Archief voor: september 2005


Europese journalistiek (3): de kansen

de kansen

De recente publicatie van de lijst ontvangers van Europese landbouwsubsidies, is geen toeval. Het is bewust beleid van de EU-Commissaris voor fraudebestrijding, de Est Siim Kallas. Bovendien is ze het gevolg van het naar elkaar toegroeien van Europese (media)-organisaties.

Tijdens het congres van de Vereniging van Onderzoeksjournalisten dat gaande is in Amsterdam, vertelde de Deense journaliste Brigitte Alfter dat Kallas regelmatig met de rest van de Commissie overhoop ligt over zijn streven naar meer transparantie. Alfter: ,,Publicatie van subsidiegegevens is in Estland heel gewoon. Dus waarom niet in heel Europa, vraagt Kallas zich af.”

,,De tijden voor openbaarmaking van subsidies en andere gegevens zijn nog nooit zo goed geweest”, beaamt Nils Mulvad. ,,Dat biedt veel kansen voor de journalistiek.”
Mulvad zelf is oud-journalist en hoofd van Dicar, het Danish International Centre for Analytical Reporting. Dicar helpt journalisten databestanden analyseren, en voorkomt dat ze verdrinken in een stroom van schijnbaar vormeloze gegevens, zoals de landbouwsubsidies.

In Nederland werkte Dicar samen met de Evert Vermeer Stichting van de PvdA, in Spanje met Oxfam, in Engeland met het Foreign Policy Center, een denktank die dichtbij Tony Blair staat. ,,Op die manier dragen we ons steentje bij aan Europabrede verslaggeving en vergroting van transparantie”, zegt Mulvad.

Europese journalistiek (2): de frustraties

de frustraties

Je zou zeggen dat een fraudebestrijdingsbureau fraude bestrijdt. Zo niet Olaf, het anti-fraudebureau van de Europese Unie, zo bleek gisteren uit het relaas van twee journalisten tijdens het internationale congres van de Vereniging voor Onderzoeksjournalisten (VVOJ) in Amsterdam.

Tijdens onderzoek naar fraude bij Eurostat, drie jaar geleden, was de Duitse OLAF-baas Franz Hermann Brüner (foto) onze ergste tegenstander, zo vertelde Stern-journalist Hans Martin Tillack. Brüner hield dokumenten achter en frustreerde op andere manieren het journalistiek onderzoek. De onafhankelijkheid waarvan Olaf op de EU-website hoog op geeft, kon Tillack niet ontdekken

Als relatieve nieuwkomer in het Brusselse haalde Stern-verslaggever Tillack samen met de Italiaanse journalist Marcello Faraggi het nodige aan corruptie, fraude en manipulatie boven water. Brüners tegenwerking was daarbij niet zijn enige verrassing. Dat zijn eigen collega’s hem publicatie afrieden (`slecht voor de reputatie van de EU, slecht voor Duitsland’), vond Tillack ronduit stuitend. Brusselse correspondenten zijn embedded journalists, luidde zijn conclusie.

Brüner staat overigens in oktober op de nominatie om herkozen te worden als baas van OLAF.

Europese journalistiek (1): de kater

de kater

Wat zijn we timide geworden, klaagt David Leigh, hoofd onderzoeksjournalistiek bij de Britse krant The Guardian. Tijdens zijn openingsspeech van het internationale congres voor onderzoeksjournalistiek in Amsterdam (VVOJ) hekelt hij de nieuwe toon van fatsoen en voorzichtigheid in de Britse media. We durven minder na de douw die de BBC kreeg na wat fouten in de Irakverslaggeving, vertelt hij me even later bij een kop koffie in congrescentrum De Meervaart.

Zelfs de hoofdredacteur van z’n eigen geliefde Guardian, onlangs overgegaan op een kleiner formaat (,,en dus minder plek voor lange onderzoeksverhalen”) gelooft in rust, klaagt Leigh. ,,Terwijl we opgericht zijn om autoriteiten kritisch te benaderen, om strijdbaar te zijn. Journalisten moeten zichzelf zien als geboren probleemmakers, ruitenbrekers, blinde mannen met een mes in hun hand.”

