Nederland is, als vrijwel enige westerse democratie zonder burgerparticipatie in de rechtspraak, het buitenbeentje van Europa. Daar moet verandering in komen, schreef mr. W.M. van den Bergh, vicepresident van de rechtbank Amsterdam, in nrc.next van 28 maart. “Wij zijn het aan onze democratische rechtsstaat verplicht om – net als in de wetgeving en het bestuur – ook in de rechtspraak een vorm van burgerparticipatie in te voeren.”
Van den Bergh laakte het besluit van minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) om af te zien van lekenrechtspraak. “In allerlei sectoren van onze samenleving is sprake van burgerparticipatie bij de overheidsbesluitvorming. Daarbij past het meedoen van de burger in strafzaken.” Het staat de vicepresident tegen dat rechters niet democratisch geselecteerd worden en een corps van beroepsrechters nooit een redelijke afspiegeling van de maatschappij kan zijn.
Vandaag reageert rechtenstudente Davine Roessingh. “De meeste maatschappelijke instanties vormen geen goede afspiegeling van de bevolking. En dat is maar goed ook”, schrijft ze. “Rechtspreken is meer dan alleen kennis van goed en fout; het is ook kennis van de wet en de ervaring of een bepaalde strafmaat toereikend is of niet.” Roessingh maakt een vergelijking met de operatiekamer, waarin het niet wenselijk is als leken gaan stemmen over het al dan niet opereren van een hartpatiënt.
Het argument dat lekenrechtspraak het vertrouwen in de rechtstaat zou vergroten wees mr. A.H. (Bert) van Delden, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, in 2006 naar het rijk der fabelen. “Het vertrouwen in de rechtspraak in Nederland is niet lager dan in landen waar jury- of lekenrechtspraak bestaat.”
Wilt u beargumenteren waarom u voor of tegen lekenrechtspraak bent?
NB: In deze discussie worden alleen reacties geplaatst die een argumentatie bevatten en van toegevoegde waarde zijn op het bericht en eerdere bijdragen van deelnemers. Wij behouden ons het recht voor reacties te redigeren of in te korten.
NB2: Alleen als u uw woonplaats noemt en met voor- en achternaam ondertekent, maakt u kans op vermelding in de krant.
Afgelopen nacht was het weer zover: we hebben de klok een uur vooruit gezet, opdat we ’s avonds een uur later het licht zullen aandoen. Maar of het dat ook echt doet, weten we eigenlijk niet, schrijven Canadese onderzoekers in het wetenschappelijke tijdschrift Energy Policy. (Lees hier een artikel over het onderzoek)
Als we het licht ’s avonds later aandoen, doen we dat misschien ’s ochtends wel eerder. En op lange zomeravonden gaan we er misschien wel lekker lang met de auto op uit naar energievretend vermaak. Mensen die airconditioning hebben, zetten die graag hoog. We verbruiken sowieso steeds méér.
Uit enkele onderzoeken uit de jaren zeventig bleek een kleine elektriciteitsbesparing, maar sinds die tijd zijn de gewoontes wat betreft energiegebruik ook weer veranderd.
Wetenschappers van de Rijksuniversiteit Groningen en de Ludwig Maximilians Universiteit van München pleitten vorig jaar voor het afschaffen van de zomertijd omdat de aanpassingsproblemen van mensen aan de zomertijd groot zouden zijn.
Wat vindt u: moet de zomertijd worden afgeschaft? Of vindt u het niet erg om twee keer in het jaar de klok te verstellen? En: heeft u last van aanpassingsproblemen bij de overgang naar de zomertijd?
NRC Handelsblad heeft 29 maart 2008 de bijlage Filosofie & Debat. De bijlage is gemaakt in samenwerking met Filosofie Magazine naar aanleiding van de Maand van de Filosofie met het thema De stad.
In de bijlage gaan de hoogleraren Rudi Visker en Paul Scheffer met elkaar in de debat over de vraag: “Hoe anders kan en mag je zijn in de publieke ruimte?” Tijdens het debat pleit Scheffer voor een maximale vrijheid voor mensen binnen de stad. ‘De gemeenschappelijke horizon moet een open samenleving zijn die maximale ruimte biedt aan mensen met zeer uiteenlopende levensstijlen en geloven, maar waar wel bepaalde vrijheden worden gedeeld.’ Scheffer gelooft dat de stad een product is van migratiebewegingen en altijd een leerschool vormt voor de omgang met vreemden.
