Hoe trek je hoger opgeleiden aan in de stad?

kabouter

Ooit wilde ik niets liever dan in Rotterdam blijven, verzucht schrijver Marcel Möring vandaag in NRC Handelsblad. Eind jaren tachtig was het de hipste plek van Nederland. “Er heerste een gastvrij cultureel klimaat, dat door de gemeente met kracht werd ondersteund. Een grote, actieve gemeenschap.”

Maar de binnenstad vervuilde en Rotterdam is de stad geworden met het laagste gemiddelde gezinsinkomen van de grote steden en een groot aantal Vogelaarwijken. Er is nauwelijks een stedelijke elite, zoals H.J.A Hofland ooit stelde.

En het gemeentelijk beleid helpt niet om daar verandering in te brengen, meent Möring. Culturele diepte-investeringen voor de lange termijn komen op de tweede plaats. Liever kiest men voor spektakel en snel succes, met bijvoorbeeld zomerfestivals. Die trekken miljoenen mensen, maar het gros van de bezoekers komt uit de provincie en laat niets achter wat bijdraagt aan het stedelijke culturele klimaat. En dat is nou juist waar Rotterdam behoefte aan heeft. Als Rotterdam een aantrekkelijke metropool wil zijn, zal het de culturele infrastructuur moeten versterken en uitbreiden. De hogere inkomens komen namelijk niet alleen af op de relatief goedkopere huizen. “Ze willen in die stad ook iets te doen hebben,” aldus Möring.

De gemeente zit overigens niet stil. In 2007 startte wethouder Hamit Karakus al een campagne om hogeropgeleiden te behouden voor zijn stad. Voor een periode van drie jaar worden in totaal 45 topappartementen beschikbaar gesteld aan afgestudeerden aan Rotterdamse instellingen met het hoogste gemiddelde eindcijfer.

Wat vindt u? Hoe kunnen steden hoger opgeleiden aantrekken? En ervoor zorgen dat ze blijven?

NB: het gehele artikel is te lezen in de bijlage Opinie & Debat van de papieren NRC Handelsblad. Reageren alleen o.v.v. van voor- en achternaam. En plaatsnaam, graag.


Dit bericht heeft 79 reacties op “Hoe trek je hoger opgeleiden aan in de stad?”

  1. Rene Aarsman zegt:

    Als hoger opgeleide ben ik 9 jaar geleden in Amsterdam komen wonen. Single, sinds een jaar of 3 terug uit het buitenland, en niet ingeschreven voor een huurwoning.
    Het enige dat een mens kan doen is een huis kopen, wat ik in het jaar 2000 gedaan heb. Op 1 inkomen, en ja ik verdiende goed. Maar, de enige wijken die voor mij in aanmerking kwamen lagen in West, of de Bijlmer. Uiteindelijk heb ik een jaren 30 appartement in de Bos & Lommer gekocht, hartstikke lollig, in een woonblok dat geheel bestemd was voor de verkoop.
    Na 8 jaar ben ik daar vertrokken, niet voor het huis zelf, maar voor de overlast van de buren. Continu herrie, weekendlange feesten waarbij heel de nacht op het balkon werd gegild en geschreeuwd. Een buurvrouw die haar 2 honden en kat hun behoefte liet doen op het balkon, en ondertussen zelf urenlang trompet zat te oefenen. Liefst ‘s avonds en in het weekend.
    Ik ben niet echt op mn mondje gevallen, dus er wat van gezegd, en de buurtregisseur er op af, en de politie, en samen met andere buren actie ondernomen.
    Maar, niets, het werd simpelweg niet opgelost. De huurders waren niet uit hun huizen te zetten.
    In de tussentijd ben ik meer gaan verdienen, en heb vorig jaar de keuze gemaakt om weg te gaan uit Bos & Lommer. Nog net niet uit Amsterdam, ik woon nu in Noord.
    Als een wijk als Bos & Lommer leefbaar wordt gehouden zullen de hoger opgeleiden komen en blijven. De meeste mensen die ik ken gaan er wonen omdat ze als starter geen andere mogelijkheid hebben, maar trekken na een aantal jaren weg, vaak de stad uit. En dat heeft hoofdzakelijk met het woongenog te maken.
    Dus: zorg dat de stad leefbaar wordt, pak overlast actief en afdoende aan.

  2. Jan Dirk Dorrepaal zegt:

    Wie over Rotterdam uitkijkt bijvoorbeeld vanaf de Brienenoordbruggen ziet een van de mooiste stadspanoramas van Europa; dus daar ligt het niet aan. Ook de transformatie van Havanstad naar Universiteitsstad lijkt te gaan lukken. De enige idiotie is de Kop van Zuid; iedereen kan zien, dat dat in feite de Kont van Noord is ook al bouw je een nieuwe stadion een nieuwe metro etc op het echte Zuid. Gelukkig heeft Rotterdam een relatief klein compact centrum, dat met de komst van de hsl resp. randstadrail nog een impuls kan krijgen in het Noordelijk deel ervan. Maak nu ook een meer op eigenheid gestoeld plan voor het Zuidelijke deel ipv die Kop. Denk aan zoiets als de ” Stadseilanden” (Feijenoord, Katendrecht, Noordereiland etc); de traditie van vertier ligt daar al.
    En o ja, start die Dubbelstad den Haag-Rotterdam als Culturele Dubbbelstad, dat is samen met Delft toch de toekomst!
    Al die intellectuele grootverdieners komen dan vanzelf wel.

  3. e.starink zegt:

    Het antwoord ligt deels al in het inleidend stukje van NRC: door minder grote maar oppervlakkige spektakels te organiseren. En door daarmee vrijgekomen gelden (subsidies etc) te steken in “kleine cultuur”.
    Verder ook door de stedelijke diversiteit te koesteren. De kleine allochtone restaurantjes en winkeltjes dus. Maar dat laatste kan alleen maar als Rotterdam zijn anti-allochtonenhouding kan afschudden. Overigens ook autochtone horeca helpen: er is niets lekkerder dan een onvervalst Rotterdams broodje bal in een cafeetje in het Oude Noorden. Dat alles kan op zijn beurt alleen maar als het onveiligheidsgevoel dat met name Rotterdammers nogal in zijn greep houdt, eindelijk eens verdwijnt. Ik laat maar in het midden wie dat onveiligheidsgevoel allemaal hebben aangepraat aan de Rotterdammers in de loop der jaren.
    Ik zou willen dat in Rotterdam weer eens wordt gelachen in plaats van dat bijvoorbeeld stedelijke politici elkaar alleen maar hakken zetten. Het zou goed zijn als politici en beleidsmedewerkers weer eens lachen – in de eerste plaats om zichzelf. Helpt het als beleidsmakers en politici cursussen gaan lopen bij Jules Deelder en andere Rotterdamse komieken wier namen mij nu even ontsnappen – maar die er wel zijn en overvloedig.
    Poster dezes is getogen in Rotterdam, woont in Rotterdam. En weet dat Rotterdam een verdomd mooie en fijne stad is.
    Tot slot: het standbeeld van Erasmus moet naar de Coolsingel. En ook het beeld van Zadkine: de Verwoeste Stad. Het is schandalig dat die beelden weggestopt zijn! Van mij mag Kabouter Butplug er dan ook best bij op de Coolsingel.

  4. Michel Vollebregt zegt:

    Het grootste probleem in Rotterdam, is dat de gemeente denkt cultureel te scoren met megalomane maar kansloze projecten, en alle zinvolle initiatieven van onderaf bij voorbaat dood slaat.In het kader van de overlastbestrijding en het “schoon, heel en veilig” mag er bijna niets meer. WORM heeft met moeite een plekje (en moet weg vanwege – geluidsoverlast -), het internationaal georienteerde Baroeg valt onder welzijnswerk van deelgemeente IJsselmonde, en Waterfront is ervoor gestraft dat Nighttown na notabene twee jaar eindelijk weer eens open ging.

    Ondertussen trekt de gemeente bakken met geld uit voor een bij voorbaat kansloos urban podium, en moeten de twee filmhuizen in het centrum van Rotterdam verhuizen naar de volstrekt levenloze kop van zuid.

    Waar is de chaos? Waar is de creativiteit?

  5. H.Bruins zegt:

    De hoger opgeleiden belijden met de mond nogal eens het multiculturalisme maar als het op daden aankomt is men toch liever “onder ons”. Een rustige buurt in Krimpen a/d Lek om te wonen met een goede school voor de kinderen, een schone supermarkt om de hoek waar je je auto kunt parkeren, een nette tennisclub en een veilig zwembad, dat is waar de doorsnee hogeropgeleide voor gaat. En geef hem eens ongelijk. Maar hij zou zich eens moeten bezinnen op de discrepantie tussen zijn woorden en daden.

  6. Max Molenaar zegt:

    Maak veel kleine grasveldjes in steden
    Maak veel meer groen in de steden. Vooral veel kleine grasveldjes (‘postzegelparkjes’) zijn nodig tussen huizen. Honderd tot vierhonderd vierkante meter groot.

    Kleine grasveldjes tussen huizen versterken namelijk sociale cohesie in buurten. Vooral als daar goed onderhouden bankjes staan in U-vorm en klimapparaten voor kinderen.

    Maak aparte veldjes als hondenuitlaatplaats. Bestraf hondenpoep op straat en andere vervuiling heel zwaar, via under cover-agenten.

    Grote stadsparken worden weinig gebruikt, omdat vrouwen, kinderen en ouderen er zich onveilig voelen. Vaak zijn ze extra onveilig door hoge struiken rondom.

    Stimuleer bewoners om overdag en ‘s avonds te wandelen in eigen buurt voor meer sociale controle en sociale cohesie.

    Maak recreatiezones rond steden
    Maak rondom steden recreatiezones door weilanden open te stellen voor wandelaars en graaf daar ondiepe recreatieplassen. Als stedelingen meer in zulke gebieden vertoeven, zijn ze minder agressief en gespannen, ligt er minder hondenpoep op straat en is er minder autoverkeer.

    Oplossingen voor sociale onveiligheid
    Wie geld heeft, ontvlucht de stad. Want overheid heeft veel steden afgelopen decennia totaal laten verloederen door wangedrag te vergoelijken. Wangedrag is ook vaak afkomstig van autochtonen! Massamedia besteden laatste acht jaar te eenzijdig aandacht aan allochtone daders.

    In gemeentelijke rapporten worden zwaar criminele buurten vaak eufemistisch omschreven als: ‘markante volksbuurt’ enz… Bewoners weten wel beter. Aangifte doen is daar soms levensgevaarlijk vanwege kans op wraak. Sommige buurten worden geregeerd door gewelddadige jeugdbendes. Arrestaties in zo’n buurt leiden soms tot gevechten van tientallen bewoners tegen politie.

    Pak jongerenoverlast in steden hard aan. Dat kan eenvoudig door alle jongeren die herhaald veroordeeld zijn voor misdrijf minstens vijf jaar lang verbod te geven om in de openbare ruimte te verblijven, anders dan als doorgaand verkeer. Ze mogen dus ook niet op winkelcentra en in plantsoenen staan binnen de bebouwde kom. Voor overtredingen moet zo’n verbod korter zijn, bijvoorbeeld een jaar voor lawaai maken of vandalisme.

    Ook veel stadsjongens tussen tien en veertien jaar veroorzaken ernstige vernielingen en ernstige intimidatie van vrouwen en kinderen.

    Junks moeten worden opgesloten totdat ze zijn afgekickt, desnoods levenslang, ook in hun eigen belang. De nu overtolllige celruimte kan daarvoor worden gebruikt!

    Herhaalde criminelen moeten op geïsoleerde plekken in weilanden en natuurgebieden worden gehuisvest in klein schuurtje. Onteigen hun bezittingen, omdat dat hun status en ongewenste voorbeeldfunctie verlaagt.

    Ook ‘lichte’ misdrijven zoals fietsendiefstal moeten veel zwaarder worden bestraft. Bijvoorbeeld fulltime taakstraf van vijf jaar voor een vaak veroordeelde. Fietsendiefstal is in veel steden gigantisch probleem, dat door overheid totaal genegeerd wordt.

    Fietsendiefstal belemmert gebruik van trein. Van veel stadsbewoners is vaak fiets getolen.

    De waanzinnige inkomensverschillen en onze decadente materialistische cultuur stimuleren vermogensmisdrijven. Ik ben voor linkse politiek.

    Woningsloop in steden zonder bouwkundige noodzaak is onverantwoord, vanwege de enorme woningnood.

  7. p.pietersen zegt:

    Lukt niet meer, het zaakje is al te ver heen.
    Als je niet basic wilt communiceren met grommen en bijten, om het maar eens zo uit te drukken, dan is de stad een verkeerde omgeving om te zijn.
    Dus, ‘t is niet anders, voor eeuwig een primitief volkje in de stad. Misschien ter overweging, een muur om de hele stad heen en iedereen die er uit wil, voordien een IQ-test laten afleggen. Zo houdt je de zaak wellicht een beetje in perspectief. En nou niet gelijk de boom in, een beetje Youp-humor moet kunnen als opzetje voor een forumpie.jatoch-niettan?

  8. Anne Jongeling zegt:

    Wat dachten ze ervan om in de eerste plaats serieus na te denken over wat goed is voor hoger opgeleiden?

    Het Nederlandse beleid is al decennia gericht op de (massaal toegestroomde) kanslozen en ongeschoolden, en niet op hoger opgeleiden – dat is een gezichtsloze groep die wordt aangeduid met percentages en ingedeeld naar inkomen. Alles wat in Nederland iets kan, iets presteert of iets verdient wordt op die almaar groeiende zwakke groep vastgespijkerd in de hoop dat er een vonkje overvliegt.
    Het echec van de Vogelaarplannen stond met een beetje eerlijke visie al duidelijk genoeg afgetekend: voorheen buitengewoon gewilde stadswijken verpauperden dankzij een discriminerend voorkeursbeleid qua woningtoewijzing. Geef de kanslozen de gewilde woningen in gewilde wijken en dan komt het goed, was het idee.

    Gedurende decennia is het stedelijk beleid op die manier ondermijnd. Er waren geen goedkope woningen beschikbaar voor studenten, kunstenaars, startenden op de arbeidsmarkt – ofwel, de groep die op eigen houtje bijdraagt aan stedelijke innovatie en die ook op eigen houtje doorstroomt naar duurdere buurten. De wachtlijsten voor deze mensen zijn schrijnend en de bulk moet forenzen; de kanslozen zitten immers in groten getale in de betaalbare huurwoningen en dankzij de woningnood en overbevolking zijn koopwoningen voor veel mensen onbetaalbaar geworden.
    Nog afgezien van het feit dat normale jonge gezinnen er niet over piekeren in rumoerige buurten neer te strijken en hun kinderen beschikbaar te stellen aan het soosjale ekspierement waar de rode gemeenteraden van droomden. De die-hards die dat wel deden zijn op hun besluit teruggekomen.

    De heel simpele stelregel ‘what you do is what you get’ is hier van toepassing. Het verwaarlozen van hoger opgeleiden heeft tot de huidige status quo geleid. Willen ze dit tij keren, dan zal het beleid heel eerlijk op hoger opgeleiden gericht moeten zijn. De hoger opgeleiden mogen gewoon niet nóg langer voor het bekende karretje worden gespannen.

    Het schijnt dat ze bij de Amsterdamse Zuidas een lesje uit het verleden hebben geleerd. Geen sociale huurwoningen in die wijk. Mensen die de hele dag werken hebben geen zin om ‘s avonds thuis te komen om te merken dat er alwéér is ingebroken. Ze hebben geen zin in verpauperde straten doordat de kanslozen daar de hele dag lopen te niksen en rotzooi te maken. Ze hebben geen zin in groepen hangjongeren op elke straathoek die altijd een grote waffel opentrekken en ze willen niet dat hun zonen telkens van hun fiets worden getrokken om hun mobiel en Nikes te roven.

