‘Politiek kan de EU niet goed vermarkten’ (debatverslag)
Een goedgevulde zaal in de Centrale Bibliotheek van Enschede legde op 27 mei de kandidaten voor het Europees Parlement het vuur na aan de schenen.
Han Pape van Twents opinieblad De Roskam bracht meteen al pit in de discussie door in zijn column kritiek te uiten op de Europarlementariërs die hun belangrijke taak “er maar een beetje bijdoen” of het zien als leuke afsluiter van een politieke carrière met het pensioen in zicht. “Zo wordt het natuurlijk nooit wat!” Stichting Debat aan de Markt, tevens organisator van de discussie, tekende de standpunten op.
Frank Futselaar (SP): De burger ziet niet wat er in het Europees Parlement gebeurt, omdat het niet op tv komt. Het is niet spannend genoeg.
René Cuperus (PvdA): Het nadeel is dat tegenstanders zich niet laten horen, zij zien het als een “foute ver-van-mijn-bed-show”. De Europese verkiezingen zijn de moeilijkste die er zijn.
Bas Eickhout (GroenLinks): Wil het publiek bereiken door op Pinkpop condooms uit te delen met daarop “Ik heb zin in Europa”.
Frans Willeme (Euregioraad): Waarom denken mensen met vakantie en handel ‘in het groot’ en wil men bestuurlijk klein blijven?
Pier Antuma (CDA): Het Europees parlement moet een volwassen parlement worden.
Sietse Wijnsma (D66): “Je hoort veel ‘Ik weet er niet zoveel van.”
Joost v/d Akker (VVD): Mensen moeten zich bewuster worden dat de EU er is, en de voordelen ervan zien.
De zaal – die overigens overwegend ‘voor’ Europa bleek te zijn na de inluidende vraag hierover van debatleider Marga Miltenburg van ZijSpreekt – is benieuwd wat de heren hierin als hun taak zien. Wil Nederland eigenlijk wel naar de stembus en waarom stellen de panelleden zich verkiesbaar, vraagt Miltenburg.
Bas Eickhout (GroenLinks): Het is goed dat mensen eens een keer een wervend verhaal over de EU horen, daar wil ik me voor inzetten. Ik wil naar Brussel om de klimaatverandering hoog op de agenda te krijgen, dat belangrijke thema blijft daar politiek gezien hopeloos achter. De Europese Unie is voor grensoverschrijdende zaken, klimaat- en asielbeleid en dergelijke, dat kan Nederland niet alleen. Maar ons eigen sociaal beleid bijvoorbeeld, daar hoeft Europa niet bij, vindt GroenLinks. Ook zeggen wij: Buitenlands Beleid Europees doen! Terwijl de SP zegt: alsjeblieft niet
De meerderheid van de kiezers wil niet dat de invloed van de Europese politiek groter wordt. Maar dat kan ook aan de vraagstelling liggen. Want op de vraag ‘Wil je meer macht afstaan aan Brussel?’ zal een meerderheid antwoorden: nee! Maar vraag je: moet de EU iets doen aan het Buitenlands Beleid dan zegt de meerderheid ‘ja’.
René Cuperus (PvdA): Verkiezingen horen geen hindernis te zijn, maar bij de Europese Verkiezingen ervaren we veel negatieve reacties. Onze taak is om mensen te bereiken met een goede boodschap die onduidelijkheid wegneemt.
Zeventig procent van de stemmers blijft thuis. We moeten respect en begrip opbrengen voor de problemen die mensen hebben met Europa en het bescheiden brengen. Oppassen met de interne markt bijvoorbeeld.
Frans Willeme (Euregioraad): Over vijandigheid tegenover de EU, terwijl Nederlanders de hele wereld over reizen en een handelsvolk zijn: Nederlanders denken altijd vanuit winstoogpunt. Is er voordeel bij voor ons? We zien voordeel in ons bestuur in eigen land en hand te houden.