Wel geeft de publicist een aantal grenzen aan. Wie een functie binnen de neutrale overheid heeft is verplicht zich neutraal op te stellen en te uiten. Dan is er geen plaats voor expliciet religieuze uitingen zoals hoofddoekjes of andere religieuze kleding. En de samenleving heeft een aantal neutrale ruimtes nodig, bijvoorbeeld rechtszalen.
Wat vindt u? Kunnen mensen hun eigen levensstijl en geloof aanhouden en zich toch aanpassen aan het leven met anderen in de stad? Scheffer geeft in het debat een aantal grenzen aan, ziet u ook grenzen en waarom? Welke veranderingen ziet u de afgelopen jaren in de stad?
NB: In deze discussie worden alleen reacties geplaatst die een argumentatie bevatten en van toegevoegde waarde zijn op het bericht en eerdere bijdragen van deelnemers. Wij behouden ons het recht voor reacties te redigeren of in te korten.
NB2: Alleen als u uw woonplaats noemt en met voor- en achternaam ondertekent, maakt u kans op vermelding in de krant.
Na maanden van politiek rumoer binnen en buiten Nederland is vanaf vandaag de film van PVV-aanvoerder Geert Wilders over de islam en de Koran te zien. De film begint met een compilatie van beelden van bijna tien minuten. Filmmateriaal van terroristische aanslagen in New York, Madrid en Londen, wordt afgewisseld met vertalingen van Koranversen over geweld tegen ongelovigen en opnames van toespraken van islamitische leiders die oproepen tot geweld tegen niet-moslims.
De PVV-aanvoerder zei in een begeleidend commentaar de bedoeling te hebben gehad om het ontolerante en fascistische karakter van de islam bloot te leggen (lees hier meer nieuws over de film).
Wat vindt u? Is Wilders in zijn bedoeling geslaagd, en zo ja bent u daar blij mee? Hoe beoordeelt u , nu de inhoud van de film bekend is, de kritiek in binnen- en buitenland die vooraf klonk, namelijk dat de film aan zou zetten tot haat, of in elk geval het verscherpen van tegenstellingen tussen moslims en niet-moslims?
NB: In deze discussie worden alleen reacties geplaatst die een argumentatie bevatten en van toegevoegde waarde zijn op het bericht en eerdere bijdragen van deelnemers. Wij behouden ons het recht voor reacties te redigeren of in te korten.
NB2: Alleen als u uw woonplaats noemt en met voor- en achternaam ondertekent, maakt u kans op vermelding in de krant.
Jenny Thunnissen, directeur-generaal van de Belastingdienst, legt haar nevenfunctie als lid van de raad van toezicht van een ziekenhuis in Delft neer. Aanleiding is de berichtgeving van NRC Handelsblad over ongeoorloofde btw-constructies van ziekenhuizen. Constructies waarnaar de Belastingdienst zelf een groot onderzoek had ingesteld.
De baas van de Belastingdienst laadde met haar nevenfunctie de verdenking op actief of passief meegewerkt te hebben aan het ontwijken van btw. Naast lid van de raad van toezicht van het ziekenhuis, was zij sinds twee jaar ook vicevoorzitter van de financiële commissie.
In een verklaring op de website van het ministerie van Financiën noemt Thunnissen het “buitengewoon vervelend” dat NRC Handelsblad grievende suggesties oproept in het artikel. Zij benadrukt dat ze bij haar aantreden aan de raad van toezicht van het ziekenhuis heeft gevraagd of er fiscale constructies waren en daarop een ontkennend antwoord kreeg. Uit notulen van het ziekenhuis zou ook blijken dat ze “te allen tijde stelling heeft genomen tegen het aangaan van fiscaal ongeoorloofde lease-constructies”.
Thunnissen heeft nu zelf het besluit genomen haar nevenfunctie op te geven “om reputatieschade voor fiscus en ziekenhuis te voorkomen”. Haar politieke baas, staatssecretaris De Jager, wees erop dat de bijbaan bekend en volgens de regels was.
De Belastingdienst ligt al langer onder vuur. Vooral vanwege problemen in de uitvoering: het onbruikbaar raken van 730 duizend aangiftes, de trage afhandeling van bezwaarschriften en het onvermogen om sommige politieke besluiten uit te voeren.
Wat vindt u? Is het terecht dat Thunnissen, na de berichtgeving over ongeoorloofde btw-constructies, haar nevenfunctie neerlegt? Of ziet u dit als de spreekwoordelijke druppel en wordt het tijd dat Thunnissen opstapt als directeur-generaal van de Belastingdienst?