    Wie hoog opgeleiden wil aantrekken, zal die hoog opgeleiden een umfeld moeten bieden die in overeenstemming is met hun levensstijl. Dat is geen intolerantie, dat is het simpelweg afwijzen van een leefomgeving waar geweld, criminaliteit en (religieuze) intolerantie de boventoon voert.

  9. Ben van den Enden zegt:

    Interessante observaties mijnheer Möring…

    Hieronder mijn reactie op een brief van de woorvoerster van het gemeentelijke Veiligheidsloket (ja, dat bestaat)halverwege een zomer vol oorverdovend festival-lawaai:

    “…Dank voor uw schriftelijke reactie van 4 augustus. Ik las de brief op een zomers terrasje aan de Westewagenstraat en later liep ik over de Meent waar het er haast Mediterraan aan toe ging. Niet helemaal het onschuldige Passagiata-publiek zoals je dat in Perugia of zelfs Palermo aantreft, iets meer patserigheid, zonnebrillen in het haar, beetje penozeachtige; kortom, zo ongeveer het beeld van een puik functionerende binnenstad zoals menig beleidsmaker zich droomt. Vervolgens zet de Binnenrotte zich schrap voor de inmiddels traditionele Wednesday Skate Night. Skates zijn in principe een zo goed als geruisloze manier van voortbewegen, maar ook hier zijn excessieve doseringen aan decibellen uit dreunende geluidsinstallaties kennelijk onvermijdelijk. Ondertussen werft de politie om meer personeel. Zo dicht in de buurt van Erasmus is enige Lof der Zotheid wel op z’n plaats…

    Ik bedoel maar te schetsen wat er volgens mij in de breinen van de beleidsmakers omgaat. Natuurlijk zullen al die min of meer luidruchtige evenementen hun batig saldo hebben als het gaat om middenstand- en horecaomzet. Vanuit die hoek zullen dit soort initiatieven altijd wel gesteund worden, ook al zal er wel iets meespelen als de promotie van de stad als jeugdig, dynamisch en (als het een beetje meezit) vredig multicultureel zodat de foute Rotterdamse lijstjes eventjes uit de schijnwerpers zijn.
    In afwachting van de Dance Parade en Monaco aan de Maas hoop ik met u dat Rotterdam zich staande zal weten te houden te midden van al die andere concurrerende steden. Ik wens de beleidsmakers daarbij veel wijsheid en ik verwacht vooral een wat gevarieerder repertoire aan initiatieven, zoals een Letterenfaculteit in het te restaureren pand van voorheen de Galeries Modernes (Hoogstraat/Grote Kerkplein), de vestiging van het (oude) Luxortheater in het Coolsingel postkantoor, een Pathé Multiplex in het zieltogende kantoorpand Blakeburg en in het pand Pakhuismeesteren het depot van Boymans waar dan ook interessante wisseltentoonstellingen kunnen plaatsvinden.
    Of ben ik gek?…”

  10. p.pietersen zegt:

    Ik heb trouwens nog een ideetje: Hef alle steden op, dan woont iedereen in principe op het platteland.
    Het enige wat je hiervoor administratief moet doen is het per m2 dichtstbevolkte deel van Nederland plus 50 mensen per m2 nemen als normdichtheid voor stedelijke gebieden. Hoef je niets werkelijk te veranderen. Moet veel ambtenaren aanspreken, kunnen weer een paar discussiegoepen ingesteld worden en om adviezen worden gevraagd inzake hoe om te gaan met nieuw-plattelanders? dat zal ongetwijfeld meer ruimte geven in de problematiek. HiHi
    Doordenkertje

  11. Marco Rinkel zegt:

    a) ik heb niet zo’n hoge pet op voor hoog opgeleiden. Die zitten toch al behoorlijk oververtegenwoordigd in besturen enzo, en daar plukken wij de vruchten als stadsbewoners niet van want zij wonen niet waar wij wonen;
    b) waar Amsterdam een uitgebreide kraakscene had heb je in Rotterdam zelfs moeite om woningzoekers te vinden die willen of durven kraken, ook als je dat kraken voor ze wil doen;
    c) de kraakscene in Amsterdam hield een culturele stroming in die zo mogelijk een kweekvijver is gebleken voor de hedendaagse internationale aantekkingskracht, wat maar ten dele echt een succes blijkt in economische, sociale en culturele termen: je ziet de verfbladders ervanaf druipen;
    d) het stuk van Marcel Möring in de papieren krant gaat eigenlijk voorbij aan het feit dat veel mensen gewoon ergens wonen, en dat maar een selecte hoeveelheid cosmopolieten (zoals ook nummer 1 van deze reaktiecyclus, die tevens blijk geeft van weinig geleerd te hebben van zijn geglobetrot) ergens gaat en kan gaan wonen omdat zij keuzemogelijkheid hebben ipv op wachtlijsten achteraan sluiten, derhalve hebben de meeste mensen helemaal niet een mening over waar het beter of slechter wonen is, omdat het als noodzakelijk kwaad wordt beschouwd waar men al dan niet kan aarden;
    e) die thematische festivals die massaal mensen aantrekken zijn telkenmale weer incidentele gebeurtenissen waar slechts weinig uitstraling op de reguliere culturele gebeurtenissen terechtkomt, wat ook geen wonder is omdat het toch al massa entertainment betreft. Zelfs onze Minister President laat zien dat hij eerder in CO2 uitstoot geinteresseerd is dan in culturele hoogstandjes, want dat laatste is natuurlijk voor de fijnproevers en omdat dat er weinig zijn is het geen economisch issue van belang, anders dan dat het juist dat segment uit de totaliteit van de Nederlandse en ook buitenlandse bevolking aantrekt waar elke beschaving om verlegen zit, namelijk intellectueel potentieel;
    f) Rotterdam heeft helemaal niet de minste hoog opgeleiden van de vier grote steden want getalsmatig ligt dat heel anders dan als je het in procenten vergelijkt. Het is echter belangrijker je af te vragen wat hoogopgeleiden doen voor werk, en of in Rotterdam een ontplooiingstoekomst voor hen (en anderen) in het verschiet ligt. Ik denk dat het een voordeel is dat hier geëngageerde hoogopgeleiden willen werken voor relatief weinig geld want mensen die uitsluitend te interesseren zijn met primaire, secundaire en/of tertiaire arbeidsvoorwaarden zijn een slechte investering in de toekomst;
    g) uiteindelijk ligt de toekomst van een stad toch geborgen in hoe het in het verleden een voedingsbodem is gebleven voor aanwezigen en aankomende geïnteresseerden, wat natuurlijk sinds de opkomst van de fortunisten in vreemd vaarwater terecht is gekomen terwijl het gros van de bevolking helemaal niet in politiek is geïnteresseerd, maar in het leiden van een relatief ontspannen leven. Dit laatste kan worden gefaciliteerd door meer groenaanleg (zoals nummer 6 hierboven al opperde) ipv eerder beschermd verklaarde stadsgezichten te verstoppen achter hoogbouw die sinds de loslating van de erfpacht als paddestoelen uit de grond schijnt te moeten schieten middels allerlei niet geheel opgehelderde procedure abacadabra.

  12. Koos den Boer zegt:

    Rotterdam kan gewoon afgeschreven worden; het is het afvalputje van links. Ik kom er alleen als er en interessant concert in de Doelen is anders niet. Ik zie teveel goedkope proletenkoppen, de meest misselijke categorie van de menselijke soort en niet te verdragen afschuwelijek architectuur die een blasfemie voor een tere ziel is. Van mij mag Rotterdam nog gsiteren onder de grodn verdwijnen. O jee, dan verdwijnt ook het NRC want zij zitten daar toch?

  13. K. Chon zegt:

    Het is onbegrijpelijk dat het cultuurbeleid zo’n prominente rol toebedeeld krijgt in het in het weer aantrekkelijk maken van de grote stad, blijkbaar komen niet alleen gemeentelijke bestuurders van een andere planeet.

    Cultuur boeit mensen helemaal niet als ze willen verhuizen ! Alsof er wel cultuur is in Bergschenhoek of in Numansdorp. Hoger opgeleiden zijn mobiel en elk museum of theater zijn in luttele autominuten te bereiken. Wat mensen wel boeit zijn de simpele dingen die het wonen leuk kunnen maken: Een mooie woning, een leuke buurt met leuke mensen en geen noemenswaardige criminaliteit.

    Eigenlijk is het zot dat ik dit onder de aandacht moet brengen.

  14. J.Grimbos zegt:

    Het stopzetten van alle bijstands-uitkeringen zou helpen. Met het aldus uitgespaarde geld kan het gemeentebestuur allerlei mooie cultuur-evenementen organiseren die als een magneet zullen werken, niet allen op de hoger opgeleiden, maar waaraan ook de mensen met alleen MULO zich zullen kunnen verlustigen.

  15. Peter Stevens zegt:

    Ik ben een hoogopgeleide, 2 jaar terug naar Rdam verhuisd, vanuit België weliswaar. In België heeft de stad geen goede en geen slechte reputatie – de stad heeft er gewoon geen reputatie. Maar de verhuizing was een heel erg aangename verrassing. In Rotterdam kan je erg betaalbaar wonen – ruime, nieuwe flats, met zicht op het water, metro en tram voor de deur, en bovendien relatief rustig op wandelafstand van het centrum. Een aantal winkels in de buurt. Kortom, ideaal om je week door te brengen.

    Maar dan begint het weekend: je kan dan shoppen in één van de gestandaardiseerde winkelstraten – vooral veel ketens, maar een bijna totaal afwezige detailhandel. Voor boeken, speciaalzaken, kunst, brocantewinkeltjes moet je naar Utrecht of Den Haag. Eten lukt in de betere restaurants weliswaar goed, en ik ken ook een aantal betaalbare pareltjes. Maar de middenmoot ligt ver beneden de middelmaat. Wat daar meespeelt is die typische Rotterdamse mentaliteit, die mee aan het gebrek aan stijl en bediening ligt in de restaurants.
    Wat wel draait zijn lawaaierige tenten zoals aan het stadhuisplein. Maar die geven ineens ook het signaal aan inwoners dat het centrum niet dient om in te wonen. Plannen zoals het verkeersvrij maken van de Coolsingel dreigen een nog meer verlaten centrum te creëren.

    En vergeet inderdaad de evenementen niet: ze moeten telkens Rotterdam op de kaart zetten, maar daar heb je als inwoner niets aan. Aangezien ik vlakbij het centrum woon, weet ik intussen dat ik op zomerse zondagen het centrum best vermijd. En als er een race of vliegevent of parade is, dan kan je maar beter de stad ontvluchten. Zelfs bij de openluchtkinderopvang op de Binnenrotte deze zomer stond constant een luide muziekinstallatie te dreunen. Zelfs kleine sportmanifestaties lijken in Rotterdam nood te hebben aan een DJ die constant herrie maakt.
    Rotterdam denkt helaas dat ze alles zomaar kan plannen – het bouwt cleane wijken op de kop van zuid die ’s avonds doods zijn (lekker rustig, dat wel), bouwt de laatste pleintjes vol (zie de plannen aan de Leeuwensteinstraat bij het Afrikaplein – een buurt waar er nood is aan pleintjes; of de plannen op het laatste stukje groen op het Noordereiland). Alsof er nood is aan nieuwe gebouwen – er staan nu al 6000 woningen te koop in Rotterdam, en in sommige buurten kan je voor 80000 euro een flat kopen. Saneer dan eerst die buurten ipv de laatste groene ruimte op te offeren. Voor echt groen moet ik trouwens nu al snel 10 km reizen.

    Ik woon graag in Rotterdam. Ik kan me er een levensstandaard veroorloven die stukken hoger ligt dan wat ik in Den Haag of Utrecht zou kunnen betalen. Maar aan die ‘niet lullen maar poetsen’ mentaliteit heb ik niets. Ik stoor me er zelfs aan. Verfijning in Rotterdam is ver te zoeken, en heel wat Rotterdammers lijken de afwezigheid van verfijning te cultiveren.

  16. Martin de Borst zegt:

    Neem de metro van Spijkenisse via Schiedam naar het Centraal Station en bezoek vervolgens een voorstelling in de Doelen. Probeer vervolgens nog ergens gezellig een borreltje te halen of nog een hapje te eten en neem de laatste metro vanaf Centraal Station. Het was in 1995 al weinig, het was in 2000 uitgegroeid tot een ´sociale uitdaging´ en het is in 2009 een straf.

    Rotterdam is moe, doodmoe. De ´kankeraars´met hun hart op de tong zijn verdwenen; de havenwerkers met hun harde vuisten bedienen nog alleen maar knoppen en de hogeropgeleiden zijn schichtige wezels die zich uitsluitend per auto, afgesloten van de maatschappij bewegen.

    Marcel Möring een romanticus, die B&W van Rotterdam iets verwijt, over iets waarbij hij misschien zelf wel tolerant mee aan de wieg heeft gestaan.

    Rotterdam is het mooist vanaf een penthouse in Spijkenisse met een gezellig glaasje wijn onder hand bereik, genietend van een goede film op BBC1 of een mooi concert op ADR1 of een hoffelijke discussie op BRT 1.

  17. Erik de Haan zegt:

    Wat moet ik met dit stuk van Marcel Möring. Het lijkt een beetje op de Tegenlichtuitzending van afgelopen week, een beetje Rotterdam afzeiken. Voor een deel heeft hij gelijk maar voor een groot deel is het suggestief en bevestigt het alleen maar bestaande beeldvorming, welke niet het totale plaatje weergeeft. Voorbeelden:

    Ik ben toch echt al jaren geleden bij een debat geweest over integratie in de centrale bibliotheek waarbij Paul Scheffer de inleider was. De discussie was stevig, maar goed. Hoezo produceert Rotterdam alleen maar papier.

    Het postkantoor valt ten prooi aan de middenstand, goh wat hebben ze ook alweer in Amsterdam met het hoofdpostkantoor gedaan (Magna Plaza shopping).

    Lantaarn het Venster naar de andere kant van de rivier. Tja Marcel dat is erg, je komt zeker nooit op Zuid, gewoon de Erasmusbrug over en dan rechts (er is ook nog een metrostation vlakbij ;-) ).

    Te weinig boekhandels, ja meer is beter, ben ik mee eens, maar Donner is toch iets wat ze in Amsterdam graag zouden hebben. Lekker groot, ruim en een heerlijke collectie plus ook nog een café (zie volgende punt).

    Geen plek om te drinken voor boven de dertig? Toch vreemd 30 is al heel wat jaren geleden en het kost mij toch echt geen moeite om wat te vinden in het centrum (ik geef toe, vaak eerder eten en drinken dan in een café hangen, maar het echte ‘intellectueel zuipen en roken’ is toch iets uit de vorige eeuw).

    Het op één hoop gooien van CD, CP’86 met de Leefbaren vind ik wel heel kort door de bocht. Het is mijn partij niet, hun uitlatingen over moslims zijn vaak onnodig grievend, maar wie weet wat CD en CP’86 voor partijen waren ziet toch echt wel een heel groot verschil.

    Rotterdam als werkstad!?, als Amsterdamse student ooit begin jaren ’80 in Rotterdam geweest. Toen klopte dit misschien nog, maar als je dit imago nog steeds suggereert dan ben je lang niet in de stad geweest. Vandaag zaten de terrassen toch echt weer vol.

    De ‘hoogstaande’ debatcultuur in de Amsterdamse binnenstad, zou het Amsterdamse gemeentebestuur daar nu echt in haar dagelijks werk door gestuurd worden? Ik geloof er weinig van. Als we het hebben over architectuur en stedenbouw is er in Rotterdam toch echt meer debat dan in Amsterdam (zie bijv. het onvolprezen hoogbouwforum http://www.skyscrapercity.com/forumdisplay.php?f=12 ) (gaat over meer dan hoogbouw).

