de krochten van een digitale encyclopedie op, waarvan het einde net zo onduidelijk is als de reden om de tocht te beginnen. Het brengt je kennis die niet alleen ongevraagd maar ook nog eens heel raar is. Zo toetste ik afgelopen vrijdag het woord ‘metro’ in. Behalve de krant en het vervoersmiddel doemde ook het woord ‘metroseksualiteit’ op. Het eerste wat ik dacht was: Matthijs van Nieuwkerk. Zowel een vreemde – misschien wel verontrustende – als juiste associatie. Ik bleek namelijk gelijk te hebben: Matthijs van Nieuwkerk wordt door vrouwen getypeerd als een man die emotie toont, zich goed verzorgt en van mooie kleren houdt. Dat is precies de definitie van metroseksualiteit. Tot zover dus niks aan de hand.
Gefascineerd door alle varianten op ‘normale’ seksulaiteiten als hetero – en homoseksualiteit kwam ik terecht op een pagina over ‘technoseksualiteit’. Ook hier was mijn eerst gedachte vrij zorgwekkend: ik dacht aan een duidelijke seksuele voorkeur voor Bill Gates of Aziatische ICT-nerds met brilletjes. Gelukkig bleek ik dit keer wel ongelijk te hebben.
Technoseksualitieit is namelijk hip en benijdenswaardig! Een technoseksueel is een nader gespecificeerde metroseksueel, die ook nog eens aandacht aan zijn gadgets besteed. Dus niet alleen dure schoenen en mooie kleren, maar ook een mooie telefoon en een dure iPod. Tip voor alle nerds: noem jezelf voortaan technoseksueel. Die mooie kleren, die komen later wel.
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 1 reactie
“Ik ben te hipster voor dat fuifje, daar komen oeters!” zomaar een zin uit mijn vriendenkring. De vertaling: Ik ben te alternatief voor dat feestje, daar komen mensen die te gewoon zijn en UGGS dragen en Nickelson jassen”.
Wie is het tegenwoordig niet; hipster. Een hipster is iemand die niet meedoet aan trends en zich niet aanpast aan de rest. De alternatieve. Ze drinken alleen Starbucks koffie, dragen rieten hoeden, zelfs in de winter, brillen met een groot montuur, skinny jeans opgerold tot de enkels met daar onder skate-schoenen; ook al skaten ze niet. Een hipster loopt voor op de samenleving en weet dingen al voor dat de massa er kennis mee maakt. Ze zijn de nieuwe hippies.
Tenminste, dat vinden ze zelf. Tegenwoordig is namelijk álles hipster. “Kijk naar mijn stickers op m’n laptop, zo hipster!” of een bloemetje tekenen op je OV-Chipkaart? Hipster! De hipster is mainstream. Het alternatieve is er vanaf, want iedereen is het of doet het.
Ik heb niets tegen hipsters, mijn beste vrienden zijn hipsters, echt! Maar het begint vermoeiend te worden. Zo gaan hipsters alleen naar feestjes waar andere hipsters komen: hipsterfuifjes, want feestjes klinkt te overrated.
Op Hipsterfuifjes draait men dubstep, dat is ook hipster. Er komen meisjes die blowen, wat op zich al een doodzonde is, maar nog erger: ze hebben tunnels. Tunnels zijn eigenlijk niet meer dan een enorm gat ín de oorlel. Vaak filosofeer ik over die dingen, over hoe dat er over een paar jaar zal uitzien als het helemaal niet meer hip is. Daar loop je dan, met een uitgerekte oorlel. “Hé, jij hebt een uitgerekte oorlel, was je tien jaar geleden ook een hipster?!”
Wat ooit begon als buiten de hokjes denken, is zelf een hokje geworden.
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 3 reacties
Op de basisschool wordt ons de basiskennis aangeleerd die van pas komt in de rest van het leven. Een stukje geschiedenis, een beetje natuur, rekenen en aardrijkskunde maar vooral veel taal.
Maar niet alles wordt er geleerd: de betekenis van het werkwoord ‘bashen’ heb ik namelijk zelf moeten achterhalen. Na wat gegoogle kwam ik erachter dat het in Brits-Engels masturberen betekent en in het Amerikaans-Engels mondeling aanvallen of afzeiken.