Zodra de naam van John Lloyd (Tot voor kort Financial Times Magazine) valt, springt Leigh bijna uit zijn vel. Die schreef naar aanleiding van de kater van de BBC-affaire een boek dat overal in Europa veel aandacht kreeg, en invloed uitoefende op het mediadebat. Teveel invloed, zegt Leigh. Lloyd pleitte na de BBC-affaire voor een ingehoudener, zakelijker journalistieke benadering van de politiek. Meer verklaren dan aanklagen. To tell it like it is, zoals hij in een interview met NRC-hoofdredacteur Folkert Jensma zei.

Leigh ziet niets in Lloyds benadering. Hij schreef in zijn krant en voor de website een vlammend opiniestuk tegen Lloyds boek.

Iedereen is bijna vergeten, klaagt Leigh in De Meervaart, dat de beschuldigingen van de BBC dat de regering-Blair gelogen had over de redenen om mee te doen aan de oorlog in Irak, misschien niet helemaal klopten, maar wel voor een belangrijk deel. ,,Daardoor zijn de Britten meer te weten gekomen over het bedrog door Blair en de zijnen dan anders gebeurd zou zijn. Dat is goed genoeg. Journalisten zijn nu eenmaal geen wetenschappers. Bovendien moeten ze met politici werken die vaak liegen. Dat is geen veronderstelling. Dat is waarheid. Waarom zouden politici anders steeds meer voorlichters en dure pr-bureau’s nodig hebben?”

Liever Blair dan Balkenende of Bot

Liever Blair dan Balkenende of Bot

Nederlanders zien de Nationale Europa Discussie niet zitten. Dat terwijl de politici in Den Haag die discussie juist hebben bedacht om de burgers meer bij Europa te betrekken.

Het is de conclusie die onderzoeker Hans Anker trekt uit uitvoerige gesprekken met 72 mensen over Europa, het referendum van 1 juni en de Nationale Europa Discussie. Sinds gisteren staat het rapport Kom maar naar de camping op de site van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Hans Anker (niet te verwarren met de broer van de bekende advocaat Wim Anker uit Akkrum) verwierf eerder bekendheid als campagnemedewerker van Wim Kok en Bill Clinton, en is nu zelfstandig gevestigd onderzoeker.

Opvallend in het onderzoek is de lof voor Tony Blair. Volgens de geinterviewden weet de Britse leider eerlijkheid over Europa te paren aan betrokkenheid. Het is een combinatie die bij Nederlandse leiders als Balkenende en Bot kennelijk wordt gemist.

Op pagina 25 van het rapport staat een deel van de toespraak afgedrukt die Blair op 23 juni j.l. hield voor het Europees Parlement, en die de deelnemers aan het onderzoek te lezen kregen.

Twee tikken op de vingers van de Kamer

En weer krijgt de Tweede Kamer een tik op de vingers.

Vorige week scheidde de Referendumcommissie haar eindverslag af. Dat bevatte de nodige kritiek op de referendumwetgeving die de volksraadpleging over de Europese Grondwet in goede banen moest leiden. De Tweede Kamer had deze wetgeving gemaakt, maar bevatte volgens de commissie onder leiding van prof. Kortmann achteraf bezien veel te veel dwingende voorschriften (over de datum, over de vraagstelling, over de taak van de referendumcommissie).

Vandaag volgt een tweede evaluatie, afkomstig van minister Pechtold (Bestuurlijke Vernieuwing, D66). Hij bespreekt het werk van de ambtelijke staf (projectgroep) die het werk van de Referendumcommissie moest ondersteunen.
Dat werk, schrijft Pechtold, werd gehinderd door ,,summiere” wetgeving over de taakverdeling inzake de informatievoorziening rond het referendum. Doordat er verscheidene informatiepunten waren (De Referendumcommissie, Buitenlandse Zaken) kwamen er verschillende informatiestromen, hetgeen verwarring wekte bij de kiezer.

Pechtold beveelt voor een volgende keer een centraal informatiepunt aan.