    De grootschalige festivals in het centrum, ik moet bekennen als centrumbewoner geen lolletje. Steeds meer, steeds langer (commercieel uitmelken), vaak een teringherrie en de volgende dag een kotslaag op straat. Ik zeg het wat grof, maar de stad moet echt eens nadenken of ze dit nog wel wil op deze manier. Van de opgegeven bezoekersaantallen, welke als vergoelijking voor het economisch belang worden opgevoerd, geloof ik trouwens weinig (de opgaven zijn immers van de organisaties). Anderzijds, het grootste deel van het jaar is er geen gedoe. In Amsterdam centrum heb je geloof ik elk weekend lallende Britse lads voor je deur.

    Geen debatcultuur in Rotterdam: a.s. dinsdag is de Unie te klein en gaan we naar Lantaarn/Venster, zo erg is het dus ook nog niet gesteld met het ‘intellectuele klimaat’ in de stad ;-) .

  18. Hans Boelens zegt:

    “By late accounts from Rotterdam, that city seems to be in a high state of philosophical excitement. Indeed, phenomena have there occurred of a nature so completely unexpected — so entirely novel — so utterly at variance with preconceived opinions — as to leave no doubt on my mind that long ere this all Europe is in an uproar, all physics in a ferment, all reason and astronomy together by the ears.” (Poe)

  19. Harrie Vrijmans zegt:

    J. Grimbos, (@14),

    In een andere discussie vertelde u van uw zoektocht naar de betekenis van “moreelethisch”.
    Dat die hard nodig was en dat kennelijk op u het spreekwoord “een goede verstaander heeft maar een half woord nodig” niet van toepassing is, zelfs als dat “halve”woord in een niet mis te verstane context is geplaatst is, bewijst uw wens om “de bijstand af te schaffen”…
    U wilt dus bijv. de bedelstaf weer invoeren…? (behalve voor uzelf en uw geliefden, dat spreekt vanzelf…)

    Voorts, omdat u zich nogal geringschattend uitte over de voor oudere mensen bekende MULO: dat was een uitstekende opleiding die overduidelijk de huidige HAVO in niveau en kwaliteit overtrof…
    Ze was immers nog niet geteisterd door de “zegeningen” van de latere, z.g. “Mammoetwet” en nog volgende, talrijke andere “verbeteringen”…

    Meestal ook uitgangspunt voor diverse h.b.o-vervolgopleidingen als: H.T.S, opleiding tot verpleegkundige, kweekschool etc.etc. en tenslotte ook eventueel vervangend voor de eerste 3 H.B.S. jaren.

    Harrie V.

  20. A. Schram zegt:

    Hogeropgeleiden behouden voor de stad?

    - Onttrek de resterende vooroorlogse woningen aan sociale woningbouw en maak ze geschikt voor bewoning door hoogopgeleiden. Vooroorlogse woningen hebben karakter en veel hoogopgeleiden prefereren dit boven moderne blokkendozen.
    - Probeer ook in het stadscentrum woningen met tuinen en binnentuinen te creëren. Experimenteer bijvoorbeeld eens met groene binnentuinen die gedeeld worden door bewoners. Koester binnenplaatsjes bij oude huizen. Hoogopgeleiden die kinderen krijgen en graag een huis met tuin willen, voelen zich nu genoodzaakt om naar Kralingen-Oost of Hillegersberg te verhuizen.
    - Maak in het stadscentrum ruimte voor kleinere parkjes en pleinen met bomen en banken. In andere steden in Nederland en in het buitenland is het mogelijk om op een bankje onder een boom te zitten. In Rotterdam kan dat niet: allereerst zijn er te weinig bomen, ten tweede zijn de bankjes weggehaald omdat er anders junks en zwervers op gaan zitten en ten derde zijn veel pleinen vierkanten, cementen vlaktes. Ten overvloede: met ‘kleine parkjes’ bedoel ik niet zoiets als de Jan Evertsenplaats.
    - Bomen geven een straat aanzien. Rotterdam heeft schitterende straten maar de meeste straten hebben te weinig bomen. De bomen die er zijn, zijn vaak deerniswekkend gesnoeid (een stam met een aantal afgekapte takken eraan) of zijn van het soort dat niet hoger wordt dan een meter of twee, drie.
    - In Krimpen aan den IJssel zag ik middenin een nieuwbouwwijk een weilandje met schapen en wilgen. Zeer landelijk en rustgevend. Waarom zou dit in Rotterdam niet kunnen? Omdat de grond te duur is en geld verdienen prioriteit heeft? Omdat een weiland onmiddellijk ingenomen zou worden door junks of mensen die honden uitlaten? Zou daar niets op te verzinnen zijn?
    -Beperk de helikoptervluchten in de zomer. Zelfs als er een zomerfestival pas om twaalf uur begint, cirkelen reeds rond tien uur ‘s morgens veiligheidshelikopters boven de binnenstad – en vaak eerder. Als bewoner die op zolder slaapt, waan je je half in Vietnam.
    - Denk goed na over het parkeerbeleid. Op dit moment zijn twee grote parkeergarages in de binnenstad alleen bereikbaar via straten met eenrichtingsverkeer. Dit heeft zodanige verkeersopstoppingen ten gevolge dat het sommige bewoners in het weekend twintig minuten kost om van het stadscentrum bij het Maastunneltraject te komen. Kunnen de parkeergarages niet aan de rand van de binnenstad worden geplaatst in plaats van er middenin?
    - Doe iets aan de hondenpoep. De hondenpoep stoorde mij het meest aan het wonen in Rotterdam. Overal ligt poep. In sommige straten is elk stukje straat weleens bedekt geweest met poep. De Mauritsstraat bijvoorbeeld: schattig straatje, maar het is laveren tussen de poep. Kan hier nu echt niets aan gedaan worden?
    - Doe iets aan de wildplassers en aan de viezigheid op straat.
    - Houd er bij het plannen rekening mee dat hoogopgeleiden niet automatisch een topinkomen hebben.
    - Heb oog voor kleinschaligheid.

    Ik heb jarenlang gewoond in Rotterdam en beschouw het nog steeds als Mijn Stad. Ik woon nu in het buitenland. Mijn indruk is dat er al veel goeds gebeurt, maar nog niet genoeg om mij weer terug te lokken naar Rotterdam ;) .

  21. Antje Hages zegt:

    Het is een beetje bizar om Amsterdam als de maat der dingen te nemen. Alles is goor en vies. Op straat ben je niet veilig. De bevolking is onbeschoft, horkerig en heeft vooral een grote eigendunk. En vooral om niks. En zoveel authentieks is er niet beleven. Dus kijk eens over de grens. Antwerpen, Köln zijn een stuk aangenamer dan welke stad in Nederland.
    Groeten uit Almere.
    En nooit heb ik de neiging om uit de trein te stappen als deze langs Amsterdam rijdt.

  22. J.Grimbos zegt:

    –> 19 Harrie Vrijmans

    “[..] de voor oudere mensen bekende MULO [..]was een uitstekende opleiding die overduidelijk de huidige HAVO in niveau en kwaliteit overtrof…

    Ze was immers nog niet geteisterd door de ‘zegeningen’ van de latere, z.g. ‘Mammoetwet’ en nog volgende, talrijke andere ‘verbeteringen’…”

    U hebt volkomen gelijk.

    Mijn bericht was dan ook bittere satire. Ten eerste natuurlijk over het “hoog-opgeleiden” snobisme waarin de NRC grossiert. Onder “hoog-opgeleiden” wordt tegenwoordig iedere kluns gerekend die een academisch titeltje heeft gehaald in “vrijetijds-wetenschappen”, “communicatie-kunde”, of “management”. Zie het tijdschrift Elsevier van een of twee weken geleden waarin een artikel stond over de “jongeren van tegenwoordig”. Allemaal studeerden ze dit soort flut-”wetenschappen”. “Hoog-opgeleid” is een volkomen nietszeggend begrip geworden.

    Ten tweede was er een reden die ik opgaf voor het afschaffen van de bijstand. Die was blijkbaar al te bitter, en de redactie heeft die er gemakshalve maar afgeknipt. Te weinig “moreelethisch” natuurlijk. Het zij zo.

    Over het woord “moreelethisch”: dit is duidelijk een uitvinding van u zelf. Het is een pleonasme dat beter kan worden vervangen door “moreel” of “ethisch”. Deze woorden betekenen n.l. hetzelfde. Het doet me een beetje denken aan katholieke priesters vroeger, die het altijd hadden over “natuurnoodzakelijk”. Alsof “natuurlijk” of “noodzakelijk” op zichzelf niet voldoende waren.

  23. Dieter Heymann zegt:

    Ik woon in Houston dat net als Rotterdam een werkstad/havenstad is. Toen ik in 1966 hier kwam wonen en werken als Professor Geologie van Rice University stond Houston bekend als een “cowtown”. Nu is het een metropool met vele problemen maar ook muziek, dans- en toneelaanbiedingen op hoog niveau en met meer uitvoeringen dan ik ooit allemaal zou kunnen bijwonen. Hoe is dat gebeurd? Wel, allereerst is het zo dat rijkdom cultuur aantrekt en Houston is door de aardolie en aardgas een rijke stad geworden. Maar dat is niet genoeg. Het hangt er maar vanaf wat de rijkdom voor cultuur doet. In Nederland schijnt dat bijna altijd door de overheid te moeten gebeuren en die is meestal arm en bovendien super-bureaukratisch. Ook hier doet de stad wat zij kan maar grote ondernemingen zoals Shell wisten verdomd goed dat zij de “hoger opgeleiden” niet konden aantrekken zolang Houston een “cowtown” bleef. Natuurlijk is er nog altijd een “cowtown” element hier en dat zal er altijd blijven maar het woont en leeft verdraagzaam samen met de “culturelen” in de wijk waar ik woon. Rotterdam zou er goed aan doen om eens te bestuderen wat er hier is gebeurd.
    De Amsterdamse elite? Mijn ervaringen: met wat uitzonderingen ongelofelijk arrogant. Mij werd eens in een restaurant op de Prinsengracht bij de Leliegracht verteld dat de USA niet een orkest heeft dat ook maar aan het Concertgebouw kan tippen. Daar heb ik me maar stilletjes mee geamuseerd. En dat is slechts een van vele soortgelijke potsierlijke beweringen over Amerika’s cultuur. Overigens waren de beweerders geen leden van het Concertgebouw Orkest want die weten wel beter. Of van het Nederlandse Danstheater want die weten ook wel beter.
    Wat wooncultuur betreft, waren het niet die rottige Socialisten met Wibaut en Berlage als aanvoerders die iets beters voor de “proleten” wilden dan de huurkazernes van de 19-de eeuw? En waren het niet de talloze “proleten” die hen daarin ondersteunden? Ik ben na de oorlog kort lid van de PvdA geweest. Dat was toen al een partij van de “hoger opgeleiden” geworden. De partij stond stijf van de “doctorandussen” die die titel trots aan hun huisdeur en op hun schrijfpapier toonden zonder te beseffen dat die titel betekent “hij/zij die nog doctor worden wil”. Met andere woorden: je bent pas halfbakken hoor!

  24. Dieter Heymann zegt:

    Harry Vrijmans (no 19)

    Toen ik in 1942 van de 4-jarige Montessori MULO naar het Montessori Lyceum (afdeling HBS) overstapte was ik wat achter in algebra, meetkunde, en scheikunde maar flink vooruit in talenkennis, geografie, geschiedenis, en biologie.
    Ik denk nog altijd met groot plezier terug aan die MULO.

  25. Marco Rinkel zegt:

    Wel lachen dat Marcel Möring in de tram zich stoorde aan plat Rotterdamse praat waarna hij er achter kwam dat het een paar jonge dingen met hoofddoekjes op zich aan bezondigden. Wouter Bos zei vanmiddag ook nog in Kamerbreed dat het er meer om gaat wat tussen de oren zit ipv wat je er omheen knoopt. Dus dat ongenuanceerde geschoffeer moet maar eens afgelopen zijn.
    Mbt 10 kan ik zeggen dat van mij Duitsland ook inderdaad nog een kker kan bombarderen, maar tegenover 12 kan ik ook stellen dat weliswaar de akoestiek ondergronds misschien beter is dan de huidige setting maar dat je dan ook niet moet klagen over bereikbaarheidsissues.
    Mbt 15 en 17 kan ik zeggen dat a) het inderdaad zo is dat bepaalde werken zeldzaam zijn en dan weinig in Rotjeknor worden aangeboden, b) dat er diverse winkeltjes zijn op onvoorspelbare plekken die nog steeds bestaan, maar c) dat zeldzame artikelen marktconform toch minder kans maken hier terwijl d) er ook nog een rommel- en boekenmarkt is hier die voorgaande op punten kan logenstraffen. In Deventer kunnen mensen mogelijk nog scoren in hun boekendrift eens per jaar.
    Maar met 15 ben ik niet helemaal gelukkig met dat die ook aan het shoppen is, want dat is een veel te goedkope term.
    En gewauwel over liberalisering van de huurmarkt om scheefwonen te elimineren, huizen onttrekken uit de sociale huursector voor eigenbelang en inkomensmaatregelen in de uitkeringensfeer als etnische zuiveringsinstrumentaria zijn niet serieus te nemen.

  26. Wieke Hoeben zegt:

    ‘Hoger opgeleiden’, bedoelt u daar minder demagogenpraat gevoelige mensen mee?
    Ik dacht dat het juist de bedoeling was van de uitholling van het onderwijs in de Westerse wereld, dat er zoveel mogelijk mensen komen, die geen onderscheid meer kunnen maken en dus demagoog gevoelig zullen zijn, net als in Amerika en Engeland.

    De mens zonder ‘hogere opleiding of met een uitgeholde hogere opleiding’ is per definitie demagoog gevoelig; want het onderscheidend vermogen is niet aangewakkerd, niet opgewekt, niet als gewoonte beoefend, niet voorgedaan.

    Als een zieke, die geen verschil proeft tussen zout en bitter, zo de mens, die niet meer weet wat de nuance zou kunnen zijn en dus meegaat met het zwart wit denken van de demagoog.

    Wat wil Rotterdam nou? Lege hoger opgeleiden? Demagoog resitente hoger opgeleiden door zelfdenkvermogen en dus onderscheidings vermogen?

    Wilt u alstublieft dat woord ‘hoger opgeleiden’ eerst definiëren? En verder is Amsterdam vergeleken met Rotterdam ongetroffen gebleven en ik, als Amsterdammer, heb hier alleen maar het gevoel: “Rotterdammers, het spijt me zo, het spijt me verschrikkelijk, dat jullie gebombardeerd zijn en de ziel uit je stad geslagen is.. bij ons groeien hele nieuwe en andere Amsterdammers op, maar de stad staat nog en de nieuwe mensen blijken heel Amsterdams te zijn.. echt! en dat is het eigenlijk wel… verder is het hier ook niet alles zo prettig als men wil doen voorkomen. Het is geen troost, wel waarheid…

    Zullen we gaan samenwerken? Maken jullie onze metro in orde en wij jullie uitgaansleven? Kus.

  27. Jacob van Duijn zegt:

    Dappere Marcel.

    Ook ik heb het allang opgegeven; wat mij betreft kan alleen een stadsbrede sessie bij de psychiater Rotterdam verlossen van haar benepenheid.

    Elke Rotterdammer met ambities kan rekenen op de toorn der nuchterheid. Hoofd in de wolken? We rammen je wel terug op aarde met onze prachtige relativerende humor. En het is niet alleen het gebrek aan cultuur; hoeveel daadwerkelijk spraakmakende ondernemingen komen er uit de “werkstad”? Je kan met Amsterdammers een stuk minder lachen, maar soms loont het om jezelf wel serieus te nemen.

