Elke dag zoeken naar accommodatie
De stad loopt leeg. Niet alleen de Amerikaanse gevechtssoldaten vertrekken. Ook de journalisten, hun helpers, de hulpverleners. Bagdad heeft ze niet meer nodig. Bagdad heeft genoeg aan zichzelf nu. Bagdad wil op zijn eigen benen staan. Wankel, maar wel zijn eigen benen.

Hotel Al Rashid in Bagdad, in 2002. (Foto Bloomberg)
Nergens voelen we dat zo sterk als in onze zoektocht naar geschikte accommodatie. Die zoektocht hield niet op, tot de laatste dag. Het verhaal over het gestuntel onderweg is er een dat je liever pas vertelt als je weer veilig thuis bent. Bagdad heeft een vijftal vooraanstaande hotels, die tijdens de oorlogen van de afgelopen twintig jaar faam verwierven. Het Palestine, het Ishtar Sheraton, Al Rashid, het Babylon en Al Hamra. Zij zijn voor westerlingen de ankers van deze stad. Maar in het vooruitzicht van de Amerikaanse terugtrekking sloten de meesten hun deuren.
De Iraakse regering stelt liefst 300 miljoen dollar beschikbaar om de hotels te renoveren in de aanloop van de Arabische Top, begin volgend jaar. Er zijn er maar weinig in Bagdad die begrijpen waarom de Arabische leiders uitgerekend deze hoofdstad kozen voor hun jaarlijkse bijeenkomst. Of hoe hun lijfwachten denken al die leiders weer veilig thuis te krijgen in deze magneet voor zelfmoordterroristen.
De hotels die de leiders moeten onderbrengen kunnen wel een verfkwast gebruiken. Ze zijn verstoft, en versleten onder de jarenlange sancties, de oorlogen, de terreur. Alleen het Al Hamra bleef open. Onze enige keus. Dat op zichzelf is geen geruststellend idee. Ook voor militante groeperingen op zoek naar een westerling is de keuze nu beperkt. En ze hadden al eerder bewezen het Al Hamra te kunnen vinden. In februari ramde een bomauto zich door de slagboom van het hotel. De bewakers wisten de chauffeur te doden, een fractie van een seconde voor hij de lobby bereikte. De auto ontplofte en legde de huizen van de buren van het hotel in puin.
Het puin ligt er nog steeds, de ingestorte voorgevels, de verwrongen autowrakken. Maar de gewapende bewakers zijn er niet meer. Wegbezuinigd sinds de Amerikaanse televisiezender NBC zijn kantoor in het hotel sloot. De Amerikanen betaalden voor hun eigen beveiliging. Zonder NBC geen machinegeweren. Dat voelt slecht, elke keer als we na een lange dag terugkeren en langs de vernietigde huizen naar de receptie rijden.
Een Iraakse analist die we in het hotel interviewen gooit nog wat olie op het vuur. Hij rijdt zelf in een gepantserde auto, en heeft twintig bewakers in dienst. ,,Minder dan ik eigenlijk nodig heb’’, zegt hij. Al-Qaeda heeft een pesthekel aan zijn analyses en contacten. Wijdbeens op de bank kijkt hij even rond en zegt: ,,jullie zitten hier niet veilig’’. Hij biedt zijn zwaarbewaakte villa aan als onderkomen, maar het lijkt ons evenmin verstandig om ons in zijn frontlinie te begeven. Ieder zijn eigen oorlog.
Op de laatste dag gaan we nog even buurten bij de collega’s van CNN en Al-Jazeera. Voor 2000 dollar per camerateam laten zij zich met gepantserde auto’s en bewakers door deze stad rijden. Ze slapen in een gebunkerd appartement, waar een particulier beveiligingsbedrijf toeziet op de veiligheid. ,,Sorry mate’’, zegt het hoofd beveiliging als we hem vertellen over de benarde situatie in het Al Hamra. ,,Ik heb geen plek. We puilen uit.’’ We knikken. We begrijpen dat.
Een uur later, als we weer door het puin naar de lobby van het Al Hamra struinen gaat de telefoon. De beveiliger aan de telefoon. Hij maakt zich zorgen. ,,Ik heb twee bedden voor jullie klaarstaan. Op mijn kosten.’’ Ik heb zin om even naar huis te bellen. Mam, vanavond slapen we veilig.




De reis van Bram Vermeulen naar Bagdad heeft resulteerd in een vijftal artikelen die in NRC Handelsblad zijn verschenen. 
Bram Vermeulen (1974) is correspondent voor NRC Handelsblad, nrc.next en nrc.nl in Turkije. Daarvoor was hij correspondent in Zuidelijk Afrika. Hij werkt ook voor de NOS en de Wereldomroep. 
maandag 30 augustus 2010, 15:00 uur
Geweldig Bram, hoe jij mij als lezer telkens weer even meeneemt naar het stukje wereld waarvan jij verslag doet.
Vanuit mijn liefde voor Zuidelijk Afrika vond ik jouw verhalen vanuit Zimbabwe heel stoer, interessant en verhelderend. Wat gaaf dat je altijd weer wist (en weet) te komen op de plaatsen en bij de mensen die er toe doen! Waar geen verslaggever zich waagde, daar stond jij! In je boek breng je, zoals je dat altijd heel mooi doet, aan de hand van een ‘gewoon’ verhaal van blanke en zwarte mensen, de origine en actuele achtergronden van het leven in Zuidelijk Afrika op een boeiende manier in beeld. Ik herken sommige van je persoonlijke ervaringen en je uitgangspunt om onderdeel te willen zijn van het leven daar.
Helaas ben ik je net misgelopen in Harare, want ik had graag met je gesproken toen ik daar was om een stichting op te richten als een klein particulier antwoord op de drinkwater problematiek waardoor de cholera om zich heen kon grijpen.
Hoewel Turkije me niet zo boeide, geven jouw verhalen een mij nog onbekend beeld. Ik heb telkens weer het gevoel dat ik ietsje meer begrijp van hoe de wereld daar eigenlijk in elkaar zit. Zo ook je blog en verhalen vanuit Bagdad. Ik lees ze allemaal.
Bedankt dat ik af en toe, door jouw ogen, even mee mag kijken. Ik blijf je producties met veel interesse volgen want het leert me elke keer weer iets nieuws.
Take care!
Karin
woensdag 8 september 2010, 16:35 uur
voorstel voor Organisatie voor Mensen Rechten, dat dood straaf in ELKE LAND verboden wordt, vandag in 21eeuw
dat “misdrijf “niet met twee maten gemeten is.dit oproep plaatsen in VN kantoor-vergadering, dat Landen kunnen zich afvragen,: oorloog starten, haat zaaien, om angsten-kweken is misdrijf, en bombarderen en door soldaten acties voeren waar miljoenen mensen gedood worden zijn verschrikkelijk, Nu is de kans massal protesteren tegen steenigen, tegen agresieve invasies,
afkeuren, met ales is nodig beginnen,maken deals met vertegenowordigers,in Landen van Dood-straaf, dat als zij stoppen met stenigen,kansen vergroten dat zij zelf niet plat gebombaardeerd worden
woensdag 15 september 2010, 14:38 uur
Ik lees jouw blog voor het eerst. Jouw reportage over Irak brengt me in mn gdachten naar het land. Heel toevallig lees ik nu een boek, liefde in een verscheurd land, dat over Koerden gaan en Irak onder Saddam Hussein’s bewind. Door jouw verhaal en dit boek lijkt Irak op een web waaruit je moeilijk kunt komen.