Tobias Asserinstituut onderzoekt netelige kwestie

Tobias Asserinstituut onderzoekt netelige kwestie

Het Tobias Asserinstituut voor internationaal recht moet het verlossende woord gaan spreken in een slepende kwestie. Hoe valt het Brussels aandeel in de nationale wet- en regelgeving precies te meten?

Vorig jaar ontstond daarover in de kleine wereld van BZ, Justitie en onderzoeksinstellingen opeens een debat. Staatssecretaris Atzo Nicolaï(VVD, Europese Zaken) was steeds uitgegaan van zestig procent, maar wist eigenlijk ook niet waarop dat was gebaseerd. Dat bleek toen vorig jaar oktober de twee bestuurskundigen Herwijer en De Jong dat aandeel trachtten te quantificeren en veel lager uitkwamen. (zie ook log Gevoelstemperatuur uit maart 2005).

Nader onderzoek bleek geboden.

Omdat het hier om een ingewikkelde kwestie gaat, heeft het even geduurd voordat duidelijk was welke onderzoekers precies wat gevraagd zou worden. ,,Maar de contracten zitten nu in de post”, meldt een medewerker van het Asserinstituut opgewekt, nu bijna een jaar na het ontstaan van het debatje. Hij en zijn collega’s gaan het komend half jaar nader onderzoek doen naar twee gebieden waar veel en weinig Brusselse invloeden bestaan – milieu en onderwijs. Het contrast moet aanwijzingen bieden hoe het aandeel precies gemeten moet worden.

Een definitief antwoord op de 10 miljoen-euro vraag: wat is het totale Brussels aandeel in de nationale wetgeving precies, valt niet te verwachten.

Burkestichting lanceert Europees onderzoeksinstituut

Burkestichting lanceert Europees onderzoeksinstituut

De Edmund Burke stichting blijft voor nieuws zorgen. Werd twee weken bekend dat Bart Jan Spruyt opstapt als hèt gezicht van de conservatieve denktank, gisteren volgde een persbericht over de oprichting van The European Independent Institute, afkomstig uit de schoot van de Burkestichting.

The European Independent Institute wordt een soort onderzoeksinstituut naar Europees beleid, aldus het persbericht. De oprichters laten zich inspireren door een oinstituut in Oakland, VS.

Het `EII’ gaat zich de komende maanden bezig houden meteen viertal onderzoekstrajecten, te weten onderzoek op het gebied van de gezondheidszorg, onderzoek naar de economische grondslag van anti-kartel beleid, een uitbreiding van het vlaktaks-onderzoek en een uitbreiding van het onderzoek naar het subsidiestelsel. Het ?EII’ zal zich hierbij richten op zowel het beleid in Nederland als in de Europese Unie.

Maandag 3 oktober zullen de plannen worden toegelicht, tijdens een `Oud & Nieuw-bijeenkomst’. Eén van de inleiders: toch weer Bart-Jan Spruyt.

Neelie en Angie

Neelie en Angie

Het heeft even geduurd, maar in de loop van de middag kwamen dan toch Duitse reacties los op het opiniestuk van EU-Commissaris Neelie Kroes in Trouw. Duitse reacties uit Brussel wel te verstaan.

Een schandaal, zo betitelden de voorlieden van Socialistische en Groene fractie, Martin Schulz (die van de botsing met Berlusconi) en Daniel Cohn Bendit (die van 1968) de openlijke steunbetuiging van Kroes aan Angela Merkel, de vrouwelijke kanselierskandidaat van de CDU. Kroes schreef daarmee geen partijpolitieke voorkeur uit te spreken. Ze wil alleen het belang van vrouwen aan de top van de politiek onderstrepen.

Schulz gelooft daar helemaal niets van. Kroes trete “wie keine Zweite unter allen EU-Kommissaren am vehementesten für den radikalen Marktliberalismus und soziale Kälte ein” – und schließlich habe die CDU-Chefin ein ähnliches Programm.“, zo wordt de socialistische voorman geciteerd door Spiegel Online, een van de drukstbezochte Duitse mediawebsites. Cohn Bendit vindt dat Kroes weer terug naar Den Haag moet: Kroes sei “in der EU-Kommission eindeutig fehl am Platze”, aldus de Groene voorman. “Wenn sie Lust auf Parteipolitik hat, sollte sie wieder zurück in die Niederlande gehen.”