    Een culturele elite zou een mooi begin zijn. Tip: de grachtengordel is ernstig vergrijsd en onbetaalbaar. Misschien kan de overheid hardhandig 500 veelbelovende Amsterdammers verpotten naar de Westersingel? Er zijn radicale acties nodig.

  28. Anne Jongeling zegt:

    @25

    Ik zou die etnische zuivering toch maar wel serieus nemen. Die heeft namelijk in grote delen van de Nederlandse grote steden plaatsgevonden, alleen trof het de ‘zuivering’ van witte autochtonen hetgeen in zo’n geval cultuurverrijking heet. What’s in a name.

  29. Gustave Claessens zegt:

    1.Zorg voor parkeerruimte: dus dempen die Amsterdamse grachten.
    Behalve dat het bronnen van stank en bacterieën zijn, nemen zij onevenredig veel ruimte in.
    2.Laat de gemeentereiniging in 5 talen een folder doen rondgaan met daarop de tijden van het aanbieden van huisvuil en ander afval. Meer prullebakken op straat.
    3.Gele kaart voor geluidsoverlast: drie gele kaarten: taakstraf. 5 gele kaarten: verplicht verhuizen + cursus inburgering.

  30. H.Bruins zegt:

    e starink.

    De allochtone restaurantjes…daar hebben we ze weer. Ik kom er wel eens, in Bospolder, maar zie er nooit een autochtoon. Hoe komt dat nou? Zeg eens eerlijk, hoe vaak gaat U per maand naar een allochtoon restaurant?

  31. a.doorgeest zegt:

    Rotterdam – met name binnen de ruit – is een verpauperde en lastige stad aan het worden.
    De coalities waarin Onleefbaar Rotterdam zitting heeft gehad, hebben deze stad geen goed gedaan. Het eenzijdig inzetten op veiligheid en lak hebben aan kunst en cultuur is funest voor een positief grootstedelijk klimaat geweest, tesamen met de uitstroom van autochtonen naar buitenwijken en de import van nogal wat kansarmen.

    De laatste jaren onder dr. Bram Peper bevond Rotterdam zich in een buitengewoon positieve spiraal naar boven. Tig jaar Opstelten hebben voornamelijk stilstand betekend voor onze Maasstad.

    Wat hieraan te doen:
    de culturele bodem in Rotterdam is sinds jaar en dag erg schraal. Van een “bestuurlijke elite” waar Hofland zo dol op is als oud-gynmnasiast heeft Rotterdam niet zo heel veel te verwachten.
    Het probleem is het ontbreken van een stevige middenklasse, die geld te verteren heeft en ook wil uitgeven aan Kunst en cultuur.
    In Rotterdam zal men veel meer voor deze middenklasse moeten doen. Haar zien aan te trekken en zien te behouden voor deze stad. Daar gaat wel een aantal decennia overheen, voordat je deze laag hebt aangetrokken en blijvend aan je stad hebt weten te binden.

    Verder kan Rotterdam beter doen waar zij goed in is: horeca, uitgaan en vertier. Daar ligt haar traditie.
    Kunst is voor de gemiddelde Rotterdammer toch vaak iets gebleven waar hij/zij niet echt affiniteit mee heeft. Geeft nix – niet iedere stad kan als Amsterdam worden – dat zit er hier gewoon ook niet in.

    Maar het aantrekken van meer middenklasse zou de stad veel goed doen. Kunst is een afgeleide van een burgerij die smaak en geld heeft, en voor wie kunst een vanzelfsprekend onderdeel is van het dagelijks leven. Zo is het in Holland altijd geweest – dat is de grondslag van onze Kunsten.
    Een overheid die eindeloos veel geld pompt in een noodleidend circuit dat niet geschraagd wordt door een koopkrachtig publiek, laat zeer veel geld – onnodig – wegvloeien. Dat wordt allemaal nix.

    Het recept op termijn zal voor deze stad dan ook zijn, denk ik: meer middenklasse aantrekken, met name ook gezinnen, die je in mooie/goede huizen laat wonen – in inbreiprojecten om de sfeer van oude wijken te behouden; meer groen, faciliteiten en schoonheidsbeleving creeëren. Een stedelijke overheid die de kunsten faciliteert (heeft de huidige wethouder al hele goede plannen voor trouwens), en niet vanuit prestigeoverwegingen bezig is, en het wegwerken van achterstanden bij diverse bevolkingsgroepn.

    En dan nog loop je het risico dat de gemiddelde Rotterdammer liever op het strand van Hoek van Holland gaat lopen keten, want nogmaals: de traditie van deze stad wijst in een andere richting van havens, vertier, danszalen en een tikje recht toe recht aan ruig leven.

    De auteur van dit stukje is gevestigd als dichter/beeldend kunstenaar te Rotterdam sinds 1982.

  32. m. meeuwisse zegt:

    Rotterdam?!

    Een stad met veel geheimen, plekken waar de buitenstaander niets vanaf weet en dus niet komt. Geen stad voor de toerist, behalve dan het centrum met zijn hoogbouw en ander gebaande paden zoals Delfshaven. Delfshaven biedt overigens een oud en vertrouwd beeld: oude panden langs het water, in welke Nederlandse stad vind je die niet?

    Zodra de buitenwacht lucht krijgt van innovatieve en interessante (bijvoorbeeld NOW & WOW), leuke (bijvoorbeeld Hotel New York) of mooie zaken (bijvoorbeeld de Witte de With) trekt de Rotterdammer zich terug, laat de toerist (of de Amsterdammer) zijn gang gaan in het door succes bekend geworden fenomeen en gaat op zoek naar andere, onbekende vergezichten.

    Dat is Rotterdam, onbekend voor wie niet de moeite neemt zelf op ontdekkingstocht te gaan. Inderdaad, er is werk aan de winkel voor de argeloze bezoeker.

  33. Arnoud Veilbrief zegt:

    Mörings stuk bevat nogal wat onzin. Hij beklaagt zich over ‘slechts twee boekhandels’, wat op zichzalf al niet klopt, maar verzuimt te melden dat een van die boekhandels wel de grootste en best gesorteerde van Nederland is. En zo heeft hij nog wat klachten, waarop best iets valt af te dingen. Bovendien vergeet hij een aantal sterke punten te noemen. Op de Binnenrotte staat de beste Italiaanse traiteur en supermarkt van Nederland, en met Café Loos heeft Rotterdam een grand café dat Het Amsterdamse De Jaren naar de kroon steekt. Er valt best te leven in Rotterdam, ook in het weekend.
    Maar de kern van zijn betoog is de monocultuur voor de hooguit middelbaar opgeleide. En daar heeft hij gelijk in. De gemeente roept al jaren dat ze meer hogeropgeleiden naar de stad wil, maar komt niet verder dan af en toe stunten met het tijdelijk onder de marktwaarde verhuren van een handjevol appartementen aan de Maas. Zulke acties sorteren geen enkel effect en maken een lichtelijk wanhopige indruk.
    Maar wat kan de stad dan wel doen? Ik weet wel iets. Allereerst die armoedige FFWD-parade schrappen. Noch in cultureel noch in economisch opzicht levert het de stad iets op. Misschien kon je het 15 jaar geleden nog verdedigen als een uitingsvorm van de ‘moderne danscultuur’, maar die danscultuur is al 15 jaar volledig uitontwikkeld en trekt alleen maar – laat ik de dingen bij hun naam noemen – schreeuwerig en dom plebs aan, zeker in Rotterdam. Weg ermee dus. En met drie Red Bull-evenementen per jaar (vliegtuigen, Formule 1 en duiken) wordt de lager opgeleide man wel erg ruim bediend. Het plein met die rumoerige proletententen opruimen is ook een goed idee. Een zichzelf respecterende stad zou zo’n vullisuitstraling van goedkope horeca niet dulden. Zeker niet voor het stadhuis, al komt Amsterdam dichtbij.
    Tot zover de afbraak, nu de opbouw. Wat Möring zich precies voorstelt bij de rol van de overheid bij de opbouw van een verfijnder cultureel klimaat is me niet helemaal duidelijk. Moet ze café’s voor intellectuelen gaan uitbaten? Een nieuw filmhuis? Dat kan misschien nog wel, hoewel ook het exploiteren van bioscopen me geen overheidstaak lijkt. Maar verder?
    Ik denk dat je je niet te veel illusies moet maken over de maakbaarheid van een stad. Rotterdam zal nooit Amsterdam worden, zoals Manchester geen Londen wordt. De gemeente kan misschien links en rechts wat bijsturen, maar Rotterdam heeft van oudsher een bepaalde bevolkinssamenstelling die zowel zijn kracht als zijn zwakte vormen. En tegenwoordig vooral zijn zwakte. Er wonen simpelweg meer laagopgeleiden en armen in Rotterdam dan in de rest van de Randstad. Het zijn de afvallers in een economie die steeds hogere eisen stelt aan werknemers. Kijk naar het ontzaglijk hoge aantal jongeren dat onder toezicht staat, de tienerzwagerschappen, de verpaupering in de arme wijken, de nog steeds hoge misdaadcijfers. Het is om die redenen dat hogeropgeleiden liever ergens anders wonen. En het is de Partij van de Arbeid, niet de door Möring kennelijk verafschuwde Leebaren, die het zo ver hebben laten komen.
    Een levendig cultureel klimaat is een bekroning van een opwaartse ontwikkeling. Niet iets dat eraan voorafgaat. En die bekroning zal pas komen wanneer er veel meer hogeropgeleiden in Rotterdam wonen. En die zullen op hun beurt pas voor Rotterdam kiezen wanneer de stad zijn sociaal-economische problemen een beetje heeft opgelost. De stad moet straat voor straat, wijk voor wijk, worden terugveroverd op de verpaupering en de criminaliteit. Daar is een begin mee gemaakt, maar het zal nog vele jaren duren voordat die zo gewilde hogeropgeleiden zullen toestromen.

  34. Koos den Boer zegt:

    De Duitsers hebben destijds helaas maar half werk verricht. Ik vind Rotterdam de proletenstad bij uitstek en het walmt je al tegemoet als je CS verlaat: weinig aantrekkelijke vrouwen,grof gebouwde gezichten der mannelijke bevolking met grote werkhanden, elegantie totaal onbekend, geen chique tenten, alles platvoers en proletarisch, alles ademt troosteloosheid uit! Zodra ik er ben, denk ik al wanneer ik weg mag gaan. Voor mij is Roterdam soms een bittere plicht als een of andere reden mij dwingt daarheen te gaan. Uit vrije wil zou ik er nooit komen, dat laat zich na bovenstaande begrijpen!

  35. Jan France zegt:

    Je kunt een stad niet zo maar cultureel maken. En waarom zou dat moeten?
    Amsterdam is een culturele stad sinds de Gouden Eeuw en dat trekt al eeuwen weer mensen aan die cultuur bezoeken en dat trekt weer mensen aan die cultuur brengen. Overigens is een culturele stad dan beter dan een minder culturele stad? Beide steden hebben hun eigen belangrijkheid en hou eens op om de verschillen te benadrukken.

  36. Jan Katsma zegt:

    Duo Penotti. Flink door elkaar geroerd met een grote lepel: van donkerbruin tot wit en alle kleurvariaties daar tussenin. Dat was de aanblik die de Rotterdamse Kruiskade me bood op Koninginnedag 1997 en het was de dag waarop ik besloot om naar Rotterdam te verhuizen. Na vijf jaar wonen in Den Haag was ik compleet vastgelopen in de weinig ambitieuze mentaliteit van de hofstad. Een prachtige stad om de blues op te doen die een goede voedingsbodem biedt om muziek te maken, maar hopeloos om verder te komen als je creatieve ambities hebt. Ik was 23, had de studie videovormgeving aan de kunstacademie in Den Haag afgerond en wilde films maken. Hoe of wat wist ik niet, ik wist alleen maar dát ik het wilde. Op dat moment was ik werkzaam als griffier bij het kabinet rechter-commissaris. Iedere dag urenlang verhoren typen, dossiers kopiëren en verhalen aanhoren uit de donkere kanten van de maatschappij, een grotere tegenstelling met de kunstacademie was haast niet denkbaar. Ondertussen maakte ik in mijn vrije tijd muziek en probeerde ik een ingang te vinden in de filmwereld. Als ik in Den Haag mijn ambities kenbaar maakte, was de reactie nogal eens: “Films maken? Ja, dat willen we allemaal wel.” Bij de aanblik van die vele gemengde gezichten in Rotterdam wist ik het: hier moet ik zijn. Rotterdam voelde als morgen, als een frisse wind. “In deze stad gebeuren nieuwe dingen, dit is het nieuwe Nederland en daar moet ik zijn als filmmaker,” dacht ik. Het voelde als een stad van nieuwe kansen. Maar het leven in Rotterdam begon niet op een roze wolk: ook hier werkte ik eerst bij de rechtbank, ver verwijderd van mijn filmdromen. Toch waren er lichtpuntjes: het filmfestival, de lokale muziekscene en een paar enthousiaste creatievelingen die inspiratie gaven, maar bovenal was dat de Rotterdamse mentaliteit. Het Rotterdamse antwoord op mijn ambities was juist positief: “Films maken? Joh, te gek. Moet je doen. Succes.” Oftewel: leuk dat je plannen hebt, nu hard aan het werk. Rotterdam is de stad waar mijn ambities tot bloei zijn gekomen. Van griffier ben ik dankzij een uitgever met lef eindredacteur van een muziekblad geworden en daarna ben ik weer in de filmwereld beland. Dit jaar komt de cirkel rond, omdat ik een documentaire heb kunnen maken over hetzelfde kabinet rechter-commissaris waar ik ooit ben begonnen als griffier, mede dankzij het Rotterdam Media Fonds. Had ik dit in Amsterdam of een andere stad kunnen bereiken? Waarschijnlijk wel, maar dat blijft speculeren. Rotterdam is de stad waar ik die kansen heb gekregen en het is ook de stad waar ik voor heb gekozen om te blijven en mijn best voor te doen. Ook ik ken de schaduwzijden van Rotterdam en erger me regelmatig aan van alles en nog wat, maar weggaan is me te makkelijk. Ergens wonen is niet alleen nemen, het is ook geven. Ik probeer te investeren in mijn omgeving, zelf netwerken op te bouwen, voor contacten en mogelijkheden te zorgen en vooral niet te veel naar de gemeente te kijken als grote redder in nood. In die zin is Rotterdam een echte “do it yourself” stad en dat is wat mij aantrekt. Al is het met alle langdurige relaties: er moet wel wederzijds tijd en energie in gestoken worden om het vuur brandend te houden. En al die creatieven dan die naar Amsterdam zijn getrokken? Hebben die dan ongelijk? Nee, want in de hoofdstad is in die sector nou eenmaal meer werk en er moet toch gegeten worden. Toch erger ik me in een slechte bui aan de vertrekkenden omdat ik het ook iets makkelijks vind hebben. In een goede bui denk ik: iedereen heeft zijn eigen redenen en het is ook erg makkelijk om te oordelen over anderen. Zij liever dan ik, want voorlopig zie je mij niet vertrekken uit deze stad. Rotterdam is de stad waar ik mijn dromen vorm heb kunnen geven en waar ik nog lang niet uitgekeken ben.

