Archief voor: maart 2010


Chinese roulette

China is het laatste land waar mijnbouwers en landen met grondstoffen ruzie mee willen maken. De snelheid waarmee Rio Tinto en Australië maandag de Rio Tinto-zaak afsloten, kwam dus niet als een al te grote verrassing.

Een paar uur nadat zij veroordeeld waren tot lange gevangenisstraffen wegens corruptie werden de vier Rio Tinto-medewerkers door de raad van bestuur ontslagen. Zij werden onceremonieel en pragmatisch gedumpt.

Het proces had de omvang van hun ,,deplorabele gedrag’’ duidelijk gemaakt, aldus CEO Tom Albanese die vorige week in Peking nog thee had gedronken met zijn belangrijkste klant, premier Wen Jiabao.

Ook de Australische regering zei dat tijdens het proces was bewezen dat de vier zich schuldig hadden gemaakt aan misdrijven volgens de Chinese wet.

Of dat waar is, valt moeilijk te controleren. Het bewijsmateriaal, de aanklachten, de bekentenissen en de pleidooien van de advocaten, de motivering van het vonnis, kortom alle aspecten van de zaak waren en zijn geheim.

Journalisten kwamen niet verder dan het harmonica-hek van de Shanghaise Volksrechtbank Nummer 1. De enige officiële toehoorder, de Australische consul in Shanghai, hield in bijna alle stadia van het proces zijn mond. Het enige dat hij vertelde was dat de verdachten hadden bekend. Het andere snippertje informatie betrof de mededeling over de lengte van de straffen.

Mochten de 660.000 buitenlandse bedrijven en alle buitenlandse zakenlieden in China gehoopt hebben dat er meer duidelijk zou worden over het verschil tussen staatsgeheimen en vertrouwelijke, commerciele informatie dan moeten zij teleurgesteld zijn.

Het aftasten van die grens is een vorm van Chinese roulette. Als er al een les te trekken valt is het dat ook buitenlandse ondernemers uiterst voorzichtig moeten zijn in China , zeker als zij het spel van guangxi(het smeden van warme wederzijds profijtelijke relaties) spelen om aan cruciale bedrijfsinformatie te komen.

Nu wordt in China uitgezien naar de processen tegen de Chinese staalbedrijven die de vier Rio Tinto-mannen hebben omgekocht. Nog zwaardere straffen, en zelfs de doodstraf, behoren tot het arsenaal van de rechters en de CCP om hen te sanctioneren. Intussen is het voor Rio Tinto en Australië business as usual in China.

Google.cn gesloten. Nou en?

Skypevraag aan  Wang Mei, Shanghainese vriend en internetondernemer: ,,Hey, zaoshang hao. Heb je last van dat gedoe met Google?

Mei antwoordt met een breed grijzende emoticon en de tekst: ,,Natuurlijk niet, het maakt geen enkel verschil of we nu wel of niet worden omgeleid naar Hongkong. Alles werkt nog gewoon.’’

Vraag: ,,Maar ik zie dat ook Google Hongkong ook een beetje gecensureerd wordt, tenminste als je op een computer op het vasteland bepaalde termen intikt.”

Antwoord met emoticon met lachend gezicht en grote zonnebril: ,,Ja als je Falun Gong, dalai lama of zoiets intikt gaat de zaak dicht. Helemaal niets nieuws en wie is daar nou nog in geinteresseerd. Ik ken niemand die zich daar druk over maakt.’’

Vraag: ,,Nou, er zijn genoeg bloggers die kwaad zijn op het Ministerie van de Waarheid, zoals zij het Internetbureau van het Ministerie van Informatie noemen.”

Opnieuw een emoticon-grijns: ,,Allemaal ouderen. Verreweg de meeste internetters in China zijn jongeren onder de dertig die alleen maar geinteresseerd zijn in muziek en films downloaden, spelletjes spelen en eindeloos chatten. De meesten weten niet eens dat er ooit gedemonstreerd is op het Tiananmenplein. Ze zijn niet geinteresseerd in informatie, maar in vermaak.’’

Na een korte pauze: ,,De meeste Chinese internetters weten dat Google bestaat, maar zij gebruiken Baidu en als zij wat willen kopen Taobao’’. Baidu is een Google-look-alike en Taobao is een soort e-Bay.

Na een tweede pauze: ,,Of Google nu wel of niet actief is in China maakt niet uit. Het internet heeft ons leven toch al enorm veranderd. Ik kan overal bijkomen als ik dat wil. Alle jonge internetters vinden de censuur totaal achterhaald, maar wat er nu gebeurd kan hen niet veel schelen.’’