Ik doel op de tweede betekenis: afzeiken. Het lijkt alsof dat op internet de gewoonste zaak van de wereld is. Op Twitter volgde ik een aantal mensen die daar superieur in zijn en uit het niets mensen gaan bashen. Vaak pikken ze gewoon iemand uit en wordt de persoon in kwestie publiekelijk voor paal gezet. Die persoon is zich vaak van geen kwaad bewust, maar wordt uitgemaakt voor alles en nog wat. Het wordt vaak nog erger wanneer de persoon reageer op de basher want ‘hoe durft hij te reageren?!’. Ik vind dat nog al wat…
Waarom doen mensen dat? Wat bezielt ze? Waar zijn de normen en waarden op het internet gebleven? Ook op het internet behoor je die te hebben. Het is veel te makkelijk om vanuit je luie stoel iemand te gaan afzeiken of kleineren. Ik kan met honderd procent zekerheid stellen dat de basher nooit in iemands gezicht zal bashen. Dat doe je gewoon niet. En op internet ook niet! Zo’n internetwereld moeten we niet willen.
Op de basisschool heb ik niet geleerd wat bashen is, maar wat ik wél heb geleerd is dat je niet mag pesten. Bashen is pesten 2.0 en voor die hype pas ik.
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 7 reacties
Daar staan we dan, tussen landen als Saoedi-Arabië, Iran en Noord-Korea. Sinds bekend is dat providers Ziggo en Xs4all de torrentwebsite The Pirate Bay moeten blokkeren, staan we prominent op hun homepage. In één rijtje genoemd met deze illustere landen in het Verre en Midden-Oosten, omdat wij namelijk precies op dezelfde manier de populaire website filteren.
Tim Kuik, directeur van Brein, en zijn clubje tegen piraterij mogen de veren in elkaars kont proppen. Het is gelukt: censuur op internet!
Ik heb Tim nooit gemogen. Hij verpestte mijn jeugd met dat stomme liedje in het begin van de VHS van Pinokkio. Dat je de video niet mocht kopiëren, dat wílde ik niet eens door zo’n muziekje. Het lijkt er op dat ze bij Brein nog steeds in het tijdperk van die VHS-banden leven.
Brein snapt het probleem niet. Dat zit ’m namelijk helemaal niet in het downloaden, maar ligt volledig bij de entertainmentindustrie zelf. Die staat al jaren stil. Wanneer zij met (ver)nieuw(end)e verdienmodellen zouden komen, kunnen zij zichzelf met gemak uit de brand helpen. Wie wil er nou voor tien liedjes betalen als je er maar twee goed vindt? Niemand!
Eigenlijk heb ik met Brein te doen. In de knoei met alles van deze tijd. Want websites onbereikbaar maken, waar houdt dat op? Hoor ik u daar zeggen: „Maar downloaden is toch illegaal!” Ja, kinderporno ook, maar de website van de pedofielenvereniging Martijn is ondertussen nog gewoon online.
Dus, beste mijnheer Kuik, het is tijd om tot inkeer te komen, of beter nog: tot rust. Een verzorgingstehuis op de Veluwe zal u misschien goed doen. Daar hebben ze vast ook nog wel ergens een videoapparaat staan en wat VHS-banden. Geniet ervan!
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 48 reacties
Iedere twitteraar trapt er eens in de zoveel tijd in. Je leest een tweet en denkt: dit is te absurd. Na een klein beetje research kom je erachter dat je van doen hebt met een nepaccount.
Tot zover: niks raars aan de hand. Het wordt pas echt erg als je je eigen vrouw niet meer van nep kan onderscheiden. De immer genuanceerde Rupert Murdoch tweette dat Britten wel eens wat harder mochten werken, waarop zijn ‘vrouw’ hem vinnig corrigeerde. Achteraf bleek Ruperts vrouw niemand minder dan een ongelooflijk handige grappenmaker die haar digitale identiteit had weten te kopiëren. Voor sommigen is digitale identiteitsfraude puur new-age-cabaret, maar anderen zien het als een misdaad.
Die laatste visie zorgt voor een opkomend publiek debat dat afgelopen week werd geopend door Bénédicte Ficq, die in De wereld draait door pleitte voor het rigoureus verbieden van nepaccounts. Ze werd direct gevolgd door Kamerleden van D66, SP en PVV die dit weekend Kamervragen stelden.