  37. Jan Molenaar te Rotterdam zegt:

    Het artikel van Moring in NRC Handelsblad is de zoveelste stoot onder de gordel
    van Rotterdam waarvoor NRC Handelsblad de titelpagina van haar Opinie en Debat
    bijlage en de volgende twee volle pagina’s ter beschikking stelt. De illustraties zijn
    volkomen misplaatst omdat ze herinneringen oproepen aan het bombardement van Rotterdam in de Meidagen van 1940. Als kind van acht heb ik aan de hand van
    mijn vader staande aan de rand van ons stadje Maassluis, gezien hoe een vuur- en rookkolom uit de stad omhoog steeg. Inderdaad, het hart werd uit de stad gerukt.
    Ik ben nu 77 jaar en heb de afgelopen 35 jaar, nadat ik verhuisde van Amsterdam
    naar Rotterdam, getuige kunnen zijn hoe de stad uit de toen ontstane krater ,
    zich omhoog worstelde. En wat is er veel tot stand gebracht. Het getuigt van weinig
    goede smaak dat dit artikel werd gepubliceerd in het weekend dat de nieuwe geheel met met veel privee geld gerestaureerde grote zaal van de Doelen opnieuw in gebruik
    genomen werd.
    Rotterdam heeft prachtige kansen benut en zal dat blijven doen!

  38. Patrick Faas zegt:

    Hoe krijg je hoger opgeleiden naar de stad? Niet met anti-intellectuele kreten als: ”Geen woorden maar daden” of “Niet lullen maar poetsen.”

    Over het cultureel beleid van de stad Rotterdam, gericht op de high culture, heb ik alleen maar complimenten, eigenlijk. De gemeentelijke overheid heeft een zeer geëngageerd beleid uitgevoerd, waar het kunst aangaat en, ja, ook wat het binnenhalen van talent betreft.

    Het probleem zit echter bij de ‘lage’ cultuur van het platte volk. De straat is te hard. Ooit werd ik midden op de dag wandelend met kunstenaars tussen premières van het Filmfestival volledig in elkaar geslagen om niets. Gebroken been en al. Ik nam het mijn belagers niet eens kwalijk, ik weet het aan de algemeen intolerante sfeer op straat. Sindsdien neem ik in Rotterdam naar iedere bestemming een taxi. De straat verwelkomt geen voetgangers.

    In nationale en zelfs internationale kringen klinkt de stem van het Rotterdamse arbeidersvolk veel harder door dan alle beschaafde cultuur, waarvoor de gemeente zich heeft ingezet. Rotterdam is bekend vanwege de LPF, de Leefbaar partijen en vanwege vreemdelingenhaat, niet vanwege een liefde voor Valery Gergiev.

  39. J Poot zegt:

    Rotterdam is een stad van gewone mensen,maar wel met een toporkest,een goede schouwburg,een geweldig filmfestival,diverse toneel en muziekgezelschappen, etc.
    Het probleem is volgens mij dat bij een aantal groepen/mensen het idee leeft dat klassieke muziek,toneel,musea,het filmfestival er alleen voor de hoger opgeleiden of de elite is,er wordt ook niets of althans veel te weinig gedaan om dit toegankelijker te maken voor de gewone rotterdammer zonder grachtengordelportemonnee of mentaliteit.

  40. Anke Griffioen zegt:

    Möring heeft gelijk als hij de overdaad aan platte massale zomerfestivals benoemt maar hij mist een heel belangrijke Rotterdamse kracht die aantrekkelijk is voor ambitieuze slimme mensen (al dan niet hoog opgeleid). De open bestuurscultuur in Rotterdam is een groot goed waarvan de (culturele) elite veel beter gebruik zou kunnen maken. In plaats van zaniken moet je beetje slim analyseren, handen uit de mouwen steken en het stadsbestuur constructief-kritisch benaderen. Zo hebben wij met ondernemers van de Nw Binnenweg het culturele en architectonische gehalte van de Nw Binnenweg aangepakt door afbraak van lelijke gevels (Boogjes), de plaatsing van Santa Claus op het Eendrachtsplein en een cultureel jaarprogramma in de publieke ruimte. Nu lobbyen we met bewoners voor overkapping van de ’s Gravendijkwal en promoten Downtown Rotterdam als eigenzinnig en spraakmakend uitgaans- en winkelgebied. Bij dit alles hebben wij zowel van het vorige als het huidige college grote steun en subsidies mogen ontvangen. Amsterdam kent dit soort ambities en ruimte niet, zij hebben geen problemen wist een voorzitter van een stadsdeel mij te vertellen. Hij kwam op bezoek in een nieuwe winkel die ik daar heb geopend dus dat was sympathiek maar het faciliteren van bottom up initiatieven van ondernemers om het eigen winkelgebied te verbeteren vond hij volstrekt onnodig. Amsterdam is al af, behalve dat metrolijntje dan. Dus als je wilt consumeren ga dan naar Adam, wil je bouwen kom dan naar Rotterdam.

  41. Peter de Bode zegt:

    Ik heb eigenlijk weinig toe te voegen aan wat Möring zegt, hoogstens wat aanvullingen, en de scribenten die menen dat we met een (1!) Italiaanse traiteur toch wel iets heel bijzonders in huis hebben (ik ken hem, je staat er uren in de rij en zo bijzonder is de sortering niet) en een (1!) goed gesorteerde boekhandel die is kennelijk de laatste jaren niet meer in Amsterdam geweest waar je struikelt over de goeie boekwinkels en traiteurs-ook buiten de grachtengordel. Turf eens hoe vaak nieuwe films overal draaien behalve in Rotterdam. Precies twee bioscopen waar nog goede films draaien waarvan er een naar de Kop van Zuid gaat, waar het vermaak bestaat uit Hotel New York en het uitzicht op de Provimi fabriek. En je hebt inderdaad het voormalig Now en Wow waar verder niets gebeurt. ‘s Avonds trouwens niet echt de place to be, al helemaal niet als je per ongeluk 100 meter verder op de Dordtselaan verzeild raakt terwijl je rechtsaf zo bij Meneba binnenstapt of nog iets verder waar je in het stadsgetto van de Tarwewijk belandt. Niet echt zaken waar een kosmopoliet naar op zoek is. Er is geen enkel ordentelijk restaurant “op zuid” en verder kan je er een kanon afschieten. Waar vroeger aan de Maas tenminste nog een theater was bevindt zich nu een fitness-centre en verder is de Maasboulevard vooral handig om al of niet in georganiseerd verband te racen en te parkeren, idem voor Westblaak en Weena.
    Best leuk die Kruiskade, tot al die armetierige toko’s en tientallen identieke Turkse groenteboeren je de neus uitkomen, evenals de alom driedubbel geparkeerde auto’s,want fietsen dat is iets dan men in Rotterdam ongaarne doet. Een goede bakker heb ik tot op de dag van vandaag in de hele stad niet kunnen vinden. Het enige aardige stukje van het centrum met een wat diverser winkelbestand is de Meent, een stukje Binnenweg en dat is het dan wel zo’n beetje (in totaal dus een paar honderd meter aantrekkelijke winkelstraat-niet veel voor een stad die zichzelf op de kaart wil zetten).
    Een muziekpodium als de Melkweg of Paradiso is er niet. Zelfs Nighttown was daarmee niet te vergelijken. Een ‘urban’ podium ter viering van de ‘jeugdcultuur’ is nou ook niet iets waar ik heel erg naar uitkeek-gelukkig gaat het niet door.

    Als de gemeente serieus werk wil maken van het binnenboord houden en halen van hogeropgeleiden dan zal het inderdaad korte metten dienen te maken met het massavermaak en geld dienen uit te trekken om een cultureel aanbod te initieren en te organiseren dat meer omvat dan alleen het jaarlijkse IFFR.
    Daarnaast -niet onbelangrijk- zal het voor innovatieve en dienstverlenende bedrijven interessant moeten worden voor Rotterdam te kiezen in plaats van Amsterdam of directe omgeving. De financiele en juridische dienstverlening, IT en Media zijn maar mondjesmaat aanwezig. Het aantal internationaal opererende ondernemingen met als hoofdkantoor Rotterdam is op de vingers van 1 hand te tellen.

    Ik heb Rotterdam altijd gewaardeerd om de ontspannen,relaxte atmosfeer, het open (ook letterlijk) karakter en de rauwe randjes, maar daarnaast zoek ik ook een intellectueel-cultureel klimaat waar ik me bij thuisvoel. Ik heb er echter inmiddels een hard hoofd in dat dat er ooit van komt. De keuze om op termijn te vertrekken ligt al vast, mij heeft het al te lang geduurd en ik zie geen verbetereting-integendeel.

  42. Ellen ten Bruggencate zegt:

    Zelf woon ik hartje centrum en heb aan den lijve de overlast van al die parades ondervonden. Ook de winkeliers waren niet echt blij. De Roteb maakte overuren.

    Rotterdam is wel degelijk een leuke uitgaansstad. Geweldige restaurants rijzen de pan uit. Het Nieuwe Luxor (musicals) is iedere avond uitverkocht.

    Wij zijn trouwe Schouwburg-en Doelengangers. Halfvolle zalen. Al jarenlang.

  43. Patrick Faas zegt:

    @2 Jan Dirk Dorrepaal. U schrijft.
    “Gelukkig heeft Rotterdam een relatief klein compact centrum.”

    In Amsterdam hebben we de Wallen, het middeleeuwse stadsdeel met kleine grachtjes en steegjes die nog geen meter breed zijn. Verdomd compact.

    Waarschijnlijk zochten die Duitse toeristen ook zoiets, toen ze rond het Hofplein aan een Rotterdamse vriend van mij vroegen: “Können Sie uns sagen: wo ist das Zentrum?”

  44. Gregor Flüggen zegt:

    Zo’n 2,5 jaar geleden was ik bij een presentatie van de Deense landschapsarchitect Jan Gehl (zie http://www.airfoundation.nl/index.php?page=alles_van_air&cat_url_title=uitzending_gemist&cont_url_title=lezing_jan_gehl, http://antennetv.nl/read/antenne_item/id/96308/jan-gehl).

    Wat ik me kan herinneren van zijn presentatie is dat hij vooral kijkt hoe je kunt zorgen voor een aangenaam ‘stadsklimaat’, waar inwoners graag komen, wonen en/of werken. Bereikbaarheid is in zijn ogen helemaal niet het uitgangspunt – als iets de moeite waard is om voor te reizen, dan kom je d’r wel naar toe, als het de moeite is om te wonen dan ga je dat wel doen (en als het werk bevalt evenzo).

    De reacties van de aanwezige lokale politici en ambtenaren waren toen eigenlijk tegenovergesteld, en zijn dat volgens mij nog steeds.

    Dus, Rotterdam:

    Stop die autogekte hier (handig ook als we Clinton’s klimaat initiatief een beetje serieus willen nemen). Wat hier (vooral in het weekend) aan files voor parkeergarages staat is volslagen idioot. Maar die nieuwe parkeergarages gaan dat voor eens en voor altijd oplossen, toch?

    Zorg voor aanbesteding van het OV – Rotterdammers verdienen het om meer OV te krijgen voor het geld dat ze betalen (zowel kwantiteit als kwaliteit). Wellicht dat beter bemiddelden de metro of tram dan ook willen pakken.

    Stop dat heilige geloof in verdichting van de bebouwing in het centrum. De dichtheid lijkt mij helemaal niet het probleem, het is de kwaliteit van de bebouwde ruimte in en om het centrum. Zie de enorme verschillen in kwaliteit van gebouwen die je hier overal op kleine afstanden ziet. De Mathenesserlaan kent prachtige panden, maar op slechts kleine afstand in een zijstraatje is het bagger. Dichter bebouwen is zo gedaan, maar de kwaliteit van het bestaande omhoog krijgen is moeilijker (maar wie zei dat het zo gemakkelijk is). En nee, slopen en er dan weer het zoveelste middelmatige nieuwbouwproject tegenaan gooien gaat het ook niet allemaal oplossen.

    Maak van het hofbogenproject geen zoveelste truttig project waarin de ‘creatieven’ (wie heeft dat woord in godsnaam ooit uitgevonden) vertroeteld worden, maar pak dat ‘creatiever’ aan. Verloot die ruimtes per prijsvraag en laat mensen het zelf oplappen (binnen bepaalde minimale regels of zo). Berlijn is vast niet te vergelijken, maar mensen, en zeker die geliefde creatieven, kunnen daar redelijk ongestoord hun gang gaan, zonder al die fantastische Nederlandse regel- en zekerheidsdrang. Zorg voor wat uitdagingen voor je inwoners en werkers in plaats van alles helemaal dicht te plannen.

    En tja, wat al was gezegd, het is vast een te elitaire gedachte, maar de Coolsingel en het stadhuisplein verdienen een mooiere invulling dan nu het geval is. Maar met een stad waar projectontwikkelaars en managers aan de macht lijken te zijn als het gaat om de ruimte kun je je afvragen of het ooit beter kan worden. Ik denk van wel.

    Succes! Voorlopig blijf ik nog wel even!

  45. Marco Rinkel zegt:

    Kabouter Buedplug kan denk ik beter staan op de kade met de blik en dus de plug richting buitengaats gericht. Dan heb je ook meer kans dat hij ondergescheten wordt door den zeemeeuw, wat mij zeer toepasselijk lijkt. Daarnaast lijkt het mij dat al die geplastificeerde gevels (oa ‘de boogjes’ aan de Nieuwe Binnenweg) alsmede fantasyland (ook wel ‘de koopgoot’ genoemd) voorbeelden van het dunne laagje vernis dat slechts van tijdelijke aard zal blijken te zijn. Ondertussen worden complete oudbouwblokken om zeep geholpen om de vastgoedsector verder te faciliteren onder het mom van bouwen aan betere buurten, terwijl daarmee danwel bepaalde economische segmenten worden bediend die dan weliswaar nog een gescheiden leven wensen te leiden tov de buurt waar zij zijn neergestreken en waar zij om het hardst roepen om veiligheid terwijl dat ook een onderbuikgevoel betreft.

  46. Richard de Jong, Rotterdam zegt:

    Cultuur, cultuur, wat een flauwekul, daar trek je echt geen mensen mee naar de stad. Waarmee wel? Rijtjeshuizen met tuinen en parkeerplek voor de deur. EEN LEEFBARE STAD, met mooie lanen, die niet alleen maar van noord naar zuid, van west naar oost lopen. Een organisch geheel van wonen, winkelen, bewegen, ontspannen, werken, leren.

    Wat bouwt Rotterdam: hoge woontorens met parkeergarage, waar de bewoners direct vanaf de supermarkt -parkeerlaats in kunnen rijden, zonder ook maar 1 voet op straat te zetten. Rotterdam wordt een dode stad met al die torens.

    Zorg voor weer wat groen, grachten, laagbouw in de stad. Laat mensen weer eens interactie met elkaar hebben.

  47. P. de Haan zegt:

    Wat cultuur???
    In Amsterdam weten ze niet eens hoe je een tunnel aan moet leggen zonder dat de huizen instorten. In Rotterdam weten ze dat wel. Maar Amsterdam is zo cultuut-arm dat ze te eigenwijs zijn om het aan Rotterdam te vragen hoe je zoiets moet doen. Als Nederlander schaam ik mij ervoor dat Amsterdam de hoofdstad is van Nederland: amsterdammers zijn mij te arrogant.

  48. Wieke Hoeben zegt:

    Een nieuwbouwwijk; Hillegersberg, een school die voor mijn kinderogen uit één stuk steen bestond met gaten erin en het zangerige zóóòõ… ik kijk er nu met een glimlach op terug, maar toen?
    Uit de Kerkstraat, nee, toen al Clercqstraat hoekje Agatha Deken, Amsterdam zo overgepland in die aan een weiland grenzende straat en als je erop stapte, op dat weiland, schoot er iets dat ‘de bóéõer’ heette, met hagel; kogeltjes, begreep ik, dus de natuur was er wel, maar je mocht er niet op, want dat was erg gevaarlijk.

    Bij tante en oom, samen met mijn broertje, omdat er thuis, wat was, te druk en mams moest even bijkomen, zoiets, twee weekjes maar, werd een half jaar. In Rotterdam is mijn hart dichtgegaan. Maar dat had weinig met de stad zelf te maken.

