Het voorbeeld van de oude Bush
Het ongeduld is begrijpelijk. Als Moammar Gaddafi niet snel gestopt wordt, kan het geweld in Libië ontaarden in een massale slachtpartij, zeggen voorstanders van een snelle interventie. De afgelopen dagen zijn er al honderden, volgens sommige bronnen zelfs duizenden doden gevallen. Dus waar wachten Obama en het Westen nog op? Alles is beter dan nietsdoen. Het enige waar Gaddafi naar luistert is geweld, betoogde de journalist Gerbert van de Aa woensdag op deze pagina. Een Amerikaans bombardement op de verblijfplaats van de Libische leider was zijn voor de hand liggende oplossing voor de crisis.
Het zijn altijd burgers die denken dat snelle militaire actie uitkomst biedt, militairen weten doorgaans wel beter
Het zijn altijd burgers die in crisissituaties denken dat een snelle militaire actie uitkomst biedt. Militairen weten doorgaans wel beter. Uit ervaring weten ze dat zelfs een precisiebombardement verkeerd terecht kan komen. Dat je een militaire interventie makkelijker begint dan beëindigt. En dat na het eerste schot alles meestal heel anders loopt dan iedereen had gedacht.
Bovendien zijn daadkracht en morele argumenten niet voldoende om in te grijpen. Zonder politieke steun, in eigen land en in de regio, is de kans op duurzaam succes heel gering.
Gisteren was het twintig jaar geleden dat de Operatie Desert Storm begon, het grondoffensief onder leiding van de Amerikanen dat (na een half jaar van voorbereidingen) in vier dagen tijd de Iraakse bezetter uit Koeweit verdreef. De situatie was in alle opzichten verschillend van de huidige toestand. Maar misschien heeft Obama er toch een les uit getrokken.
In de statige East Room van het Witte Huis reikte de Amerikaanse president vorige week aan vijftien mensen de Presidential Medal of Freedom uit, de hoogste civiele onderscheiding in Amerika. Eén van die vijftien was George Herbert Walker Bush, de vader – of ‘de goede Bush’ zoals een Duitse krant hem voor de gelegenheid noemde.
Obama prees de 86-jarige oud-president in slechts een paar zinnetjes. Maar één van de dingen die hij speciaal noemde was dat Bush „een brede internationale coalitie smeedde om een dictator uit Koeweit te verdrijven”.
Aan de bevrijding van Koeweit was een diplomatiek offensief voorafgegaan. Op die manier had Bush een coalitie weten te vormen van 34 landen, waaronder Saoedi-Arabië, Syrië en Egypte, die zich bovendien gesteund wist door een mandaat van de Verenigde Naties. Dat voorbeeld volgde zijn zoon niet toen hij in 2003 zijn eigen oorlog tegen Irak begon – met dramatische gevolgen voor Irak en voor de status van de Verenigde Staten in de wereld.
Obama zoekt tot nu toe tastend zijn weg in de situatie die ontstaan is door de reeks opstanden in het Midden-Oosten. Hij had er zelfs vier dagen voor nodig om het geweld te veroordelen. Maar hij begrijpt blijkbaar wel dat wéér een eenzijdig Amerikaans ingrijpen in de Arabische wereld averechts kan uitpakken. De weerzin tegen westerse bemoeienis heeft er diepe wortels. Samen optrekken met bondgenoten, liefst niet alleen Europese, is dus verre te verkiezen boven solistisch optreden – ook bij het afkondigen van sancties, het opzetten van humanitaire operaties en zeker bij een militaire actie als het afkondigen van een no-fly zone boven Libië, een maatregel die kan uitmonden in het neerschieten van Libische vliegtuigen boven hun eigen grondgebied.
Gisteren belde Obama met Sarkozy, Cameron en Berlusconi. Eerder benadrukte hij het belang één lijn te trekken met organisaties als de Europese Unie, de Afrikaanse Unie en de Arabische Liga. Dat zijn belangrijke eerste signalen, maar ze moeten wel snel concrete resultaten opleveren. En daarbij hoeft niet meteen aan militair ingrijpen gedacht te worden.
Libische piloten kunnen worden aangemoedigd het voorbeeld te volgen van hun collega’s die zijn uitgeweken naar Malta omdat ze hun eigen bevolking niet wilden aanvallen. Hoge militairen en andere functionarissen kan duidelijk gemaakt worden dat er brede internationale steun bestaat voor berechting van degenen die medeplichtig zijn aan het geweld tegen de betogers.
Door zulke maatregelen zal de kritiek niet verstommen dat de wereld, en in het bijzonder het Westen, de strijd van het Libische volk onmachtig gade slaat. Maar de macht van het Westen om de ontwikkelingen in het Midden-Oosten naar zijn hand te zetten ís ook beperkt – zoals de laatste Irak-oorlog, het almaar voortdurende conflict tussen Israël en de Palestijnen en nu weer de revoltes die iedereen verrast hebben wel laten zien.
Dat is een pijnlijke constatering, die pijnlijker wordt naarmate de situatie verder uit de hand loopt. De oude Bush weet daar alles van. Hij koos er in 1991 voor de de oorlog tegen Irak te beëindigen toen hij zijn doelstelling, de bevrijding van Koeweit, had bereikt. De Iraakse leider Saddam Hussein was militair verslagen, maar hij was nog wel aan de macht. De Amerikanen marcheerden niet door naar Bagdad om hem af te zetten. Daarvoor had Bush geen mandaat van de Verenigde Naties, zijn coalitie verlenging van de oorlog niet overleefd hebben en hij vreesde in een oorlog met onbekende risico’s verstrikt te raken.
Saddam Hussein had vervolgens zijn handen vrij om een opstand van shi’ieten bloedig de kop in te drukken. Hij gebruikte daarbij helikopters, die de Amerikanen hadden uitgezonderd van het vliegverbod in het zuiden. Een vliegverbod, inclusief helikopters, zou de opstandelingen in Libië nu kunnen beschermen tegen de troepen van Gaddafi. Maar zelfs als zo’n verbod er komt, is de waarde ervan beperkt: het gevaar voor de opstandelingen zal dan van Gaddafi-getrouwen op de grond komen.



vrijdag 25 februari 2011, 17:04 uur
[...] Dit blogartikel was vermeld op Twitter door Tine Janssens, Columns NL. Columns NL heeft gezegd: Juurd Eijsvoogel: Het voorbeeld van de oude Bush – NRC – http://bit.ly/hjpi9L [...]