Archief voor: december 2005


Microkrediet oplichting of oplossing?

Ontwikkelingshulp is  een zwart gat en microkrediet leek een zinvol alternatief. Maar nu blijken ook daar oplichters actief. Wat is waar? Wie helpt mij?, vraagt Gijsbert van Es, redacteur van NRC Handelsblad, zich af.

En nú wil ik het weten. Is microkrediet nu wel of geen goed middel om armoede te bestrijden in ontwikkelingslanden?
Bankier Muhammad Yunus uit Bangladesh kreeg gisteren in Oslo de Nobelprijs voor de Vrede. Hij geldt als de aartsvader van het microkrediet, dat miljoenen mensen een beter bestaan zou hebben bezorgd. Ik ben tegen ontwikkelingshulp. Ik overdrijf, ik bedoel: ik heb er weinig vertrouwen in. Doktersposten bouwen in Benin, drinkwaterputten slaan in Mali, kinderen uit slavernij bedrijven in India – geen weldenkend mens kan ertegen zijn. Maar wat lost het op?

René van Slooten, een briefschrijver in deze krant, gaf onlangs een scherpe samenvatting van mijn somberheid: „Het invoeren van basisvoorzieningen, zoals schoon drinkwater, brengt weliswaar binnen korte tijd de sterftecijfers omlaag, maar veroorzaakt ook toenemende armoede als niet gelijktijdig wordt geïnvesteerd in economische ontwikkeling. De bevolking groeit immers wel, maar de economie groeit niet mee. (…) Ontwikkelingshulp heeft in dat opzicht de zaken alleen maar erger gemaakt. Geen wonder dus dat Afrika weinig dankbaar is (…) [voor dat] neo-koloniale, moralistische en paternalistische gedrag waarvan Europeanen last hebben.”

Maar mijn scepsis steekt dieper. Afgelopen zomer stuurde minister Van Ardenne (Ontwikkelingssamenwerking) een onthutsende brief naar de Tweede Kamer. Strekking: het ontbreekt aan goede methoden om vast te stellen wat de effecten van ontwikkelingshulp zijn. De Nederlandse overheid besteedt jaarlijks 4,6 miljard euro aan arme landen. Helpt de hulp? Eh, moeilijke vraag.

Eén lichtpunt zag ik de afgelopen jaren in deze duistere wereld van goede werken en kwalijke bijwerkingen: microkrediet. Het stimuleert economische ontwikkeling van onderop, via plaatselijke banken, via leningen voor kleine boeren, handwerkers, straatventers en winkeliers, zodat ze hun éigen bestaan kunnen opbouwen zonder de ontwrichtende inmenging van westerse hulpbrigades. Zou er, geachte minister Van Ardenne, dan toch een effectief instrument bestaan voor armoedebestrijding in de wereld?

Toen eind oktober bekend werd dat Muhammad Yunus en zijn Grameen Bank de Nobelprijs voor de Vrede hadden gewonnen, kwam een nieuwe stroom van welwillende publiciteit los over microkrediet, na de aandacht die prinses Máxima hiervoor in 2005 had weten te trekken in het VN-jaar voor microfinanciering. Maar direct volgden ook weer de kritische stukken. Achter het lieve woord microkrediet zou een wereld schuilgaan van dubieuze zakenlui die woekerrentes vragen, die weerloze, straatarme vrouwen uitbuiten (‘feminization of debt’), die voor regeringen een smoes vormen om zelf geen economische hervormingen door te voeren.

Zo gaat dat. In het kielzog van succes en goede bedoelingen reist altijd een bonte karavaan van charlatans en oplichters. De keerzijde van humaan asielbeleid is een keiharde wereld van mensensmokkelaars. De schaduwkant van microkrediet zal zijn dat goede bankiers te lijden kunnen hebben van vuile uitzuigers die zichzelf als nette geldschieters verkleden.

De vraag moet daarom zijn: wanneer, onder welke voorwaarden en omstandigheden, kan microkrediet een goed middel zijn voor armoedebestrijding en duurzame ontwikkeling? Die vraag heb ik in de hele discussie over kleine leningen nog niet beantwoord gezien.

Ik heb het antwoord gezocht – en ik zoek het nog steeds. Ik geef toe: ik zocht tot dusver alleen op internet. Er bestaat, zo heb ik geleerd, een ‘Netherlands Platform for Microfinance’. Vijftien instanties werken hierin samen, waaronder vijf gevestigde banken (zoals ABN Amro en de Rabobank), flink wat hulporganisaties (Oxfam Novib, Cordaid, etc.) en het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ze hebben een gezamenlijke website, www.microfinance.nl, van waar het hele microveld zich makkelijk laat afgrazen. Maar het is vrijwel allemaal vergader- en rapportentaal. Bedroevend weinig informatie voor mij, als goedwillende wereldburger.

Vandaar mijn vragen. Veel liever dan in grootkapitaal zou ik mijn spaargeld, via een Nederlandse bank of hulporganisatie, steken in microkredieten, maar hoe kan ik nagaan of mijn geld deugdelijk wordt geïnvesteerd? Is er een kwaliteitskeur voor banken die microkrediet verstrekken? Zijn er criteria om vast te stellen welke kredieten wel en welke niet het gewenste armoedebestrijdende en milieusparende effect hebben? 

Help mij – en ik zal helpen.

Weet jij antwoord op Gijsbert van Es zijn vragen? Reageer hieronder!