Over Skanderbeg en Hoxha
Het kostte vandaag moeite om uit Lezha (ook wel: Lezhë) weg te komen, omdat we er in korte tijd veel mensen hadden leren kennen, en die kwamen we steeds weer tegen in de straten van het stadje. Albanië raakt snel vertrouwd; we kennen nu ook het ritme van de stroomuitval. Er is chronisch energietekort, dus gaat dagelijks tussen negen en twaalf ‘s morgens en tussen half zes en zeven ‘s avonds, en vanaf een uur of half elf tot het einde van de nacht, in vrijwel het hele land de elektriciteit uit. Dan beginnen de claxons zich te vermengen met het gezoem van de generatoren – het gezellige geluid van een Albanese stad. Op de toonbanken, in de restaurants en de huiskamers worden de kaarsen aangestoken.
Kort na de black-out van gisteravond arriveerden in het hotel, waar we inktvis zaten te eten, een wat oudere man met zijn volwassen dochter, dat zag je meteen. Ze keken
discreet onze kant op en we hebben al geleerd dat in Oost-Europa bijna iedereen zijn verhaal kwijt wil. In dit geval kun je vermoeden dat ze waren ingeseind door hoteleigenaar Mentor, die we met een sticker van Expeditie Europa ons reisdoel hadden onthuld: begrijpen wat Europeanen bezighoudt.
De dochter stapte op ons af en stelde zich in voortreffelijk Engels voor als Jozefina Gjelaj. Ze bleek zelfs een paar zinnen Nederlands te spreken, omdat ze een jaar met een Erasmus-beurs Business Administration in Brussel had gestudeerd. Was er iets wat we wilden weten of waar we hulp bij nodig hadden? En dat haar vader heel graag zijn verhaal wilde vertellen en haar gevraagd had voor vertaling te zorgen.
Het werd laat bij het open haardvuur, tot ver na het opnieuw uitvallen van de stroom. Jozefina’s vader ontpopte zich als een geestige prater, vol anekdotes, spreekwoorden en
ironische observaties. Het grootste probleem was dat zijn dochter het soms met hem oneens was, en bovendien na een paar uur doodmoe werd van het samenvatten en vertalen van de discussie, waar ook Mentor en zijn zakenpartner (mogelijk: broer) zich enthousiast in mengden.
De essentie van de boodschap was dat wij in West-Europa moeten weten hoe verschrikkelijk het die 45 jaar onder het communistische bewind van Hoxha en later Alia
geweest is. Er was honger, angst, onrechtvaardigheid, haat tegen intellectuelen. In de hele provincie Lezha reden maar vijf auto’s, alle van partijbonzen. Laaiend kan hij nog worden over de pillendozen, de champignonvormige bunkers, waarvan er naar schatting tussen de 700.000 en een miljoen in het Albanese landschap staan. Ze zijn gemaakt van gewapend beton en niet op te blazen of op een andere manier te verwijderen. Het materiaal van een bunkertje zou volstaan om een appartement van 80 vierkante meter te bouwen, en dan zou er geen woningnood meer zijn.
Doordat de grond in de post-communistische periode slechts gedeeltelijk zou zijn teruggegeven aan de oorspronkelijke eigenaars, valt er nog steeds weinig te ondernemen op het gebied van toerisme, projectontwikkeling of iets grootschaliger landbouw, zegt Gjelaj sr. Wie bezit dan nu de rest? Dat is onduidelijk, vermoedelijk vrienden van de politici. Het is een woord, ‘politicus’, dat hier in nog lager aanzien staat dan bij ons.
Een ander onderwerp dat uitgebreid ter sprake kwam was de ‘kanun’, de meer dan duizend ongeschreven leefregels, over gastvrijheid en bloedwraak, over erven en trouwen, die nog steeds een belangrijke rol spelen voor veel Albaniërs. Hoe belangrijk? Daarover verschilden onze gesprekspartners van mening, maar het werd allengs duidelijker dat je die betekenis moeilijk kunt overschatten. Bovendien is er een orthodoxe en een liberale kanun; als we het goed begrepen hebben is die van Skanderbeg de strengste.
Onze hele derde dag in Albanië lijkt in het teken te staan van Skanderbeg, de grootste
nationale held. We bezochten twee aan hem gewijde musea, waarvan een duidelijk gebouwd in de trant van het Hoxha-regime, dat wel een seculier voorbeeld kon gebruiken, en dan nog wel een die zich ten doel had gesteld alle buitenlandse invloeden te weren, uit naam van de Europese beschaving.
Dat Skanderbeg een voorbeeld van Hoxha was, betekent niet dat zijn vijanden hem niet eren. Al onze gesprekspartners van vandaag en gisteren vroegen herhaaldelijk of we al waren wezen kijken bij het Skanderbeg-monument en leken het belangrijk te vinden dat we dat deden.