Vraag: ,,Wat zou er gebeuren als de gratis  muziek-  films- en spelletjesites zouden worden gesloten, bijvoorbeeld om copyrights te beschermen?”

Wang Mei versiert zijn antwoord met het emoticon van een duiveltje: ,,Pas dan breekt de revolutie uit, dat weet ik zeker.’’

Criticus onvrij hukou-systeem ontslagen

Zhang Hong, plaatsvervangend hoofdredacteur van de Economische Waarnemer, is zijn baan kwijt. Dat was na de publicatie van zijn commentaar over het door Mao Zedong ontworpen geboorteregistratiesysteem (hukou) in dertien grote Chinese kranten alleen nog maar een kwestie van tijd.

Openbare oproepen, zeker in georganiseerde vorm en dan ook nog in de media, vallen slecht bij de Chinese autoriteiten, die op het ogenblik in conclaaf zijn met het Nationale Volkscongres.

De oproep aan de volksvertegenwoordigers om de hervorming van het hukou-systeem te versnellen werd ervaren als een provocatie, als een aantasting van het gezag. Inhoudelijk was er weinig mis mee, want ook de hoogste leiders weten dat het hukou-systeem hervormd moet worden.

Chinese onderdanen worden geregistreerd in hun geboortesteden en –dorpen. Voor Chinezen die daarbuiten werken –en dat doen honderden miljoenen- is het haast onmogelijk om hun hukou als het ware mee te nemen. Wie bijvoorbeeld in Nanchong in Sichuan is geboren en werkt in de grote fabrieken van Shanghai kan zich niet in deze metropool laten registreren. Dat heeft tal van sociale consequenties.

In feite ontstaat een situatie waarin de persoon uit Nanchong en zijn familie in Shanghai rechteloos zijn, nauwelijks aanspraak kunnen maken op de zorg- en de –minimale- sociale zekerheidsvoorzieningen en op ieder moment door de politie de stad uitgezet kunnen worden.

Klagen, recht zoeken is nagenoeg onmogelijk. Daar komt bij dat alle voorzieningen –telefoon, water, licht, het openen van een bankrekening en onderwijs voor de kinderen- duurder zijn voor stedelingen zonder hukou. Een huis kopen en zo deelnemen aan de nieuwe welvaart is zeer lastig.

Zhang Hong, zoon van een arbeidsmigrant, zag hoe zijn vader en moeder leden onder dat systeem en met hen miljoenen anderen. Hij zag ook dat mensen met geld, hoge opleidingen en goede connecties vaak wel in staat zijn hun hukou over te plaatsen. Het systeem is corruptiegevoelig. Hij vond dat het tijd was om actie te ondernemen.

Hij benaderde 59 kranten, legt hij uit in een open brief, en dertien van hen werkten mee aan het project. Dat waren overwegend kranten in gebieden waar arbeidsmigranten vandaan komen of waar zij werken. Dat was een dappere, enigszins vermetele daad, goede journalistiek bedrijven in China is immers een riskante werk.

,,Wij geloven dat mensen in vrijheid geboren zijn en het recht hebben vrijelijk te migreren om een beter leven op te bouwen’’, schreven de kranten op 1 maart. Een paar weken daarover publiceerden zij een reeks bijzondere reportages over de asociale aspecten van de hukou.

Het systeem was in de jaren vijftig ingevoerd op last van Mao Zedong die wilde verhinderen dat Chinese boeren het platteland ontvluchtten en massaal naar de steden trokken. In enkele steden is al een begin gemaakt met de hervorming van de hukou, maar dat betreft alleen hoogopgeleide arbeidsmigranten.

Zhang Hong, die zichzelf een ,,bescheiden adviseur’’ noemt, wist dat er problemen zouden ontstaan, maar realiseerde zich niet dat er zoveel, ook internationaal rumoer zou ontstaan. Niet zozeer de inhoud van het pleidooi om het geboorteregistratiesysteem te hervormen, trok de aandacht, maar dat dertien kranten gezamenlijk optrokken.

Twee dagen na de publicatie van het commentaar werd de tekst verwijderd van de websites van de dertien kranten en begonnen geruchten te circuleren over sancties tegen de schrijvers.

De thans ,,onafhankelijke commentator’’ Zhang Hong denkt dat hij niet de enige is die de gevolgen moet dragen. Enkele andere journalisten die bij het project waren betrokken –het aantal is nog niet bekend- zijn al geschorst.