46 procent van de Nederlanders heeft geen idee welke eeuw bekend staat als de Gouden Eeuw. Dat is een van de uitkomsten van De Geschiedenismonitor, een multiple choice toets die gebaseerd is op de historische canon voor het basisonderwijs. Vanaf september 2009 is de canon verplichte lesstof.
De 1069 respondenten behaalden gemiddeld een kleine onvoldoende. De beste leerlingen van de klas waren de ouderen, zij scoorden een 6,0. Jongeren (16 t/m 34 jaar) hadden met een 4,4 het nakijken.
In 2004 laaide de discussie over het belang van het onderwijzen in een historische canon op. Een commissie ging aan de slag met het selecteren van de vijftig belangrijkste personen, uitvindingen en gebeurtenissen “als vensters op het verleden“.
In december 2007 schreef minister Plasterk (Onderwijs & Cultuur) aan de Tweede Kamer dat “de canon in potentie wel een positieve bijdrage kan leveren aan de ontwikkeling van goed burgerschap”. De canon zou vooral nuttig zijn voor de inburgering van nieuwe Nederlanders. Alle kandidaten die met goed gevolg hun inburgeringexamen afleggen krijgen nu een exemplaar van de canon.
Opvallend is dat allochtonen het niet zo heel veel slechter deden in de toets: zij scoorden met een 4,9 slechts drietienden lager dan de autochtoon. De ondervraagden kregen ook de gelegenheid zich uit te spreken over ‘de’ Nederlandse identiteit. In tegenstelling tot prinses Máxima, erkent 66 procent het bestaan ervan. De Nederlandse identiteit wordt volgens 56 procent van de ondervraagden bedreigd door de islam.
Wat vindt u van de uitslag? Hoe belangrijk acht u kennis van de Nederlandse geschiedenis voor de inburgering? En hoe verhoudt de slechte uitslag zich tot het belang dat Nederlanders hechten aan ‘de’ Nederlandse identiteit?
NB: In deze discussie worden alleen reacties geplaatst die een argumentatie bevatten en van toegevoegde waarde zijn op het bericht en eerdere bijdragen van deelnemers. Wij behouden ons het recht voor reacties te redigeren of in te korten.
NB2: Alleen als u uw woonplaats noemt en met voor- en achternaam ondertekent, maakt u kans op vermelding in de krant.
Nederland werd vandaag getroffen door de op een na drukste ochtendspits ooit. De sneeuw veroorzaakte honderden kilometers file, tientallen ongelukken en vertragingen op het spoor.
Het weer wordt gezien als het grote excuus. Maar niet iedereen ziet dat zo. Een bezoeker van AD.nl legt de schuld bij de verkeersdeelnemers zelf. “Ik snap niet waarom mensen allemaal als stumpers over de weg gaan”, schrijft hij. “Tuurlijk moet je goed opletten met gladheid en sneeuw. Maar mensen, in principe is er niets zo simpel als rijden met gladheid.” Zijn grote tip: “Niet remmen, geen gas geven en niet sturen. En als het toch moet, heb je niet goed genoeg vooruit gekeken.” Anderen geven de schuld aan de strooidiensten, of aan de Nederlandse Spoorwegen.
Het KNMI heeft inmiddels een nieuw weeralarm gegeven. Het meteorologisch Instituut raadt iedereen aan vooral niet de weg op te gaan als dat niet per se hoeft.
Wat vindt u? Treft de sneeuw alle blaam voor de chaos? Zijn de weg- en spoorbeheerders niet alert genoeg? Of ligt het aan de verkeersdeelnemer zelf; mensen die bijvoorbeeld paniekeriger rijden dan nodig is of ondanks weeralarm toch de weg op gaan?
NB: In deze discussie worden alleen reacties geplaatst die een argumentatie bevatten en van toegevoegde waarde zijn op het bericht en eerdere bijdragen van deelnemers. Wij behouden ons het recht voor reacties te redigeren of in te korten.
NB2: Alleen als u uw woonplaats noemt en met voor- en achternaam ondertekent, maakt u kans op vermelding in de krant.
Bij veel problemen in de publieke sector wordt met de beschuldigende vinger gewezen naar managers. Die zouden vanuit een steriel en wereldvreemd model denken en de goede professionals in een keurslijf van bureaucratische regels willen dwingen. Zie bijvoorbeeld dit eerdere artikel van filosoof Ad Verbrugge, de sites van Jos van der Lans, beroeps(z)eer en Beter Onderwijs Nederland.
