Archief voor: mei 2005


Britse jaloezie

Britse jaloezie

Vervelende Hollanders, plaagt ene Joanne van de BBC-radio Five Live me voordat ze on air een rijtje vragen over het Franse en Nederlandse referendum afwerkt.

Joanne had zich verheugd op de volksraadpleging over de Europese Grondwet die het Verenigd Koninkrijk volgend jaar zou houden. Natuurlijk zijn de Britten één en ander gewend waar het om Europadebat gaat. Maar de confrontaties in Frankrijk en in Holland van de laatste weken had zij ook wel eens willen meemaken. De presentatrice was zelfs van plan zich op het Verdrag van Maastricht te gaan storten – dat kende ze nog van haar studietijd – om zich goed voor te bereiden op deze constitutionele confrontatie.

Jammer, maar helaas. Joannes eigen premier, Tony Blair, heeft vanmiddag gezegd dat hij het referendum niet meer ziet zitten na het Franse nee, zeker als `the Dutch’ hetzelfde gaan doen. De ja-stemmers in Nederland weten dat ze in elk geval iemand in London heel gelukkig maken, mochten ze toch nog winnen. Drie opiniepeilingen – die van De Hond, Nipo en Twee Vandaag, voorspellen vanavond dat de kans daarop gering is.

Het schaartje van het CDA (2)

Het CDA heeft zijn standpunt gewijzigd, zo werd zojuist bekend. Er is geen 60 procent neestemmers meer nodig om de christen-democraten de uitslag van het referendum te laten overnemen. 55% mag ook, het Franse nee-percentage.

Naar verluidt was de oorspronkelijke zestig procent van het CDA bedoeld als correctie op verkeerde motieven (Turkije, euro, protest tegen kabinet Balkenende) die nee-stemmers zouden hanteren.

Het schaartje van het CDA, en de stilte van Jorritsma

Het schaartje van het CDA, en de stilte van Jorritsma

`Un grand Non’, klonkt het gisteravond op de Franse zenders. Zij baseerden zich op de exit-polls waarin 70 procent opkomst werd gemeten, en 55 procent nee en 45 procent ja werd voorspeld.

Op slag werd het verschil met Nederland duidelijk. Hoe `grand’ ook, deze referendumuitslag zal voor Nederland niet automatisch een nee van de Tweede Kamer betekenen. Het CDA heeft immers 30 procent opkomst geëist, en een `nee’ van tenminste zestig procent.

Vanmorgen begreep ik van een collega die het CDA-congres in Utrecht bezocht, dat de christen-democraten hiermee zelf ook een beetje in hun maag zitten. Al op zaterdag zei fractievoorzitter Maxime Verhagen de Nederlandse uitslag op woensdag ,,niet met een schaartje te zullen knippen”, CDA-jargon voor een soepele omgang met het referendumresultaat.

Intussen houdt vandaag één bestuurster zich stil in het Nederlandse reactiecircus dat op gang is gekomen na het Franse nee, en dat is Annemarie Jorritsma. Februari 1996 zei de huidige burgemeester van Almere in het ANWB-blad Reizen over de Fransen. ,,Het is een leuk land, maar het is jammer dat er Fransen wonen.” Jorritsma was op dat moment minister van Economische Zaken, en het waren de jaren van de ruzies met Parijs over het drugsbeleid.

Vijf jaar later sloeg Jorritsma opnieuw toe. April 2001 kwalificeerde zij in een discussie over nut en noodzaak van de monarchie, de Franse president Chirac als ,,een engerd.” Dat gebeurde in het programma Spijkers met Koppen.
Gezien haar uitlatingen zou Jorritsma dezer dagen wellicht een rol kunnen spelen in het ja-kamp om Nederlanders ervan te overtuigen dat de Fransen gisteren het verkeerde voorbeeld hebben gegeven. Zij zou de bedenkte anti-Franse tonen van gisteravond en vandaag (Balkenende: ,,We moeten ons niet door de Fransen de wet voor laten schrijven”) extra scherpte kunnen geven. Een woordvoerster van de burgemeester van Almere laat echter weten dat ,,mevrouw Jorritsma geen behoefte voelt om op de Franse uitslag te reageren.”

Buitenlandse nieuwsgierigheid

Buitenlandse nieuwsgierigheid

Buitenlandse journalisten die me deze dagen bellen, willen allemaal ongeveer hetzelfde weten.

Ian Traynor van The Guardian, Dominika Pszczolkowska van het Poolse dagblad Gazeta Wyborcza, Sabine Cessou van de Franse zakenkrant La Tribune, Chris (sorry, achternaam vergeten) van de BBC-televisie, en Julia Barton van de BBC-radio vragen:

* Wat is er in hemelsnaam met Europees aartsvader Nederland gebeurd?
* Welke parlementariër heeft dat – rare – consultatieve referendum plus voorwaarden bedacht?
*Hoe doet Geert Wilders het tot nu toe?
*Wat is er over van de erfenis van Pim Fortuyn?

