De ijzige president
Eén man had de afgelopen dagen het lot van IJsland in handen, de man van 3,8 miljard euro. Zo groot is de schuld van IJsland aan het Verenigd Koninkrijk en Nederland, nadat deze twee landen het bedrag hadden voorgeschoten waarop spaarders bij de failliete bank Icesave recht hadden. Die ene man was president Olafur Ragnar Grimsson. Vanmiddag heeft hij een ingrijpend besluit genomen: wat hem betreft betaalt IJsland de voorschotten niet terug.
Grimsson zet betrouwbaarheid van IJsland
op het spel
Nadat het parlement van IJsland, de Althing, op de laatste dag van het jaar 2009 met een nipte meerderheid had ingestemd met het akkoord met Groot-Brittannië en Nederland, na debatten die 180 uur hadden geduurd, was het wachten op de handtekening van president Grimsson. En terwijl bijvoorbeeld de Nederlandse minister van Financiën, Bos (PvdA) haast juichend het parlementaire besluit becommentarieerde („dit is heel goed nieuws”) en er een compliment voor over had, nam de president van IJsland nog even de tijd. Die had hij ook, want de IJslandse Grondwet geeft hem twee weken voor het ondertekenen van een wet die het parlement heeft aangenomen.
Hij werd onder druk gezet door de burgers, van wie een groot deel zich tegen de terugbetaling keerde. Zestigduizend IJslanders, één op de vijf van de totale bevolking, zetten hun handtekening onder een protestpetitie.
Zoals de president van Tsjechië de ondertekening van het Verdrag van Lissabon kon tegenhouden, en daarmee de inwerkingtreding van dit hervormingsverdrag van de Europese Unie, zo kan de president van IJsland een besluit van het parlement blokkeren. Het zijn bevoegdheden die hem op basis van de Grondwet toekomen. Hij is voor vier jaar rechtstreeks door de bevolking gekozen. Zowel het parlement als de president kan zich dus beroepen op een mandaat van de bevolking. Dat maakt dergelijke presidentiële systemen wel democratisch, maar niet erg praktisch.
Een referendum onder de bevolking moet nu een uitweg bieden. De vraag is of IJsland van een weigering tot terugbetaling niet meer nadelen dan voordelen zal ondervinden. Leningen die het land van het IMF en Scandinavische landen zou krijgen, staan nu op losse schroeven.
Hoe begrijpelijk het verzet tegen de terugbetaling, zowel bij de bevolking als van een grote parlementaire minderheid, ook was. De IJslanders zouden zwaar moeten bloeden, omgerekend 12.000 euro per persoon, voor de terugbetalingsregeling. Zij zijn slachtoffers van de wereldwijde financiële crisis. Maar ook van het feit dat IJsland er een financiële branche op nahield die de omvang van het land ver te boven ging.
De terugbetaling aan de Britse en Nederlandse spaarders, nu voorgeschoten door deze twee landen, vloeit voort uit een spaardepositoregeling met garanties waaraan IJsland zich had geconformeerd toen het zich nog volop dacht te kunnen wentelen in de weelde van een omvangrijke bancaire sector. Garanties zijn niet vrijblijvend; de president heeft de betrouwbaarheid van zijn land ondergraven.