Het is terecht verzet tegen een serieus probleem. Maar is het ook effectief? Ik vrees van niet. Met deze oplossing verbied je ook alle satirische nepaccounts van bijvoorbeeld de koningin en sinterklaas. En waarom zou je op tv iemands identiteit wel op satirische wijze mogen kopiëren en op Twitter niet? De gelegenheidsalliantie van advocaten en Kamerleden kan zich beter concentreren op de herkenbaarheid van echte accounts. Daarvoor biedt Twitter namelijk al lang mogelijkheden. Echte accounts van bekende personen kunnen door Twitter geverifieerd worden, zodat iedereen kan zien dat zijn of haar tweets echt zijn. Laten we pragmatisch verder tweeten en stoppen met strijden tegen onoplosbare schijnproblemen.
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 1 reactie
Naast mijn liefde voor internet en mijn passie voor politiek, heb ik nog een ‘hobby’: winkelen. Gadgets, schoenen, kleding, make-up, ik koop het allemaal. Laatst winkelde ik bij een bekende cosmeticawinkel en daar lag het nieuwe Book of Shadows. Het Amerikaanse cosmeticabedrijf Urban Decay brengt elk jaar een grote make-updoos uit waarbij menig meisje gaat kwijlen. En dit jaar is het nog mooier: er zijn wat hightechdingetjes in geplaatst.
In de doos zit bijvoorbeeld een telefoonhouder en een speaker die je kunt aansluiten op je smartphone. In een ander laatje zit een kaartje met QR-codes die je kunt scannen met een app. De QR-code leidt je naar een YouTube filmpje waarin de look wordt gemaakt met de make-up die in het Book of Shadows zit. Je kijkt naar een veel te mooi meisje dat zich op maakt en tegelijkertijd kun je ‘mee make-uppen’. Ze legt uit wat ze precies doet en welke techniek ze gebruikt, zodat het prima te volgen is. Hoe leuk! Dat is bijna de hemel op aarde voor het vrouwelijk geslacht.
Duur is het wel, een Book of Shadows vol gadgets. Je betaalt 58 euro voor zo’n doos met make-up. Maar volgens de ‘bjoetiegoeroes’ is het de moeite waard, want de kwaliteit van de make-up is erg goed volgens de kenners. En ja, het is een soort gadget. Ik vind het Book of Shadows met dit hightechelement erin een mooie aftrap voor meer gadgets op beautygebied. Eerder werden er al elektrische tandenborstels met muziek en vibrerende mascara’s op de markt gebracht maar we zijn toe aan iets nieuws. Een échte gadget op beautygebied!
Geplaatst in Artikel | Dit bericht heeft 5 reacties
Onder het motto ‘je kunt er nooit te vroeg mee beginnen’ wil ik vandaag het afgelopen jaar resumeren. Mijn 2011 was me namelijk het jaar wel. Het eerste hoogtepuntje was dat ik dit jaar de kans kreeg om mijn visie op het medialandschap te geven, gegoten in een column in deze krant. Dat is niet alles: in 2011 heb ik Hyves vaarwel gezegd (maar ik heb mijn profiel nog steeds, voor ‘je weet maar nooit’) en stapte ik over op Facebook. Een heel nieuwe wereld, waar ik niet eens meer kon krabbelen, kwekken of tikken, maar inmiddels ben ik er aan gewend.
Twitter werd he-le-maal hot in 2011 en ik heb dit jaar zo’n 6.000 tweets het wereldwijde web opgestuurd. Dit jaar was ook het jaar waarin ik te kampen kreeg met drie trojaanse paarden, maar ik heb ze weten te temmen, gelukkig. In 2011 kreeg ik mijn allereerste iPhone, en een aantal maanden later overleed mijn Held (Steve Jobs). En oh, ik zou het bijna vergeten, ik werd dit jaar een dag gevolgd door een cameraploeg en een kleien twee weken later werd ik op de nationale televisie weggezet als een internetverslaafde. 2011 was ook het jaar waarin ik mijn eerste haatmails óóit ontving, maar ik kreeg ook genoeg spreekwoordelijke veren in mijn kont. Ik ontmoette dit jaar veel nieuwe mensen die ik alleen via internet kende en nee, dat waren geen pedo’s. Ook gaf ik mijn iPad aan mijn vader, die nu langzaamaan zijn weg vindt op het web. Spotitfy werd een van mijn grootste liefdes.
Ik kreeg de biografie van Steve Jobs op dode boom cadeau en met Kerstmis stonden we met de familie te Wii’en. Al met al een fantastisch online jaar en ik hoop dat 2012 nog mooier wordt. Ik wens jullie een gelukkig, mooi en twee-punt-nullig 2012.
Geplaatst in Artikel | Plaats een reactie