Bent u op zoek naar de columns van Henk Hofland?
Abonnees kunnen deze vinden in de digitale editie en het krantenarchief. U kunt hier (digitaal) abonnee worden.
Abonnees kunnen deze vinden in de digitale editie en het krantenarchief. U kunt hier (digitaal) abonnee worden.
Julian Assange mag een ramp zijn voor zittende regeringen, voor historici is hij een zegen. Dat heeft een Britse historicus een paar dagen geleden in The Guardian geschreven. Wie? In de drukte van de afgelopen dagen heb ik die krant per ongeluk weggegooid. Dat doet niets af aan de uitspraak. Vóór internet moesten we ons behelpen met de oude archieven die na tientallen jaren toegankelijk werden, met parlementaire enquêtecommissies die de bestuurders van destijd ter verantwoording riepen, vergeelde documenten die werden ontdekt tussen vloer en plafond – historische sensatie over gedane zaken. Met internet is dit allemaal anders geworden.
Omstreeks maart van het volgend jaar verschijnen de volgende openbaringen van WikiLeaks, weer 200.000 documenten. De eerste selectie wordt afgedrukt door The New York Times en de andere bekende afnemers. Er wordt onder andere onthuld dat Benjamin Netanyahu een intensieve e-mailwisseling met Sarah Palin heeft. Kapitalen aan Amerikaanse hulp worden teruggesluisd ten behoeve van haar campagne voor de presidentsverkiezingen, in ruil voor haar belofte zo vlug mogelijk de Iraanse kerninstallaties te bombarderen. WikiLeaks is er ook in geslaagd de geheime code van het diplomatieke verkeer tussen president Ahmadinejad en kolonel Gadaffi te kraken. Ze gaan zich te buiten aan ongepaste opmerkingen over president Obama en minister Clinton, en ook premier Rutte krijgt terloops een veeg uit de pan. Nog veel meer sensatie en opnieuw internationale opschudding. Dan maakt een grappenmaker bekend dat hij het allemaal verzonnen heeft.
New York. Sarah Palin, ex-gouverneur van Alaska en twee jaar geleden kandidaat voor het vicepresidentschap, is terug op het politieke toneel. Eigenlijk is ze niet weggeweest, maar nu is ze er, markanter dan ooit. Ze heeft haar eigen programma op de kabeltelevisie, Sarah Palin’s Alaska, waarin ze haar eigen visie op alles ten beste geeft – haar liefde voor de natuur, haar moederschap, haar godsdienstig conservatisme. Ze is fel tegen abortus, ze schiet een geweer af, ze kijkt vertederd naar een grote bruine beer die in een rivier zwemt en intussen is ze vrijwel voortdurend aan het woord.
New York. Gisteren, op de dag van de verkiezingen, had The New York Times een kalmerend hoofdartikel. Het zijn roerige tijden. Maar, kiezers, gebruik je hersens. „De Amerikaanse troepen keren terug uit Irak. Voor het eerst worden onze soldaten in Afghanistan volledig gesteund door het Witte Huis en het Pentagon. De Verenigde Staten herwinnen het respect van hun bondgenoten, overal ter wereld.” Of de eerste twee zinnen van dit citaat de werkelijkheid weergeven, zal nog moeten blijken. Nu vast te stellen dat het respect wordt herwonnen, lijkt me rijkelijk optimistisch.
Volgende week om deze tijd is een nog onbekend aantal Britten, leden van de English Defence League de koffers aan het pakken om op 30 oktober op het Museumplein in deze spannende dagen steun te betuigen aan Geert Wilders. Deze vereniging heeft zich tot doel gesteld, de islamisering van het Verenigd Koninkrijk te bestrijden. Over de methoden die daarbij worden gebruikt, lopen de meningen uiteen. Zoek je op Google, dan vind je daar beschouwingen waarin de League ervan wordt beschuldigd, zijn leden uit kringen van de voetbalhooligans te rekruteren. Verder zouden er nauwe banden met de ultraconservatieve, ultravaderlandslievende Amerikaanse Tea Party bestaan.
Het bewind van president Obama doet een maand voor de tussentijdse verkiezingen denken aan een falend voetbalelftal. Toen het aantrad, waren de supporters ervan overtuigd dat alle ellende die de vorige trainer had veroorzaakt, voorbij was. De wereldcup zou nu onvermijdelijk weer door Amerika worden gewonnen. Bijna twee jaar later zijn belangrijke spelers weggelopen, de trainer en een paar van de besten zijn in heftige ruzies verwikkeld, schelden elkaar uit en van de beloofde reeks overwinningen is niets terechtgekomen.
In Zweden, het laatste onaantastbaar gewaande bolwerk van de sociaal-democratie en de Europese welvaartsstaat, heeft de angst voor de moslims zich nu ook in de politiek gevestigd. Bij de dit weekeinde gehouden parlementsverkiezingen heeft de anti-immigratiepartij, de Zweden-Democraten, 4,6 procent van de stemmen gewonnen. De leider, Jimmie Åkesson, beschouwt de groei van de moslimimmigratie als de grootste bedreiging sinds de Tweede Wereldoorlog. De verkiezingscampagne is met rellen gepaard gegaan. Op een televisiespotje dat eerst door een zender werd geweigerd, is te zien hoe voor het uitkeringsloket in boerka gehulde vrouwen een blanke gepensioneerde uit de rij slaan.
Ondanks hun nog altijd onovertroffen welvaart hebben de burgers van het Westen het niet gemakkelijk. De economie is nog altijd in een crisis en niemand kan met enige zekerheid zeggen of het binnenkort beter wordt. Amerikanen zowel als Europeanen voelen zich belaagd door massale immigratie. Ondanks de overal merkbare, vaak hinderlijke, tot het hermetisch naderende veiligheidsmaatregelen voelen de burgers zich bedreigd door het terrorisme. De openbare orde brokkelt af. De supermacht is na zeven jaar nog altijd verstrikt in twee voorlopig uitzichtloze oorlogen. En de meeste nationale regeringen wekken niet de overtuiging dat ze iets wezenlijks aan deze overstelpende problematiek kunnen doen.
Op zes september begint de week van de alfabetisering. Dit wil zeggen dat met allerlei campagnes en evenementen zal worden geprobeerd de aandacht van het publiek te vestigen op het nationale feit dat in dit land anderhalf miljoen ‘laaggeletterden’ wonen. Dat zijn mensen die niet of nauwelijks kunnen lezen. Eenvoudige overheidsformulieren, bijsluiters, publieke waarschuwingen kunnen ze niet begrijpen. In de supermarkt laten ze zich bij hun keuze leiden door de plaatjes op de verpakking. Van deze anderhalf miljoen zijn een miljoen autochtoon en van hen weer een kwart totaal analfabeet. Een half miljoen allochtonen is laaggeletterd. Dat zijn de cijfers van dit jaar.