Een nieuwe generatie cartoonisten
Op de cartoon zie je leden van de Klu Klux Klan met tussen hen in een zwarte man aan het kruis. Een volwassene geeft zijn fakkel aan een kind, dat ook gekleed gaat in het maatkostuum van de Klan - witte jurk en masker met puntmuts. De man zegt: ‘Toe maar jongen, het is tenslotte jouw snuffelstage.’
De cartoon is van Argibald, pseudoniem van Willem Bentvelzen en hangt in de Vishal in Haarlem.
Argibald is één van de tekenaars die zich de nieuwe generatie cartoonisten noemen en die zich behalve met deze tentoonstelling grotendeels ook presenteren in het onlangs verschenen Cartoonblogboek. In het boek staan bovendien ook weer andere tekenaars, van de site cartoon.blog.nl.
Een goede cartoon toont een onverwacht perspectief, voldoende om je even aan het lachen te brengen of aan het denken te zetten. Dat maakt bijvoorbeeld deze cartoon van Argibald zo geslaagd: de combinatie van snuffelstage en mensen verbranden is absurd en morbide.
In de stijl en humor van Argibald en van de meeste ‘nieuwe cartoonisten’, valt duidelijk de invloed van Gummbah en Kamargurka te herkennen. Dit tweetal wordt in het boek door één van de tekenaars dan ook respectievelijk de vader en grootvader van deze generatie genoemd.
Dat betekent dat er veel wanstaltige figuurtjes worden getekend en dat er veel grappen over seks en het menselijk lichaam worden gemaakt. Ook in de lijnvoering is de stijl van Gummbah vaak leidend: kronkelend en bewust rommelig.
Behalve Argibald maken ook Kito, De Rustende Jager, Farida Laan en Emdé wel eens een geslaagde grap, maar je wenst deze tekenaars wat meer eigenheid toe. Elke tekenaar heeft wel een eigen, herkenbare stijl, maar humor en uitvoering liggen dicht bij elkaar.
De geestigste tekenaar in de Vishal – niet opgenomen in het boek – is ook de bekendste, Michiel van der Pol. Zijn werk verscheen al in NRC Next en Het Parool. Hij is net wat origineler en minder snel tevreden met een vondst dan de anderen. Zie bijvoorbeeld de tekening van een trap binnenshuis met één absurd hoge trede in het midden. De begeleidende tekst luidt: ‘Om zijn werk interessant te houden voorzag de beroemde trappenbouwer Peter Kukel zijn ontwerpen altijd van een klein grapje.’ Bovenaan de trap begint net een dikke vrouw de afdaling naar beneden. Erg sterk.
De tekenaar Guido Bootz, die zich de Rustende Jager noemt, probeert wel een visueel afwijkende weg te bewandelen. Hij tekent een soort tegeltjes, met onder het kader de tekst. Dat is een interessante keuze, want het effect is dat hij afstand schept tussen beeld en mededeling. Daar speelt hij soms goed mee, zoals bij onderstaande cartoon.
Tentoonstelling: De nieuwe cartoonisten. T/m zondag 13 juni, Vishal, Haarlem. Boek: Cartoonblogboek. Uitgeverij Xtra.