Mirko Noordegraaf, bestuurskundige van de Universiteit Utrecht, vindt dat een vertekend beeld. Managers zijn niet degenen die problemen veroorzaken, schrijft hij in het openingsverhaal van Opinie & Debat in NRC Handelsblad van zaterdag 22 maart. Ook zij lijden onder allerlei bureaucratische voorschriften. Bovendien, aldus Noordegraaf, kun je niet negeren dat niet alle zogeheten professionals even professioneel zijn – alsof er geen matige artsen of leraren zouden zijn. Managers kunnen juist de professionals bescherming bieden als er druk komt van buiten.
Wat vindt u? Wordt er inderdaad te negatief gedacht over de rol van managers?
Op Youtube worden nu anti-Wilders filmpjes gemaakt waarin mensen hun excuses aan te bieden voor de film die Geert Wilders gaat uitbrengen. “Sorry voor Fitna”, heet het project van Willem Velthoven: Nederlanders dragen een Wilderspruik en bieden op een ludieke manier hun excuses aan: “Sorry.” De filmpjes krijgen bijvoorbeeld de titel “Fitna by Geert Wilders” en worden op Youtube en andere videosites getoond.
Wanneer boze tegenstanders of fanatieke geestverwanten nu op internet op zoek gaan naar Wilders’ langverwachte anti-islamfilm, verdwalen ze niet alleen in een woud van andere filmpjes, maar stuiten ze bovendien op honderden mensen die zich van Wilders’ opvattingen distantiëren, of zich er zelfs voor verontschuldigen. Volgens de initiatiefnemer zijn de filmpjes “het online-equivalent van een demonstratie.” Wat vindt u van dit project? Zou dit helpen om het beeld van Nederland in de rest van de wereld te veranderen?
“Het overgrote deel van de burgers deugt. De sleutel ligt bij de overheid”, zei Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer gisteren in een interview aan NRC Handelsblad. In zijn jaarverslag ‘Burgerschap verzilverd’ verwijt hij de overheid dat ze er vanuit gaat dat burgers in de regel juist niet deugen.
Dat leidt tot onnodig hard optreden. Ambtenaren die goedwillende burgers onbehoorlijk behandelen dragen zo bij aan de verharding van de samenleving. “In 2006 is slechts 1,34% gepakt of bekend geraakt bij het Openbaar Ministerie vanwege een misdrijf”, noteert het jaarverslag. “Dat betekent dat op jaarbasis ruim 98% van de burgers deugt. Bij beleidsvorming wordt zelden rekening gehouden met het feit dat naar verhouding zo weinig burgers niet deugen.”
De Ombudsman wil dat de overheid als “complexe belangengemeenschap” de burger bij haar besluitvorming betrekt als “onmisbare partner”. Dat overheden daar totnogtoe weinig in zien, komt volgens de Ombudsman omdat “burgers in het politieke en maatschappelijke debat regelmatig weggezet worden als ondeskundig, verwend en als bron van tegenstrijdige wensen”. Het berust volgens Brenninkmeijer slechts op speculatie dat de burger als het erop aankomt niet bereid zou zijn om bij complexe belangen keuzes te maken. “Het hoort immers bij het dagelijks leven van ieder mens om dergelijke keuzes te maken”, zo verdedigt hij de burger.
Wat ook niet bijdraagt aan een vertrouwensvolle relatie, zo schrijft de Ombudsman, is de afname en automatisering van contactmomenten. Overheden die bedrijfsmatiger gaan werken lopen het risico de gerechtvaardigde belangen uit het oog te verliezen. “Er moet meer geïnvesteerd worden in de versterking van het burgerschap en het daardoor inhoudsvoller maken van de verhouding burger-overheid”, aldus de Ombudsman.
Ook weerspreekt Brenninkmeijer het idee dat de burger onredelijk is. “Ik vind de Belastingdienst een schitterend voorbeeld”, zegt de Ombudsman in het interview. “Recentelijk hebben 730.000 Nederlanders te horen gekregen dat ze die toch lastige belastingaangifte over moeten doen. Is er een revolte uitgebroken? Nee. Mensen begrijpen dat er een fout is gemaakt.” Zolang de overheid zich behoorlijk gedraagt, luidt het devies van Brenninkmeijer, zullen burgers dat ook doen.
Herkent u zich in het beeld dat de Ombudsman geeft en bent u zelf ooit met onterecht wantrouwen door de overheid behandeld?