De PvdA als multiculturele dader
Is er een alternatief voor integratie? Schijnbaar is dit een retorische vraag, waarop een ontkennend antwoord voor de hand ligt, maar in werkelijkheid bestaat het alternatief wel degelijk, in de vorm van gedwongen assimilatie, selectieve opheffing van de vrijheid van godsdienst, uitsluiting van bevolkingsgroepen uit het openbare leven, deportaties van de ‘vijfde colonne’ en zo verder.
Men kan dit alternatief moreel verwerpen of op pragmatische gronden afwijzen. Het zou leiden tot onbeheersbare maatschappelijke spanningen, economische rampen en op termijn tot grootschalig bloedvergieten of tot een politiestaat of allebei. Maar hoe griezelig ook in zijn consequenties, laat niemand zeggen dat het ondenkbaar is. Het is namelijk heel goed denkbaar en er is geen reden glimlachend de schouders op te halen over de agitatie van de heer Wilders, want het lachen zou ons zomaar kunnen vergaan.
Nu lijkt dit misschien een nodeloos alarmistische gedachte. Afgezien van de Partij voor de Vrijheid kiest geen enkele politieke stroming in Nederland openlijk voor een politiek van gedwongen assimilatie en alles wat onvermijdelijk in het verlengde daarvan ligt. Alle partijen voeren integratie hoog in het vaandel. In woorden althans, in de praktijk ben ik er niet gerust op.
Een van de meest omineuze tekenen is de snelle ontwikkeling van de VVD naar beginselloosheid. Men herinnere zich het jaar 2003 (dus al na 9/11 en de moord op Fortuyn). Ayaan Hirsi Ali had met enkele uitspraken over de profeet Mohammed de woede gewekt van ambassadeurs van een aantal islamitische landen. Daarop zei de leider van de VVD, vicepremier Zalm: „De VVD vindt dat geloof (en ongeloof) een persoonlijke zaak is en zal als partij nooit standpunten innemen met betrekking tot religieuze kwesties. Als een VVD-lid iets te berde brengt op het gebied van godsdienst kan dat vanuit de partij dus nooit worden gesteund of afgekeurd.”
Dit is het klassieke liberale standpunt. De VVD verdedigde het recht om ongezouten kritiek op godsdiensten te leveren. De partij stond, zei Zalm, helemaal achter de strijd van Hirsi Ali voor de rechten van de vrouw, voor de gelijkheid van mensen, voor de vrijheid van meningsuiting. „Het enige waar de VVD niet, als partij, achter kan staan, zijn religieuze opvattingen als zodanig, dus in het onderhavige geval haar opmerkingen over de profeet Mohammed. Wat wij bestrijden is hoogstens een bepaalde interpretatie van het geloof.”
Dixit Zalm.
Het zal opvallen dat de toenmalige leider van de VVD, terwijl hij zijn partijgenote verdedigde, precies maar dan ook precies dezelfde redenering volgde als nu PvdA-leider Bos in het geval van zijn partijgenoot Eshan Jami: steun voor zijn vrijheid een persoonlijke mening te geven, steun voor de vrijheid van geloofsafval, maar geen partijstandpunt over de profeet Mohammed. En wat doet nu de VVD? De huidige partijleider Rutte noemde de positie van Bos „ronduit beschamend”, hij zou Jami hebben laten vallen. Liet Zalm dan in 2003 Hirsi Ali vallen? Natuurlijk niet. Maar of het nu electorale angst is voor Wilders of dat Rutte gebiologeerd is door zijn concurrente Verdonk, de VVD verloochent haar eigen beginselen. Geen ergere beschuldiging dan „soft on islam” te worden genoemd. Dit is het bankroet van het liberalisme, dat daarmee is uitgeschakeld als factor ten gunste van de integratie.
De PvdA heeft de riskante opgave aanvaard niet zozeer „de boel bij elkaar te houden”, als wel „de boel bij elkaar te brengen”, maar daar valt door het onophoudelijke gestook van moslimfundamentalisten enerzijds en de bewakers van ‘onze’ christelijke beschaving anderzijds vooralsnog weinig eer aan te behalen: zij wordt hetzij als handlanger van de fundamentalisten hetzij als theedrinkende capitulant weggezet.
Als multiculturele dader, de klassieke zondebok.
Dat maakt de PvdA uiterst kwetsbaar voor de centrifugale bewegingen in het electoraat. Aan de ene kant draagt zij bij tot de politieke inschakeling van vertegenwoordigers uit de moslimgemeenschappen (een van de redenen van haar zege bij de gemeenteraadsverkiezingen), aan de andere kant vervreemdt zij zich – beschimpt als Partij van de Allochtonen – van delen van haar voormalige aanhang. Vooral in laagopgeleide en laagbetaalde groepen, die de immigratie als een concurrentiefactor hebben ervaren, kan zij geen aanspraak meer maken op krediet en vertrouwen (getuige haar nederlaag bij de Kamerverkiezingen).
Een weinig benijdenswaardige positie, temeer omdat andere partijen er naar vermogen toe bijdragen haar in onzekerheid en verlegenheid te brengen. Getrennt marschieren, gesammt schlagen, zo bestreden tijdens de Kamerverkiezingen het CDA en de SP Wouter Bos van twee kanten.
De PvdA is er nu toe veroordeeld in de praktijk aan te tonen dat integratie werkt. En dit ook aan haar autochtone aanhang duidelijk te maken. Dat is een probleem dat de andere integratiepartijen, GroenLinks en D66, niet kennen omdat zij zich alleen tot de geestesaristocratie wenden. De PvdA daarentegen moet ervaren dat het bon ton is de integratiepolitiek met hoon te overladen. Bepleit minister Vogelaar in een nuchter en realistisch getoonzet interview een aantal praktische maatregelen om sommige scherpe kantjes van de integratieproblematiek weg te werken, dan gaat de aandacht vervolgens vrijwel alleen uit naar haar uitspraak dat „over enkele eeuwen” moslims mogelijk als mede-erflaters van onze beschaving zullen worden beschouwd. De reacties waren dermate overspannen, dat het leek of Vogelaar een nieuwe staatsideologie had uitgedokterd.
Waar zijn op zo’n moment haar coalitiepartners? Zij duiken. Het CDA lijkt er voornamelijk op uit te zijn een politiek van immobilisme te voeren en het aan de PvdA over te laten zich te compromitteren – het is immers de PvdA die wordt geassocieerd met de ‘multiculturele samenleving’, en dus aansprakelijk wordt gesteld voor alle problemen die daarmee samenhangen.
In de oppositie zit de SP onbeweeglijk op het vinkentouw; zij werpt zich op als verdediger van de belangen van de autochtone onderklasse, werft moslimaanhang met extreme standpunten tegen Israël en de VS, en wacht intussen rustig af tot de PvdA fouten maakt.
De PvdA verkeert in existentieel gevaar. Als zij aan de dilemma’s ten onder gaat, komt een huiveringwekkend alternatief voor de integratie angstig dichtbij.