In mijn antwoorden leg ik de nadruk op…

-..de euroscepsis die getuige de Eurobarometer al sinds begin jaren negentig langzaam maar gestaag aan het groeien is na het trauma over het Verdrag van Maastricht (einde van federalistische droom), Bolkesteins aanhoudende Europakritiek, Lubbers EU-voorzitters-debacle, de switch van netto-ontvanger naar netto betaler, de uitbreiding van mei vorig jaar die Nederland een van de kleintjes maakt, het vertrek van Wim Duisenberg als ECB-president, de versoepeling van het Stabiliteitspact, en de weerstand onder de bevolking tegen de Turkse toetreding.

-..het feit dat dit het eerste nationale referendum voor Nederland in bijna twee eeuwen is, hetgeen misschien rare maar ook spannende wetgeving oplevert, spannender dan Franse: Daar is een nee op zondag straks echt nee, maar in Nederland is dat niet zeker.

-..dat Wilders veel aandacht en aanhankelijkheidsbetuigingen van burgers krijgt, maar het qua media-aandacht uiteindelijk verliest van de SP.

-.. dat sinds de dood van Fortuyn Nederland op zoek is naar een nieuwe balans tussen representatieve en directe democratie. Het referendum staat niet op zichzelf. Directe verkiezingen voor politieke leiders, burgemeesters en formateurs waar de VVD dit weekend weer over praat, zijn onderdeel van die evenwichtsoefening.

Gelukkig zijn de stukken die uit de gesprekken voortkomen, niet slecht, als dat van Ian Traynor in The Guardian representatief mag heten. Ze suggereren tenminste niet dat Nederland momenteel alleen maar over Turkije, de dure euro, of het impopulaire kabinet-Balkenende praat, zoals met name tegenstanders van het referendum enigszins doen voorkomen.

Hou comitologiedebat op peil

Hou comitologiedebat op peil

Leonard Besselink van de Utrechtse rechtenfaculteit stuurde me een adequate bijdrage aan de comitologiediscussie. Met extra plezier heb ik het stuk in het debatlog (Wie runt Europa?) geplaatst, omdat de discussie dreigt af te glijden, en wel in dubbele zin.

Het verband met de aanleiding tot de discussie – de macht van de comitologie – is in de bijdragen steeds minder aanwezig. Bovendien lijken sommige scribenten er een eer en genoegen in te scheppen zo slordig mogelijk geformuleerde teksten in de log te deponeren, soms ook nog met een buitenproportionele lengte.

Dat is jammer, want ik had me verheugd op een mooie mix van deskundige bijdragen en frisse, terzake doende geluiden van buiten.

Binnen afzienbare termijn zal Mark Rhinard (foto), de Amerikaanse comitologie-expert die ik interviewde, op enkele van de thema’s ingaan die door diverse scribenten naar voren zijn gebracht.

Ik wens alle logbezoekers een vruchtbare voortzetting van de discussie toe.

Orthodox dictaat

Orthodox dictaat

Terwijl protestantse en katholieke kerkleiders in Amersfoort zich bogen over de Europese Grondwet en luisterden naar een koraal van Bach, hield de christen-democraat Arie Oostlander een lezing in Kampen. Daarin richtte hij zijn pijlen op de omgang van de West-Europese protestantse kerken met de orthodoxe mede-christenen uit het Oosten. Hij vindt dat de eersten zich wat minder zouden moeten aantrekken van wat Oostlander ziet als een dictaat van de orthodoxe kerken.

,,Er zou met zelfkritiek kunnen worden ingegaan op de vraag of het terecht was dat de orthodoxe bisschop van Kreta een medaille uitreikte aan Radovan Karadzi´c voor zijn verdiensten als verdediger van het geloof in Bosnisch-Servië. [...] De Europese kerken hebben daar niet over gerept. In de Wereldraad van Kerken wordt de protestanten de mond gesnoerd door de veto’s van de orthodoxie.”

Oostlanders lezing, hier na te lezen, is relevant gelet op de groeiende invloed die de orthodoxie op de Europese christenheid zal hebben door de uitbreiding van de EU naar het Oosten. Het grote Europese Waarden Onderzoek, dat elke tien jaar wordt gehouden, maakt die invloed duidelijk.

Ik legde gistermiddag Oostlanders kritiek voor aan dominee Bas Plaisier, secretaris van de Protestantse Kerken in Nederland. Hij gaf rond uit toe dat Oostlander ,,gelijk”, had. Hij voegde er overigens wel aan toe dat ten tijde van de bombardementen op Kosovo in 1999 de orthodoxe bisschop van Budapest zijn medechristenen uit het Westen had gevraagd om een gezamenlijk standpunt te bepalen over het gedrag van de Servisch-orthodoxe broeders.

Plaisier gaat ervan uit dat door een intensiever contact tussen westelijke en oostelijke kerken de traditionele hechte band van orthodoxe kerk en staat zal verslappen.

Wie runt Europa?

Niet Barroso, niet Blair maar duizenden ambtenaren nemen de dagelijkse beslissingen in Europa. Zo’n 450 overlegclubjes van ambtenaren nemen in Brussel doorlopend beslissingen die het dagelijks leven van de Europese burger raken.