    Hééél veel later ben ik naar de stad Rotterdam gegaan. Om nou eens echt kennis te maken. En dat hart, dat hart, ik kon er niet aan helen; dat doet Amsterdam wel voor me. En zo geloof ik het echt; de nieuwe Amsterdammers, worden ook echt Amsterdammers, omdat ze het ook echt willen, de stad zelf verleid ze, dank zij de verukkelijke fantasierijke kleingeestige, grootwerkende architectuur van al dat lieve; grachtenpanden, tussenstraatjes en en nooit vervelende of uit je hoofd te leren gevelaanzichten.

    Ik mis in Amsterdam de bijbehorende mensen juist aan die grachten; er staan voornamelijk auto’s of zitten auto’s vast en de kinderen, die buiten spelen, de karren gevuld met allerlei activiteiten en grapjes verkopende druktemakers, die mis ik, elke dag en die auto’s zijn verfoeilijk, was ik de baas, dan koetsen en fietsen en karren en duwboten, geen motor meer, geeneen.

    Ik geloof dat het de Amsterammers van toen (scheepsvolk en ambachtslieden met ongeëvenaarde dapperheid, verstand en zin om mooi te maken om het mooi maken zelf) Joden en de Zuiderlingen (België en Brabanders) waren, die Amsterdam zo Amsterdam mee hielpen maken en ik mis ze, ik mis ze alsof ik de tijd van ervoor dagelijks wil plakken op de tijd van erna. Ze hadden er goed in kunnen blijven, in mijn huidige stad met al die door en naast elkaar stromende levens… had goed gekund.

    Alsof ik ze wil hoeden, allemaal, alsnog en zo voel ik ook voor de huidige bewoners, goede hardwerkende mensen, die elkaar liefhebben en en dat gaat ver voorbij het uitgeholde woord: tolereren; alleen in een klimaat van liefhebben kan goede groei plaatsvinden… en er zijn er een paar, die het fout doen, fout voor zichzelf en voor anderen en foute mensen worden gestraft, daar hebben we volwaardige wetboeken voor. Niks met bevolkingsgroep zus of zo. Niks met stompzinnige opmerkingen over hele bevolkinsgroepen als grof en lelijk van uiterlijk neer te zetten; wat een ongelaagde stompzinnige ongenuanceerde snertreactie. Net zo stompzinnig als de in Den Helder reeds weggehaalde overkapping in de winkelstraten: te lelijk, zelfs voor Den Helder.

    De stad Rotterdam mist haar hart en dan is het moeilijk genezen; terugbouwen die lieve, kleingeestige oudheid, steen voor steentje, uitdiepen en in oude onhandigheid terugbrengen, die grachten en laat het doen door? Je eigen ambchtslieden; leidt ze ervoor op en heb ze lief; dat heelt onmiddelijk en binnen één generatie.

    zóóòõ…? Zo!

  49. Alexander Brink zegt:

    Rotterdam heeft de elite cultureel meer te bieden dan verondersteld.
    Het artikel van Marcel Möring in NRC Handelsblad van 19 september jl. over het aanbod voor een Rotterdamse elite die er maatschappelijk toe zou moeten doen, komt mij eenzijdig over. Möring stelt dat Rotterdam hen weinig te bieden heeft en zijn culturele infrastructuur zal moeten versterken. Culturele infrastructuur mag altijd verder worden versterkt, maar de deplorabele staat ervan in Rotterdam staaft hij onder meer door op verscheidene plaatsen in zijn stuk ´festivals voor dagjesmensen van buiten de stad van een lage culturele waarde´ te benoemen. Geen moment spreekt hij van het zeer goed bezochte Gergiev Festival, niet bepaald cultuur van een laag niveau. Het is fantastisch georganiseerd en ook nog breed toegankelijk. Nota bene, het vindt volgend jaar alweer voor de vijtiende keer plaats en zal dan in het teken staan van de wederopbouw van de stad over een periode van vijfenzestig jaar vanaf het einde van de Tweede Wereldoorlog; een historisch gegeven. Het Hofpleintheater met een daaraan verbonden middelbare school is vooraanstaand in Nederland als vooropleiding tot acteur of actrice. Niet vermeld. Möring gaat ook nauwelijks in op het sterke Rotterdams Philharmonisch Orkest of de inhoudelijk gedegen programmering van het Concertgebouw De Doelen tegen zeer aantrekkelijke prijzen en daardoor ook nog eens voor mensen met een kleiner budget goed toegankelijk. Rotterdam heeft vanuit de Kunsthal de huidige directeur van het Rijksmuseum geleverd, die overigens niet naar Amsterdam is verhuisd maar in Rotterdam woonachtig is gebleven. Waarom zou dat eigenlijk zijn? Naast de Kunsthal kan het prachtige museum Boymans van Beuningen worden geroemd. Alleen al het gebouw op zich is een bezoek eraan waard. En voor wat betreft architectuur is het Nederlands Architectuurinstituut aan Amsterdam voorbij gegaan en al weer een geruime tijd gevestigd in de havenstad. Bijna niets hiervan vermeldt Möring in zijn artikel. Het lijkt er op z´n minst op dat hij zijn stelling niet kan of wil relativeren. Waarom dat zo is blijft gissen voor de lezer. In elk geval had hij er zeker óók voor kunnen kiezen om dit allemaal juist wel te benoemen, in plaats van de stad op dit gebied met Zutphen te vergelijken. Daarmee zouden mensen er weer eens op gewezen worden wat Rotterdam nog meer te bieden heeft naast de spektakelfestivals voor de meute, die bovendien om dezelfde redenen ook in Amsterdam worden georganiseerd.

    Alexander Brink, Santpoort-Zuid

  50. Wieke Hoeben zegt:

    Het moet ‘nuttig’ zijn.
    Het moet geld opleveren.
    Als het niet nuttig is, is het dus verloren, verpilde moeite en verspild geld.

    Een academische graad is een bewijs van intelligentie.
    Een ambachtsman heeft geen academische graad is dus niet intelligent.
    Alle kinderen, die ongeschikt blijken, ondanks honderduizend truken van ouders en school, kinderen, die, ongeschikt blijken voor de universiteit..
    worden dan maar ambachtsman en dat is wel wat jammer, maar ook best goed.

    Daar zitten de denkfouten in de Westerse wereld en dus ook in Rotterdam.

    Dat is uitlegbaar.
    Dat is te begrijpen en dus te veranderen.

    De vraag is dus:
    “Waarom zouden we doorgaan op de heilloze weg van te zwaar accent op ‘nut’ ten koste van schoonheid om de schoonheid en overwaardering van een academische titel ten koste van ‘onderwaardering voor goed (dit is intelligent!) vakmanschap’, terwijl de leegte, die ontstaan is juist dóór dat utiliteitsdenken, ons doet vluchten van de aldus ontstane plek?”

    Waarom legt niemand dit gewoon even uit en pakken we het dan op? Laat staan, wat er nu staat in Rotterdam, blijf van dat oude gebouw af en maak eerst de breinen even schoon; bouw dan terug in combinatie met wat er nu al staat; dat móet fantastisch kunnen worden, volksverbindende werkgelegenheid kunnen bieden en trots over eeuwen heen.

    Dromen mag, ook dromen om de schoonheid, de pure schoonheid zelf. Zo bouwt men een hart.
    In vriendschap, Wieke Hoeben, Amsterdammer, wonend op een half uurtje treinafstand van mijn hart, vlakbij het station van Alkmaar.

  51. Gustave Claessens zegt:

    @34 de boer,

    Degelijke omschrijvingen horen hier niet thuis:
    Het zegt heel veel over uw eigen persoonlijke ontwikkeling in deze. Bordewijk omschreef tuig als u: ‘Op molest belust schuim’.

  52. Wouter van Minnen zegt:

    Het (Rotterdams) stadsbeleid is m.i. te weinig gericht op het zien van het individu binnen de grote groepen van mensen waarover beleid zich uitstrekt. De hoeveelheid massa-evenementen zijn ondertussen beschamend, zowel in uitvoer, ledigheid, als in kosten en overlast.

    Af en toe ‘brood en spelen’ is wellicht aardig, om de paar weken volstrekt overbodig met aanzienlijke kans op uit de hand lopen. Eerst al bibberende agenten met getrokken pistool tussen kwaadwillenden onder bij de Erasmusbrug, nu zowaar agenten die een burger (hoe agressief of de weg kwijt wellicht ook) doodschieten uit angst. Dan ben je als leiding (en als volk) de controle en richting toch goed kwijt en is het eind zoek.
    Inwoners van een grote stad wensen vertier,maar ook rust en verdiepingsmogelijkheden. Hoe, maakt ieder voor zich uit. Minder evenementen en meer mogelijkheden voor rust en bezinning, samen zijn in een plezierige sfeer of juist alleen zijn in een mooi parkje of straatje, dat zijn in Rotterdam te weinig gefaciliteerde zaken. Kunst en cultuur, maar ook mooie parkjes of goede architectuur is er niet alleen voor hoger opgeleiden. Het moet er voor iedereen zijn. Ongeacht de soort bevolking in een stad heeft de stadsleiding als taak te zorgen voor voldoende aanbod van die zaken. Bouw aan iets blijvend in plaats van besteding aan het tijdelijke zoals de grootse evenementen. Bij gebrek doordachte zaken zijn hogeropgeleiden inderdaad vaak als eerste weg en duurt herstel (if any) steeds langer.

    De ‘brood en spelen’ aanpak van nu leidt slechts tot kortstondig vertier dat zo omslaat in verloedering; Marcel Möring heeft volledig gelijk waar hij stelt dat een andere opzet en aanpak dient te worden ingezet; met die kanttekening dat het bereiken van hoger opgeleiden niet als doel op zich dient te worden gesteld, maar gezien moet worden als neveneffect bij het bieden van een plezieriger leefmilieu voor allen.

  53. T vd Werf zegt:

    Ik ben opgegroeid in en rond de buitenwijken van een stad, en moet bekennen dat mijn eerste doel simpel was:
    Zodra ik het kon betalen, wegwezen.
    Af en toe kom ik wel eens terug, of rijdt ik door steden als Amsterdam en Rotterdam, maar steeds wordt mijn reden van vertrek weer bevestigd.

    Niemand heeft onderling iets voor elkaar over.
    Een woonwijk, hoe nieuw ook, is na 30 jaar afgeschreven, en de inwoners ook.

    Het is verkassen, elke 10 jaar, of als achterbuurt bewoner te boek staan.
    Voor de liefhebbers van appartementen, zullen de duurdere plekken misschien een langere periode van “leuk wonen” hebben, maar een hoger opgeleide tuinliefhebber, heeft in de stad niets te zoeken.
    Zijn tuin wordt door andermans katten vol gescheten, de auto gaat in het duurdere parkeertarief vallen bij elk winkel bezoek, en fietsen kun je alleen als je accepteert dat je regelmatig een nieuwe moet kopen.
    Hij wordt gejat of gesloopt.

  54. Harrie Vrijmans zegt:

    Wat dacht u van de volgende stelling:

    “De frequentie waarmee de kwalificatie “hoog opgeleid” wordt gebezigd, is recht evenredig met de toename van duidelijk bespeurbare leeghoofdigheid, alsmede slechte of geheel ontbrekende algemene ontwikkeling en zelfs ontoereikendheid van het uiteindelijk slechts resterende beetje vakgerichte kennis waar men zo prat opgaat”.

    Harrie V.

  55. Harrie Vrijmans zegt:

    Wat dacht u van de volgende stelling:

    “De frequentie waarmee de kwalificatie “hoog opgeleid” wordt gebezigd, is recht evenredig met de toename van duidelijk bespeurbare leeghoofdigheid, alsmede slechte of geheel ontbrekende algemene ontwikkeling en zelfs ontoereikendheid van het uiteindelijk slechts resterende beetje vakgerichte kennis waar men zo prat opgaat”.

    Ik zag na indienen van mijn reactie dat de weblogredactie graag mijn woonplaats weet…
    Welnu,

    Harrie V. ’s-Hertogenbosch

  56. Marco Rinkel zegt:

    In mijn supermarkt lopen een stel sukkels de boel daar als medewerker te fulfillen wat natuurlijk enerzijds niet efficient en effectief lijkt maar anderzijds een degelijke charme heeft omdat het goed bedoeld is en tevens ook afleidt van al dat gehaaste gedoe. Helaas is het zo dat ze dat inmiddels onder camerabewaking doen omdat bepaalde gasten (0,0001 promille van het totaal aan bezoekers) er de gelegenheid in zien om hun kortstondige slagje in te slaan omdat zij op uitermate korte termijnwinst uit zijn zonder enig structureel inkomen te genieten dat past bij hun levensstijl. Daarbij gaan zij voor zichzelf zonder een voorbeeld te willen, of ook maar te denken te zijn van een of andere bevolkingsgroep waarvan anderen denken te vinden dat zij daar toebehoren.
    Anderzijds is het echt nodig dat iedereen gewoon op zijn of haar manier hun werk kunnen bliven doen en volgens hun maatstaven leuk kunnen wonen en leven in een stad die vele keuzemomenten in het verschiet heeft. Het chagrijn kan natuurlijk al weggewerkt worden door de sfeer te verbeteren, maar eerlijk gezegd begint dat in je wijk waar je woont met je buren die je al dan niet tegenkomt en/of kent. Waar vroeger gedag zeggen normaal was word je tegenwoordig al snel als bedreiging gezien vanwege je out of the blue interesse ofzo. Of je wordt als potentiele verkrachter danwel homo gezien vanwege je groet omdat de fantasie bij de wedervoeter niet verder reikt blijkbaar. Wegkijken is de mode want anders raak je onverwijld verwikkeld in extra tijdverlies ofzo. Zelfs als je op de fiets nog moet lachen om een eerdere komische situatie ter retrospectie dan kun je rekenen op misverstanden oplevend bij tegemoetkomend verkeer. Dat is te merken aan hun gedrag als je ze de volgende keren tegenkomt terwijl er nog geen stom woord gewisseld is.
    Dus de stad is een heen en weer geflits van identiteiten die snel in hun containertje hun leventje al dan niet in eenzaamheid gaan leiden met onbekendheid met de buurt als factor terwijl de ‘stadsvernieuwing’ medio jaren ’80 en begin’90 (totdat de Bruteringsoperatie voltooid was) grote bressen heeft geslagen in de buurtcohesie danwel voordien organisch gegroeide leefgemeenschappen, terwijl toen ook net de kruideniers werden weggesaneerd omwille van de supermarktketens.

  57. J.W.v.Steijn zegt:

    Een zeer belangrijk onderwerp.

    Wat o.a. opvalt dat enige dingen angsvallig vermeden worden, of andere vaak veel aandacht krijgen.

    Niemand schenkt er aandacht aan dat de inwoners van de grote steden inmiddels voor de helft uit immigranten bestaat.

    Niemand durft te zeggen dat velen der immigranten een bijna middeleeuwse filosofie en gewoontes hebben en er openlijk voor uit komen zich niet aan het Westen aan te wilen passen, maar omgekeerd, ervan uit gaan dat het Westen zich aanpast aan hun wetten en gewoontes.

    Ook wel komische dingen, zodat “Hoger-opgeleiden”veel socialer en beter zijn dan “laag-opgeleiden”, terwijl buiten beschouwing blijft dat het vooral een kwestie van opvoeding en fatsoen is.

    De termen “klimrekken” “buurt-huizen”, “tuintjes”, “hondepoep” en dat boekhandels niet een bron van beschaving is, maar een GEVOLG of symptoom van beschaving.

    Een beetje onthullend is de beoordeligvan MULO opleiding.

    Zelf deed ik in 1937 ( inderdaad, ik ben 89)MULO examen in 14 vakken.

    In de oorlog kon ik toen met mijn kwalitatief zeer goede Duits, me zeer dikwijls redden uit penibele situaties jegens de bezetter.