De site van der Spiegel toont Kroes met een ijzeren Maggie-smile (zie foto) en daaronder de tekst: Frauer sind locker. Het is een verwijzing naar de bewering van Kroes dat vrouwen in het sociaal verkeer ontspannener opereren dan mannen en in het algemeen meer gevoel hebben voor communicatie met hun medewerkers.

Kroes trad vorig jaar aan als Commissaris voor Mededinging. In een interview met Elsevier uit die begintijd omschreef ze zichzelf als ,,geen poesje, maar een tijger”. Biologen zijn het er nog niet over eens welke diersoort ontspannener opereert.

Donner: Over martelingen zijn afspraken te maken

Opmerkelijk berichtje van het ANP-net geplukt. Let op de laatste alinea.

Donner tegen aanpassing Europees verdrag mensenrechten (2)
N i e u w bericht, meer informatie
NEWCASTLE (ANP) Minister Donner van Justitie ziet niets in de Britse wens om het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) aan te passen, om zo makkelijker terroristen of geestelijken die haat prediken het land uit te zetten. Volgens Donner is zo’n aanpassing niet nodig en ook ,,onwenselijk”.
De Britse ministers Clarke (Binnenlandse Zaken) en Lord Falconer (Justitie) drongen donderdag tijdens overleg met hun EU-collega’s in Newcastle aan op zo’n aanpassing, waarvoor unanimiteit nodig is. In Groot-Brittannië hebben recent drie personen die dreigden te worden uitgewezen met succes een beroep gedaan op het EVRM om niet naar hun geboortestaat terug te moeten. Zij vreesden daar te worden gemarteld.
,,We moeten soms het belang van een individu echter afwegen tegenover het belang van de hele samenleving, in het belang van de strijd tegen terrorisme”, aldus Lord Falconer donderdag. ,,Anders krijgen we misschien in eigen land te veel vragen over het feit of het nog wel nuttig is ons aan dit verdrag te blijven houden.”
Donner stelde in een reactie op de Britse voorstellen echter dat doorgaans met de landen waarheen personen worden uitgewezen, de afspraak te maken is dat zij daar geen marteling zullen ondergaan. Volgens hem biedt dat voldoende garantie. Morrelen aan het EVRM is daarom ook niet nodig.

Is VNO het verlengstuk van SozaWe?

Is VNO het verlengstuk van SozaWe?

Ziet het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de werkgevers van VNO/NCW als zijn verlengstuk? Niet alleen vanuit een oogpunt van klassenstrijd zou dat opmerkelijk zijn.

Ik kreeg woensdag even die indruk toen ik eerst van het VNO en daarna van SoZaWe wilde weten weten wat de te verwachten gevolgen voor Nederland zijn van de EU-richtlijn over bescherming tegen de effecten van optische straling.

Nadat de woordvoerster van SozaWe was gebleken dat VNO daar een wat andere kijk op had, nam het ministerie contact op met de werkgevers om even uit te leggen dat het echt anders zat. En of de werkgevers maar even NRC Handelsblad wilden laten weten dat hier sprake was van een ‘misverstand’. Die stond immers op het punt te gaan schrijven dat VNO ‘hoge invoeringskosten’ verwachtte, aldus de zegspersoon van SoZaWe. Het ministerie wil kennelijk elke indruk vermijden dat een Europees richtlijn hier nieuwe kosten en red-tape veroorzaakt.

Van een misverstand was echter geen sprake, en van een toekomstig artikel over hoge kosten evenmin, zo kon ik de werkgevers geruststellen. VNO handhaafde na haar tweede contact met de krant dan ook haar oorspronkelijke opvatting dat de richtlijn gevolgen kan krijgen voor de bedrijfsartsen.

SozaWe blijft daar overigens anders over denken.