Weblog Europa opent een discussie over dit fenomeen dat comitologie wordt genoemd.

Iedereen kan reageren en vragen stellen aan Mark Rhinard, een Amerikaanse onderzoeker die een wetenschappelijk artikel (pdf) wijdde aan het fenomeen en werd geïnterviewd in NRC Handelsblad van zaterdag 14 mei.

Daarnaast is aan enkele politici en onderzoekers in binnen- en buitenland gevraagd in het weblog hun eigen ervaringen met comitologie op te tekenen, en te oordelen over de vraag of de Europese Grondwet burgers genoeg inzicht biedt in de werking van dit invloedrijk netwerk.

Tweede-Kamerlid Lousewies van der Laan (D66) vertelt hoe zij als jong ambtenaar bij de Europese Commissie voor het eerst met comitologie in aanraking tijdens een geslaagd wijnproject van de Europese Unie in Moldavië. ,,De Moldavische wijn zou wel eens kunnen concurreren met de Franse en dat kon – volgens de Franse diplomaten – natuurlijk nooit het doel zijn van Europese hulpprojecten voor de voormalige sovjetsatellieten. Dit was ‘comitologie’ in de praktijk.”

Amerikaans schouderklopje

Amerikaans schouderklopje

Europa moet niet zo navelstaren en onzeker doen over haar eigen prestaties.

Terwijl de referendumkoorts veel Europese leiders op het continent lijkt te verlammen, klinkt deze klaroenstoot van de andere kant van de Atlantische Oceaan. Andrew Moravcsik, EU-expert van Princeton University, stuurde me een artikel van zijn hand in het laatste nummer van Foreign Policy met het schouderklopje voor het Europees project.

Andere Amerikanen of in de VS woonachtige Europa-liefhebbers zoals Jeremy Rifkin en Joseph Weiler gingen hem voor. Zelfs president Bush hoort tegenwoordig in dit rijtje thuis.

Natuurlijk, het hele ratificatieproces van de Europese Grondwet dreigt door de onzekere afloop van de referenda in Frankrijk en Nederland een puinhoop te worden, schreef Moravcsik eerder in zijn column in Newsweek. Maar dat betekent nog niet dat Europa zichzelf omlaag moet praten.

Wees trots op wat je nu al in Turkije hebt gereikt aan hervormingen, schrijft Moravcsik. Help Irak opbouwen voor zover dat binnen je (politieel) vermogen ligt. Schep een wonder in de Gazastrook met je financiële hulp. En realiseer je dat Amerika en Europa in de strijd tussen vrijheid en dictatuur aan dezelfde kant staan.

Kissinger en het Europese telefoonnummer

Kissinger en het Europese telefoonnummer

Wat een goed idee van Die Welt om Henry Kissinger te interviewen. Hij was het immers die midden jaren zeventig verzuchtte niet te weten welk telefoonnummer hij moest draaien om Europa aan de lijn te krijgen.

Kissinger was toen minister van Buitenlandse Zaken van de VS, en Europa een kakafonie van meningen. Hoewel veel kleiner dan nu – de toenmalige EG telde nog niet eens tien leden – waren de lidstaten zwaar verdeeld over belangrijke buitenlands-politieke thema’s van die dagen zoals Israel en het Midden-Oosten en de ontspanningspolitiek tegenover de Sovjet-Unie en China.

En, is uw vraag naar het telefoonummer nu wel beantwoord? luidt vanmorgen de eerste vraag van Die Welt – daarbij hintend naar de ene Europese minister van Buitenlandse Zaken waarin de Europese Grondwet voorziet. Kissinger – inmiddels 81 jaar oud – kopt de bal keurig in door Javier Solana te noemen, de belangrijkste kandidaat voor die post.

Toch twijfelt Kissinger nog steeds of Europa er daarmee wel is. ,,Het is een institutioneel antwoord, geen politiek antwoord”, zegt hij. Immers, hij blijft verdeeldheid in Europa zien, al was het maar door het eigenzinnig gedrag van Duitsland, het land dat hij in 1938 als 15-jarige verliet. De bereidheid van bondskanselier Schröder en zijn partijgenoten van de SPD om anti-Amerikaanse en anti-kapitalistische sentimenten in te zetten voor nationale of regionale verkiezingsstrijd, maakt Kissinger ,,niet gelukkig”.

Balkenende versus Verbrugge (2)

Net terug van een paar dagen meivakantie, open ik mail van een paar teleurgestelde lezers. Graag hadden ze meegedaan aan de discussie over de interviews met Balkenende en Verbrugge, maar ze kwamen het discussieplatform niet in.

Kennelijk vertoont het nieuwe debatsysteem dat is gekoppeld aan weblog Europa nog enkele kinderziektes. Onze welgemeende excuses daarvoor; er wordt hard gewerkt aan een vlekkeloos opererende variant.

Intussen zijn de per mail aangeleverde standpunten op het platform geplaatst. Mochten zich toch weer problemen voordoen, dan kunt u de tekst alsnog richten aan versteegh@nrc.nl. Uw standpunt komt dan – via een omweg – alsnog op het platform terecht.