    In 1980 sprak ik op uitnodiging, in Londen een vergadering van ondernemers toe en werd daar voorgesteld aan een Barones,( lid v.h.Hogerhuis).
    Tegen mijn gastheren zei ik: “Nou was ik de komende veertien dagen mijn handen niet meer”.

    Toen ik haar een jaar later weer ontmoette, zei ze: “Did you already wash your hands again?”.
    Als ik haar op TV soms naast Elisabet zag, was ik best trots op mijn lage MULO-opleiding.

  58. Feico Houweling zegt:

    Werkstad? Welnee!

    De culturele armoede waaraan Rotterdam lijdt zal m.i. niet veranderen voordat de Rotterdammers zelf veranderen. Precies zoals Paul van de Laar – in het artikel van Möring geciteerd – zegt kleeft het beeld van Rotterdam als werkstad al te lang in het collectieve geheugen. Dat vraagt om een fundamentele verandering van houding.

    Het is de allerhoogste tijd om de Rotterdamse geschiedenis te herschrijven, niet chauvinistisch en zonder borstklopperij, maar met veel oog voor de culturele en intellectuele groei van de stad. De stad en haar bewoners verdienen het om een reëel gevoel van eigenwaarde terug te krijgen. Zo’n eigenwaarde kan onder meer worden geput uit een rijk verleden waarin het respect voor het erfgoed van Erasmus aantoonbaar is gekoesterd, zoals al in 1549 bij de burgerlijke demonstratie bij het bezoek van kroonprins Philips. Denk ook aan namen die onlosmakelijk met Rotterdam zijn verbonden zoals Oldenbarneveld, Hugo de Groot, Bayle, Catharina Mulder (Kaat Mossel), Van Hogendorp, Leopold en anderen. Kijk naar de betekenis van zulke namen voor de Nederlandse geschiedenis en cultuur.

    Stop ook met het steeds maar willen vergelijken van Rotterdam met Amsterdam. Waarom is die neiging zo sterk? Ligt dat aan de namen van de steden? Het is een werkzaam recept voor een second city-syndroom zoals Chicago dat voortdurend heeft t.o.v. New York. Veel realistischer is het om de situatie te vergelijken met steden als Antwerpen, Gent en Den Haag.

    Kijk niet met een Nederlandse, maar met een globale bril naar deze stad. Rotterdam heeft twee wereldwijd bekende monumenten waarin het karakter van de stad wordt weerspiegeld, nl. het beeld van Erasmus en De verwoeste stad van Zadkine. Er zijn steden die het met heel wat minder naam en faam moeten doen.

    Met een vernieuwd zelfbewustzijn van de Rotterdammers is het voor mensen met een culturele belangstelling in deze stad heel wat prettiger vertoeven.

  59. Hugo Verbrugh zegt:

    Ik sluit me van harte bij aan bij de discussie, en breng ter inspiratie een mooi cultureel moment in herinnering dat in 2001 in het kader van RoCulHo (= Rotterdam Culturele Hoofdstad) helemaal de blits maakte.

    Avant garde, filosofisch-historisch bewustzijn en waardering voor de lichamelijke aspecten van cultuur kwamen hier in een unieke synthese samen in een ‘cultureel nachtgebeuren’ dat eind april 2000 plaats vond, en dat helemaal in het teken stond van een nieuwe waardering voor de culturele betekenis van het menselijk schaamhaar. De presentatie in de pers liet er geen misverstand over bestaan: het ging over het vrouwelijk schaamhaar als nieuw ontdekt kunstwerk. Ik citeer uit een bericht uit die tijd:

    ‘Het gebeuren vond plaats in de Rotterdamse club Now & Wow, gevestigd aan het deel van de West Zeedijk dat in de nabije toekomst voor Rotterdam moet worden wat de Champs Elysées voor Parijs, Trafalgar Square voor Londen of de Kurfürstendamm voor Berlijn zijn. Maar wat deze drie steden noch enige andere stad in de wereld hebben, heeft Rotterdam dus wel: een plaats waar de beharing in de regio pudenda van het vrouwenlijf, het gedeelte tussen de heupen in de anatomische terminologie, onderwerp is van een eigen nieuwe cultus. De initiatiefnemer Ted Langenbach [Möring noemt hem even: '... eind jaren tachtig ... begon Ted Langenbach met wat het begin van de Nederlandse dancecultuur zou worden!'] zegt. ‘Schaamhaar is weer helemaal in’. Zijn credo is: weg met die geschoren Hitler-snorretjes, weg met die kale oksels en haarloze mannenborstkassen. Schaamhaar is er om lekker naar buiten te laten krullen, om gezien en betast te worden. Schaam je niet, toon het!’.

    Dat een dergelijk evenement in Rotterdam kon plaats vinden, is natuurlijk al meer dan het vermelden waard. Maar het wordt nog veel mooier. Want het ´culturele nachtgebeuren´ van Langenbach ‘krijgt een gesubsidieerde plaats binnen de festiviteiten rond Rotterdam Culturele Hoofdstad 2001′.

    ´Zó ken ik mijn Rotterdam weer´, ging door mij heen toen ik dat destijds las. Uitroepen van vergelijkbare strekking worden trouwens ook in het artikel geciteerd. Om een festiviteit waarin de artistieke waardering van vrouwelijk schaamhaar in het middelpunt staat te kwalificeren als ‘cultureel’ en als zodanig te subsidiëren, getuigt van een originaliteit, durf, geneigdheid taboe’s te doorbreken en andere kenmerken die nergens anders dan in Rotterdam gevonden worden.

    Toch vraag ik me af of de organisatoren van RoCulHo01 zich zelf wel helemaal bewust zijn van de draagwijdte van de opneming van dit initiatief in hun programma. Ik illustreer mijn argumenten voor deze retorische vraag aan een historisch voorbeeld. In 1628 ontdekte Harvey de bloedsomloop. Dat was een van de grootste ontdekkingen in de geneeskunde. Ze had immense reprecussies, ook ver buiten de geneeskunde. Zo organiseerde een rooms-katholieke priester met gevoel voor het eigentijdse, Jean Eudes, de ‘devotie van het heilig hart’ als nieuw ritueel waarin de gelovigen in overeenstemming met de moderne tijdgeest hun toewijding aan de christelijke leer konden belijden (zie Jan H. Van den Berg, Het Menselijk Lichaam – een metabletisch onderzoek, deel II, hoofdsuk II, § 2). Bijna vier eeuwen later staan we aan de vooravond van een zo mogelijk nog grotere ontwikkeling in de geneeskunde: de loskoppeling van sexuele intimiteit tussen man en vrouw en het proces waardoor nieuwe kinderen op aarde komen. Dat staat volgens deskundigen de komende eeuw te gebeuren. Allicht spreekt ook deze nieuwe ontwikkeling nu al tot de verbeelding van meer creatief ingestelde geesten. Ted Langenbach herkent, precies zoals Jean Eudes in de 17e eeuw, de uitdaging, en de organisatoren van RoCulHo01 doen wat het Vaticaan destijds deed: de nieuwe cultus institutionaliseren. Presentatie van wat je zou kunnen noemen de ‘devotie van het heilig vrouwelijk schaamhaar’ in het kader van RoCulHo01 past naadloos in de revolutionnaire ontwikkeling die zich nu aftekent in de geneeskunde.’

    Tot zover de essentie van het bericht waar ik uit citeer. Eén terminologisch detail kreeg in het bericht nog even copieerwaardige vermelding. Anders dan in het engels of frans, waar ze van ‘capital(e)’ spreken, waarin geen associatie voorkomt aan ‘head’ resp. ‘tête’, leeft in het nederlandse ‘hoofdstad’ uitdrukkelijk nog de herinnering aan de lijfelijke oorsprong van dit woord. Gegeven de wereld-historische betekenis van de opname van de devotie van het heilig schaamhaar in het programma van RoCulHo01 stelde de auteur voor de naam het programma te veranderen van ‘Rotterdam Culturele Hoofdstad 2001′ in ‘Rotterdam Culturele Kutstad 2001′.

  60. j jantzen zegt:

    Zolang de hardwerkende nauwelijks meer overhoudt dan de nietsdoende (nivelleren) en zolang er veel te veel sociale woningbouw in de grote steden is, blijven de grote steden aantrekkelijk voor goepen die liever niets of weinig doen.
    Breng de sociale woningbouw terug tot 10% maximaal, schaf en passent ook de huursubsidie af en het probleem lost zich vanzelf op. Maar ja, dat is vele bruggen te ver, ook omdat bijna alle grote steden een burgemeester hebben die 7% van de bevolking representeert volgens de laatste peilingen.

  61. Gloria van der Spek zegt:

    Zo zie je maar dat hoger opgeleid geen garantie geeft voor solidariteit met de stad en het gezellige stadsleven. Hoger opgeleid kijkt graag neer op lager opgeleid; halen hun neus ervoor op. Willen niet in hun buurt wonen omdat zij ‘meer’ denken te zijn.
    De bijdrage van Jan Katsma @36 spreekt mij erg aan. Bezield geschreven en het hart op de juiste plaats. En bovenal dankbaar voor de gegeven kansen die met beide handen zijn aangepakt. Zijn Rotterdam kan op hem rekenen!

    Échte filosofen bewegen zich onder het volk, zetten discussies op in het park, terras of midden op het plein. Filosofen voelen zich tegenwoordig té hoog opgeleid en zijn alleen nog maar theoretisch bezig elkaar met hele dure woorden vliegen af te vangen. De interne discussies zijn elitair en ver boven het volk verheven.
    Waar zien we nog ‘sloeberige’ kunstenaars in het straatbeeld met ezel, palet en verf? Ze hebben het allemaal in hun bol; trekken zich terug op internet en hangen meneer de ondernemer uit. Nee, het wordt er bepaald niet leuker op!

    Geboren en getogen in Den Haag leefde ik tussen nogal wat culturen. Een normaal beeld in de gemiddelde straat. Hoe duurder de wijken hoe blanker. Wat is dat toch met die poenpenoze? Hoger opgeleid lijkt tekort te komen aan warm gevoel voor samenleven en erger: hoger opgeleiden waar dan ook(!) hebben dit land naar de knoppen gestemd, want zij stemmen niet op hun hart maar op die verrekte portemonnee. Hoe meer hoger opgeleiden, hoe meer neoliberalisme? Hoe meer rechten geclaimd worden via verboden? Kiezen op de partijen die hen altijd en overal vrijbrief geven en waarvoor ‘jan met de pet’ moet wijken? De elleboogwerkers?
    Je bent pas hoog opgeleid in mijn ogen als je spoort met jan en alleman., autochtoon, allochtoon en je kunt onderhouden op ieder niveau.

    Wat worden we eigenlijk wijzer van hoger opgeleiden? Zij staan boven de leuke festivals? Willen chique kroegen? Mogen kinderen niet spelen met allochtonen, kiezen liefst blanke scholen?
    Nou, dán dank ik de God dat ik door mijn ouders hoog opgeleid ben in respect voor en optrekken met. Een gastvrij huis waar het nou de werkSTER, de musicus, de kunstenaar, de erudiet, de bouwvakker of ‘gekke Jantje’ (ja écht!) met welke ‘kleur’ dan ook betrof … allen hartelijk verwelkomd and be my guest! Hoog opgeleid begint thuis en vooral niet in de voor- tussen- en naschoolde opvang. De hoger opgeleide feministische cultuur is schuldig aan verhuftering. Geen kind meer op straat, de speeltuinen leeg. Tijd = geld! Ouders netjes opgeborgen Kinderen weggewerkt! Zij mogen pas meetellen als ze hoger opgeleid zijn… en hun neus ophalen voor het broodnodige opvoedwerk thuis! Want mama was een slimme meid die op haar toekomst was voor bereid?

    Gelukkig zijn er allochtonen! Zij fleuren het straatbeeld op. Vrouwen ( hoofddoek of niet) gezellig babbelend en kindertjes mee. Zij herinneren ons aan goede tijden, waar kinderen kind mochten zijn en een moeder hebben die persoonlijk voor je zorgt. Lekker ravotten op straat, waar gewoonlijk ook de ruzies werden geslecht. Nederland o Nederland, heb het niet zo in je ‘hoger opgeleide’ bol!!

    @57 J.W.v.Steijn

    Wat uw laatste deel betreft: leuk verhaal! Daarbij HULDE dat u op 89-jarige leeftijd nog actief hier aanwezig bent. En zéker was MULO een goede gedegen opleiding destijds. Daar háált de huidige HAVO het niet bij! Holler, steeds holler dat Hol…land.
    Met dank aan het sloopkabinet en hun aanhangers.

  62. C.J. Visser zegt:

    Een van de leukste tentoonstellingen die ik in Rotterdam heb gezien ging over het interbellum in het kader van de – een beetje in het water gevallen – viering van het 650 jarig bestaan. Het liet goed zien waar vernieuwende ondernemers, bestuurders en ontwerpers toe in staat kunnen zijn, met van Beuningen, Kroller Moller, de Unie en van Nelle als voorbeelden. Of in die periode het door Moring gewenste culturele klimaat bestond weet ik niet; waarschijnlijk was de verdeling tussen arm en rijk, hoog- en laagopgeleid niet anders dan nu, maar de spirit lijkt er sindsdien wat uitgeraakt.

    Mij bekruipt steeds het gevoel dat men in Rotterdam vooral niet graag zichzelf wil zijn: inspiratie en redding wordt vaak elders gezocht of het nu stedebouwkundigen, architecten zijn, filosofen, bruggenbouwers, Red Bull races, een cultuurpaus, de spits van Feijenoord of ……. de culturele elite. Terwijl naar mijn idee volop talent en cultuur aanwezig is: de architectuur, design en daarmee samenhangende disciplines zijn lijkt het toon- en richtinggevend in en buiten Rotterdam. Het is misschien niet de culturele sfeer en elite die Moring zoekt, maar past wel binnen die traditie van het interbellum.

    De simpelste ingreep lijkt me om dat talent nog actiever – met flinterdunne nota’s graag – te mobiliseren door te focussen op kwaliteit, kwaliteit en kwaliteit. Gerrit Zalm wordt ereburger omdat hij het megolomane Champagneglazen plan in een zwaai naar de prullebak heeft verwezen. Nu de Gemeente nog die afscheid neemt van 10, 11 of 12 van de 13 VIP projecten om er 1,2 of 3 met lef en durf te realiseren. En voortaan oppervlakkige en holle projectontwikkelaarsplannen niet tegen de marktontwikkeling of hjet buikgevoel in doorzetten maar rucksichtloos terug naar de tekentafel verwijzen (zonder angst om hoogopgeleiden als werkgever of inwoner te verliezen). Dat brengt niet snel de door Moring gewenste culturele elite, maar de permanente roep om welke elite dan ook is inmiddels zo breed aangezwollen dat alleen superman ons nog lijkt te kunnen redden. Motto: zelf klasse tonen spreekt en trekt alle klassen aan.

  63. Wieke Hoeben zegt:

    Rotterdam blijf ik maar voor me zien, maar dan als stad over 200 jaar. Ik vermaak me met mijn ‘zicht’.
    Ik zie minstens drie lagen van ‘zwevend persoonsvervoerverkeer’ en ik zie ze in beweging.. bijna niet, zo snel gaan ze en onhoorbaar. De afslagen naar gebouwen zijn ook als prachtige vogel-glijbewegingen naar een landingsplaats; op 40 hoog en op het dak en niet op de grond, dat is verboden.
    De grond blijft voorbehouden aan de trek- en duwboten, de paarden en karren, de fietsen en het ‘Ga je mee naar benee?’; het meezing uitgaansleven… want elektronische muziek versterking mag niet meer, omdat we dan net af zijn van de cochlea ellende (gehoorellende, opvoedings- en zelfhandhavingsmoeilijkheden door doofheid van de 21 ste eeuw generaties en dit nietmeerherrieluisteren hoeft dit afwijzen van herrie niet afgedwongen te worden; iedereen is het er op basis van opgedane ervaringen, van harte mee eens.) cochlea ellende, zo goed beschreven, dan dus, in het boek van de nazaat van Kernkamp; de historicus, lid van een geëerde familie.