Giorgi Kastrioti (1405-1468) was een Albanese edelman, die drie prinsdommen verenigde en vijfentwintig veldslagen leverde tegen het Ottomaanse rijk, waarvan hij er drieentwintig won. Op jonge leeftijd was Kastriotis als gijzelaar meegenomen naar Istanbul, waar hij zich zo onderscheidde door zijn moed en intelligentie, dat hij door de sultan tot bey (beg) werd benoemd en de bijnaam Iskander (Alexander) kreeg. Skanderbeg wordt meestal afgebeeld met vlammende baard en door een bokkenkop gesierde helm. In het Skanderbeg-museum in Kruja, op de plek van zijn voormalige vesting, wordt hij vooral als socialistisch-realistische held van het volk weergegeven; het soberder grafmonument in Lezha, waar zijn door de Turken geroofde gebeente overigens ontbreekt, legt meer de nadruk op de veldslagen en op zijn zwaard en helm. Het monument-museum was dicht, maar ging onmiddellijk open toen Mentors assistent Genni, die we op straat waren tegengekomen, de juiste bewaker aanklampte. Ook vond hij voor ons een internetcafé
waar plek was en een generator werkte. Soms moet je hier even geduld hebben, dus wees niet ongerust als het soms wat langer duurt voordat er een nieuwe aflevering op de site staat. Albanië is niet eng, alleen een beetje gehandicapt door de geschiedenis.
Eerder op de ochtend waren we op een terras al ‘aangesproken’ door Mentors broer of zakenpartner, die geen woord Engels of Italiaans kent. Hij maakte met handen en voeten duidelijk dat hij een etage hoger werkte en kwam tien minuten later terug met een gesprekspartner voor ons, een zekere Stepan. Weer zo’n scherpe, gevatte, zorgvuldig formulerende geest. Het duurde even voordat we in de gaten hadden dat zijn zonnebril een andere functie had dan gebruikelijk in Oost-Europa, ook al is het inmiddels weer behoorlijk zonnig. Stepan is blind of zeer slechtziend; hij zegt adjunct-directeur te zijn van het kantoor hierboven, dat naar wij begrijpen dezelfde functie vervult als bij ons het kadaster. Stepan heeft Engels geleerd van de Maltezer missionarissen in zijn (katholieke) dorp, die er overigens door de dorpelingen weer zijn uitgegooid, omdat ze veel te strenge, bijna protestantse normen oplegden. (Maltezers? we zagen binnen vijf minuten ook al auto’s rijden in Lezha met nummerborden van Gibraltar en van San Marino…). Volgens Stepan die veel ervaring heeft met de aan- en verkoop van grond, zijn er wel degelijk veel investeringen van buiten, al weet je soms in het geheel niet waar het geld vandaan komt. Georganiseerde misdaad? Wie weet, wie er in obscure dwergstaten nummerborden kopen. En die moskeeën, wie bouwt die? Ook daar moet Stepan van grijnzen. Onbekende investeerders met veel geld. Saoediërs? Wie weet. Een ding is zeker, weet Stepan: er zitten heel weinig mensen in die moskeeën. Wisten we trouwens al dat de Amerikanen Somalië hebben aangevallen? Nee, geen krant gelezen de laatste dagen.
We gaan weer verder, naar het volgende relaas. Moeilijk om te schrijven over Albanië: het lijkt wel een film van Robert Altman met tientallen personages en plots, die je moet proberen in het gelid te krijgen, terwijl het misschien aardiger is om ze gewoon door elkaar te laten praten.



donderdag 11 januari 2007, 17:28 uur
hallo Hans,
Hoe gaat het met je!
Lang geleden dat we elkaar hebben gezien/gesproken.
Fantastische reis die jullie maken.
Zoals je misschien weet ben ik een paar jaar geleden verhuist naar een prachtige witte plek op de Europa kaar: Zagoria net onder de Albanese grens in Griekenland.
Zagoria is een plek waar modern en traditioneel Europa erg hard botsen.
Mocht je in de buurt zijn,jullie zijn van harte welkom en ik laat je een vreselijk mooi en vreemd stukje traditioneel Europa zien.
Groetjes en een goede reis André Bakker
vrijdag 12 januari 2007, 01:15 uur
Hallo Hans,
Mocht je in Tirana aankomen, neem dan contact op met Skanderbeg books: een soort Bezige Bij van Albanië. Mijn partner en ik geven er Albaneestalige boeken uit, onder meer de vertaling van Herberg met het hoefijzer, en binnenkort Een varken in het paleis, van Tessa de Loo.
Succes op jullie tocht door Albanië, ondanks de energiecrisis.
Richard van den Brink
vrijdag 12 januari 2007, 17:53 uur
Leuke bijkomstigheid: Skanderberg was ook een Albanese SS eenheid. Op het laatst van de oorlog samengesteld is Skanderberg niet veel verder gekomen dan plunderen en moorden op eigen terrein. Een jofele Balkanse traditie, zo als wij allen weten.
zondag 11 maart 2007, 01:26 uur
please visit: http://www.skenderbeg.co.uk
donderdag 5 februari 2009, 05:53 uur
reageren op Jan.M
Bent u zo zeker dat ie aleen een plunderar was?