Pier Antuma (CDA): Het CDA wil Europees beleid uitvoeren op een zo laag mogelijk niveau: wat landelijk geregeld kan worden of regionaal, moet zo blijven. Onder CDA-stemmers is veel betrokkenheid, CDA’ers stemmen wel. Wij creëren die betrokkenheid door zichtbaarheid van Europese dossiers in de campagne.
Frank Futselaar (SP): Ik heb vier jaar in het Europees Parlement gewerkt en werd niet gelukkig van ‘het Europa’ dat ik daar zag. Een zwerm lobbyisten en geen debat, grote afstand tot de kiezer. En als je alleen maar de Europese gedachte wilt uitdragen, ben je een pr medewerker en geen politicus. De SP wil duidelijk maken aan de burger wat er gebeurt en af en toe lukt het om eens iets tegen te houden. Daar doen we het voor. SP-stemmers zijn een probleem, aanvankelijk waren ze positief ten opzichte van de EU, maar vanaf het referendum was men EU-kritisch en nu is de fase van EU-apathie aangebroken. Daar heeft de SP last van.
Antuma van het CDA reageert daarop met: U stimuleert dat! Futselaar reageert gepikeerd en ontkent het ten stelligste. Daarop wordt ook de PvdA gewezen op hun negatieve rol bij het Verdrag van Lissabon. “Achterkamertjespolitiek met Duitsland”, wordt geroepen.
Het publiek grijpt in: iemand uit de PvdA gelederen neemt het woord en maant de panelleden dit debat niet aan te grijpen om de eigen partij te gaan bewieroken. Volgens haar was het standpunt van de PvdA bij het Verdrag van Lissabon dat ‘er eerst kundige mensen en een scherpstelling van bepaalde dingen’ moest komen, want ‘als je het besluit niet goed kunt uitleggen aan het volk dan ontstaat er onvrede en wil men een referendum uitbrengen. ‘
Dat lijkt de rode draad in dit debat: goed uitleggen is een probleem en politieke partijen verwijten elkaar dat ze niet voor hun standpunten uit durven komen.
Joost v/d Akker (VVD): Ik studeer politicologie en wil me onder andere inzetten voor grensoverschrijdende samenwerking van universiteiten, grensoverschrijdend gratis openbaar vervoer voor studenten. Maar in elk geval vind ik: men hoeft niet van Europa te houden of er iets van te begrijpen, maar er moet wel bewustwording komen.
Sietse Wijnsma (D66): De verhalen die ik van mijn ouders hoorde over de Tweede Wereldoorlog, maakten grote indruk. Dan is het nu zoveel beter en het belang van samenwerking en dialoog is duidelijk. Ik kom echter veel negativiteit over de EU tegen, meestal gevolgd door de opmerking: ‘Ik weet er eigenlijk niet zoveel van.’ Mensen moeten de positieve en voor hun relevante punten horen, en zich ervan bewust worden dat Europa niet ‘het buitenland’ is. Wij maken er deel vanuit en hebben er dagelijks mee te maken. Europa is niet ‘iemand die over ons gaat regeren’.
Vervolgens werd er over een aantal stellingen nog driftig gedebatteerd en werd het debat omstreeks 22.00 uur afgesloten met de oproep van Marga Miltenburg om toch vooral te gaan stemmen!



donderdag 2 juli 2009, 11:32 uur
Ik mis in dit debat de volgens mij de belangrijkste oorzaak van Euroscepsis: de laksheid van het parlement en regering sinds het begin van het proces van de Europese eenwording.Al die jaren is er vrijwel geen partij geweest die ook maar enigszins serieus zijn achterban heeft voorgelicht over de voor en mogelijke nadelen alsmede het economisch belang dat wij als handels natie zullen hebben bij een geordende Europese politieke organisatie.Geen van de Nederlandse partijen blijkt zich te hebben gerealiseerd dat er enorme politieke en economische veranderingen op dit moment plaats vinden in de wereld die ons land en volk zeker zullen raken.Men heeft geen kans gezien verder te kijken dan het eigen enge belang.Ook ons parlement treft hier een verwijt.Geen enkele partij heeft het probleem integraal bespreekbaar gemaakt in de kamer.Het probleem is zeker enige debatten waard.