    Het wonen in Rotterdam is dan ook een cultureel feest; iedereen heeft immers na het doen van de gemeenschapsplichten en het ‘omdat ik het fantastisch vind- werk’, veel ruimte om voor het plezier met allerlei hobby’s aan de gang te zijn..

    De scheepswerven maken voor een deel die blauw achtige, lijkt met metaal, geheel sluitbare.. net als een ei, maar dan met uitgerekte puntpolen vorm.. persoonvervoervlieg.. we noemen ze kubussen, maar dat zegt dus niks over de uiterlijk vorm, zoals ik het zie in mijn geest en een andere tak van hun nijverheid zijn slimme woonboten en hun onderhoud voor de benee wereld en ook voor op zee. Storm en eke weersgesteldheid intelligent en vanzelf reagerend met behoud van veiligheid van de bewoners.

    Ook violen en andere instrumenten worden handgemaakt als dan wel 6 eeuwen geleden en opvoeden doen we met respect voor de natuurlijke aanleg en wil van het kind, maar het rechtvaardigheidsgevoel ontwikkelen is belangrijker dan het bevredigen van lusten en zelfkennis belangrijker dan het leven naar de ogen van anderen.

    In Rotterdam gaat het gebeuren als een Amsterdammer droomt.

  64. Koos den Boer zegt:

    Gustave Claessens zegt:
    maandag 21 september 2009, 12:18 uur
    @34 de boer,

    Degelijke omschrijvingen horen hier niet thuis:
    Het zegt heel veel over uw eigen persoonlijke ontwikkeling in deze. Bordewijk omschreef tuig als u: ‘Op molest belust schuim’.

    U bent als hoger opgeleidene kennelijk niet bijster slim, anders zou u mijn bijdrage als ironie doorzien hebben!

  65. Adri Hartkoorn zegt:

    Om te beginnen. Het zou mooi wezen als alle schoolkinderen van 5 tot 15 minstens één keer per jaar één van de vele stedelijke musea bezoekt. Daarbij leren de kinderen te kijken en te genieten. Daar heb je wel goede begeleiders of mentoren bij nodig, maar dat is organisatie waar je heel vrij en creatief mee moet kunnen omgaan. Alsjeblieft niet teveel regels hiervoor opstellen maar overlaten aan de scholen en ouders. Daarnaast bezoeken ze minstens één keer per jaar een muziekvoorstelling. Van Haydn tot Hip Hop. Liefst een waarbij de muzikanten uitleg geven wat hen raakt in de muziek. Laat zien wat er mooi aan is, wat passie is en dat er dingen in het leven zijn die verder gaan dan plat consumeren.

  66. Wieke Hoeben zegt:

    Kan het, dat ik Rotterdam ook de verantwoording zie nemen voor het onderhoud en behoud en herstel van de waterwegen in Europa in de overgangssituatie van stank- en lawaaimotorengebruikreductie naar de nieuwe energiegebruikaanvang?

    Er passen 13 vrachtwagens op één boot, las ik in het NRC van zaterdag in een ingezonden brief; dat is uitstootreductie.

    Rotterdam? Is dit de kans, waar u op wacht?

  67. Halbe Hibma zegt:

    Ik woon zelf sinds kort in Den Haag, hiervoor woonde ik in Amsterdam en origineel kom ik zelfs uit Den Helder, helemaal in de noordkop. Het zijn alle drie werelden van verschil. Ook rotterdam vind ik niet te vergelijken met de andere grote steden. Ik vind zelf niet dat ik echt hoogopgeleid ben met mijn MBO, maar ik werk wel in een sector waar een hoop mogelijkheden zijn met het diploma dat ik nu heb (medisch analist).

    Wat een stad aantrekkelijk maakt heb ik altijd iets gezien als een persoonsgebonden fenomeen. Amsterdam heeft een knus centrum, maar ik zou er zelf niet willen wonen. Ik ben zelf een voorstander van groen, dus ik kom veel liever te wonen in een wijk met veel groen zoals Amstelveen of amsterdam west.
    Aangezien ik geen auto heb, ben ik ofwel afhankelijk van fiets of van OV. Dus voor mij is goede bereikbaarheid dan ook erg belangrijk om in een stad te gaan wonen danwel blijven wonen.

    Voor een stad om aantrekkelijk te zijn moet het bestuur in mijn ogen letten op de cliche zaken zoals netheid, orde, bereikbaarheid van het OV en veiligheid. Daarnaast moeten er genoeg sociale voorzieningen aanwezig zijn zoals cafe’s, bioscopen, een leuke winkelstraat dat sfeer uitademt.
    Als laatste is het natuurlijk dat er goede betaalbare woningen aanwezig moeten zijn in de stad. Het moet niet onbetaalbaar zijn, want anders kopen mensen een huis en kunnen ze alsnog nergens heen want al het geld dat ze verdienen gaat naar de huur/hypotheek.

  68. Willie van der Kuil zegt:

    Hulde aan het initiatief van Marcel Möring!
    Mijn wens: scrap al die pretenties en begin klein.
    Behoud de bioscopen Cinerama en Lantaren/Venster voor de binnenstad.
    Maak café’s met terrassen op het Kruisplein. Dat levert twee voordelen op; instant sociale controle en na een bezoek aan de Doelen is een drankje dan zittend te nuttigen.
    Weg met de grootschalige festivals en ruim baan voor kleinschalige initiatieven!
    Gelukkig zit het met het aanbod van leuke restaurantjes wel goed dankzij de multiculturele bevolking van Rotterdam.

  69. Marco Rinkel zegt:

    Eerst wordt je duidelijk gemaakt dat je als bewoner geen satellietschotels meer aan de gevel mag hangen (die wijzen allemaal dezelfde kant op), en vervolgens hangt het vol met van die moderne driehoeksborden aan de ramen waar reclame op staat voor makelaars. Daarbij is een publiek geheim dat ze niet eens alle leegstand zo lopen te labelen maar toch staat het lelijk op die oudbouwgevels die nog middels overheidssubsidie zijn gerenoveerd vlak voordat de bruteringsoperatie een berg oudbouw heeft weten te versteken van zwaarverdiend onderhoud waarna de sloophamer volgde omdat er initieel berekend goedkoper een beter produkt kon verrzijzen op het graf van het cultureel erfgoed. Vervolgens begint de leegstand pas echt want in die met overheidssubsidie gerenoveerde oudbouw die als de huurder het verliet was de marktprijs tenminste nog minder navenant te noemen waardoor hier de leegstand toch wel hooguit 50% betreft, terwijl die nieuwbouw jaren lang blijft leegstaan. Ook die panden in de prachtwijk Delfshaven blijven leegstaan omdat dat goedkoper is dan verhuren of ietsje eerder verkopen voor marktprijzen die eigenlijk dan zouden moeten gelden getuige http://www.depers.nl/binnenland/338612/Krakers-veroveren-prachtwijk.html

    Dus als je al een welvarende stad wilt bouwen, bouw het dan niet op leugens en eigengewin ja?

  70. Marco Rinkel zegt:

    saneren noemen ze dat

  71. Elizabeth Poot Harlingen zegt:

    ” Toen wij uit Rotterdam vertrokken” na ruim 30 jaar met vreugde er gewoond en gewerkt. Want langzamerhand begint de stad figuurlijk en letterlijk uit elkaar te vallen. Dat gaat veel mensen aan het hart, gezien ook deze diskussiepagina. Er zijn echter twee oorzaken die ik daarin mis:
    - Als je niet behoorlijk omgaat met de zg. lager opgeleiden mis je beschaving. Dat geeft geen goed cultureel klimaat zowel op straat als in je voorzieningen.
    - De stad ligt voortdurend overhoop, er is een grootschalige bouwdrift en dientengevolge veel slopen en langdurige bouwputten. bv. 10 jaar rond CS en de Hoogstraat en straks weer de Lijnbaan.
    Door deze oorzaken is het voor goede initiatieven vechten tegen de bierkaai en het huidige gemeentebestuur is daar mede debet aan.
    Woonruimte voor hogeropgeleiden is er overigens genoeg. Je kunt als net afgestudeerde prima een appartementje kopen, voor gezinnen zijn er in de 19e eeuwse stad en in de buitenwijken ruime betaalbare woningen en voor beter gesitueerde ouderen zijn er mooie flats bijvoorbeeld langs de Maas.
    Maar gelukkig Rotterdammers zijn niet zo geborneerd als die Amsterdamse stedenbouwer die gezeten voor zijn kaart voor de televisie verklaarde dat zijn stad de metropool van de toekomst is en het zuiden van de Randstad een soort pauperparadijs.

  72. J. Czerwinski zegt:

    Hoe je hoger opgeleiden aantrekt in de stad? Geen idee! Weet inmiddels wel hoe je ze op hun hurken infantiliseert en ze zo weg jaagt.

  73. e.starink zegt:

    Vandaag heb ik de Kunstroute in het Oude Noorden van Rotterdam gelopen. Genoten van beginnende kunstenaars en hun kunst in allerlei kleine galerietjes enz. En van kleine winkeltjes waar je wat te eten of te drinken kon kopen. Die galerietjes waren vaak belangeloos door woningcorporaties ter beschikking gesteld (veel winkeltjes staan nu toch leeg dus waarom dan geen kunst er in?).
    Ik maak mij sterk dat met een minimum aan subsidie in wijken als het Oude Noorden (een Vogelaarwijk) een positieve wending kan worden gegeven aan ontwikkelingen aldaar. In de Witte de Withstraat is dat een aantal jaren geleden ook gelukt.

  74. Gloria van der Spek zegt:

    @73 e.starink

    Klinkt veelbelovend zeg! Zult u vast een goede dag hebben gehad, want wat is niet leuker dan pure creativiteit van beginnende kunstenaars? Zij hebben het nog niet in de bol en vragen nog redelijke prijzen. Het nog wat ‘kwetsbare’ werk van beginnende kunstenaars boeit mij meer dan van de allround professionals waar iedere kreuk is gladgestreken, zeg maar.
    Zo vond ik de kunstwerken van mijn kinderen het allermooiste en in mijn huis worden liefst alleen kunstwerken van eigen makelij opgehangen of die van kunstvrienden, die nogal eens op onze ‘portretten’ wilden experimenteren.
    Maar de enige echte Beeldend Kunstenaar vind ik God. Je zal maar een LEVEND schilderij creëren met de grootte van het heelal. Daar raak je toch niet op uitgekeken?
    Goed plan voor zo’n Vogelaarwijk. Kunst en hun kunstenaars horen tussen de mensen. Heel gewoon. Wat mij betreft in winkelcentrum ‘winkeltjes’ waar ze aan het werk zijn en je gewoon even kan binnenlopen voor een bestellinkje of louter uit bewondering. Groet.

  75. e.starink zegt:

    @ 74 Gloria van der Spek zegt:maandag 28 september 2009, 0:39 uur:
    Dank voor uw aardige reactie op mijn bericht nr 73.
    Aardig om te lezen dat ook u de kunstwerkjes van uw kinderen koestert. Ik heb hetzelfde: drie van mijn favoriete kunstwerkjes zijn van mijn kinderen toen ze zo’n jaar of 4,5,6 waren. Ze hangen al vele jaren bij mij aan de muur. Daarnaast nogal wat kunst van kunstenaars-vrienden van mij: ik maak mijzelf wijs dat ik ze daarmee in voor hen moeilijke tijden een steuntje in de rug heb kunnen geven.
    Ik begrijp dat u godsdienstig bent. Dat mag van mij. Zelf ben ik het niet. Maar ik heb wel het idee dat als er een god bestaat, hij zich het eerst bedient van kunstenaars om ons van zijn bestaan te doen weten. Noem het maar inspiratie.
    Rotterdam is een stad met historie. Met als dieptepunt daarin het bombardement van mei 1940. Het centrum is totaal vernieuwd. Iedereen mag van mij dat centrum mooi of lelijk vinden. Maar ik kan mij dat centrum als klein jongetjes nog herinneren toen het een zandvlakte was met hier en daar gebouwen en later beginnende nieuwbouw. En ik ben er als Rotterdammer trots op wat het nu geworden is.
    Maar Rotterdam moet na jaren van mechalomanie nu ook gaan denken over de vraag hoe die stad weer herbergzaam te maken voor de gewone mensen. Niet met die grote spektakels want dat is alleen maar voortzetting van de mechalomanie. Ook niet langer de beroepsadviseurs, projectontwikkelaars en zo hun stempel nog langer laten drukken. Maar juist door beginnende kunstenaars te ondervragen en te ondersteunen waar en wanneer het maar kan.
    Plus (ik blijf het zeggen): de beelden van Zadkine en Erasmus weer midden in de stad op een plek waar iedereen ze onmiddellijk ziet als men in de stad is.
    Vriendelijke groet.

  76. Gloria van der Spek zegt:

    Tja Rotterdam… de stad waar ik als Haags meisje regelmatig met ouders op bezoek ging bij familie, heeft altijd veel indruk op mij gemaakt. Wat een ‘drive’ die opbouw!
    Dat bronzen beeld van ‘Zadkini’ (Tsadkin) staat toch op plein 1940? Dat schijnt destijds voorwaarde (eis) geweest te zijn van de schenker, de directie van de Bijenkorf.
    Monnik Erasmus huist nu op het plein voor de Sint Laurenskerk had ik begrepen? Toch ook wel een toepasselijke plek? Wist u dat zijn laatste woorden waren: ‘lieve God’?
    Ik hoop voor u dat beide grootheden in het centrum worden geplaatst. Dat geeft meer hart aan het hart van Rotterdam. U ook bedankt voor uw reactie en wees maar trots op uw Rotterdam. Ik ook hoor! Met groet.

  77. Gloria van der Spek zegt:

    Sorry:
    @76 is bedoeld voor e.starink.

  78. Veronica Cramer zegt:

    Waarom concentreert Rotterdam zich niet gewoon op de mensen die er wonen en werken.
    Die houden een stad in stand.
    Elke andere kunstmatig geinjecteerde promotie van een of andere hobbyist in de gemeenteraad is ten dode opgeschreven, dat kan een kind bij elkaar denken.
    De bewoners gaan zelf wel bij elkaar denken en de basis vormen voor een andere belevingsvorm voor de stad Rotterdam.
    Zoiets wordt er niet in geparachuteerd met prachtige ideeen. Dat komt uit de eigen bezielde bevolking.
    Dat hebben de Rotterdammers. Reken daar maar op!

  79. C.J. Visser zegt:

    Het verslag van het debat lezend heeft Moring met zijn artikel in ieder geval een pittig en scherp debat bereikt, dat moest uitwijken naar een grotere lokatie vanwege de belangstelling: zo duf is het hier ook weer niet (ruim 1000 belangstellenden bij de opening van de Architectuur bienneale is ook een duidelijk signaal overigens) en of je het nu met hem eens bent of niet, Pastors stelt met betrekking tot het subsidieren van cultuur wel ingeslopen vanzelfsprekendheden van decennia ter discussie: wat is daar mis mee? Je hoopt en wilt toch dat er een grondige uitwisseling van en discussie over ideeen en opvattingen leidt tot frisse nieuwe inzichten: de botsende schotsen van Geuze. En en passant heeft het huidige Lantaren/Venster complex zich wellicht geopenbaard als mogelijk debat- en cultuurcentrum voor de mede door Moring zo gewenste studium generale vestiging van de Erasmus Universiteit in het centrum.

Reageren op dit bericht is niet meer mogelijk.